Notarieel Repertorium Hardenberg, 14 november 1820

In het jaar eenduizend achthonderd en twintigh, dingsdag den veertienden der maand november, des morgens ten negen uuren op den Huize en Goed Welgelegen, nr. 43 te Heemse, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel.

Ten verzoeke van den hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hooggeborene vrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren, lid van de ridderschap dezer provincie en breedgeërfde, domiciliërende op den Huize Heemse, nr. 56 te Heemse voorschreeven, vruchtgebruiker, krachtens testamentaire dispositie den tienden der maand april des jaars eenduizend achthonderd en achttien voor ons notaris en getuigen gepasseerd en den drie en twintigsten der maand augustus jontstleden behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerd, der nalatenschap van wijlen deszelfs schoonvader den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwenaar en boedelhouder van wijlen den hoogwelgeborene vrouwe Ermgerd Ebella Juliana baronesse van Raesfelt (zijne vooroverleedene ehevrouwe in gemeenschap van goederen), in leven oud-drost van IJsselmuiden, laatstelijk gedomicilieerd hebbende op den Huize en Goed Welgelegen te Heemse voorschreeven, voor zich zelven, zo ter zaake van deeze zijne kwaliteit, als uit hoofde der gemeenschap van goederen tusschen zijn hoogwelgeboren en deszelfs voormelde wijlen ehevrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren (dogter van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn en vrouwe Ermgard Ebella Juliana baronesse van Raesfelt voormeld) bestaan hebbende en als derzelver meede-erfgenaame, krachtens testamentaire dispositie den tweeden der maand februarij des jaars eenduizend achthonderd en dertien voor ons notaris en getuigen gepasseerd en den veertienden der maand november des jaars eenduizend achthonderd en zeventien behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerd, mitsgaders in naam en kwaliteit van vader en wettige voogd van Willem Jan Petrus van Foreest, student in de rechten aan de Hooge School te Utrecht, oud twintigh jaaren, Nanette van Foreest, oud dertien jaaren, Theodora Sophia van Foreest, oud negen jaaren en Christina Ebella Cornelia van Foreest, oud zeven jaaren, deszelfs minderjarige kinderen, door zijn hoogwelgeboren bij welgemelde zijne wijlen ehevrouwe in echte geprocreëerd, zijnde dezelve minderjarigen bekwaam om zich, met en benvens haare na te vermeldene meerderjarige zusters Wilhelmina Francina van Foreest en Juliana Louisa van Foreest, echtgenoote van den heer Jacob van Nahuijs, commis visiteur der in- en uitganade rechten en accijnsen te Lobith, provincie Gelderland, ieder voor een gerecht zevende gedeelte, ingevolge en voorbehoudens de bepalingen bij deszelfs vorengedachte testamente, als erfgenaamen te gedragen van de nalatenschap van derzelver wijlen grootvader den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn voornoemd.

Voorts ten verzoeke van de hoogwelgeborene freule Wilhelmina Francina van Foreest voorschreeven, zonder beroep, woonende op den Huize Heemse voormeld, meerderjarige dogter van welgemelden hoogwelgeborenen heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse en deezes wijlen ehevrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren voornoemd, voor haar zelven en in naam en kwaliteit van meede-erfgenaame, zo van haare opgedachte wijlen vrouwe moeder, als van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn voorzeid, haaren grootvader van moeders zijde.

Eindelijk ten verzoeke van de hoogwelgeborene vrouwe Juliana Louisa van Foreest, echtgenoote van welgemelden heer Jacob van Nahuijs, commis visiteur der in- en uitgaande rechten en accijnsen te Lobith voorschreeven (daartoe door denzelven haren echtgenoot bij deezen geauthoriseerd wordende en geadsisteerd zijnde), meede voor haar zelven in naam en kwaliteit als meede-erfgenaame zo van haare wijlen vrouwe moeder, de meergedachte Maria Clara gravinne van Rechteren, in leven ehevrouwe van haaren vader den hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse voornoemd als van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn voorschreeven, meede haren grootvader van moeders zijde.

In tegenwoordigheid van denzelven heer Jacob van Nahuijs, visiteur der in- en uitgaande rechten en accijnsen te Lobith, provincie Gelderland voormeld, in naam en kwaliteit van toeziende voogd over de voornoemden minderjaarigen Willem Jan Petrus van Foreest, Nanette van Foreest, Christina Louisa van Foreest, Theodora Sophia van Foreest en Christina Ebella Cornelia van Foreest, zijnen aanbehuwden broeder en zusters; zijnde hij Jacob van Nahuijs tot dezen post verkoren bij besluit eenes familieraads, onder voorzitting van den heer Jan Godfried Pruim, vrederechter deezes kantons, op den zesden dezer maand ten deze einde vergaderd, luid deszelfs proces-verbaal daaraf in dato van dien dag, des daags aanvolgende behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerd, en succederende dezelve heer Jacob van Nahuijs in dezen aan zijnen meergedagten behuwd grootvader de hooggeboren gestrenge heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn meergenoemd, die vroeger op den vijfden der maand december des jaars eenduizend achthonderd en zeventien bij besluit van eenen ten dien einde, meede onder voorzitting van gedagten heer Jan Godfried Pruim, vrederechter dezes kantons, zaamgeroepenen familieraad tot dezen post benoemd was, ingevolge proces-verbaal daaraf in dato van dien dag, den agtsten derzelve maand behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerdt.

Tot den bewaring van de rechten van parthijen en van alle anderen die daarbij belang zouden mogen hebben, word door ons Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers woonende te Heemse meergemeld, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, toegetreden en overgegaan tot het opmaken van eenen staat en inventaris, mitsgaders beschrijving van alle onroerende en roerende goederen, rechten, meubilen, bedden, linnen, klederen en verder lijfstoebehoor, gemaakt goud- en zilverwerk, have en vhee, boeken, registers, tituls en papieren, in- en uitschulden, mitsgaders comptante gelden, behorende tot de gecontinueerde gemeenschap van wijlen den meergedachten hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn en van dezes vooroverledenen ehevrouwe Ermgard Ebella Juliana baronesse van Raesfelt voornoemd en, vermits het op den achtsten der maand september des jaars eenduizend achthonderd en een, na doode der laatstgenoemde, voorgevallen overlijden van den hooggeboren heer Reinhard Isac graaf van Rechteren, derzelver eenigen zoon en broeder van dezelve meede eenige dochter Maria Clara gravinne van Rechteren, de voornoemde nu meede wijlen ehevrouwe van den eersten rekwirant in dezen, de hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, voor drie-vierde gedeelte, als hebbende volgens de bestaande wetten de vader tijdelijk in de nalatenschap zijnes zoons ab intestato gesuccedeerd, de nalatenschap van wijlen denzelven hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwenaar en boedelhouder derzelve zijne wijlen ehevrouwe Ermgard Ebella Juliana baronesse van Raesfelt, uitmakende; behoorende het resterende een-vierde gedeelte daaraf in den boedel en gemeenschap van den eersten rekwirant, de hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse en van deezes wijlen ehevrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren voorschreeven. Zijnde voorts alle de ten dezen te vermeldene goederen van roerende aard bevonden en berustende in de hierna vermelde en omschreevene vertrekken van den Huize Welgelegen voornoemd en van de daartoe gehorende en aangelegene schuur en stalling, op welken Huize de hooggeboren gestrenge heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hoogwelgeborene vrouwe Ermgard Ebella Juliana baronese van Raesfelt, laatstelijk domiciliërende is geweest, en overleden is op den twaalfden der maand augustus dezes jaars.

En zijn alle de voorschreevene en hierna breeder te vermeldene goederen opgegeven en ten voorschijn gedaan brengen door den eersten rekwirant in deesen de hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, weduwenaar en boedelhouder van wijlen den hooggeboren vrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren en vruchtgebruiker van de nalatenschap van dezer wijlen vader de meergenoemde hooggeboren gestrenge heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwenaar en boedelhouder zijner wijlen ehevrouwe Ermgard Ebella Juliana baronesse van Raesfelt, als hebbende na het overlijden van denzelven zijnen wijlen heer schoonvader daarvan het opzicht en den bewaring gehadt.

De begroting der goederen, voor zo verre daaraan onderworpen, zal gedaan worden door Jan Hendrik Edelijn, deurwaarder van het vredegericht dezes kantons, woonende ter Steede Hardenbergh voormeld in de Voorstraat, noordzijde, in nr. 10, als in dezen door parthijen geëligeerden expert-priseur of commissaris-schatter, hebbende in handen van ons notaris ten overstaan van parthijen en in het bijwezen van de voormelde getuigen den eed afgelegd van dien begroting te zullen doen na beste wetenschap, ter juister waarde en zonder opslag. En hebben de parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker meede in kwaliteit van bewaarder) de benoemde expert-priseur of commissaris-schatter en de voormelde getuigen alhier, na duidelijke voorlezing, nevens ons notaris getekendt.

Dit gedaan zijnde is men overgegaan tot het opmaken van den staat en inventaris, navolgende:

I. Onroerende goederen.

A. Het goed Welgelegen te Heemse in de gemeente het Schoutambt Hardenbergh, dezes kantons, bestaande:

  1. uit deszelfs behuizinge, nr. 43, bevattende behalven eene keuken en kelder, mitsgaders een klein opkamertjen boven laatstgemeldenn, gelijkvloers drie grootere en een kleinder vertrek, en boven dit alles eene zoldering over dezelve geheele behuizinge
  2. uit de tot dezelve behuizinge gehoorende zitbanken en begraafplaats in de kerk te Heemse
  3. uit den tot hetzelve goed gehoorende en oostelijk van de behuizinge gelegene schuur, bevattende, behalven eene dorschvloer en stallinge, eene tuinmans- of knechts-kamer en eene zoldering boven hetzelve geheele gebouw
  4. uit den tot dit alles gehorenden en rondsom de voormelde gebouwen in hunne eigene bepalingen gelegenen tuin en basse-cour, tezamen groot nagenoeg (een halve morgen) twee en veertigh vierkante Nederlandsche roeden, zeven en vijftig dito vierkante ellen; wordende ten oosten bepaald door den zogenaamden Aaftinkhoff, ten zuiden door de tuinen van de pastorie en kosterie van Heemse en ten westen en noorden door den publieken weg; zijnde deze tuin met vruchtbomen beplant en voorts in denzelven eene waterput en pomp aanwezig

Men heeft tot bespoediging der werkzaamheden in deze gevaceerdt bij vier dubbelden vacatie van des morgens negen uuren tot des avonds acht uuren, en alzo geduurende elf achtereenvolgende uuren van denzelfden dag, besteed zo tot het opmaken van het voorschreeven hoofd van den onderhavigen inventaris en het beëdigen van een expert-priseur of commissaris-schatter, als tot het inventariseeren der voorschreevene onroerende goederen, en is, blijvende de roerende goederen, boeken, registers, tituls en papieren, mitsgaders de comptante gelden in handen van den heer eersten rekwirant en vruchtgebruiker, als bewaarder, dit erkennende en zich belastende met dezelve weder te voorschijn brenging of verantwoording, wanneer en aan wie zulks behoven zal, - de vacatie tot het vervolgen van dezen inventaris en staat, uitgesteld tot morgen, woensdag den vijftienden der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des achtermiddaags ten twee uuren. En hebbende parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker meede in kwaliteit van bewaarder), de benoemde expert-priseur of commissaris-schatter en de voormelde getuigen alhier, na duidelijke voorlezing, nevens ons notaris getekend, ten jaare, dage, uure en plaatse als boven.

Tweede vacatie.

