Notaris anno 1823, akte 287

In het jaar eenduizend achthonderd drie en twintigh, den negenden der maand maij, des morgens ten acht uren, op het erfjen het Timmermans, nr. 7 te Diffelen, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel.

Ten verzoeke van Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, landbouwer van beroep, wonende op het voormelde erfjen het Timmermans, zo voor zichzelven, uit hoofde der gemeenschap van goederen tusschen hem en zijne voorschreevene wijlen huisvrouwe Geesjen Slotman, krachtens de wet bestaan hebbende, als in naam en kwaliteit van vader en wettigen voogd van zijne drie minderjarige kinderen met namen Hendrikjen Timmerman, oud zestien jaren, Aaltjen Timmerman, oud twaalf jaren en Jan Herman Timmerman, oud negen jaren, door hem bij dezelve zijne wijlen huisvrouwe Geesjen Slotman in echte verwekt.

Zijnde dezelve minderjarigen bekwaam om zich elk voor een derde gedeelte, als de eenige en universeele erfgenamen van hare wijlen moeder meergemeld Geesjen Slotman te gedragen.

In tegenwoordigheid van Herm Hendrik Timmerman (voormaals Slotman), landbouwer van beroep, meede te Diffelen voorzeid, in nr. 7 woonachtigh, in naam en als toeziende voogd over de voormelde minderjarigen, zijne neef en nichten; zijnde hij Herm Hendrik Timmerman (voormaals Slotman) tot dezen post verkoren bij besluit van de bloedverwandten en vrienden van dezelve minderjarigen, bij wijze van familieraad op den vijfden der vorige maand onder voorzitting van den heer Jan Godfried Pruim, Vrederichter deezes kantons, vergaderd, luid deszelfs proces-verbaal daaraf in dato van dien dag, den zevenden daaraanvolgende behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerdt.

Tot de bewaring van de rechten van parthijen en van alle anderen die daarbij belang zouden mogen hebben, wordt door ons Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, resideerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Hannes Heuver en van Hendrik Warmink, beide landbouwers van beroep, meede te Diffelen meergemeld domiciliëerende, de eerstgenoemde in nr. 12 en de laastgemelde in nr. 10, als hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, toegetreeden en overgegaan tot het opmaken van eenen staat en inventaris, mitsgaders beschrijving van alle onroerende en roerende goederen, meubilen, klederen, bedden en linnens, zilverwerk, gereedschappen tot de huishouding en akkerbouw, have en vhee, in- en uitschulden der gemeenschap tusschen Albert Timmerman en dezes wijlen echtgenote Geesjen Slotman bestaan hebbende en alzo voor de halfscheid der nalatenschap der laatstgemelde uitmakende; zijnde alle deeze roerende goederen, bevonden en berustende op de hiernabenoemde plaatsen van het woonhuis nr. 7 op het erfjen het Timmermans te Diffelen meergemeld staande, hetwelk door den requirant Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, en deezer voormelde minderjarige kinderen wordt bewoond, en in hetwelke dezelve Geesjen Slotman overleden is op den derden der maand maart des vorigen jaars.

En zijn alle de voorschreevene en hierna te vermeldene goederen opgegeven en ten voorschijn gebragt door den requirant Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, die zederdt het overlijden van dezelve zijne wijlen huisvrouwe daarvan is in het bezit gebleven en de bewaring heeft gehadt.

De begroting der goederen, daaraan onderworpen, zal gedaan worden door Reinder Jonkhans, landbouwer, en Jan Roelofs Jansz, schoolonderwijzer, beide wonende te Diffelen voormeld, de eerstgenoemde in nr. 4 en de laatstgemelde in nr. 7a, als in deezen door parthijen geëligeerde en gequalificeerde experten-priseurs of commissarissen-schatters, hebbende daartoe zo tezamen als ieder afzonderlijk en een ieder voor zich in onze handen vooräf den eed afgelegd van die begroting te zullen doen naar beste wetenschap ter juiste waarde en zonder opleg.

