Notarieel Repertorium Hardenberg, inv. nr. 1959, akte 261

Op heeden den zesden maart 1815, des agtermiddags om twee uuren, ten huize van Berendina Rustenbergh, weduwe van wijlen Derk Odink, logementhoudersche, wonende op den Rustenbergh te Heemse, gemeente Hardenbergh, in tegenwoordigheid van den heer Roelof van Langen, gepensioneerd luitenant, en van Frederik Zweers, timmerman, beide wonend ter Steede Hardenbergh, als hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, hebben wij Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, resideerende ter Steede Hardenbergh voormeld, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deveneter, provincie Overijssel, ten verzoeke van Lubbert Stoeten, landbouwer, wonende te Rheeze in deeze gemeente, publiek aan de meestbiedende verkogt de hier nagenoemde vaste goederen, alle gelegen te Rheeze voorschreven in den Grooten Esch aldaar:

1e parceel:

De Noordkamp, geleegen tusschen de landen van Hannes Heersmink en Jan Koerts Berendszoon, door heeren repartiteurs begroot op een mudde gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op drie gulden twaalf stuivers jaarlijks. De inzaate is bepaald op een gulden, de wijnkoop op vijftien stuivers, het armgeld op acht stuivers en het afslagersgeld op twaalf stuivers. Is ingezet door Jan Stoeten te Rheeze voor 128 guldens. Dezelve heeft gehoogt twee guldens. Jan Warmink te Rheeze heeft gehoogt tien guldens. En heeft vervolgens Harm Timmerman te Rheeze dit parceel afslag gemijnd voor 144 guldens.

2e parceel:

De Vuile Stukjes, geleegen tusschen de landen van Hannes Heersmink, door heeren repartiteurs begroot op drie schepels gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op twee guldens en veertien stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op aggtien stuivers, de wijnkoop op vijftien stuivers, het armgeld op agt stuivers en het afslagersgeld op twaalf stuivers. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor 103 guldens. Dezelve heeft gehoogt vijf guldens. Jan Warmink te Rheeze heeft gehoogt met tien guldens. En heeft vervolgens Jan Koerts Berendszoon te Rheeze dit parceel bij den afslag gemijnd voor 127 guldens.

3e parceel:

De Kerkbree, tusschen de landen van Herm Timmerman en den heere Jacob van Foreest, door heeren repartiteurs begroot op anderhalf mudde gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op vijf guldens en agt stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op agttien stuivers, de wijnkoop op vijftien stuivers, het armgeld op agt stuivers en het afslagersgeld op twaalf stuivers. Is ingezet door Jannes Stoeten te Rheeze voor 126 guldens. Dezelfde heeft gehoogt met vier guldens. Jan Oldemeijer te Rheeze heeft gehoogt met tien guldens. En heeft vervolgens Jan Stoeten te Rheeze dit parceel bij den afslag gemijnd voor 145 guldens.

4e parceel:

Het Nijëland, geleegen ten westen het land van Hannes Heersmink, met het daarbij staande schapeschot, hetwelk met primo januari 1816 zal kunnen worden aanvaard en tot daartoe voor perikel en risico van verkoop staat, dit parceel is door heeren repartiteurs begroot op een mudde gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op twee guldens en twaalf stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op een gulden en vijf stuivers, de wijnkoop op een gulden, het armgeld op twaalf stuivers en het afslagersgeld op zestien stuivers. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor 130 guldens. En heeft vervolgens Harm Timmerman te Rheeze voormeld dit parceel bij den afslag gemijnd voor 135 guldens.

5e parceel:

De Hartkamp of Stadskamp, geleegen tusschen het land van Hillegien Scholten, weduwe Veurink en de publieke weg, door heeren repartiteurs begroot op een half schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslaagen voor zeven stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op agt stuivers, de wijnkoop op zes stuivers, het armgeld op twee stuivers en het afslagersgeld op vier stuivers. Is ingezet door Jan Oldemeijer te Rheeze voor 15 guldens en 11 stuivers. Dezelfde heeft gehoogt met vier guldens en negen stuivers. En heeft vervolgens Jan Stoeten te Rheeze dit parceel bij de afslag gemijnd voor 25 guldens.

6e parceel:

Het Teystukjen, geleegen tusschen de landen van den heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren en Jannes Stoeten, door heeren repartiteurs begroot op een schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op dertien stuivers jaarlijks. Is ingezet door Derk Weelink te Rheeze voor 36 guldens. Dezelfde heeft gehoogd met een gulden en negen stuivers. En heeft vervolgens Jannes Stoeten te Rheeze dit parceel den afslag gemijnd voor 42 guldens.

7e parceel:

Het Bergjen, geleegen ten oosten het land van Jannes Schotlen, door heeren repartiteurs begroot op een en een half schepel gezaaij, de huurwaarde aangeslagen op negentien stuivers en agt penningen jaarlijksch.