En ten voorzeiden daage, woensdag den vijftienden der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des achtermiddaags ten twee uuren, op den Huize en Goed Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreeven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, ingevolge de bepaling bij het slot der voorgaande vacatie gemaakt, wordt door den ondergetekenden Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, Arrondissemtn Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, wonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe op nieuw expresselijk verzochtte getuigen, de opmaking van den voorschreeven staat en inventaris vervolgend, ter requisitie en praesentie en in kwaliteiten alshier vooren in het hoofd van den onderhavigen staat en inventaris uitgedrukt, exept van den expert-priseur of commissaris-schatter, wiens functiën ter dezer vacatie nog niet zullen worden vereischt, en zulks in maniere navolgende:

I. Onroerende goederen (eerste vervolg):

B. De riddermatige havezaathe en goed Collendoorn in de buurtschap van dien naam in de gemeente het Schoutambt Hardenbergh, dezes kantons gelegen en bestaande:

1. uit deszelfs behuizinge nr. 1, hebbende op de eerste verdieping, behalven de keuken (waarin eene pomp), kelder en opkamer, boven den laatstgemelden, een groote en kleindere voorkamer, rechts en links de gang, voorts op de tweede verideping drie voor- en eene achterkamer, mitsgaders een overloop, waarop knechts-, meiden- en provisiekamer en eindelijk eene zoldering over de geheele behuizinge

2. uit eene aan dezelve behuizinge gebouwde paardestal en wagenhuis, welk laatste thans tot eene oppassers- of huurmanswoninge is geöpproprieerdt, zijnde eene zoldering over het geheel

3. uit een agter de voormelde behuizinge gebouwde schuur, hebbende behalve eene vhee-stalling, eene dorschvloer en zoldering over het geheel

4. uit een ten oosten en ten noorden agter de opgemelde gebouwen gelegenen tuin, beplant met onderscheidene vruchtbomen, groot (twee morgens) één bunder, zeventigh vierkante Nederlandsche roeden, een en dertigh dito ellen, twee en zestig dito palmen en zes en zeventigh dito duimen

5. uit (één morgen) vijf en tachentigh vierkante Nederlandsche roeden, vijftien dito ellen, zes en zestig dito palmen en acht en dertig dito duimen bouwland, den kamp voor het huis

6. uit (drie en een halve morgen) twee bunders, acht en negentigh vierkante Nederlandsche roeden, vier dito ellen, twee en tachtigh dito palmen en drie en dertigh dito duimen weide- en hooijland, de Weiden, de Steenderhoek, het Russchenland en de Oude Huisstee

7. uit (twee morgen) één bunder, zeventigh vierkante Nederlandsche roeden, een en dertigh dito ellen, twee en dertigh dito palmen en zes en zeventigh dito duimen boschgrond voor en ter zijden de behuisinge, de Kleine Ham en de Cingeltjes

8. uit (zeven morgen) vijf bunders, zes en negentigh vierkante Nederlandsche roeden, negen dito ellen, vier en zestigh dito palmen en zes en zestigh dito duimen veld- en veengrond op het zogenaamde Allemans-veen in de gecombineerde markten van Heemse en Collendoorn

9. uit een heeren-, dames- en domesticquen zitbank op het choor in de kerk te Heemse

10. het erve Ruitmink of Faassen te Collendoorn voormeld, bestaande:

a. uit deszelfs bouwmanswoning, schuur en schapeschot, nr. 13

b. uit (vijf morgen) vier bunders, vijf en twintigh vierkante Nederlandsche roeden, acht en zeventigh dito ellen, een en dertigh dito palmen en negentigh dito duimen bouwland en (vier en een-vierde morgen) drie bunders, een en zestigh vierkante Nederlandsche roeden, een en negentigh dito ellen, zeven en vijftigh dito palmen, elf dito duimen en vijftigh dito streepen weide- en hooijland

c. uit een half veeneslag in de voornoemde markten, zijnde woeste veengrond, oplopende tot aan de Lutterscheiding, groot (zeven twee-derde morgen) zes bunders, twee en vijftigh vierkante Nederlandsche roeden, zes en tachtigh dito ellen, vijf en zeventigh dito palmen en acht en vijftigh dito duimen

11. het erve Hamhuis te Collendoorn voormeld, bestaande:

a. uit deszelfs bouwmanswoning, schuur en schapeschot nr. 12

b. uit (vijf, vijfendertig-achtenveertigste morgen) vier bunders, zeven en tachtigh vierkante Nederlandsche roeden, zeven en tachtigh dito ellen, vijf en zestigh dito palmen, een en zeventigh dito duimen en zeven en tachtigh en een halve dito streepen bouwland, en (drie en een halve morgen) twee bunders, acht en negentigh vierkante Nederlandsche roeden, vier dito ellen, twee en tachentigh dito palmen en drie en dertigh dito duimen weide- en hooijland

c. uit vijf akkers gemeste veengrond in den Brill in de voorzeide markten, groot (vijf-zesde morgen) zeventigh vierkante Nederlandsche roeden, zes en negentigh dito ellen, acht en dertigh dito palmen en vijf en zestigh dito duimen

d. uit (drie en een halve morgen) woeste veengrond, liggende in de voorzeide markten boven den voormelden Brill en oplopende tot aan de Lutterscheiding, houdende in de nieuwe Nederlandsche maat twee bunders, acht en negentigh vierkante roeden, vier dito ellen, twee en tachentigh dito palmen en drie en dertigh dito duimen

12. het erve het Stoevebelts te Collendoorn meergemeld, bestaande:

a. uit deszelfs bouwmanswoning, schuur en schapeschot nr. 11

b. uit (twee, twee-derde morgen) twee bunders, zeven en twintig vierkante Nederlandsche roeden, acht dito ellen, drie en veertigh dito palmen en acht en zestigh dito duimen bouwland, en (drie morgens) twee bunders, vijf en vijftigh vierkante Nederlandsche roeden, zes en veertigh dito ellen, negen en negentigh dito palmen en veertien dito duimen weide- en hooijland

c. uit (twee en een halve morgen) twee bunders, twaalf vierkante Nederlandsche roeden, negen en tachtigh dito ellen, vijftien dito palmen en vijf en negentigh dito duimen woeste veld- en veengrond uit de Collendoorner-Slagen in de voorzeide markten

13. het erve het Doezemans te Collendoorn meergemeld, bestaande:

a. uit deszelfs bouwmanswoning, schuur en schapeschot nr. 9

b. uit (twee, drie en twintigh-vier en twintigste morgen) twee bunders, elf vierkante Nederlandsche roeden, elf dito ellen, vijf en zeventigh dito palmen, agt en negentigh dito duimen en zeven en dertigh en eenhalve dito streepen bouwland, en (één morgen) vijf en tachentigh vierkante Nederlandsche roeden, vijftien dito ellen, zes en zestigh dito palmen en acht en dertigh dito streepen weide- of groenland

c. uit een half veeneslag in de meergemelde markten, oplopende tot aan de Lutterscheiding, zijnde woeste veengrond en hebbende eene grootte van (zeven, twee-derde morgen) zes bunders, twee en vijftigh vierkante Nederlandsche roeden, zes en tachtigh dito ellen, vijf en zeventigh dito palmen en acht en vijftigh dito duimen

14. het erve het Klaasjes te Collendoorn meergemeld, bestaande:

a. uit deszelfs bouwmanswoning nr. 6

b. uit (één morgen) vijf en tachentigh vierkante Nederlandsche roeden, vijftien dito ellen, zes en zestigh dito palmen en acht en dertigh dito duimen bouwland, den kamp bij het huis

c. uit (vijf en een halve morgen) vier bunders, acht en zestigh vierkante Nederlandsche roeden, zes en dertigh dito ellen, vijftien dito palmen en negen dito duimen gemest veenland, en (een vierde morgen) een en twintigh vierkante Nederlandsche roeden, acht en twintigh dito ellen, een en negentigh dito palmen, negen en vijftigh dito duimen en vijftig dito streepen groenland, beide bij het huis

d. uit een veenslag in de meergemelde markten, oplopende tot aan de Lutterscheiding, zijnde woeste veld- en veengrond, ter grootte van (zestien morgens) dertien bunders, twee en zestigh vierkante Nederlandsche roeden, vijftigh dito ellen, twee en zestigh dito palmen en acht dito duimen

e. uit (een derde morgen) acht en twintigh vierkante roeden, acht en dertigh vierkante ellen, vijf en vijftigh vierkante palmen en zes en veertigh vierkante duimen (nieuwe Nederlandsche maat) boschgrond, bij het huis

15. uit het erve Warners te Collendoorn meergemeld, bestaande

a. uit deszelfs bouwmanswoning, schuur en schapeschot nr. 2

b. uit (drie, twee-derde morgen) drie bunders, twaalf vierkante Nederlandsche roeden, vier en twintigh dito ellen, tien dito palmen en zes dito duimen gemest veenland bij het huis ter breedte van het slag, en (een halve morgen) twee en veertigh vierkante Nederlandsche roeden, zeven en vijftigh dito ellen, drie en tachentigh dito palmen en negentien dito duimen groenland bij het huis

c. uit (vijftien, twee-derde morgen) dertien bunders, vier en dertigh vierkante Nederlandsche roeden, twaalf dito ellen, zes dito palmen en twee en zestigh dito duimen woeste veengrond boven het voormelde gemeste veenland en oplopende tot de Lutterscheiding

16. uit de beide katersteeden op den Ballast, liggende insgelijks te Collendoorn meergemeld ben bestaande:

a. uit dezelver beide bouwmanswoningen nr. 7 en 8

b. uit een stuk bouwland bij het huis, groot (vijf-agtste morgen) drie en vijftigh vierkante Nederlandsche roeden, twee en twintigh dito ellen, acht en twintigh dito palmen, acht en negentigh dito duimen en vijf en zeventigh dito streepen

c. uit een dito op Wolterinkkamp, groot (vijf-twaalfde morgen) vijf en dertigh vierkante Nederlandsche roeden, acht en veertigh dito ellen, achttien dito palmen, twee en veertigh dito duimen en vijftigh dito streepen

d. uit (een-achtste morgen) tien vierkante Nederlandsche roeden, vier en zestigh dito ellen, vijf en veertigh dito palmen, negen en zeventigh dito duimen en vijf en zeventigh dito streepen woeste boschgrond bij het huis

e. uit (zeven-acht en veertigste morgen) twaalf vierkante Nederlandsche roeden, een en veertigh dito ellen, zes en tachtigh dito palmen, zes en zeventigh dito duimen en zeven en dertigh en een halve dito streepen bouwland meede bij het huis, alsmeede nog (vijf-zesde morgen) zeventigh vierkante Nederlandsche roeden, zes en negentigh dito ellen, acht en dertigh dito palmen en vijf en zestigh dito duimen bouwland aldaar in een en hetzelfde stuk

Het erve het Jacobs te Rheeze meede in de gemeente het Schoutambt Hardenbergh dezes kantons gelegen en bestaande:

  1. uit deszelfs bouwmanswoningen, schuur en schapeschot nr. 19
  2. uit (zeven, een-acht en veertigste morgen) vijf bunders, zeven en negentigh vierkante Nederlandsche roeden, zeven en tachtigh dito ellen, vijf dito palmen, twee en zestigh dito duimen en twee en zestigh en een halve dito streepen bouwland, en (drie, een en twintigh-twee en dertigste morgen) drie bunders, elf vierkante Nederlandsche roeden, vijf en dertigh dito ellen, negen en dertigh dito palmen, zeven en vijftigh dito duimen en acht en zestigh dito streepen weide- en hooijland

Men heeft tot bespoediging der werkzaamheeden gevaceerd bij drie dubbelde vacatie van des achtermiddaags twee uuren tot des avonds tien uuren, en alzo geduurende acht achtereenvolgende uuren van denzelfden dag; besteed tot het op den onderhavigen staat en inventaris brengen van de vorenvermelde vaste goederen; en is, blijvende de roerende goederen, boeken, registers, tituls en papieren, mitsgaders de comptante gelden bij voortduring in handen van den heer eersten rekwirant en vruchtgebruiker, als bewaarder, dit erkennende en zich belastende met derzelver weder te voorschijnbrenging of verantwoording, wanneer en aan wie zulks behoven zal, - de vacatie tot het vervolgen van dezen staat en inventaris opnieuw uitgesteld tot morgen, donderdag den zestienden der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des achtermiddaags ten een uur. En hebben de parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker meede in kwaliteit van bewaarder) alhier, benevens de voormelde getuigen en ons notaris, na duidelijke voorlezing, geteekendt ten jaare, daage, uure en plaatze als boven.

Derde vacatie.

En ten voorzeiden daage, donderdag den zestienden der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des achtermiddaags ten een uur, op den Huize en Goed Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreeven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, ingevolge de bepaling bij het slot der voorgaande vacatie gemaakt, wordt door den ondergetekenden Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, woonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, de opmaking van den voorschreeven staat en inventaris vervolgd, ter requisitie en praesentie en in kwaliteiten, als hier vooren in het hoofd van den onderhavigen staat en inventaris, de geëligeerde expert-priseur of commissaris-schatter Jan Hendrik Edelijn, wiens functiën gedurende deze cacatie een aanvang zullen moeten neemen, daaronder begrepen, uitgedrukt, en zulks in maniere navolgende:

I.             Onroerende goederen (tweede vervolg).

D. vier stukjes bouwland, liggende in den zogenaamden Aaftinkhoff voorschreeven te Heemse meergemeld, tezamen groot (een derde morgen) acht en twintigh vierkante Nederlandsche roeden, acht en dertigh dito ellen, vijf en vijftigh dito palmen en zes en veertigh dito duimen

E. een parceel hooijland in den zogenaamden Kalfsboom te Heemse dikgemeld, groot (een halve morgen) twee en veertigh vierkante Nederlandsche roeden, zeven en vijftigh dito ellen, drie en tachentigh dito palmen en negentien dito duimen

F. negen parceelen akkermaals-hout, staande op de havezathe en goed Collendoorn voorschreven, zijnde bekend onder de naam van de Kleine Ham, de vier akkers in den Ballast, de Hegge om Doezemanskamp, de negen Akkertjes om Hamhuis-kamp, de drie Cingeltjes, de Verwersvond achteraan den Esch, en de Heggen om de erven Doezemans, Hamhuis en Stoevebeld

G. een duizend vierhonderd zes en vijftigh stuks oudere en jongere, waardige en niet-waardige eiken-stamboomen en eenhonderd en een stuks dito dennen meede staande op en onder de meergemelde havezathe en goed Collendoorn

II. Rechten.

  1. een tiende te Rheeze in de gemeente het Schoutambt Hardenbergh dezes kantons, gaande van de halfscheid uit de erven Warmink, Veurink, Weelink, Vrielink, Raadmink aldaar
  2. de halve bloedtiende, gaande uit de erven Warmink en Veurink voormeld te Rheeze voorschreven
  3. de halfscheid van de tiende grof en smal uit het erve Oostermink te Heemse meergemeld, gaande over (vijf, vijf-zesde morgen) vier bunders, zes en negentigh vierkante Nederlandsche roeden, vier en zeventigh dito ellen, zeventigh dito palmen en vijf en vijftigh dito duimen lands van onderscheidene eigenaren – en behoord de wederhelft van deze tiende in den boedel en gemeenschap van den heer eersten rekwirant en vruchtgebruiker jonkheer Jacob van Foreest van Heemse en dezes wijlen ehevrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren voornoemd
  4. drie volle whaardeelen in de markte van Heemse en Collendoorn, behorende onder de havezathe en goed Collendoorn voorschreeven
  5. een en een vierde whaardeel in de markte van Rheeze voormeld, behoorende tot het erve het Jacobs aldaar, hier voren genoemd

Roerende goederen.