En hebben de parthijen (waaronder Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, meede in kwaliteit van bewaarder), de experten-priseurs of commissarissen-schatters, benevens de voormelde getuigen en ons notaris alhier, na duidelijke voorleezin, geteekendt.

Dit gedaan zijnde, is men voortgegaan tot het opmaken van den staat en inventaris navolgende:

I.

Vaste goederen

Het erfjen het Timmermans te Diffelen in de gemeente het Schoutambt Hardenbergh, bestaande uit deszelfs behuizinge nr. 7, voorts ongeveer één bunder, zeventigh vierkante Nederlandsche roeden, een en dertigh dito ellen, twee en dertigh dito palmen en zes en zeventigh dito duimen (twee morgens) zaaijland, de Drie Stukken, het Boschstukjen, de Arendstukken, de Drentsche Akker, het Bollenstukjen, den Gaarden, den Breengaarden, het Ganzestuk, het Stuk in den Lutteken Esch en het Dijkstukje, mitsgaders vijfentachtigh vierkante Nederlandsche roeden, vijftigh dito ellen, zes en zestigh dito palmen en acht en dertigh dito duimen (twee dagwerken) hooij- of weideland, de Weert, de Bend en de Kelderweide, en een-vierde whaardeel in de markte van Diffelen binnen en buiten beneden den Vrieschen- of Statendijk

II. Roerende goederen

a. In de keuken, uitziende met twee vengsterramen op den gaarden:

1.

twee rode koperen koffijketels, tezamen begroot op f. 2,-

2.

een geelkoperen dito, begroot op f. 1,50

3.

een roodkoperen waschketel, begroot op f. 4,25

4.

een geelkoperen lamp, begroot op f. 0,50

5.

een hangklok, begroot op f. 7,-

6.

zeven tinnen borden, tezamen begroot op f. 2,10

7.

twee dito kommetjes, tezamen begroot op f. 0,20

8.

een dito theepot, begroot op f. 0,20

9.

een dito bierkan, begroot op f. 0,50

10. negen dito lepels, tezamen begroot op f. 0,65

11. vijf bonte aarden borden, tezamen begroot op f. 0,45

12. vijftien dito schotels, tezamen begroot op f. 2,25

13. een spiegel, begroot op f. 0,30

14. een vlashekel, begroot op f. 1,25

15. zes ijzeren fourchetten, tezamen begroot op f. 0,20

16. een grote ijzeren pot, begroot op f. 1,-

17. twee kleindere dito, begroot op f. 0,90

18. vijf kopjes en schoteltjes, tezamen begroot op f. 0,35

19. een pannekoekenmes, begroot op f. 0,15

20. een lepelbord, begroot op f. 0,10

21. een haardketting, begroot op f. 0,40

22. een tang, begroot op f. 0,30

23. een koffijmole, begroot op f. 0,50

24. drie mandjes, tezamen begroot op f. 0,25

25. een aarden melkpotjen, begroot op f. 0,05

26. een ijzeren rooster, begroot op f. 0,60

27. een vurenhouten ronde tafel, begroot op f. 1,25

28. een kleindere dito, begroot op f. 0,60

29. een gedrukt linnen schoorsteenvalletjen, begroot op f. 0,15

30. een ijzeren drievoetjen, begroot op f. 0,10

31. acht stoelen, tezamen begroot op f. 0,80

32. een lamptaarn, begroot op f. 0,20

33. drie spinnewielen, tezamen begroot op f. 3,-

34. een zwart ras de marocquen jak, begroot op f. 2,50

35. een zwarte vrouwenrok, begroot op f. 1,50

36. een roodgestreepte vijfschagten dito, begroot op f. 3,-

37. een blaauwe dito, begroot op f. 3,-

38. een groengestreepte dito, begroot op f. 1,50

39. een zwarte durannen voorschoot, begroot op f. 0,25

40. een zwarte katoenen dito, begroot op f. 0,55

41. een kerkboek met zilveren kreppen, gemerkt G.R.1790, tezamen begroot op f. 4,50

42. een zilveren punthaak, zonder eenige ons bekende keur, wegende nagenoeg zes wigtjes, begroot op f. 0,45

