Notarieel Repertorium Hardenberg, inv. nr. 1951, akte 6

Op heden den 5 april 1800 en elf, compareerde voor mij Vrede-Rechter des kantons Hardenbergh, Jennechien Beenen, meerderjaarige en ongehuwde dochter van wijlen Egbert Beenen en de nog in leven zijnde Lubbechien Buuls, zijnde zij comparante in dezen geadsisteerd, zoveel nodig, met haaren broeder Berend Beenen, als haaren verzochten mombaar; te kennen gevende en verzoekende haare voorzeide moeder Lubbechien Buuls, mede alhier in judicio (behoorlijk geadsisteerd) praesent, om derzelver toestemming tot het voorgenomen huwelijk van haar comparante Jennechien Buuls, met den persoon van Albert Hans, welke toestemming zij van de voorzeide haare moeders geaarte tederheid verlangd, die zij zich immer zal toonen waardig te maken, door aan dezelve al den eerbied en verknochtheid te bewijzen, die eene rechtgeaarde dochter aan haare moeder, aan wien zij haar leven en aanwezen te danken heeft, verschuldigd is!

Waarop gecompareerd is, de voorzeide Lubbechien Buuls, wed. Egbert Beenen, onder adsistentie van Marten Bruins als haaren verzochten mombaar; verklaarende het door gemelde haare dochter aan haar gedaane verzoek om met den persoon van Albert Hans zich in het huwelijk te mogen begeven, volledig toe te staan; en over die echt-verbintenis Gods beste zegeningen af te smeken.

Heemse, op datum ut supra.
In fidem, J.G. Pruim, Vrede-Rechter