    1. In gang van de behuizinge van het goed Welgelegen te Heemse, ingaande uit den tuin:

1. een vriesche hangklok, met een eikenhouten gebruineerde kast, begroot op f. 27,-

2. een ijzeren vleeskroon, begroot op f. 0,25

  1. In de Voorkamer, rechts de gang, uitziende met twee vengsterraamen op den tuin:

1. een spiegel met eene bruine gewreevene lijst, begroot op f. 0,30

2. een vierkante ypenhoute gewreevene uittrektafel met dito rand, zijnde overigens met groen gestippeld waschdoek overtrokken, begroot op f. 10,-

3. een vuurenhouten neerslagtafel, zijnde groen gestippeld geverfd, met een bruine rand, begroot op f. 3,-

4. acht wit geverfde stoelen met groene randen, tezamen begroot op f. 8,-

5. een groen geverfde eikenhouten turfton, begroot op f. 1,50

6. een ijzeren opene vuurhaard, begroot op f. 0,50

7. een vuurtang met een haardbezem, tezamen begroot op f. 0,40

8. een geelkoperen tabakscomvoir, begroot op f. 0,30

9. een opgelegd maghonij-houten tabakskistjen, begroot op f. 1,50

10. een maghonij-houten pijpen-bakjen, begroot op f. 0,80

11. een dito schenkblaadjen, begroot op f. 0,40

12. een opgeplakte groote kaart van de provincie Overijssel, auctore Ten Have, begroot op f. 0,30

13. een schilderijtjen met een zwarte lijst en glas, voorstellende de executie van Lodewijk de Zestiende, Koning van Frankrijk, begroot op f. 0,15

14. een bruin gewreeven eiken-houten hoekbuffet, begroot op f. 10,-

15. een blikken geverfd theestoop met een ijzeren komvoir en een roode koperen waterketel, tezamen begroot op f. 2,25

16. een ovaalrond groen geverfd theeblad van hout, met een witte aardene theepot, dito melkkan, spoelkom, kleinder kommetjen en een half douzijn blaauwbont Saxisch theegoed, tezamen begroot op f. 1,50

17. een ijzeren kurkentrekker, begroot op f. 0,10

18. een douzijn gewoone wijnglazen, tezamen begroot op f. 1,25

19. twee bierglazen met verguldene bouquesten, tezamen begroot op f. 0,50

20. een paar tinnen kandelaars met een ijzeren snuiter, tezamen begroot op f. 0,80

  1. In de Steenen-kamer, meede rechts den gang, en uitziende met een vengsterraam op den tuin:

1. zeven groengeverfde stoelen, tezamen begroot op f. 7,50
2. een gebroken spiegel met een bruine lijst, begroot op f. 0,30
3. een noteboomene armstoel met groen gestreept trijp gevoerdt, begroot op f. 2,10
4. een ijpenhoutene gewreevene dito met een losse paardehairen matras, in alles begroot op f. 15,25
5. een koffer van vuurenhout, zijnde met ruig-leder overtrokken, begroot op f. 3,-
6. een bruin gewreeven eikenhouten kabinet, begroot op f. 25,-
7. een rood geverfde blikken tuin-gieter, begroot op f. 0,50
8. een vergulde koperen zonnewijzer met zijn looden voetstuk, begroot op f. 3,-
9. een vuurenhouten bruin geverfde langwerpig vierkante tafel, begroot op f. 3,50
10. een bruin gewreeven eikenhouten bedtafeltjen, begroot op f. 3,25
11. een dito liqueur-kelder met twaalf vlessen, in alles begroot op f. 2,-
12. een vuurenhouten rood geverfde kist, begroot op f. 4,-
13. een draagbare brandspuit met haar toebehoren, in alles begroot op f. 14,-
14. twee groen geverfde vuurenhouten bakken, tezamen begroot op f. 0,25
15. twee blaauwgeverfde tabaksdoozen, tezamen begroot op f. 0,25
16. een zeef, begroot op f. 0,20
17. een raagebol en een kamer-bezem, tezamen begroot op f. 0,90
18. een parciktbol, begroot op f. 0,10
19. een paar houten schaalen met ijzer en balans, drie stuks koperen, twee stuks ijzeren en dertien stuks looden gewigt, in alles begroot op f. 1,50
20. een groen geverfde vleeschbak, begroot op f. 0,20
21. een groen geverfde wateremmer, begroot op f. 0,80
22. een el, begroot op f. 0,50
23. een groen geverfde hengmand, begroot op f. 0,35
24. een lederen poeijerzak en een kleer-klopper, tezamen begroot op f. 0,15
25. een tinnen steekbekken, begroot op f. 0,50
26. een groen geverfd zandtobbetjen, begroot op f. 0,15

Men heeft tot de ten dezen gecontinueerde werkzaamheeden werderom gevaceerdt bij driedubbelde vacatie van des achtermiddaags een uur tot des avonds acht uuren, en alzo geduurende zeven achtereenvolgende uuren van denzelfden dag, besteed zo tot het op dezen staat en inventaris brengen van de resteerende onroerende goederen en der rechten den onderhavigen boedels en gemeenschap specteerende, als tot het doen der nodige recherches daaromtrend, mitsgaders tot de prisatie en inventarisatie der voorenstaande roerende goederen, welke laatste, evenals de nog verder te inventariserene, mitsgaders de boeken, registers, tituls en papieren, mitsgaders de comptante gelden, zijn gelaten in handen en de bewaring van den heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker, als bewaarder, die zulks dan ook erkend en zich tevens belast om al hetzelve wederom te voorschijn te brengen en te verantwoorden, wanneer en aan wie zulks behoven zal, - en is de vacatie tot het vervolgen van deze staat en inventaris opnieuw uitgesteld tot morgen, vrijdag den zeventienden november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des voordemiddaags ten tien uuren.

En hebben de parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker meede in kwaliteit van bewaarder) alhier, benevens den expert-priseur of commissaris-schatter, de voormelde getuigen en ons notaris, na duidelijke voorlezing, getekendt ten jaare, daage, uure en plaatze, als boven.

Vierde vacatie.

En ten voorzeiden daage, vrijdag den zeventienden november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des voordemiddaags ten tien uuren op den Huize en Goed Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreeven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in gevolge de bepaling bij het slot van de voorgaande vacatie gemaakt, wordt door ons ondergetekende Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, woonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe opnieuw expreselijk verzochtte getuigen, de opmaking van den voorschreeven staat en inventaris vervolgd, ter requisitie en praesentie en in kwaliteit als bij de vorige vacatie, en zulks in maniere navolgende.

III.       Roerende goederen (eerste vervolg):
27. een handstok met een zwart ivooren krukjen, begroot op f. 0,30
28. een paar witte linnen glasgordijnen met haar toebehooren, in alles begroot op f. 2,25
29. een paar aschgraauwe damastene dito, meede met haar toebehoren, in alles begroot op f. 5,-
30. een pistool, begroot op f. 0,60
31. twintigh tavelmessen met zwarte hegten en pleet, tezamen begroot op f, 2,-
32. vijfentwintigh dito desert-messen, tezamen begroot op f. 1,50
33. een dito schijfmes, begroot op f. 0,75
34. een papieren koker met een half douzijn messen met koperen (geele) hegten, in alles begroot op f. 1,-
35. een groen geverfde vuurenhouten bak, begroot op f. 0,25
36. een gebruineerd eikenhouten kistjen, waarin een geelkoperen kompas, tezamen begroot op f. 3,-
37. een kleinder dito met een roodkoperen kompas, tezamen begroot op f. 2,-
38. twee gebruineerde eikenhouten kistjes, tezamen begroot op f. 0,50
39. een dito stoof, begroot op f. 0,60
40. drie spaanen doozen, tezamen begroot op f. 0,25
41. twee mandjes, tezamen begroot op f. 0,20
42. twee groove aardene groene keteltjes, tezamen begroot op f. 0,25
43. twee zwarte lakensche mansrokken, tezamen begroot op f. 12,-
44. drie roode scharlakensche dito met goud-galon, tezamen begroot op f. 30,-
45. een bruine beversche dito, begroot op f. 6,-
46. een blaauwe lakensche dito, begroot op f. 3,25
47. een grijs dito buis, begroot op f. 1,50
48. een zwarte dito broek, begroot op f. 3,-
49. twee zeegroene dito, tezamen begroot op f. 4,-
50. een groene Manchestersche panthalon, begroot op f. 0,75
51. een groene bombazijdene broek, begroot op f. 1,-
52. drie zwartlakensche vesten, tezamen begroot op 3,75
53. drie zeegroene dito met goud-galon, tezamen begroot op f. 4,-
54. een bruin beversch dito, begroot op f. 1,25
55. twee bonte katoenene dito, tezamen begroot op f. 0,60
56. een donkerbruine beversche jas, begroot op f. 8,-
57. een blaauwe duffelsche dito, begroot op f. 4,-
58. een grijze lakensche dito, begroot op f. 3,-
59. een grijze poeijerjas, begroot op f. 1,-
60. een paar ronde manshoeden, tezamen begroot op f. 5,-
61. een witte baaijen borstrok, begroot op f. 1,50
62. een wit bont katoenen beddejak, begroot op f. 1,25
63. vier mousselinen borstrokken, tezamen begroot op f. 1,50
64. acht linnen onderbroeken, tezamen begroot op f. 4,-
65. een douzijn manshembden, gemerkt R.6., tezamen begroot op f. 20,-
66. acht fijndere dito, gemerkt R.8., tezamen begroot op f. 8,-
67. acht dito, gemerkt R.R.18., insgelijks tezamen begroot op f. 8,-
68. twee dito, gemerkt R.6., tezamen begroot op f. 2,-
69. tien witte katoenen slapmutzen, tezamen begroot op f. 3,-
70. acht neteldoeksche halsdoeken, tezamen begroot op f. 2,40
71. vier katoenene dito, tezamen begroot op f. 1,-
72. vier blaauwbonte doekjes, tezamen begroot op f. 0,75
73. een half douzijn linnen zakdoeken, gemerkt R.6., tezamen begroot op f. 4,25
74. zes witte stropdassen, tezamen begroot op f. 0,60
75. zes paren lederene handschoenen, tezamen begroot op f. 1,50
76. twee paaren wollen wanten, tezamen begroot op f. 0,30
77. twee paaren schoenen, twee paaren pantoffels en een paar muilen, tezamen begroot op f. 1,45
78. een bijbel met de nieuwe psalmen, Dordtsche druk, in groot quarto, bruine lederene band met koperen slooten, begroot op f. 3,-
79. een nieuw testament met de nieuwe psalmen op vier zangstemmen, Amsterdamsche uitgave, in klein quarto, bruine lederene band met koperen slooten, begroot op f. 1,25
80. öffentliche gemein-reden van de broedergemeente, in klein octavo, Engelsche band, begroot op f. 0,20
81. verzameling van gezangen in het Engelsch, in klein octavo, Fransche band, begroot op f. 0,10
82. sermou de mr. Guicherit, groot octavo, Fransche band, begroot op f. 0,60
83. order der feest- en passietexten, klein octavo, Fransche band, begroot op f. 0,15
84. superville over het nachtmaal in klein octavo, halve Fransche band, begroot op f. 0,30
85. la lise maecuce par les frères vigules et du bois, in klein octavo, Fransche band, begroot op f. 0,20
86. pfau veldtogten der prinssen in Holland, halve Fransche band in quarto met plaaten, begroot op f. 1,-
87. synodale redevoering in groot octavo, blaauwe papieren band, begroot op f. 0,05
88. vervolg op het voormelde werk in dezelfde form en band, meede begroot op f. 0,05
89. een duitsch psalmboek in klein octavo, Fransche band, begroot op f. 0,20
90. la lève maconne par les frères viguoles et du bois, in klein octavo, papieren band, begroot op f. 0,10
91. gerichtshandelingen tegen vording van Beverforde, in groot octavo, in papieren banden, tezamen begroot op f. 0,10
92. receuil van tractaten, twee delen in kwarto, lederene band, begroot op f. 0,40
93. landrecht van Overijssel, halve Fransche band in kwarto, begroot op f. 0,40
94. gedichten van mevrouwe van Raesfelt, in groot octavo, Engelsche band, begroot op f. 0,45
95. Heemse, Bosch en Veldzang, in Engelsche band, groot octavo, meede begroot op f. 0,45
96. een koffijmolen, begroot op f. 2,-
97. een groen geverfd blikken trommeltjen, begroot op f. 0,40
98. een halve douzijn spaanen doozen, tezaamen begroot op f. 0,30
99. een teemus, begroot op f. 0,15
100. acht groote vlessen, tezamen begroot op f. 1,25
101. een platte boender, begroot op f. 0,20
102. een mandjen, begroot op f. 0,10
103. een half douzijn bonte aardene keulsche potten, tezamen begroot op f. 1,-
104. een heggeschaar, begroot op f. 2,50