43. een zilveren beugel, meede van ons onbekende keur, wegende nagenoeg een once, drie loden en vijf wigtjes, begroot op f. 10,12

b. In het melkkamertjen, rechts de keuken:

1.

een karn, begroot op f. 1,-

2.

twee melkkuven, tezamen begroot op f. 1,75

3.

drie melkbekkens, tezamen begroot op f. 0,50

4.

drie emmers, tezamen begroot op f. 1,-

5.

een melkleupen, begroot op f. 0,15

6.

een mandje, begroot op f. 0,20

c. Op de deele, uitgaande op den gemeenen weg:

1.

een zwart blesde melkkoe, begroot op f. 20,-

2.

een blaauw geschimmelde dito, begroot op f. 17,-

3.

een zwarte vaarsse, begroot op f. 11,-

4.

een zwart kalf, begroot op f. 4,-

5.

een zwart bont bulkalf, begroot op f. 2,-

6.

een zwart kalf, begroot op f. 1,25

7.

een peppelenhouten zaadkist, begroot op f. 5,25

8.

een eikenhouten kleerkist, begroot op f. 4,-

9.

een dito, begroot op f. 6,50

10. een baktrog, begroot op f. 3,-

11. een eikenhouten paardekrib, begroot op f. 1,50

12. een vleeschton, begroot op f. 1,-

13. een balie, begroot op f. 0,90

14. een olievatje, begroot op f. 0,70

15. twee grepen, tezamen begroot op f. 0,50

16. twee schoppen, tezamen begroot op f. 0,60

17. een meetschepel, tezamen begroot op f. 1,50

18. twee veenharken, tezamen begroot op f. 1,25

19. twee veenhouwen, tezamen begroot op f. 0,40

20. een harkje, begroot op f. 0,15

21. een misthaak, begroot op f. 0,15

22. een wagen, begroot op f. 14,-

23. een ploeg, begroot op f. 5,50

24. twee eggen, tezamen begroot op f. 3,-

25. een kruikar, begroot op f. 0,60

26. een haan met acht hennen, tezamen begroot op f. 2,40

Totaal: f. 174,17

III.

Tituls en papieren

Een onderhandsch geschrift in dato den negenden der maand maij des jaars eenduizend achthonderd en vijf, waarbij bij gelegendheid van het voorgenomen huwelijk tusschen den rekwirant in dezen Albert Timmerman (aldaar Braakman) en deezes nu wijlen huisvrouwe Geesjen Timmerman, dezelve ten overstaan van Albert Hilberink, Albert Nijmeijer en Hendrik wermink, verklaren met de meede ondergetekende en meede contractant Herm Hendrik Timmerman (de toeziende voogd in deezen) te hebben geconvenieerd en te zijn overeengekomen, dat dezelve Herm Hendrik Timmerman, zoals daarbij is doende, ten voordeele van dezelve Albert Timmerman en vrouwe Geesjen Timmerman afstand zoude doen van zijne geheele ouderlijke nalatenschap tegens het bezit en genot van den zogenaamden Brijengoorden en tachentigh guldens aan geld of alleen van tweehonderd en tachtigh guldens ter zijner huize; zullende hij Herm Hendrik Timmerman daarenboven eenen vrijen ingang in huis behouden en hem bij ziekte of zugtigheid christelijke handreikinge gedaan, mitsgaders aan hem het noodige voering, doek en snijderloon verstrekt. Welk geschrift door ons ondergetekende notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, als een enkel stuk, is gebragt op dezen inventaris onder numero een.