Is ingezet door Berend Koerts te Rheeze voor 70 guldens. En heeft vervolgens dezelve dit perceel bij de afslag gemijnd voor 70 guldens.

8e parceel:

De Weglange, geleegen tusschen de landen van Jannes Scholten en den heere Christiaan Lodewijk grave van Rechteren, door heeren repartiteurs begroot op drie schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op twee gulden en veertien stuivers jaarlijks. Is ingezet door Jan Oldemeijer te Rheeze voor 115 guldens en 11 stuivers. Jannes Scholten te Rheeze heeft gehoogd met 4 guldens en 19 stuivers. Jan Oldemeijer hoogt nog met 10 guldens. En heeft vervolgens Hendrik Jan Kampman te Rheeze dit parceel bij de afslag gemijnd voor 146 guldens.

9e parceel:

Het hooge Uurland, geleegen tusschen de landen van de weduwe Scholten en Jan Koerts Berendszoon, door heeren repartiteurs begroot op een en een half schepel gezaaij en in huuwaarde aangeslagen op een gulden en zeven stuivers jaarlijks. Is ingezet door Gerrit Jan Scholten te Rheeze voor 75 guldens en 15 stuivers. Jan Warmink te Rheeze heeft gehoogt met vijf guldens en vijf stuivers. En heeft vervolgens Gerrit Jan Scholten dit parceel bij den afslag gemijnd voor 83 guldens.

10e parceel:
Het lage Uurland, gelegen tuschen de landen van de weduwe Scholten en Jan Koerts Berendszoon, door heeren repartiteurs begroot op een en een half schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op een gulden en zeven stuivers jaarlijks. Is ingezet door Gerrit Jan Scholten voor 74 guldens en 15 stuivers. En heeft vervolgens dezelve dit parceel bij den afslag gemijnd voor 74 guldens en 15 stuivers.

11e parceel:

Den Revelink, geleegen tusschen de landen van Jan Warmink en Jan Koerts Berendszoon, door heeren repartiteurs begroot op drie en een half schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op twee guldens en agt penningen jaarlijks. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor 141 guldens. En heeft vervolgens dezelve dit parceel bij den afslag gemijnd voor 141 guldens.

12e parceel:

Het Gruppestukjen, gelegen tusschen de landen van de weduwe Scholten en Jan Koerts Berendszoon, door heeren repartiteurs begroot op een schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op agttien stuivers ‘sjaarlijks. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor 35 guldens. Harm Timmerman te Rheeze heeft gehoogd met zes guldens. En heeft vervolgens Jan Stoeten te Rheeze dit parceel bij den afslag gemijnd voor 42 guldens.

13e parceel:

De Veldbraake, gelegen tusschen de landen van de heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren en Derk Weelink, door heeren repartiteurs begroot op een schepel en drie spind gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op negentien stuivers en acht penningen ‘sjaarlijks. Is ingezet door Jan Warmink te Rheeze voor 65 guldens en 10 stuivers. Harm Timmerman heeft gehoogd met 6 guldens en 10 stuivers. En heeft vervolgens Derk Weelink te Rheeze dit parceel bij den afslag gemijnd voor 81 guldens.

14e parceel:

De Koele met het halve Plaggenland daarnaast, geleegen tusschen de landen van Jan Warmink en de heere Jacob van Foreest, door heeren repartiteurs begroot op twee spind gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op negen stuivers jaarlijks. Is ingezet door Jan Stoeten voor 35 guldens. En is vervolgens dit stuk bij den afslag verbleeven voor denzelven Jan Stoeten op 35 guldens.

15e parceel:

De Koele met het ander halve Plaggeland geleegen tusschen landen van Willem Brinkjan te Baalder en de weduwe Scholten te Rheeze, door heeren repartiteurs begroot op drie spind gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op dertien stuivers en agt penningen jaarlijks. Is ingezet door Jannes Stoeten voor 38 guldens. En vervolgens is dit parcel bij den afslag verbleven voor den zelven Jan Stoeten voor 38 guldens.

16e parceel:

Het Vechtstukjen tusschen de landen van Jannes Heersmink te Rheeze en Jan Odink te Heemse; door heeren repartiteurs begroot op twee spind gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op negen stuivers jaarlijks. Is ingezet door Derk Weelink te Rheeze voor 6 guldens en 11 stuivers. Dezelve heeft gehoogd 2 guldens en 9 stuivers. En heeft vervolgens Derk Weelink te Rheeze dit perceel bij den afslag gemijnd voor 13 guldens.

17e parceel
Een vierde dagwerk groenland in het Ruimhoekjen, door heeren repartiteurs aangeslagen op eene huurwaarde van vijftien stuivers jaarlijks. Is ingezet door Jan Oldemeijer te Reehze voor 68 guldens en 11 stuivers. Dezelve heeft gehoogd 3 guldens en 9 stuivers. En heeft vervolgens dezelve dit parceel bij den afslag voor 74 guldens gemijnd.