Notarieel Repertorium Hardenberg, inv. nr. 1955, akte 38

In het jaar eenduizend, achthonderd en twaalf, den zevenentwintigsten der maand julij, des agtermiddaags om een uur, ten huize van wijlen Jan Hendrik van Welbergen, in leven landbouwer en van deszelfs nog in leven zijnde weduwe Regina Kragt, nr. 4 in de buurtschap Rheese, gemente en kanton Hardenbergh.

Ten verzoeke van dezelve Regina Kragt, zo uit hoofde van de tusschen haar en haaren voormelden wijlen echtgenoot Jan Hendrik van Welbergen ingevolge de wet bestaan hebbende gemeenschap van goederen, als in kwaliteit van vruchtgebruikster der nalaatenschap van haaren voorzeiden wijlen echtgenoot, daartoe benoemd bij deszelfs testamente of acte van uiterste wille op den tweeden junij laatstleden van den ondergeteekenden notaris Antoni van Riemsdijk en getuigen gepasseerdt en op den vijftienden deezer behoorlijk ten bureele Ommen geënregistreerdt.

Zoo als ook ten verzoeke en in tegenwoordigheid van den broeder van voorzeiden wijlen Jan Hendrik van Welbergen met naame Egbert van Welbergen, landbouwer, woonende in den Veldhoek, buurtschap Lenthe, gemeente Dalfsen, in dit arrondissement, in kwaliteit als bij voorzeide testamente benoemden erfgenaam der nalatenschap zijnes meergemelden broeders wijlen Jan Hendrik van Welbergen, alles invoegen als bij dezelve testamente, welke aan hun partijen, in tegenwoordigheid der na te meldene en hier ondergetekende getuigen, door ons ondergeteekende notaris, op hunlieder verzoek, duidelijk is voorgeleezen en met de dispotiën waarvan zij, ieder afzonderlijk, verklaarden volkomen te vreeden te zijn.

Zijnde de voorzeide partiën comparanten bekwaam om zich als vruchtgebruikster en erfgenaam respective der nalatenschap van haare voorzeiden wijlen man en broeder te gedragen.

Tot de bewaaring van rechten van partijen en van alle anderen, die daarbij belang zouden hebben, wordt door ons Antoni van Riemsdijk, keizerlijk notaris, resideerende te Hardenbergh, kanton Hardenbergh, arrondissement Deventer, departement der Monden van den IJssel, in tegenwoordigheid van Hannes Heersmink, landbouwer, en van Hendrik Dunnewind, timmerman, beide woonende te Rheese voormeld, de eerste in nr. 25 en de tweede in nr. 5, als hiertoe expresselijk verzogtte getuigen, toegetreeden tot de inventarisatie en beschrijving van alle onroerende en roerende goederen, rechten, vhee, meubilen en gereedschappen tot den huishouding, kleederen, linnen, zilverwerk, titels en andere papieren, in- en uitschulden en in het algemeen van alle onroerende en roerende goederen behoorende tot de gemeenschap die tusschen haar Regina Kragt en wijlen haaren echtgenoot Jan Hendrik van Welbergen bestaan heeft en alzo voor de halfscheid tot de nalatenschappen van den laatstgemelden behooren.

En zijn alle de voorschreeven goederen aangeweezen, opgegeven en ten voorschijn gebragt door gemelde Regina Kragt, die na het overlijden van haaren voorzeiden wijlen man Jan Hendrik van Welbergen op den zevenden der vorige maand voorgevallen, in dezelver bezit was gebleeven. De begrooting der geoderen zal gedaan worden door Albert Vedelaar, schoenmaker, woonende in nr. 40 te Heemse, in dit kanton, in qualiteit als benoemden commissaris-schatter en op verzoek van de comparanten als zodanig voor het Vredegericht van dit canton beëdigd, luid het proces-verbaal van de Vrederichter van dit canton van de derden deezer, op den zesden daaraanvolgende behoorlijk ten bureele Ommen geregistreerd. En hebben de partijen (exept Regina Kragt, die verklaarde nimmer te hebben kunnen teekenen of schrijven) benevens de commissaris-schatter, de getuigen en ons notaris, na gedaane voorleezing alhier geteekend.