    1. In de keuken, links de gang, en uitziende met twee vengsterramen op den tuin:

1. een roode koperen ketel, begroot op f. 5,-
2. een kleindere dito, begroot op f. 3,-
3. een kleinder dito met een geel koperen dekzel, tezamen begroot op f. 1,50
4. een dito pan, begroot op f. 1,-
5. twee dito kastrollen met dito deksels, in alles begroot op f. 2,40
6. een dito doorslag, begroot op f. 1,50
7. een dito chocoladekan, begroot op f. 0,50
8. twee dito comvoiren, tezamen begroot op f. 0,50
9. een dito koffijketeltjen, begroot op f. 1,-
10. een dito schenkketeltjen, meede begroot op f. 1,-
11. een dito blakertjen, begroot op f. 0,20
12. een dito glasen-spiets, begroot op f. 2,-
13. drie geele koperen kastrollen, tezamen begroot op f. 3,60
14. een dito schuimspaan, begroot op f. 0,60
15. een dito comptoirblaker, begroot op f. 1,-
16. een dito spreek…., begroot op f. 1,50
17. een dito staande lamp, begroot op f. 0,25
18. twee dito pannetjes, tezamen begroot op f. 0,60
19. een dito roostertjen, begroot op f. 0,50
20. een dito koffijpotjen, begroot op f. 0,30
21. een paar dito blakertjes, tezamen begroot op f. 0,40
22. drie paar dito schaalen, tezamen begroot op f. 2,25
23. vier dito scheepslampen, tezamen begroot op f. 2,-
24. een dito kompas, begroot op f. 0,50
25. twee dito pieddestallen, tezamen begroot op f. 2,-
26. een metalen vijzel, begroot op f. 1,50
27. een dito kraan, begroot op f. 0,40
28. een dito huisjesgewigt ter zwaarte van een pond, begroot op f. 0,50
29. een dito tafelschel, begroot op f. 0,60
30. een dito uurwerk ……., begroot op f. 3,-
31. een tinnen watervles, begroot op f. 1,50
32. vier dito waterpotten, tezamen begroot op f. 2,-
33. een dito komvoir, begroot op f. 0,30
34. een dito doorslag, begroot op f. 1,20
35. twee dito ….., begroot op f. 0,40
36. een dito soupkommetjen, begroot op f. 0,60
37. een pleeten schenkketel met dito komvoir, tezamen begroot op f. 1,50
38. twee dito kandelaars, tezamen begroot op f. 0,60
39. een blikken melkketel, begroot op f. 0,50
40. twee dito koffijpotten, begroot op f. 1,50
41. een dito strooppotjen, begroot op f. 0,15
42. een dito watervles, begroot op f. 0,20
43. acht dito trommetjes, tezamen begroot op f. 3,-
44. zes dito thebossen, tezamen begroot op f. 1,50
45. twee dito tafel-comvoiren, tezamen begroot op f. 1,50
46. twee dito tregters, tezamen begroot op f. 0,15
47. een dito rasp, begroot op f. 0,30
48. een dito kaarssenbak, begroot op f. 0,25
49. een blaasbalk, begroot op f. 0,60
50. een ijzeren aschkop en tang, tezamen begroot op f. 0,45
51. een roode koperen waterketel, begroot op f. 3,50
52. een ijzeren haardketting met een dito haardboom, tezamen begroot op f. 2,75
53. een ijzeren rooster met twee dito drievoetjes, tezamen begroot op f. 0,80
54. een ijzeren comvoir, begroot op f. 0,40
55. een dito pot, begroot op f. 0,60
56. zeven tinnen lepels, tezamen begroot op f. 0,35
57. een blikken vischschotel, begroot op f. 0,15
58. een dito salade-emmer, begroot op f. 0,30
59. een houwmes, begroot op f. 0,15
60. een koffijmolen, begroot op f. 0,50
61. een blikken kaarssenbakjen, begroot op f. 0,20
62. een kistjen met een roodkoperen scheepslamptaarn, in alles begroot op f. 2,50
63. een spiegel met een bruine lijst, begroot op f. 0,30
64. een stofblik, begroot op f. 0,10
65. een pepermolen, begroot op f. 0,15
66. een blikken trommetjen, begroot op f. 0,15
67. drie wateremmers, tezamen begroot op f. 1,75
68. een ijzeren vleeschvork en pannekoekenmes, tezamen begroot op f. 0,40
69. een vuurenhouten roodgeverfde turfbak, begroot op f. 1,25
70. vijf roodgeverfde stoelen, tezamen begroot op f. 1,50
71. drie houten pollepels en een dito schuimer, tezamen begroot op f. 0,30
72. twee stoven, tezamen begroot op f. 0,50
73. een melkteems, begroot op f. 0,10
74. een roodgeverfd vurenhouten haardscherm, begroot op f. 0,40
75. een groengeverfd tonnetjen, begroot op f. 0,20
76. een houten mostaardmolen, begroot op f. 0,15
77. twee zwarte aardene theepotten, tezamen begroot op f. 0,25
78. een tinnen dito, begroot op f. 0,40
79. een roodbont katoenen schoorsteenvalletjen, begroot op f. 0,50
80. vier witte a……, tezamen begroot op f. 0,15
81. twee groote dito, tezamen begroot op f. 0,50

Men heeft tot de ten dezen geconditioneerde werkzaamheden wederom gevaceerdt bij vier dubbelde vacatie van des voordemiddaags tien uuren tot des avonds acht uuren en alzo gedurende tien achtereenvolgende uuren van denzelfden dag, besteed tot de prisatie en inventarisatie van de vorenstaande roerende goederen der onderhavigen boedel en gemeenschap specteerende, zijnde dezelve, evenals de nog verder te inventariseerene, mitsgaders de boeken, registers, tituls en papieren, mitsgaders de comptante gelden, gelaten onder opzicht van den heer eersten rekwirant en vruchtgebruiker, als bewaarder, die zulks dan ook erkend en zich tevens belast om al hetzelve wederom te voorschijn te brengen en te verantwoorden, wanneer en aan wie zulks behoven zal; en is de vactie tot het vervolgen van dezen staat en inventaris opnieuw uitgesteld tot morgen, zaterdag den achttienden november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des voordemiddaags ten elf uuren.

En hebben de parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker meede in kwaliteit van bewaarder) alhier, benevens den expert-priseur of commissaris-schatter, de voormelde getuigen en ons notaris, na duidelijke voorlezing, getekendt ten jaare, daage, uure en plaatze, als boven.

Vijfde vacatie.

En ten voorzeiden daage, zaterdag den achttienden november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des voordemiddaags ten elf uuren, op den Huize en Goed Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreeven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, ingevolge de bepaaling bij het slot der voorgaande vacatie gemaakt, wordt door ons ondergetekende Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, wonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe expresselijk verzochte opnieuw geroepene getuigen, de opmaking van den onderhavigen staat en inventaris vervolgd, ter requisitie en praesentie en in kwaliteiten, als bij de vorige vacatie; en zulks in maniere navolgende:

III. Roerende goederen (tweede vervolg):
82. een witte waskom met dito lampetkan, tezamen begroot op f. 0,50
83. een dito soupterine, begroot op f. 0,60
84. vier langwerpige dito schaaltjes, tezamen begroot op f. 0,75
85. vijf ronde dito, tezamen begroot op f. 0,60
86. een dito kom met een dito deksel, tezamen begroot op f. 0,40
87. twee dito saladebakken, tezamen begroot op f. 0,50
88. een groote dito vischkom, begroot op f. 0,60
89. een dito schotel en plaat, tezamen begroot op f. 0,50
90. veertien diepe dito borden, tezamen begroot op f. 1,-
91. drie en twintigh platte dito, tezamen begroot op f. 1,75
92. twee kleine schaaltjes met een boterpotjen, tezamen begroot op f. 0,40
93. een bont aarden kommetjen, begroot op f. 0,05
94. drie groove aardene vergiettesten, tezamen begroot op f. 0,60
95. twee dito schotels, tezamen begroot op f. 0,15
96. drie zwarte aardene pannetjes, tezamen begroot op f. 0,10
97. een roodbonte aardene schotel, begroot op f. 0,15
98. vier aardene kannetjes, tezamen begroot op f. 0,25
99. een roodkoperen poffertjespan, begroot op f. 1,-
100. een vuurenhouten vierkante tafel, begroot op f. 0,60
101. acht zwarte aardene potten, tezamen begroot op f. 0,40

    1. Op het Opkamertjen boven de kelder, achter de keuken, uitziende met drie vengsterraampjes op den tuin:

1. een onderbed, een peuluwe en twee kussens, tezamen begroot op f. 6,-

2. drie witte wollene beddeekens, tezamen begroot op f. 4,50

3. een kleermand, begroot op f. 0,60

4. twaalf keulsch-aardene poten, tezamen begroot op f. 1,25

5. een een dito waterpot, begroot op f. 0,20

6. twaalf aardene kannetjes, tezamen begroot op f. 0,40

7. een groote dito schotel, begroot op f. 0,20

    1. In de groote kamer, links den gang, uitziende met twee vengsterramen op de basse-cour:

1. een bruingewreeven eikenhouten pavilloen, met een groen saaijen behangzel, één stroozak, bed, peuluwe en zeven kussens, mitsgaders een roodbonte gestikte katoenene en twee witte wollene dekens, tezamen begroot op f. 50,-

2. een dito bureau, begroot op f. 8,-

3. maghonijhouten kabinet, begroot op f. 80,-

4. een dito secretaire, begroot op f. 35,-

5. een vergulden penduultjen, begroot op f. 30,-

6. een bruin eikenhouten kastjen, begroot op f. 5,-

7. een maghonijhouten neerslagtafel, met twee dito halve maanstukken, tezamen begroot op f. 18,-

8. een kleindere langwerpige vierkante vaste dito, begroot op f. 9,-

9. een bruine notebomene dito met groen waschdoek bekleed, begroot op f. 4,-

10. een klein vuurenhouten geverfd dito, begroot op f. 1,50

11. een ingelegd mahonijhouten liquerkeldertjen met zes vlessen en twee glaasjes, tezamen begroot op f. 6,50

12. een bruin eikenhouten beddetafeltjen, begroot op f. 1,50

13. een dito gewreeven hoekbuffet, begroot op f. 13,-

14. een bruin ypenhouten weerglas van Bergio, begroot op f. 6,-

15. een notebomen dito ban Ronket, begroot op f. 3,-

16. een spiegel met een blaauw geverfde lijst, begroot op f. 5.-

17. een dito met een groene lijst, begroot op f. 1,50

18. een notebomene cassette met koper, begroot op f. 3,-

19. een ijzeren kist, begroot op f. 7,-

20. een paar maghonijhouten vlessenbakjes, tezamen begroot op f. 0,50

21. een paar verlakte theebladen, tezamen begroot op f. 3,-

22. een dito snuiterbakjen, begroot op f. 0,20

23. een dito tabakscomvoir, begroot op f. 0,75

24. een maghonijhouten theekistjen, begroot op f. 2,-

25. een bruin gewreeven voetbankjen met een vast trijpenkussen, begroot op f. 0,75

26. een douzijn groen geverfde stoelen, tezamen begroot op f. 15,-

27. een houten kistjen met een inkt- en zandkoker, begroot op f. 0,60

28. een kleerborstel, begroot op f. 0,30

29. een degen met zilveren gevest en montuure, begroot op f. 10,-

30. een zabel met een koperen gevest, begroot op f. 3,-

31. een maghonijhouten theeblad, begroot op f. 1,25

32. een dito vierkant theekistjen, begroot op f. 0,75

33. een graad-boog van Kleij te Rotterdam, begroot op f. 5,-

34. een dito van Cole te Londen, begroot op f. 8,-

35. een verzameling van zeekaarten in een bruine folio lederene band, begroot op f. 3,-

36. twee plaaten met zwarte randen in vergulden lijsten met glas (vrouwen-beelden), tezamen begroot op f. 3,-

37. twee kleindere dito (kinderbeelden) tezamen begroot op f. 1,25

38. twee grootere dito met vogels, tezamen begroot op f. 1,50

39. twee kleindere dito met zwarte lijsten en glas (beelden van Gratiüs), tezamen begroot op f. 0,40

40. vier kleindere dito met vergulden lijsten en glas (kinderbeelden), tezamen begroot op f. 0,40

41. een plaat, voorstellende la douce resistance, in vergulden lijst en glas, begroot op f. 1,50

42. een dito, een monument van Prins Willem de Vijfde, laatste Erfstadhouder van Nederland, in vergulden lijst en glas met zwarte rand, begroot op f. 3,-

43. een schilderij in olieverf met lijst en glas, voorstellende een schip in noodgevaar bij storm, begroot op f. 5,-

44. vijf plaaten in zwarte lijsten met glas, voorstellende de scheepsvloten van verscheiden natiën, tezamen begroot op f. 2,50

45. twee glazen zoutvaten, tezamen begroot op f. 0,20

46. een porceleinen punchkan (gebarsten), begroot op f. 1,50

47. een kleindere dito, begroot op f. 0,75

48. acht blaauwbonte porceleinen kommen, tezamen begroot op f. 2,50

49. een dito suikerpotjen met een schoteltjen (wit), tezamen begroot op f. 0,50

50. vijftien paaren blaauw bont prceleinen theegoed, meest Saxisch, in alles begroot op f. 2,50