IV. Declaratie van uit- en inschulden

Door de rekwirant in dezen Albert Timmerman, wordt gedeclareerd dat hij n iet meer weet welke comptante penningen zich ten dage van het overlijden der voormelde zijne wijlen huisvrouwe zich in de onderhavige gemeenschap bevonden, doch dat het montant daaraf zeer gering is geweest, zoals zich dan op dit moment ook nog in de onderhavige gemeenschap aan gereede gelden bevinden twee guldens en dertigh cents; hebbende voorts deze gemeenschap nog te goede van Jannes Raatmink te Rheeze wegens restante koopspenningen van een paard, drie guldens, twee en dertigh en een halve cents, doch is daartegen ook door dezelve wederom verschuldigd:

1.

aan Reinder Jonkhans te Diffelen wegens geleend geld ad vier procento, eene capitaale schuld van f. 600,-

2.

aan denzelven wegens verder geleende gelden eene capitale schuld meede ad vier procent van f. 200,-

3.

aan denzelven wegens nog verder geleende gelden en berekende rhenten tot heden, van de voormelde capitale schulden, eene summa van f. 100,-

4.

aan Egbert Warmink te Diffelen, wegens geleend geld ad vier procent, eene summa van f. 250,-

5.

aan denzelven wegens verder geleende gelden en berekende rhenten, tot heden eene summa van f. 90,-

6.

aan Hendrik Stoeten te Brucht wegens geleend geld ad vier procent, eene summa van f. 25,-

7.

aan Gerrit Jan Pruim te Hardenbergh, wegens geleverde winkelgoederen, f. 10,-

8.

aan de smit Hendrikus Meijerink te Hardenbergh, wegens verdienst, insgelijks f. 10,-

9.

aan Albert Kok te Diffelen, wegens geleend geld, de summa van f. 10,-

10. aan de verwer Hendrikus Creemer te Hardenbergh, wegens verdienst, f. 2,50

11. aan den medicinae doctor Antoni van Riemsdijk te Hardenbergh, wegens tot dato bewezene geenskundige diensten en geleverde medicamenten, f. 10,50

12. aan de toeziende voogd in dezen Herm Hendrik Timmerman te Diffelen, eene summa van f. 280,-

13. aan Willem Jansen te Hardenbergh, wegens geleverde winkelgoederen, eene summa van f. 1,15

En heeft de declarant alhier na voorlezing getekendt met verklaring dat de toeziende voogd in dezen, ten gevolge van het hiervoren sub III geinsereerde geschrift, mogte verkiezen den daarbij vermelden Brijen- of Breën-goorden, eenmaal in eigendom voor zich te behouden, als dan diens hiervoren opgegevene praetentie geene f. 280,- maar slechts f. 80,- was belopende.

Dit gedaan en niets meer gevonden zijnde om in deezen staat en inventaris te bevatten, is al hetgeen daarbij is vermeld gelaten en verbleeven in het bezit en de bewaring van den rekwirant in deezen Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, die dit dan ook erkend en zich tevens belast om al hetzelve wederom te voorschijn te brengen en te verantwoorden, wanneer en aan wie zulks behoven zal; zijnde men tot al hetgeen voorschreeven tot hiertoe bezig geweest bij verdubbelde vacatiën van des morgens acht uren tot des achtermiddaags zeven uren, en alzo gedurende elf achtereenvolgende uuren, van denzelfden dag.

Hebbende wijders de rekwirant Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, in onze handen den eed afgelegd van niets te hebben weggemaakt, noch gezien te hebben, noch te weeten dat iets is weggemaakt geworden van de goederen des boedels en der gemeenschap ten dezen vermeld; bevattende deeze staat en inventaris hiervoren al hetgeen tot de onderhavige gemeenschap behoort exept een paar zilveren schoengespen met ijzeren beugels en tongen die hiervoren waren vergeten op te geven, doch alnu bij dezen begroot worden op f. 1,50 ende zulks op de straffen bij de wet bepaald, die hem ontvoudt zijn door ons notaris in tegenwoordigheid van de voormelde en hier ondergetekende getuigen, en welke hij alzo gezegd heeft wel te verstaan.

En hebben de parthijen, waaronder Albert Timmerman, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Geesjen Slotman, meede in kwaliteit van bewaarder, de experten-priseurs of commissarissen-schatters, benevens de voormelde en hier ondergetekende getuigen, mitsgaders ons notaris, alhier, na duidelijke voorlezing getekendt, ten jaare, dage en ter plaatse, als boven.