Dit gedaan zijnde is men overgegaan tot de inventarisatie, in maniere navolgende:

I. Vaste goederen en rechten:

Een woonhuis met deszelfs grond en wheere, bestaande uit eene keuken en deele, en staande en geleegen in meergemelde buurtschap Rheese onder nr. 4, op den zogenaamden Hulstkamp, met de daartoe gehoorende landen, liggende naast elkanderen van en terzijden van gemelde huis, hebbende ten oosten den zogenaamde Holtkamp van de weduwe Scholten te Rheese, ten westen eenen gemeenen weg na den zogenaamde Rheezer Marsch, ten zuiden het land van Hendrik Dunnewind te Rheese en denzelfden Rheezer-Marsch en ten noorden den kamp van denzelven Hendrik Dunnewind, tezaamen ter grootte van ongeveer (drie mudden en een schepel) twee en negentig ares en tweehonderd vierenvijftig milli-ares, mitsgaders met het recht van een vierde whaardeel in de onverdeelde markte van Rheeze, tezaamen begroot op de somma van (zevenhonderd guldens) eenduizend, vierhonderd en zeventigh francs.

II. Vhee:

  1. een blaauwe schimmelde koe, begroot op vijfendertigh guldens
  2. een ligtbonte koe, begroot op vijfendertigh guldens
  3. een blaauw schimmelde vaarsse, begroot op vierentwintigh guldens
  4. een bonte kat, begroot op vier stuivers

III. Roerende goederen etc.:

In de keuken, uitziende op voormelden Hulstkamp:

  1. een tafel van dennenhout, ongeverfd, begroot op een gulden en vijf stuivers
  2. een klein neerslag-tafeltjen van hetzelfde hout, begroot op agttien stuivers
  3. een groote neerslag-tafel van hetzelfde hout, bruin geverfd, begroot op een gulden en agt stuivers
  4. een meeltonnetjen, begroot op zes stuivers
  5. vijf stoelen, begroot op vijfendertigh stuivers
  6. een karne en een melkkuven, mitsgaders eene melkseije, tezaamen begroot op een gulden en agt stuivers
  7. twee emmers, tezaamen begroot op een gulden en twee stuivers
  8. twee ijzeren potten, tezaamen begroot op een gulden en vier stuivers
  9. twee roode aardene potten, tezaamen begroot op vijf stuivers
  10. twee keulsche aarden potten, tezaamen begroot op vijftien stuivers
  11. een geelkoperen waschketel, begroot op zes guldens
  12. een kleindere geelkoperen waschketel, begroot op drie guldens en vijf stuivers
  13. een koekenpan met zijn hangijzer, tezaamen begroot op een gulden en twee stuivers
  14. een ijzeren schuimer, begroot op drie stuivers
  15. twee houten potlepels, begroot op een stuiver
  16. een hakmes, begroot op twaalf stuivers
  17. een wittelkwast, begroot op drie stuivers
  18. een aarden kan, begroot op twee stuivers
  19. twee roode aarden potjes, begroot op twee stuivers
  20. drie en twintigh aarden schotels, tezaamen begroot op vier guldens en twaalf stuivers
  21. een aarden kom, begroot op twee stuivers
  22. zes aarden telders, begroot op twaalf stuivers
  23. twee tinnen borden, begroot op agttien stuivers
  24. drie tinnen schotels, tezaamen begroot op drie guldens
  25. een kooperen beddepan, begroot op een gulden en tien stuivers
  26. twee spinnewielen, tezaamen begroot op drie guldens en zes stuivers
  27. twee haspels, tezaamen begroot op een gulden en vier stuivers
  28. een vleeschvat, begroot op vijftien stuivers
  29. een bakbalie, begroot op twaalf stuivers
  30. een paar schaatzen, begroot op zes stuivers
  31. een paar vlaschhekeltjes, begroot op drie stuivers
  32. een lamptaarn, begroot op agt stuivers
  33. een balans met houten schaalen, begroot op vier stuivers
  34. eenig oud ijzerwerk, begroot op agt stuivers
  35. een draagzeel, begroot op twee stuivers
  36. een hartvanger, begroot op vijf stuivers
  37. een snaphaan, begroot op drie guldens
  38. een rotting met een degen en twee dito zonder, tezaamen begroot op twaalf stuivers
  39. zes flesschen, tezaamen begroot op zes stuivers
  40. vijf tinnen borden, tezaamen begroot op twee guldens en tien stuivers
  41. een dito, begroot op vijf stuivers
  42. twee tinnen kandelaars, begroot op twaalf stuivers
  43. een tinnen theepot en een tinnen peperbosch, tezaamen begroot op vijftien stuivers
  44. drie roodkoperen koffijketels, tezaamen begroot op vijf guldens en tien stuivers
  45. twee porceleinen theebossen, tezaamen begroot op zestien stuivers
  46. tien aarden theeschoteltjes en zeven dito kopjes, tezaamen begroot op twaalf stuivers
  47. een aarden theepot en een dito melkkan en zoutvat, tezaamen begroot op zes stuivers
  48. een aarden booter- en een melkpot, tezaamen begroot op zes stuivers
  49. een zeepdoos en scheermes, tezaamen begroot op agt stuivers
  50. twee koffijmolens, tezaamen begroot op een gulden en vier stuivers
  51. twee lepelborden met zestien tinnen lepels en drie ijzeren fourchetten, tezaamen begroot op een gulden en vier stuivers
  52. twee tinnen kannetjes, tezaamen begroot op vier stuivers
  53. een hangklok, begroot op tien guldens
  54. een paar geelkoperen schaalen, tezaamen begroot op twaalf stuivers
  55. een blikken koffijkan, begroot op agt stuivers
  56. vijf drinkglaazen, tezaamen begroot op vijf stuivers
  57. twee castanje potten, te zaamen begroot op twee stuivers
  58. een strijkijzer, begroot op tien stuivers
  59. drie messen, tezaamen begroot op twee stuivers
  60. een pannekoekenspatel, begroot op zes stuivers
  61. een spiegel, begroot op twaalf stuivers
  62. een zeef, begroot op agt stuivers
  63. een schotel-rik, begroot op tien stuivers
  64. een ijzeren rooster, begroot op agt stuivers
  65. een unster, begroot op twaalf stuivers
  66. een balansjen met twee schaaltjes, tezaamen begroot op twee stuivers
  67. een hamer met een boor, tezaamen begroot op vijf stiuvers
  68. een hanglamp en kandelaar van blik, tezaamen begroot op agt stuivers
  69. een handstoffer, begroot op vier stuivers
  70. een haal en handhaal, tezaamen begroot op een gulden
  71. een lamphaal, begroot op vijf stuivers
  72. een tang, een asschop, een vuurlepel en een blaaspijp, tezaamen begroot op een gulden
  73. een koperen hanglamp, begroot op agttien stuivers
  74. twee stoelkussens, tezaamen begroot op een gulden en vier stuivers
  75. twee schoorsteenwalletjes, tezaamen begroot op een gulden en vier stuivers
  76. een paar bedgordijnen met hunne val, tezaamen begroot op een gulden en tien stuivers
  77. twee bedden, twee peuluwen, zes kussens, vier beddelakens en twee kussensloopen, tezaamen begroot op twee en dertigh guldens
  78. een glazekast, begroot op zes guldens
  79. een kleerkast, begroot op dertien guldens
  80. een manshoed en mutz, tezaamen begroot op vijftien stuivers
  81. een pijebuis, begroot op vijf guldens
  82. een bruin lakensche mans-rok, begroot op drie guldens en tien stuivers
  83. een bombazijden vest, begroot op agttien stuivers
  84. een zwart trijpen broek, begroot op een gulden en tien stuivers
  85. een paar grijze wollen kousen, begroot op zes stuivers
  86. een zwart laakens camisool, begroot op drie guldens
  87. een witte pellen borstrok, begroot op een gulden en tien stuivers
  88. twee lapjes linnen, te zaamen lang twee en twintig ellen, tezaamen begroot op agt guldens en zestien stuivers
  89. twee en dertigh zilveren borstrokknoopen, zonder meer kenbaar keur, wegende, gewoogen bij gebrek van ander daartoe geschikt gewigt, met het alhier gebruikelijke medicaale, ter zwaarte van negen en veertigh grammes en driehonderd en veertigh milligrammes, begroot op drie guldens en zeventien stuivers

Op de deele:

  1. drie ladders, tezaamen begroot op twee guldens en vijf stuivers
  2. een ton, begroot op een gulden en zes stuivers
  3. een krui-wagen, begroot op tien stuivers
  4. een balie, begroot op zes stuivers
  5. een schop, een greep en een hooijvork, tezaamen begroot op een gulden en twee stuivers
  6. een seis, begroot op twaalf stuivers
  7. drie koe-kettings, tezaamen begroot op een gulden en tien stuivers
  8. drie vlegels, tezaamen begroot op zes stuivers
  9. een spindvat, begroot op vijftien stuivers
  10. een wan, begroot op drie stuivers
  11. een vlaschbraake, begroot op veertien stuivers

