Zwartjans

Hermannus Jansen Swartjans trouwde op 28 juli 1782 te Hardenberg met Willemiena Alberts, afkomstig van ’t erve Wilpshaar in Holtheme. Uit hun huwelijk werden zes kinderen geboren, van wie er vier op zeer jonge leeftijd overleden. Hermannus Swartjans overleed ca. 1794/1795, waarna zijn weduwe zou hertrouwen op ’t Zwartjans.

Op 21 januari 1796 registreerde schout J.G. Pruim de huwelijkse voorwaarden tussen bruidegom Jan Slotman en bruid Willemiena Alberts, weduwe van Hermannes Jansen. Daarin werd o.a. bepaald dat de minderjarige kinderen uit het eerste huwelijk van Willemiena, genaamd Jennegien en Albert Jansen, beide 350 guldens kregen toebedeeld uit de nalatenschap van hun overleden vader. Als onderpand voor dat bedrag werd het zogenaamde Voorslag te Bergentheim, ongeveer zes dagwerken hooiland en twee koeweiden, dat enkele jaren eerder door de grootvader van de kinderen was aangekocht van de provincie Overijssel. Precies een maand later, op 21 februari, werd het huwelijk kerkelijk ingezegend te Hardenberg.

Op de oudste kadastrale kaart van 1832 is ’t Zwartjans gesitueerd in de zgn. ‘Roet en Mast Esch’ en eigendom van landbouwer Jan Slot. Het is geregistreerd op legger nr. 324 in sectie H nr. 138. Het erf is nu geadresseerd aan de Brinkweg 2.

 

Fragment van oorspronkelijke minuutkaart, anno 1832.

 

Legger 324/6: Sectie H-138. Huis en erf. In 1845 over op:
Legger 767/4: Eigendom van Hendrikjen Slot, huisvrouw van Gerrit van den Poll. Hendrikjen was de oudste dochter van Jan Slot(man) en Willemiena Alberts.

Zie notariƫle akte van 11 februari 1851 (akte 1719, scans 30 e.v.), verleden door notaris Willem Swam te Gramsbergen, inzake een geldlening door Gerrit van den Poll en Hendrikjen Slot, landbouwers te Bergentheim. Zij hadden 1700 gulden geleend van mr. Isaac Antonie van Roijen, advocaat en notaris te Zwolle. Zij stelden verschillende landerijen als onderpand, maar ook het huis en erf, sectie H-138 (het Zwartjans).