51. een paar Vlaamsch linnen glasgordijnen met haar toebehoren, in alles begroot op f. 2,50

52. negen en twintigh bedlakens, tezamen begroot op f. 40,-

53. negen sloopen, tezaamen begroot op f. 4,50

54. tien gewogen gansogen handdoeken, tezamen begroot op f. 3,-

55. een douzijn tafelserviëtten, tezamen begroot op f. 3,75

56. twee tafellakens, tezamen begroot op f. 3,-

57. twee ligtgeele tafelkleeden, tezamen begroot op f. 2,50

58. een groen geruit v…….kleed, begroot op f. 0,50

59. zes tafelmessen met zwarte hegten, tezamen begroot op f. 0,60

60. een dessert-dito, begroot op f. 0,15

61. twee zilveren kandelaars, met de wapens Van Rechteren en Van Raesfelt, Haagsche keur, wegende aan burgergewigt (een, vijf-agtste pond), zeven Nederlandsche oncen, zven dito loden, negen dito wigtjes en zeven dito korrels, tezamen begroot op f. 62,40

62. twee douzijn dito lepels, meede met de wapens Van Rechteren en Van Raesfelt, Amsterdamsche keur (exept eene dezelve die de Zwolsche keur is hebbende), wegende aan burgergewigt (drie, zeven-zestiende pond) één Nederlandsche pond, zes dito oncen, vier dito looden, negen dito wigtjes en vier dito korrels, tezamen begroot op f. 132,-

63. twee douzijn dito fourchetten, insgelijks met de wapens Van Rechteren en Van Raesfelt, Amsterdamsche keur; wegende aan burgergewigt almeede (drie, zeven-zestiende pond) één Nederlandsche pond, zes dito oncen, vier dito looden, negen dito wigtjes en vier dito korrels, tezamen insgelijks begroot op f. 132,-

64. een dito soeplepel, meede met de wapens Van Rechteren en Van Raesfelt, Zwolsche keur, wegende aan burgergewigt (negentien looden) twee oncen, acht looden, vier wigtjes en negen korrels, begroot op f. 22,80

65. een dito ragou-lepel, ook met de wapens Van Rechteren en Van Raesfelt, Amsterdamsche keur, wegende aan burgergewigt (acht looden) een onc, twee looden, begroot op f. 9,60

66. acht dito theelepeltjes, zonder keur, wegende aan burgergewigt (dertien looden) een onc, negen looden, vier wigtjes en negen korrels, begroot op f. 15,60

67. zes geplumbeerde zilveren toilet-kandelaars, zonder ons bekende keur; tezamen begroot op f. 72,-

68. een zilveren cachet met het familiewapen Van Rechteren en het omschrift van ‘Sigillum Christiani Luedivici Comtis à Rechteren’ waaraan palm…. handvat; in alles begroot op f. 3,-

69. een zilveren repititiehorologe, begroot op f. 15,-

    1. In de kelder, ingaande in de k euken:

1. een pannekoekenpan met haar hangijzer, tezamen begroot op f. 1,25

2. een klein ijzeren pannetjen, begroot op f. 0,30

3. een ijzeren koffij-spit met zijn toebehoren, in alles begroot op f. 1,50

4. een ijzeren deksel, begroot op f. 0,30

5. een vleschgaffel, begroot op f. 0,40

6. een tonnetjen, begroot op f. 0,15

7. twee keulsch-aardene potten, tezamen begroot op f. 0,40

8. vier roode aardene stoofpannen, tezamen begroot op f. 0,60

9. een dito pot, begroot op f. 0,20

10. een houten koffijbak, begroot op f. 0,10

11. twee ankers roode wijn op vlessen, tezamen begroot op f. 36,-

12. vijftien vlessen dito, differente soort, begroot op f. 15,-

13. drie verlakte blakers, tezamen begroot op f. 0,75

14. een rood koperen koffijketeltjen, begroot op f. 0,60

    1. In de achtergang, uitgaande na de schuur:

1. een oud jagtgeweer, begroot op f. 1,25

2. een bed, peuluwe en twee kussens, mitsgaders vier witte wollene gestreepte dekens, in alles begroot op f. 12,-

    1. Op de zoldering des huizes:

1. acht vuurenhouten blaauw geverfde kisten, tezamen begroot op f. 12,-

2. een vliegenkast, begroot op f. 1,25

3. een vogelkooij, begroot op f. 1,25

4. vijf tonnetjes, tezamen begroot op f. 1,50

5. twee turfbakken, tezamen begroot op f. 2,50

6. elf droogstokken, tezamen begroot op f. 2,-

7. een muizeval, begroot op f. 0,15

8. drie schoenen, begroot op f. 3,-

9. een zonnescherm, begroot op f. 0,60

10. een koffer met vellen overtrokken, begroot op f. 6,-

11. twee oude grijze tapijten, tezamen begroot op f. 5,-

12. een groen saaijen ledikantsbehangzel, begroot op f. 3,50

13. een blaauw geverfde tabakston, begroot op f. 1,25

14. een roode koperen waschketel, begroot op f. 4,50

15. een geel koperen aker, begroot op f. 2,50

16. een emmer met koperen bomen, begroot op f. 2,-

17. een vuurmand, begroot op f. 0,60

18. een vischnet met zijn toebehoren, in alles begroot op f. 8,-

19. een dito vliegennet, begroot op f. 2,25

20. twee pa…..lijsten, begroot op f. 2,-

21. een voor- en een achter-zeel met een bindhaak, tezamen begroot op f. 2,25

22. vier grove aardene potten, tezamen begroot op f. 0,75

23. een vierkante leij-tafel, begroot op f. 0,75

    1. In de schuur, uitgaande op het basse-cour:

1. een rij-schaaf, twee grof-schaaven, een stoot-zaag, een spanzaag, een handzaag, negen differente beitels, zes vijlen, een pa…., tien onderscheidene handboren, drie bijlen, een dissel, twee hamers, een nijptang, twee axen en een ijzeren koevoet, tezamen begroot op f. 14,85

2. een brandijzer, begroot op f. 0,85

3. een unster, begroot op f. 5,-

4. een juk, begroot op f. 0,40

5. een ronden vurenhouten groen geverfde tafel, begroot op f. 3,-

6. vier groen geverfde stoelen, tezamen begroot op f. 4,-

7. twee vurenhouten groen geverfde tuinbanken, tezamen begroot op f. 3,-

8. een vurenhouten haverkist, begroot op f. 2,50

9. drie vurenhouten kisten, tezamen begroot op f. 4,-

10. een snijsomp met zijn mes, in alles begroot op f. 2,45

11. een seis met zijn boom, begroot op f. 0,30

12. twee kruiwagens, tezamen begroot op f. 3,-

13. vijf geverfde ladders, tezamen begroot op f. 4,50

14. een schop, een mestgreep, twee schoffels en twee aardappelenharkjes, tezamen begroot op f. 1,80

15. vijf houten haken, tezamen begroot op f. 0,75

16. drie manden, tezamen begroot op f. 0,40

17. vier waschbaliën, tezamen begroot op f. 4,-

18. een vleeschton, begroot op f. 2,-

19. een vleeschblok, begroot op f. 1,25

20. een slijpsteen, begroot op f. 1,50

21. een vurenhouten mangel, begroot op f. 15,-

22. een bruin stilletjen met een tinnen pot, in alles begroot op f. 3,-

23. twe houten ramen, tezamen begroot op f. 2,25

24. twee riete-matten, tezamen begroot op f. 0,75

25. een blauwgeverfde lange vurenhouten tafel, begroot op f. 4,-

26. een groengeverfde ronde dito, begroot op f. 2,-

27. eenhonderd, vijf en zeventigh wijnvlessen, tezamen begroot op f. 4,50

28. een kagchel, begroot op f. 6,-

29. nagenoeg twaalfduizend turven, tezamen begroot op f. 24,-

30. een hoop brandhouts, begroot op f. 1,25

31. een groengeverfde beslagen wagen met zijn toebehoren, in alles begroot op f. 40,-

32. een paar oude houten roodgeverfde wagenladders, met voor- en achterhek, tezamen begroot op f. 3,25

33. een paardezellen, en een toom, tezamen begroot op f. 2,25

34. een oud afgeleefd merriepaard, begroot op f. 8,-

    1. Op de zoldering der schuur:
1. ongeveer (vijfduizend) tweeduizend, vijfhonderd Nederlandsche ponden hooij, begroot op f. 30,-

Men heeft tot het verrichten der ten deze gecontinueerde werkzaamheden wederom gevaceerdt bij vierdubbelde vacatie van des voordemiddaags elf uur tot des avonds negen uuren, en alzo gedurende tien achtereenvolgende uuren van denzelfden dag, besteed tot de prisatie en inventarisatie van de voren opgenoemde roerende goederen, den onderhavigen boedel en gemeenschap specteerende, zijnde dezelve, en alle eerdere, zo er nog zijn mogten, mitsgaders de boeken, registers, tituls, papieren en comptante gelden gelaten onder opzicht van de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker, als bewaarder, die zulks dan ook erkend en zich tevens belast om al hetzelve wederom te voorschijn te brengen, en te verantwoorden wanneer en aan wie zulks behoven zal; en is de vacatie tot het voortzetten van dezen staat en inventaris opnieuw uitgesteld tot en bepaald op tot overmorgen, maandag den twintigsten november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des achtermiddaags ten twee uuren.

En hebben de parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker, meede in kwaliteit van bewaarder) alhier, benevens den expert-priseur of commissaris-schatter, de voormelde getuigen en ons notaris, na duidelijke voorlezing, getekendt ten jaare, dage, uure en plaatze, als boven.

Zesde vacatie.

En ten voorzeiden daage, maandag den twintigsten der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des achtermiddaags ten twee uuren, op den Huize Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreeven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, ingevolge de bepaling bij het slot der voorgaande vacatie gemaakt, wordt door ons ondergetekende Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, wonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe opnieuw expresselijk verzochtte getuigen, de opmaking van den onderhavigen staat en inventaris vervolgd, ter requisitie en praesentie en in kwaliteiten, exept van den expert-priseur of commissaris-schatter, als wiens werkzaamheden ten deezen met de vorige vacatie zijn geëindigd, als bij dezelve vorige vacatie, en zulks in maniere navolgende:

IV. Tituls en papieren

  1. Acte van huwelijksvoorwaarden, den zestienden der maand meij des jaars eenduizend zevenhonderd en vijfenzeventigh met consent van beide zijden ouders en ten overstaan van daartoe verzochtte en dezelve meede getekend hebbende dedingslieden, gededingt en gesloten tusschen de hooggeboren gestrenge heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren, capitain ter zee en lieutenant-collonel ten dienste deezer landen (naderhand oud-drost van IJsselmuiden en lid van de ridderschap dezer provincie) en de hoogwelgeboorene freulin Ermgrard Ebella Juliana baronesse van Raesfelt (eigenaaren en tijdelijke bezitters van den onderhavigen boedel en gemeenschap), waarbij is geconditoneerd:

a.

dat bruidegom en bruid elkanderen zouden echten en trouwen

b.

dat tusschen dezelve gemeenschap van goederen zouden plaats hebben

c.

dat de ouders van de bruidegom denzelven zouden meedegeven de Havezathe Collendoorn cum annexi, met alle derzelver rechten en gerechtigheden, niets uitgezonderd, zoals in de markte van dien naam was gelegen en daar zijn bezeeten

d.

dat de ouders van de bruid ten gelijken einde aan dezelven zouden geven:

1. de leenkamer van den Huize Collendoorn

2. het erve Doezeman in de buurtschap Collendoorn met het halve veeneslag van Ruitmink, vrij allodiaal

3. het erve Helkink of Japiks, gelegen in de buurtschap Rheeze, leenhorig onder de leenkamer van Collendoorn, geregtigt met vijf vierde waare

4. de tiende te Rheeze, leenhorig onder de leenkamer van TweeNijenhuizen te Vollenhove, gaande voor de halfscheid uit de erven Warmink, Veurink, Weelink, Vrielink en Raatmink aldaar

5. de halve bloedtiende, gaande uit de erven Warmink en Veurink

e.

dat, indien de bruidegom zonder kind of kinderen uit dat huwelijk na te laten kwame te sterven, voor beide zijne ouders ofte een van beide, de bruid in eigendom zoude bekomen alle goederen, die van haare zijde zouden keurgebonden zijn, mitsgaders de helft der losse effecten, die bruidegom en bruid beide alsdan tezamen zouden bezitten, gelijk meede tot het trouwens toe het vruchtgebruik van de vaste goederen door bruidegom aangebragt

f.

dat, zo de bruid voor beide ofte een van hare ouders kinderloos uit dien echt mogte komen te overlijden, de bruidegom dadelijk van haar …. alle de goederen, die thans van bruids zijde wierden aangebragt, exept dezelver lijfstoebehoren, klederen, juweelen en kleijnodiën, en na doode van de langstlevenden van bruids ouderen een vierde part van deezer nalatenschap buiten derzelver lijfstoebehoor; behoudende bruids ouders buiten dien de vrijheid om den bruidegom in allen gevallen na hun welgevallen daarenboven te benificieeren

g.

dat bruidegom en bruid bij provisie zouden inwonen bij de ouders van de bruid en aldaar genieten het onderhoud van haarzelven, benvens dat van haar te procreëren kind of kinderen en van haar domesticquen en equipages, edog dat, indien bruids ouders of een van beiden of ook bruidegom en bruid het anders mogten verkiezen, de jongelieden sig apart en elders zouden etabliseren, wanneer de bruids ouders beloofden boven de goederen, die thans aan bruidegom en bruid meedegaven, zo lang zij ouders of een van beiden met de bruid, of bij onverhoopt vooroverlijden van de bruid haar kind of kinderen, jaarlijks alsnog tot stuur der private oeconomie te geven driehonderd carolijguldens

h.

dat bruidegom en bruid zich uitdrukkelijk reserveeren om elkanderen verder te mogen begiftigen en begunstigen, hetzij bij uiterste wille, of zo als zij te ….. zouden worden na hun vrije welgevallen

Welke acte, door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op deezen inventaris onder numero een.