IV. Titels en papieren:

  1. de in het hoofd deezer vermelde testamente van Jan Hendrik van Welbergen voorschreeven, gepasseerd voor denondergetekenden notaris en getuigen op den tweeden der vorige maand, waarbij, zoals voormeld tot vruchtgebruikster zijner nalatenschap heeft gesteld zijne echtgenoote Regina Kragt en tot zijnen erfgenaam zijnen broeder Egbert van Welbergen, de partien comparanten in deezen. Zijnde deeze testamente copieel gequoteerd en geparapheerd door den ondergetekenden notaris als een enkel stuk en gebragt op dezen inventaris onder nr. 1.

V. Opgaaven van uit- en inschulden:

Door Regina Kragt, weduwe van wijlen Jan Hendrik van Welbergen wordt verklaardt dat op het overlijden van denzelven haaren man zich geene comptante penningen in haaren gemeenschappelijken boedel hebben bevonden, doch dat de gemeenschap is te goede hebbende van Teunis Lemmers te Raalte, wegens aan denzelve aldaar verkogt woonhuis met land en gaarden, de somma van zevenhonderd en zeventigh guldens.

Men is beezig geweest van des namiddaags om een uur voornoemd tot dat de klok zeven uuren des avonds geslaagen was, met eene dubbelde vacatie, besteed zo tot het opmaken van het bovenstaande hoofd van den inventaris, als tot de beschrijving en waardering van de hier voren geïnventariseerde goederen, welke al gelaaten zijn in het bezit en de bewaaring van Regina Kragt, weduwe van wijlen Jan Hendrik van Welbergen, die zulks ook erkend en zich belast om dezelven weder te voorschijn te brengen of te verantwoorden wanneer en aan wien zulks behooren zal, en is de vacatie tot het vervolgen van deezen inventaris uitgesteld tot en bepaald op aanstaande woensdag, den negen en twintigsten deezer, des agtermiddaags om een uur. En hebben de partijen en de commissaris-schatter, benevens de getuigen en notaris, na gedaane voorleezing, alhier geteekend, exept Regina Kragt, weduwe van wijlen Jan Hendrik van Welbergen, die bij voortduuring verklaarde nimmer te hebben kunnen teekenen of schrijven.

Tweede vacatie:

En ten voorzeiden daage, woensdag, den negen en twintigsten julij van het jaar eenduizend achthonderd en twaalf, des agtermiddaags om een uur, ingevolge de bepaaling van het slot der voorgaande vacatie gemaakt, wordt door den ondergetekenden notaris, Antoni van Riemsdijk, resideerende te Hardenbergh, kanton Hardenbergh, arrondissement Deventer, departement der Monden van den IJssel, in tegenwoordigheid van de nabenoemde en hier ondergetekenden Gerrit Jan Scholten en Hendrik van den Marsch, bouwlieden van beroep, woonende in de buurtschap Rheese, kanton Hardenbergh, de eerste in nr. 15 en de tweede in nr. 7, als daartoe expresselijk verzochtte getuigen, de voorschreeven inventarisatie vervolgd, ten verzoeke, ter praesentie en in kwaliteiten, als hiervooren, uitgezonderd van de commissaris-priseur, die bij de voorige vacatie zijne functiën heeft geëindigd, in maniere navolgende:

V. Vervolg der opgaaven van uit- en inschulden:.

Noch wordt door Regina Kragt, weduwe van wijlen Jan Hendrik van Welbergen opgegeven, dat de tusschen haar en haaren voormelden wijlen man bestaan hebbende gemeenschap is te goede hebbende van Jannes van Rijssen te Raalte wegens resteerende pagt van het bij de voorige vacatie vermelde woonhuis, land en gaarden te Raalte, de somma van zes en veertigh guldens.