  1. Expeditie eener testamentaire dispositie, den tienden der maand april des jaars eenduizend achthonderd en achttien voor ons notaris en getuigen verleeden (zijnde den drie en twintigsten augustus laatstleden behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerdt) door den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, oud-drost van IJsselmuiden en lid van de ridderschap dezer provincie; waarbij dezelve heeft gelegateerd, gegeven en gemaakt aan zijnen schoonzoon de hoogwelgeboren gestrengen heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, lid van de ridderschap en de staaten dezer provincie, wonende op den Huize Heemse (den heer eersten rekwirant in deezen) gedurende deszelfs gansche leven het vruchtgebruik zijner geheele nalatenschap en zulks zonder het stellen van eenige cautie; mits echter daarvan gedurende zijn leven aan ieder der nabenoemde kleinkinderen van hem testateur, kinderen van den zelven zijnen schoonzoon en wijlen ehevrouw Maria Clara gravinne van Rechteren, getrouwd zijnde of komende te trouwen, jaarlijks van zijnen sterfdag aange….end, uitkerende de somma van tweehonderd guldens. Insituteerende voorts de testateur daarbij tot zijne eenige en universeele erfgenaamen zijne voren bedoelde kleinkinderen met naamen Wilhelmina Francina -, Juliana Louisa -, Willem Jan Petrus -, Nanette -, Christina Louisa -, Theodora Sophia – en Christina Ebella Cornelia van Foreest (de tweede en derde rekwiranten en de minderjarigen ten dezen), die zijnen sterfdag zouden beleven en bij vooroverlijden van de een of andere derzelve, deszelfs wettige descendenten zo er zijn mochten, bij plaatsvervulling, ten einde na het overlijden van dezelver voornoemde vader, zijne nalatenschap in zeven egaale portiën te erven, te profiteren en te genieten. Verklarende eindelijk de testateur daarbij dat in val de een of ander derzelve zijner geinstitueerde erfgenamen met deze zijne dispositie, wat het voorschreven aan zijnen schoonzoon jonkheer Jacob van Foreest van Heemse gelegateerde vruchtgebruik aanging, niet mogte vreedig zijn en dezelve zijne dispositie betwisten, hij alsdan zijn daar vooren gedisponeerde herriep en legateerde, gaf en maakte, in plaats daarvan, aan denzelven zijnen schoonzoon de helft zijner geheele nalatenschap in eigendom. Herroepende de testateur eindelijk alle zijne vorige testamenten of andere dispositiën van uiterste wil, niet willende, dat dezelve effect sorteeren en gelden, maar houdende dezelve van nooit gemaakt.        Welke expeditie, door ons ondergetekenden notaris gequoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero twee.
  2. Expeditie eener acte van transport, den dertigsten der maand maij dezes jaars (zijnde den eersten junij aanvolgende behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerd) voor ons notaris en getuigen ten behoeven van den hooggeboren heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, breedgeërfde, wonende te Heemse, door Gerrit Warnderink en vrouwe Hendrikjen Vinke aldaar, verleeden over een halve morgen hooijland in den zogenaamden Kalfsboom te Heemse voorzeid voor de voldaane summa van f. 290,-

Welke expeditie, door den ondergetekenden notaris quqoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero drie.

  1. Acte van hijpothecatie, den negentienden der maand maij des jaars eenduizend achthonderd en zeven, door Jan Klinge en vrouwe Fenechien Hamhuis te Baalder, voor den heer Jan Godfried Pruim, Scholtus des kerspels Hardenbergh cum annexis verleden; waarbij dezelve, onder verband hunner door hunzelven bewoond en gebruikt wordende keutersteede te Baalder, bestaande in het woonhuis en ongeveer vier mudden zaaij-, gaarden- en groenland met een agtste gedeelte van eene volle whaare in de Hardenbergher en Baalder markte, bekennen oprecht en deugdelijk schuldig te zijn aan den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren tot Collendoorn, eene capitaale summa van f. 750 carolyguldens, rentende vier en een half procent.

Welke acte, voerende op een daartoe gehorend en geannecteerd suppletoire zegel de certificatie van inschrijving in het register van hijpotheecquen, deel een, numero driehonderd en twaalf in dato Deventer den zesden december eenduizend achthonderd en elf, door den ondergetekenden notaris gequoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op deezen inventaris, onder numero vier.

  1. Acte van hijpothecatie, den twee en twintigsten der maand november des jaars eenduizend achthonderd en zeven, door Jan Klinge en vrouwe Fennechien Hamhuis voormeld te Baalder, voor den heer Jan Godfried Pruim, Scholtus des kerspels Hardenbergh cum annexis verleeden; waarbij dezelve, onder verband van hun eigendommelijk een dagwerk hooijland in het Baalderhag en van één drie-vierde dagwerken hooijland, den Keuterbrink ten Velde, bekennen oprecht en deugdelijk schuldig te zijn aan den hooggeboren heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren tot Collendoorn, eene capitaale summa van vierhonderd carolijguldens, rentende vier en een half procent.

Welke acte, voerende op derzelver ommestaande eenige bladzijde de certificatie van inschrijving in het register van hijpotheequen, deel een, numero driehonderd en elf, in dato Deventer den zesden december achttienhonderd en elf, door den ondergetekenden notaris gequoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero vijf.

  1. Eerste grosse eener acte van hijpothecatie, den vier en twintigsten der maand april des jaars eenduizend achthonderd en dertien, door den heer Jan Merjenburgh te Gramsbergen van ons notaris en getuigen verleeden; waarbij dezelve, onder verband van zijn veeneslag het Koerts, met de daarop staande behuizinge nr. 0, gelegen op het Anerveen in de gemeente Gramsbergen, dezes kantons, bekend wel en wettiglijk schuldig te zijn aan den heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren, grondeigenaar, woonende in nr. 43 te Heemse; eene capitaale summa van tweeduizend vijfhonderd en twintigh francs ofwel eenduizend tweehonderd guldens Hollandsch, rentende vijf procent; zijnde deze acte den eersten maij achttienhonderd en dertien ten bureele Ommen geregistreerdt. Welke grosse, houdende op de ommezijde van dezelver vijfde bladzijde de certificatie van inschrijving in het register van hijpotheeken, deel acht, numero eenhonderd drie en zeventigh in dato Deventer den twintigsten maij achttienhonderd en dertien, aan de ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero zes.
  2. Eerste grosse eener acte van hijpothecatie, den achtentwintigsten der maand maij des jaars eenduizend achthonderd en zeventien door Jan Korterink, weduwenaar en boedelhouder van wijlen Egbertjen Arends te Collendoornerveen, voor ons notaris en getuigen verleeden; waarbij dezelve wegens restante koopspenningen van acht veenakkers in den Bril met den Zandkorrel daarbij, gelegen op het Collendoornerveen voormeld, en onder verband van dezelve tens met de daarop gebouwde behuizinge, voor zich als in zijne voormelde kwaliteit heeft erkendt wel en wettiglijk schuldig te zijn aan den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren tot Collendoorn, breedgeërfde, wonende te Heemse, eene capitaale summa van tweehonderd zeven en dertigh guldens en vijftigh cents, rentende vijf percent, zijnde deeze acte den dertigsten maij achttienhonderd en zeventien ten bureele Ommen geregistreerdt. Welke grosse, houdende op de achterkant van dezelver vijfde bladzijde de certificatie van inschrijving in het register van hijpotheeken, deel tien, numero eenhonderd negen en zestigh in dato Deventer den negenden september achttienhonderd en zeventien, door den ondergeteekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero zeven.
  3. Eerste grosse eener acte van hijpothecatie, den drie en twintigsten der maand maij des jaars achttienhonderd en achttien door Christina van Regteren, weduwe en boedelhoudersche van wijlen Jan Meuleman, wonende te Heemse, voor ons notaris en getuigen verleden; waarbij dezelve, zo voor zich als in haar voorzeide kwaliteit wegens eene geldlening tot afdoening van boedelschulden, onder verband van haare eigendommelijke gerechte halfshceid van haar woonhuis, grond en wheere en van het daartoe en aangehorende hofjen, staande en gelegen te Heemse op den Brink aan den Toldijk, onder nr. 16, van een gaarden aldaar aan den Molenberg, van een stuk zaaijland op het Holt onder Collendoorn, van ene dito aldaar op het Kampjen, mitsgaders van een dito aldaar aan den Nijenkamp en van een stuk groengrond aldaar, bekend wel en wettiglijk schuldig te zijn aan den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, oud-droste van IJsselmuiden te Heemse, eene capitaale summa van vijfhonderd guldens, rentende vijf procent. En borderel van inschrijving derzelve hijpothecatie in het register van hijpotheeken onder numero driehonderd zes en veertigh, tiende deel, in dato Deventer den zesden julij eenduizend achthonderd en achttien; zijnde de onderhavige acte van hijpothecatie den eersten junij achttienhonderd en achttien behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerdt. Welke grosse en borderel door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, beide als een enkel stuk zijn gebragt op deeze staat en inventaris onder numero acht.
  4. Een handschrift van den eersten januarij eenduizend achthonderd en drie, waarbij Wessel Veurink en vrouwe Maria Louisa Eggengoor bekennen opgenomen of ter leen ontvangen te hebben van den hooggeboren Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren, heer van Collendoorn, een capitaal groot tweehonderd guldens, tegen vier procento rhenten. Welke handschrifte door ons gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero negen.

Men heeft tot de uitvoering der ten dezen gecontinueerde werkzaamheden wederom gevaceerdt bij drie dubbelde vacatie van des achtermiddaags twee uren tot des avonds tien uren, en alzo gedurende acht achtereenvolgende uren, van denzelfden dag; besteed zo tot de rangschikking en het daartoe in gereedheid brengen van alle tituls en papieren den onderhavigen boedel en gemeenschap specteerende, als tot het inventariseeren daaraf van de voorenstaande; zijnde dezelve tevens met de nog verder te inventariserene mitsgaders de comptante gelden gelaten en verbleeven onder opzicht van den heer eersten rekwirant en vruchtgebruiker, als bewaarder, die dit dan ook erkend en zich tevens belast om alle dezelve wederom tevoorschijn te brengen en te verantwoorden, wanneer en aan wie zulks behooven zal; en is de vacatie tot het voortzetten van deezen staat en inventaris opnieuw uitgesteld tot morgen, dingsdag den een en twintigsten der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des nademiddaags ten twee uren. En hebben de parthijen (de heer eerste rekwirant en vruchtgebruiker, meede in kwaliteit van bewaarder) alhier, benevens de voormelde getuigen en ons notaris, na duidelijke voorlezing, getekendt ten jaare, dage, ure en plaatze, als boven.

Zevende vacatie.