Dan hier en tegen verklaard dezelve Regina Kragt dat de gemeenschap schuldig is:

  1. aan de medicinae doctor Van Riemsdijk te Hardenbergh, de somma van vier guldens en agt stuivers wegens gedaane visite en geleverde medicamenten aan haaren voormelden wijlen man
  2. aan de koopman Hermannus Vinke Janszoon te Heemse wegens geleverde winkelgoederen en voerage voor het vhee, de summa van agttien guldens en vijftien stuivers
  3. aan Jannes Scholten te Rheeze wegens geleend geld, de summa van een gulden, drie stuivers en twaalf penningen
  4. aan de koopman Jan van der Heide te Hardenbergh wegens geleverde winkelgoederen, de summa van drie guldens, zes stuivers en twee penningen
  5. aan Berend Meuleman, schoenmaker te Hardenbergh, voor nieuwe schoenen de summa van een gulden en zes stuivers
  6. aan de koopman Philip Bromet te Hardenbergh wegens geleverde  winkelgoederen, de summa van zes guldens en twee stuivers
  7. aan de bakker Willem Nijman te Hardenbergh wegens geleverd meel tot brood op de begravenis van haar wijlen man, de somma van vijf guldens en twee stuivers
  8. aan de koster Gerrit Dorgeloo te Heemse voor het overluiden van haar wijlen man en ’t aandeel in zijn tractement van 1811, de summ van drie guldens, negen stuivers en agt penningen
  9. aan Hendrik Dunnewind, timmerman te Rheeze, voor de doodkist van haaren wijlen man en expresseloonen wegens dit overlijden, de summa van zeven gulden en veertien stuivers
  10. aan Seine Bolks te Heemse wegens hooijpagt, de summa van agt guldens
  11. aan Jan Oldemeijer te Rheeze wegens geleende penningen, de summa van zesentwintigh guldens
  12. aan de schipper Jan Oldeman te Beerse, voor geleverde haver en oliëkoeken, de summa van tien guldens, agttien stuivers en agt penningen
  13. aan Hannes Heersmink te Rheeze wegens geleend geld en expresseloon, de summa van dertien guldens
  14. aan mejuffrouw Johanna Elisabeth van Riemsdijk te Hardenbergh wegens geleverde goederen, de summa van negen guldens en agttien stuivers
  15. aan de erven Derk Jan Everts te Diffelen voor een bij publieke verkoop gekogte pijëbuis, de summa van agt guldens en vijftien stuivers

Bedraagende alzo de uitschulden deezer gemeenschap de summa van agthonderd en zestien guldens, doch waarvan moeten worden afgetrokken als op het voormelde woonhuis, land en gaarden gevestigde en aan de weduwe Ten Have te Raalte toekomende schuld en daarop verloopene rhenten, de summa van vijfhonderd en zes guldens, zo dat de voordeelige uitschulden slechts rendeeren de summa van tweehonderd en negentigh guldens; waartegen het montant der voorenstaande inschulden rendeerd de summa van eenhonderd zeven en twintigh guldens, zeventien stuivers en veertien penningen.

En heeft Regina Kragt, weduwe van wijlen Jan Hendrik van Welbergen dit alzoo verklaard, met wijdere declaratie van nimmer te hebben kunnen teekenen of schrijven.

Tot al het voorenstaande is men bezig geweest ten huize van wijlen Jan Hendrik van Welbergen en van voornoemde weduwe Regina Kragt, nr. 4 te Rheeze voormeld, eene enkelde vacatie van des middaags om een uur tot des agtermiddaags om vier uuren van denzelfden dag.

Dit gedaan en niets meer gevonden zijnde om in deezen inventaris te bevatten of daarbij op te geven, is al het geen daarin vermeld gelaten in het bezit van de voormelde Regina Kragt, weduwe van wijlen Jan Hendrik van Welbergen, die dit ook erkend en zich belast om het zelve weder te voorschijn te brengen of te verantwoorden, wanneer en aan wien zulks behooven zal.

En heeft dezelve Regina Kracht daarop dadelijk ten overstaan van den ondergeteekenden notaris en getuigen, met eede bevestigd dat deeze inventaris is opregt en deugdelijk; verklaarende daarvan niets te hebben weggemaakt, nog gezien te hebben, noch te weeten dat iets is weggemaakt gevonden van de goederen der gemeenschap en nalatenschap ten deezen vermeld, op de straffen door de wet bepaald, die haar zijn uitgelegd geworden en welke zij gezegd heeft wel te verstaan.

En hebben de partiën (exept Regina Kragt die bij vorotduuring verklaarde nimmer te hebben kunnen teekenen of schrijven) alhier, na gedaane duidelijke voorleezing van deezen inventaris, nevens de tuigen en ons notaris alhier geteekend.