En ten voorzeiden daage, dingsdag den een en twintigsten der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des nademiddaags ten twee uren, op den Huize Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreeven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, ingevolge de bepaling gemaakt bij het slot der voorgaande vacatie, wordt door ons ondergetekende Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, woonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe opnieuw expresselijk verzochtte getuigen, de opmaking van den onderhavigen staat en inventaris vervolgd, ter requisitie en praesentie en in kwaliteiten, als bij de vorige vacatie; en zulks in maniere navolgende:

IV. Tituls en papieren (eerste vervolg):      Declaratoir van Derk Odink, waarbij dezelve in dato den eerste julij eenduizend achthonderd en acht, bekend met den hooggeboren heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren in compagnie gekogt te hebben het Kattenkampjen en de halve katersteeden Den Toorn en het Ramaker, alle gelegen te Holtheeme voor eene ten dien daage geliquideerde en alleen door den heer graaf van Rechteren voldaane en betaalde summa van eenduizend zeshonderd en vijftigh guldens; dat de heer graaf van Rechteren alleen deze koopspenningen hebbende voldaan; hij daarvan de halfscheid aan denzelven schuldig blijft, met aanname van dezelve met vier procent jaarlijks, zullende het eerste jaar rhente verschijnen op primo maij eenduizend achthonderd en negen, te verrenten, en waar voor bovengenoemde goederen, benevens zijn persoon was verbindende en de transporten er af aan den heer graaf van Rechteren vergaf. Welk declaratoir, houdende aan den voet der eerste bladzijde:

kwitantie in dato den eersten maij achttienhonderd en negen, waarbij de heer graaf van Rechteren bekend ontvangen te hebben de koopspenningen van de halve katersteede den Toorn ad vierhonderd en vijftigh guldens, in mindering van het bovenstaande capitaal, hetwelk dus nog twaalfhonderd guldens bleef.

b.

nader declaratoir van voormelden Derk Odink in dato den zesentwintigsten maij achttienhonderd en twaalf, waarbij verklaard voor bovengemelde goederen van Jan Hendrik Leemgraven voor dertig achtereenvolgende jaaren geruilt te hebben vier dagwerken hooijland op de Heeren-Haandrik in de Meene en daarop door den heer graaf van Rechteren te zijn toegegeven tweehonderd en vijftigh guldens, waardoor dan het voormelde kapitaal wederom groot was veertienhonderd en vijftigh guldens, en in dorso

c.

de kwitantien van de verrekende rhenten en huuren van hetzelve kapitaal en landen tot maij eenduizend achthonderd en vijftien, - door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, als een enkel stuk, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero negen

  1. Een handschrift van dato den eersten julij achttienhonderd en acht, waarbij Derk Odink te Heemse bekend tegen eene rhente van vijf procent, voor het eerst te verschijnen op primo maij achttienhonderd en negen, van den hooggeboren heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren ter leen ontvangen te hebben de summa van zeshonderd guldens.
  2. Een handschrift van den twintigsten december achttienhonderd en elf, waarbij Hannes Niezink en vrouwe Berendina Rustenbergh, tegens eene rhente van vier en driekwart procento, jaarlijks op den twintigsten december verschijnende, bekennen ter leen ontvangen te hebben de summa van driehonderd guldens. Welke handschrifte door den ondergetekenden notaris gequoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op dezen inventaris onder numero elf.
  3. Een handschrift van den tienden maij achttienhonderd en twaalf, ten laste van Hendrik Bosman en vrouwe Jutte Veldsink te Radewijk, groot vierhonderd guldens, rentende vijf procent, onder ver…..ging van Jan Nijhuis en van Klaas Woelders te Heemse. Welke handschrifte door den ondergetekenden notaris is gequoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero twaalf.
  4. Een handschrift van den vierentwintigsten maart achttienhonderd en veertien, ten laste Hermannes Vinke Janszoon en vrouwe Stientjen Bolks, groot eenhonderd guldens; rentende vijf procent. Welke handschrifte door den ondergetekenden notaris gequoteerd en geparpaheerd zijnde, is gebragt op de onderhavigen staat en inventaris onder numero dertien.
  5. Een handschrift van den tienden maij achttienhonderd en zestien, ten laste Seine Bolks en vrouwe Jennigjen Winkelman, groot eenhonderd guldens en rentende vijf procent. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero veertien.
  6. Een handschrift van den zeventienden maij achttienhonderd en zestien, ten laste de hoogwelgeborene vrouwe Johanna Geertruid baronesse van Coeverden, geboren le Chastelain, vrouwe van Gramsbergen, groot eenduizend guldens, rentende vijf procent. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero vijftien.
  7. Een handschrift van den agtsten junij achttienhonderd en zestien, ten laste van Hendrik Goorhuis te Baalder, groot tweehonderd guldens, rentende vijf procent; onder verl…..ging van Hendrik Nijland en van Herm Hendrik Goorhuis. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero zestien.
  8. Een handschrift van den vijftien augustus achttienhonderd en zestien, ten laste Jan Hermen Zweers Jasperszoon en vrouwe Fenna Zweers, geboren Büsman te Hardenbergh, groot vierhonderd guldens, rentende vijf ten honderd in het jaar. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero zeventien.
  9. Een handschrift van den eersten april achttienhonderd en zestien, ten laste van Berendina Rustenberg en Jan Odink te Heemse, groot vijfhonderd guldens, rentende vijf procent, verschijnende den vijftienden october van elk jaar. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero achttien.
  10. Een handschrift van den achttienden januarij achttienhonderd zeventien, ten laste Evert Bouwhuis en vrouwe Geertjen Geertman te Heemse, groot eenhonderd guldens en rentende vijf procento. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero negentien.
  11. Een handschrift van den eersten februarij achttienhonderd en zeventien ten laste Jan Veldsink en vrouwe Geertjen Hofzink, groot eenhonderd guldens, rentende vijf procento. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero twintigh.
  12. Een handschrift van den zeven en twintigsten maart achttienhonderd en zeventien, ten laste Albert Kromhoff en vrouwe Zwaantjen Bolks te Heemse, groot tweehonderd guldens, rentende vijf ten honderd in het jaar. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero een en twintigh.
  13. Een handschrift van den eersten maij achttienhonderd en zeventien ten laste Lambert Uilenkamp te Diffelen, groot eenhonderd guldens; rentende vijf ten honderd in het jaar onder verb….ging van Hendrik Heijink en van Elsjen Uilenkamp aldaar. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero twee en twintigh.
  14. Een handschrift van den eersten november achttienhonderd en zeventien, ten laste van Hendrikus Creemer te Hardenbergh, groot vijfhonderd guldens, rentende vijf procent, onder verb….ging van den geldleeners broeder Warner Creemer aldaar. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero drie en twintigh.
  15. Een handschrift van den eersten januarij achttienhonderd en achttien, ten laste Jan van Munster Frederikszoon te Hardenbergh, groot tweehonderd en vijftigh guldens, rentende vijf procento jaarlijks. Welke handschrift, houdende in ….. de verklaring dat de voormelde tweehonderd vijftigh guldens zijn restante koopspenningen van op den vierden april achttienhonderd en zeventien gekogtte twee dagwerken hooijland op het Holt onder Collendoorn, door ons ondergetekende notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero vier en twintigh.
  16. Een handschrift van den eersten maij achttienhonderd en achttien, ten laste Roelof Bolks en Evert Bolks te Bergentheim, groot eenhonderd guldens, rentende vijf procento. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero vijf en twintigh.
  17. Een handschrift van den dertien april achttienhonderd en negentien, waarbij Evert Bouwhuis en vrouwe Geertjen Hendriks bekennen van den heer graaf van Rechteren voor een jaar ontvangen te hebben eenhonderd guldens. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero zes en twintigh.
  18. Een handschrift van den achttienden april achttienhonderd en negentien, bij hetwelke Jannes Meuleman en vrouwe Gesina Vinke te Heemse bekennen ontvangen te hebben van den heer graaf van Rechteren de somma van eenhonderd guldens, onder belofte om dezelve met een jaar terug te geven. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero zeven en twintigh.
  19. Eene acceptatie van dato Heemse den achten augustus achttienhonderd en twintigh, waarbij Jan Odink aanneemt om op den eersten maij achttienhonderd een en twintigh te betalen aan de order van den heer grave van Rechteren tot Collendoorn eene summa van vierhonderd en vijftigh guldens en de intresse van dat capitaal, namentlijk van tweehonderd en vijftigh guldens, beginnende met den elfden october achttienhonderd en twintigh, en van tweehonderd guldens beginnende met den dertienden februarij achttienhonderd en twintigh. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero acht en twintigh.
  20. Een handschrift van den zeventienden april achttienhonderd en twintigh ten laste van Seine Bolks te Heemse, groot eenhonderd guldens, rentende vijf procento. Welke handschrift door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero negen en twintigh.
  21. Een bewijs van op den zesden februarij eenduizend achthonderd en zestien gedane afschrijving in het grootboek der nationale schuld van de rekening van Sophia Clara Maria van Rechteren te Utrecht, op die van Christiaan Lodewijk grave van Rechteren te Heemse, eene kapitale summa van twaalfhonderd guldens. Welk bewijs door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero dertigh.
  22. Een bewijs van op den zesden februarij eenduizend achthonderd en zestien gedane afschrijving in het grootboek der nationale uitgestelde schuld van de rekening van Sophia Clasina Maria van Rechteren te Utrecht, op die van Christiaal Lodewijk grave van Rechteren te Heemse, eener kapitaale somma van tweeduizend vierhonderd guldens. Welk bewijs door den ondergetekenden notaris gekwoteerd en geparapheerd zijnde, is gebragt op den onderhavigen staat en inventaris onder numero een en dertigh.

V. Declaratie van uit- en inschulden, comptante gelden:

Door den eersten rekwirant de hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hooggeborene vrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren, en vruchtgebruiker der nalatenschap van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwnaar en boedelhouder van wijlen de hoogwelgeborene vrouwe Ermgard Ebella Juliana baronese van Raesfelt, wordt gedeclareerdt dat bij het overlijden van denzelven heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn in den onderhavigen boedel en gemeenschap derzelven zijn bevonden de navolgende comptante penningen, te weeten:

    1. negentien heele gouden rijders, ter waarde van f. 266,-
    2. twee halve dito, ter waarde van f. 14,-
    3. drie en twintigh gouden ducaten, ter waarde van f. 120,75
    4. een gouden scheepjesschelling, ter waarde van f. 14,-
    5. zes stuks dubbelde pistolen, ter waarde van f. 108,-
    6. twintigh enkelde dito, ter waarde van f. 180,-
    7. een dubbelde Louis d’Or, ter waarde van f. 22,-
    8. een twintigh-francsstuk, ter waarde van f. 9,50
    9. vijfhonderd vijf en vijftigh drieguldens, ter waarde van f. 1.665,-
    10. vijftien Zeeuwsche rijksdaalders, ter waarde van f. 39,-
    11. vier en negentig stuks rijksdaalder, ter waarde van f. 235,-
    12. drie zakken guldens, ter waarde van f. 1.800,-
    13. drie werpschellingen, ter waarde van f. 9,-
    14. een zak zestehalven, ter waarde van f. 275,-
    15. honderd en een werp dito, ter waarde van f. 111,10
    16. negen dubbeltjes, ter waarde van f. 0,90

En heeft de declarant alhier, na voorleezing, geteekendt.

Men heeft ten deezen wederom gevaceerdt bij drie dubbelede vacatie van des nademiddaags twee uren tot des avonds tien uren, en alzo gedurende acht achtereenvolgende uren van denzelfden dag, besteed zo tot de inventarisatie der vorenvermelde tituls en papieren, als der hiervoren uitgedrukte gelden; zijnde dezelven, evenals al het vroeger geinventariseerde roerende goed, gelaten en verbleeven in het bezit en de bewaring van den heer eersten rekwirant, als bewaarder en vruchtgebruiker, die dit dan ook erkende en zich tevens belast om al hetzelve wederom te voorschijn te brengen en te verantwoorden, wanneer en aan wie zulks behoven zal; en is de vacatie tot het voortzetten en eindigen van dezen staat en inventaris uitgesteld tot en bepaald op morgen, woensdag den twee en twintigsten november eenduizend achthonderd en twintigh, des voordemiddaags ten elf uren. En hebben de parthijen (de eheer eerste rekwirant, als bewaarder en vruchtgebruiker) alhier, benevens de voormelde getuigen en ons notaris, na duidelijke voorlezing, getekendt ten jaare, daage, uure en plaatze als boven.

Achtste vacatie.

En ten voorzeiden daage, woensdag den twee en twintigsten der maand november des jaars eenduizend achthonderd en twintigh, des voordemiddaags ten elf uren, op den Huize Welgelegen, nr. 43 te Heemse voorschreven, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, ingevolge de bepaling gemaakt bij het slot der voorgaande vacatie, wordt door den ondergetekenden Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, residerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Derk Lenters en van Gerrit Brand, beide landbouwers, wonende te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 28 en de tweede in nr. 32, als hiertoe opnieuw expresselijk verzochtte getuigen, de opmaking van den onderhavigen staat en inventaris vervolgd, ter requisitie en praesentie en in kwaliteiten, als bij de voorige vacatie, en zulks in maniere navolgende:

V.          Declaratie van uit- en inschulden en comptante gelden (eerste vervolg):

Door den eersten rekwirant de hoogewelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hooggeborene vrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren en vruchtgebruiker der nalatenschap van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hooggeboren vrouwe Ermgard Ebella Juliana baronesse van Raesfelt, wordt gedeclareerdt, dat behalven het aandeel van den onderhavigen boedel en gemeenschap in de nalatenschap van wijlen den hooggeboren heer Frederik Rudolph Carel graaf van Rechteren tot de Hofstede (de volle broeder van nu meede wijlen de hooggeboren gestrenge heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn voornoemd, en op den achttienden december des vorigen jaars op de Hofstede voorzeid onder Raalte ter deezer provincie overleeden) waarvan hiervoor als nog geene opgave kan worden gedaan, uit hoofde door de in dezelve nalatenschap benoemde heeren executeuren daaraf nog geene explicatie, rekening en verantwoording heeft plaats gehad of heeft kunnen plaats hebben, de onderhavige boedel en gemeenschap is te goede hebbende:

  1. de hiervoren sub IV tituls en papieren onder nr. 4 vermelde hijpothecaire schuld van Jan Klinge en vrouwe Fennechien Hamhuis te Baalder ad f. 750,-
  2. de van voormelde schuld op den twaalfden augustus laatstleden (den sterfdag van wijlen den heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn) verschenen rhenten ad vier en een half procent, ten bedrage van f. 7,32
  3. de hiervooren sub IV onder nr. 5 vermelde hijpothecaire schuld van Jan Klinge en vrouwe voorschreeven ad f. 400,-
  4. de van denzelfde schuld op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vier en een half procent, ten bedrage van f. 4,18½
  5. de hiervoren sub IV onder nr. 6 vermelde hijpothecaire schuld van Jan Merjenburgh te Gramsbergen ad f. 1200,-
  6. de van dezelve schuld op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procent, ten bedrage van f. 16,97½
  7. de hiervooren sub IV onder nr. 7 vermelde hijpothecaire schuld van Korterink te Collendoorn ad f. 237,50
  8. de van dezelve schuld op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procent, ten bedrage van f. 8,90¼
  9. de hiervoren sub IV onder nr. 8 vermelde hijpothecaire schuld van Christina van Regteren, weduwe en boedelhoudersche van wijlen Jan Meuleman te Heemse, ad f. 500,-
  10. de van dezelve schuld op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procent, ten bedrage van f. 5,60½
  11. de hiervooren sub IV onder nr. 9 vermelde schuld van Wessel Veurink en vrouwe te Gramsbergen ad f. 200,-
  12. de van dezelve schuld op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vier procento, ten bedrage van f. 4,93
  13. de hiervooren sub nr. 9a onder IV vermelde praetensie ten laste van Derk Odink te Heemse, per resto nog groot f. 825,-
  14. de van dezelve restante schuld op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procent, ten bedrage van f. 9,53
  15. de hiervoren sub IV onder nr. 10 vermelde praetensie ten laste van denzelfden Derk Odink, ad f. 600,-
  16. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procent, ten bedrage van f. 8,48½
  17. de hiervoren sub IV onder nr. 11 vermelde praetensie ten laste van Hannes Niezink en vrouwe te Heemse, ad f. 300,-
  18. de van dezelve praetensie op den twaalfdne augustus laatstleden verschenen rhenten ad vier en drie-vierde procento, ten bedrage van f. 9,21
  19. de hiervoren sub IV onder nr. 12 vermelde praetensie ten laste van Hendrik Bosman te Radewijk, per resto nog groot f. 300,-
  20. de van dezelve restante praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 3,83
  21. de hiervoren sub IV onder nr. 13 vermelde praetensie ten laste van Hermannus Vinke Janszoon en vrouwe te Heemse, ad f. 100,-
  22. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 1,92½
  23. de hiervoren sub IV onder nr. 14 vermelde praetensie ten laste van Seine Bolks en vrouwe te Heemse ad f. 100,-
  24. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 0,86
  25. de hiervoren sub IV onder nr. 15 vermelde praetensie ten laste de hoogwelgeborene vrouwe Johanna Geertruida douairiere baronesse van Coeverden, geboren le Chastelain, vrouwe van Gramsbergen, ad f. 1000,-
  26. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 9,89½
  27. de hiervoren sub IV onder nr. 16 vermelde praetensie ten laste Hendrik Goorhuis te Baalder, ad f. 200,-
  28. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 0,86
  29. de hiervoren sub IV onder nr. 17 vermelde praetensie ten laste Jan Harmen Zweers Jasperszoon te Hardenbergh en vrouwe, ad f. 400,-
  30. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procent, ten bedrage van f. 19,87
  31. de hiervoren vermelde praetensie sub IV onder nr. 18 ten laste van Berendina Rustenbergh en Jan Odink te Heemse, ad f. 500,-
  32. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 20,67
  33. de hiervoren sub IV onder nr. 19 vermelde praetensie ten laste van Evert Bouwhuis en vrouwe te Heemse, ad f. 100,-
  34. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 2,84
  35. de hiervoren sub IV onder nr. 20 vermelde praetensie ten laste van Jan Veldsink en vrouwe te Heemse ad f. 100,-
  36. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 2,66½
  37. de hiervoren sub IV onder nr. 21 vermelde praetensie ten laste van Albert Kromhoff en vrouwe te Heemse ad f. 200,-
  38. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 2,10½
  39. de hiervoren sub IV onder nr. 22 vermelde praetensie ten laste van Lambert Uilenkamp te Diffelen ad f. 100,-
  40. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 1,41½
  41. de hiervoren sub IV onder nr. 23 vermelde praetensie ten laste Hendrikus Creemer te Hardenbergh ad f. 500,-
  42. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verscheenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 19,57
  43. de hiervoren sub IV onder nr. 24 vermelde praetensie ten laste Jan van Munster Frederikszoon te Hardenbergh, ad f. 250,-
  44. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 7,70½
  45. de hiervoren sub IV onder nr. 25 vermelde praetensie ten laste van Roelof Bolks en van Evert Bolks te Bergentheim ad f. 100,-
  46. de van dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenen rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 1,31½
  47. de hiervoren sub IV onder nr. 26 vermelde praetensie ten laste van Evert Bouwhuis en vrouwe te Heemse ad f. 100,-
  48. de hiervoren sub IV onder nr. 27 vermelde praetensie ten laste Jannes Meuleman en vrouwe te Heemse ad f. 100,-
  49. de hiervoren sub IV onder nr. 28 vermelde acceptatie ten laste van Jan Odink te Heemse ad f. 450,-
  50. de op dezelve acceptatie berekende rhente ad vijf procento tot en met den twaalfden augustus laatstleden, ten bedrage van f. 4,96
  51. de hiervoren sub IV onder nr. 29 vermelde praetensie ten laste van Seine Bolks te Heemse ad f. 100,-
  52. de op dezelve praetensie op den twaalfden augustus laatstleden verschenene rhenten ad vijf procento, ten bedrage van f. 1,45½
  53. de hiervoren sub IV onder nr. 30 vermelde werkelijke nationale schuld, ter waarde naar prijs-courant van f. 496,-
  54. de op dezelve schuld tot den twaalfden augustus laatstleden verscheenen rhenten ad twee en een half procent, ten bedrage van f. 3,90½
  55. de hiervoren sub IV onder nr. 31 vermelde nationale uitgestelde schuld, ter waarde van naar prijs-courant f. 21,-
  56. van Jannes Meuleman en vrouwe Gezina Vinke te Heemse wegens aan dezelve op den negen en twintigsten december achttienhonderd en negentien geleende gelden, de somma van f. 50,-
  57. van Christina van Regteren, weduwe Jan Meuleman te Heemse, wegens op den vierden junij en derden augustus achttienhonderd en twintigh geleende gelden, de summa van f. 17,-
  58. van Jan Odink Derkszoon te Heemse, wegens op den vierden junij achttienhonderd en twintigh geleende gelden, de summa van f. 100,-
  59. van Albert Kromhoff te Heemse, wegens op den twee en twintigsten april achttienhonderd en twintigh geleende gelden, de summa van f. 22,-
  60. van Gerrit Ballast te Collendoorn, wegens restante pacht en verpondinge, de summa van f. 50,12½
  61. van Gerrit Jan Ballast te Collendoorn, wegens restante pacht en verpondinge, de summa van 86,37½
  62. van Hendrik Hamhuis te Collendoorn, wegens restante pacht en verpondinge, de summa van f. 83,70
  63. van Jan Hendrik Odink te Collendoorn, wegens restante pacht en verpondinge, de summa van f. 21,55
  64. van Albert Roelofsz. Creemer, wegens restante pacht en verpondinge, de summa van f. 27,-
  65. van Jan Hendrik Korterink te Collendoorn, wegens oude rhenten en pachten, de summa van f. 72,-
  66. van Hendrik van Faassen te Collendoorn, wegens achterstallige pachten en verpondingen, de summa van f. 210,10
  67. van den boedel en gemeenschap van den heer eersten rekwirant en declarant jonkheer Jacob van Foreest van Heemse en dezes wijlen ehevrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren, wegens in denzelven tot afdoening van boedelschulden voor geschootene comptante gelden, de summa van f. 6.175,-
  68. van denzelfden boedel en gemeenschap wegens in denzelfden tot afdoening van boedelschulden verstrekte zeven en veertigh duizend tweehonderd guldens aantwee en een half procento nationale schuldbrieven, berekend tegen den verkoosprijs a drie en veertigh procent ter summa van f. 20.296,-
  69. van denzelfden boedel en gemeenschap wegens in denzelven tot afdoening van boedelschulden verstrekte drie uitgelootte kambilletten van ieder eenduizend guldens nationale schuld, berekend tegens den verkoopsprijs ad veertig procent ter summa van f. 1200,-
  70. van denzelven boedel en gemeenschap wegens in denzelven tot afdoening van boedelschulden verstrekte vijf stuks vijf procento Russische obligatiën, berekend tegens den verkoopsprijs ad negen en tachtigh en een half procent ter summa van f. 4.475,-
  71. van den heer Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris te Hardenbergh, wegens ten dezen jaare voor wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, verpagtte hooijlanden en tiende, de summa van f. 175,-

Tezaamen: f. 43.472,34

Zijnde echter hiertegens de onderhavige boedel en gemeenschap verschuldigd:

  1. aan den heer rekwirant en declarant jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, weduwenaar en boedelhouder van wijlen den hooggeborene vrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren, wegens gedaane verschotten voor begraaffeniskosten van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hoogwelgeborene vrouwe Ermgard Ebella Juliana baronnesse van Raesfelt, de somma van f. 128,70
  2. aan denzelfden voor ten behoeve van den onderhavigen boedel en gemeenschap betaalde directe belastingen en vheefonds, de summa van f. 114,81
  3. aan denzelfden voor voorgeschootene gelden tot continuatie der huishouding van den onderhavigen boedel en gemeenschap tot den dag van heeden, de summa van f. 54,70½
  4. aan den knecht van den overledenen hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, met naame Hermannus Bolks, voor zijn lopend halve jaar loon, de summa van f. 35,-
  5. aan denzelfden, als door wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren begeerde douceur, de summa van f. 50,-
  6. aan de meid van den overleden in hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, met naame Geertjen Beetjen, van haar lopend halve jaar loon, de summa van f. 22,-
  7. aan dezelve, als door wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren, begeerd douceur, gelijk staande aan een dubbeld jaarloon, de summa van f. 88,-
  8. aan heer Antoni van Riemsdijk te Hardenbergh, wegens het aandeel van wijlen den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn in de kosten der leezing van de Hamburger Couranten en het Politiek Journaal ten jaaren achttienhonderd negen, tien en het eerste kwartaal van achttienhonderd en elf, de summa van f. 16,25
  9. aan denzelfden wegens moeiten, kosten en verschotten voor den hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn tijdelijk aangewend ter liquidatie met notaris Buddius te Utrecht wegens de nalatenschap van wijlen zijn hoogwelgeborene’s wijlen zuster Sophia Clasina Maria gravinne van Rechteren, de summa van f. 17,60
  10. aan denzelven wegens door wijlen den hoogwelgeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn te betalen aangenomen een-derde in de kosten der fluiten voor de pijpers van den landstorm of schutterij ter deezer gemeente, de summa van f. 5,-
  11. aan denzelven, qua notaris, de kosten van vacatie, zegel, expeditie, registratie enzovoort, competeerende van de hiervooren sub IV tituls en papieren onder nr. 2 geinventariseerde testamente, ter summa van f. 9,19
  12. aan denzelven, qua medicinae doctor, wegens aan den overledene hooggeboren gestrengen heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren tot Collendoorn, in deszelfs laatste ziekte ten lopenden jaare tot aan deszelfs sterfdag toe beweezene genees- en heelkundige diensten, mitsgaders geleverde genees- en heelmiddelen, de summa van f. 204,25

Tezamen f. 795,50½

En heeft de heer declarant, met verklaring dat alhier niet heeft kunnen opgegeven eene vermoedelijke praetensie ten laste der onderhavigen boedels en gemeenschap van den heer wijnkoper Houwink te Meppel, als zijnde zijn hoogwelgeboorene dezelve, op deszelfs daartoe intijds gedaane requisitie, nog niet toegehouwen en waaromtrend bij deezen alzo verklaard te willen zijn en blijven salvis rechtens en ongepraejuditieerdt, alhier, na voorleezing, geteekendt.

Tot al het bovenstaande heeft men op heeden gevaceerdt bij vier dubbelde vacatie van des voordemiddaags elf uuren tot des avonds negen uuren, en alzo geduurende tien achtereenvolgende uuren van denzelfden dag. En voorts niets meer aanwezig of gevonden zijnde om op dezen staat en inventaris te bevatten, is al hetgeen daarbij vermeld gelaaten en verbleeven in het bezit, beheer en bewaring van den heer eersten rekwirant, de hoogwelgeboren heer jonkheer Jacob van Foreest van Heemse, weduwenaar en boedelhouder van wijlen de hoogggeboorene vrouwe Maria Clara gravinne van Rechteren, als bewaarder en vruchtgebruiker, die dit dan ook erkend en zich tevens belast om al hetzelve wederom te voorschijn te brengen en te verantwoorden wanneer en aan wie zulks behooven zal. En heeft de gemelde heer eerste rekwirant, bewaarder en vruchtgebruiker, ten overstaan en in tegenwoordigheid van de voormelde en hier ondergetekende getuigen, in handen van ons notaris, den eed afgelegd, van niets te hebben weggemaakt, nog gezien te hebben, noch te weten dat iets is weggemaakt geworden van de goederen des boedels en gemeenschap ten deezen vermeld; op de straffe bij de wet bepaald die hem zijn uitgelegd geworden, in tegenwoordigheid van de voormelde en hier ondergetekende getuigen, door ons notaris en dien hij alzo gezegd heeft wel te verstaan.

En hebben eindelijk de parthijen (de heer eerste rekwirant tevens als bewaarder en vruchtgebruiker alhier), benevens de voormelde getuigen enons notaris, na duidelijke voorlezing, getekendt ten jaare, daage, uure en plaatse, als boven.