Altena

De ophaalbrug over de Dedemsvaart bij ’t Haantje, met links het langgerekte pand Anerweg-Noord 150 dat in 1973 werd gesloopt…

Gerrit Strieper was in 1819 gehuwd met Berendina Gerrits. De bruidegom was geboren in Anevelde en de bruid in Vriezenveen. Zij lieten deze woning in 1859 bouwen aan de westzijde van de Lutterkerkdijk, ten noorden van de Dedemsvaart.

Kadastrale geschiedenis
 
Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1856. Sectie M-1984 is nog onbebouwd.

Legger 1131/22: Sectie A-1984. Bouwland. Eigendom van Gerrit Strieper en mede-eigenaar te Oud-Lutten. In 1859 stichting woonhuis. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1859. Het nieuwe – dubbele – woonhuis is verrezen op sectie A-2394.

Legger 1131/29: Sectie A-2394. Huis en erf.

Op 19 maart 1861 werd deze onderhandse akte geregistreerd in dagregister deel 16, no. 2999 (algemeen register 55), register van overschrijving akte 109:
Lambert Altena, landbouwer te Lutten, verklaart verkocht te hebben en alzoo in vollen eigendom over te dragen onder belofte van vrijwaring als naar regten, aan Johannes Kampherbeek, smid en landbouwer te Lutten wonende, die door medeonderteekening dezen verklaart in koop aan te nemen, de ondergrond van een woonhuis en smederij met deszelfs erf, benevens een stukje veengrond (bekend als tuin), alles gelegen te Lutten aan de Dedemsvaart in de gemeente Ambt Hardenbergh en aldaar kadastraal voorkomende in sectie A onder de nummers 2393 en 2394, behorende de opstal van het daarop staande huis aan den kooper, zijnde alles tezamen groot zeven roeden. Deze koop en verkoop is aangegaan voor de som van 40 guldens. De kooper kan het gekochte dadelijk aanvaarden en daarvan het volle gebruik en genot hebben, mits betalende de daarop liggende lasten en belastingen en die welke later daarop mogten worden gelegd. Gedaan te Ambt Hardenbergh, 1 februari 1861.

Legger 1850/2: Eigendom van grofsmid en landbouwer Johannes Kampherbeek en echtgenote Hillechien van Dijk Brussel te Lutten. Zij waren op 17 mei 1856 getrouwd te Meppel. In 1863 verkoop.

De volgende overdracht werd geregistreerd op 18 juni 1863 in het dagregister deel 18, no. 1362 (algemeen register 3), rvo akte 39:
De ondergeteekende Johannes Kampherbeek, grof- en hoefsmid, wonende aan de Dedemsvaart onder Lutten in de gemeente Ambt Hardenbergh, verklare bij deeze tegenswoordige acte onder vrijwaring als ingevolge de wet te hebben verkocht, afgestaan en mits dezen in vollen eigendom over te dragen aan Lambert Altena, landbouwer wonende te Lutten in de gemeente Ambt Hardenbergh, die door medeonderteekening dezer acte dezelve koop is erkennende en accepterende, mijn eigendommelijk woonhuis benevens een daarbij gelegen stukjen veengrond (bekend als tuin), staande en gelegen ten noorden van en aan de Dedemsvaart en hebbende ten oosten de Lutterkerkdijk, kadastraal bekend sectie A no. 2393 en 2394, tezamen groot 7 roeden. Het verkochte zal met den dag van heden door kooper kunnen worden aanvaard en in bezit genomen. Deeze koop en verkoop is aangegaan en gesloten voor eene somma van 640 guldens. Waarvan deze acte is opgemaakt, over en weder getekend om te strekken naar behoeve te Lutten den 26 mei 1863.

Legger 1220/11: Eigendom van landbouwer Lambert Altena en echtgenote Arentdina Waaijman. Zij zijn op 16 juli 1831 getrouwd te Heemse. In 1863 hermeting. Over op:
Legger 2348/33: Nieuwe sectie M-843. Huis en erf. Eigendom van landbouwer Lambert Altena en echtgenote Arentdina Waaijman. In 1866 expiratie vrijdom. Over op:
Legger 2348/55: In 1884 boedelscheiding.

5 maart 1884, dagregister deel 39, nr. 1362, akte 78:
Heden den 18 februari 1884, zijn voor mij notaris Gerard de Meijier, notaris ter standplaats Heemse, in tegenwoordigheid van mr. Godert Willem baron van Dedem, regter in het kanton Ommen, verschenen:
1. Arendina Waaijman, zonder beroep, wonende te Lutten, weduwe van Lambert Altena;
2. Asse Altena, landbouwer, mede wonende te Lutten, handelende ten deze uit eigen hoofde en als gemagtigde van Jennigje Lenters, zonder beroep, wonende te Ulzen in Pruissen, eerder weduwe van Albert Altena en haar tegenwoordige echtgenoot Hendrik Hilgeman, landbouwer en molenaar aldaar wonende blijkens onderhandsche volmagt;
3. Gerrit Willem Altena, landbouwer, wonende in de Meene, gemeente Gramsbergen, handelende ten deze uit eigen hoofde en als toeziende voogd over meer te melden minderjarige Frederika Reurink;
4. Roelof Altena, landbouwer, wonende te Venebrugge;
5. Gerrit Jan Altena, landbouwer, wonende te Lutten;
6. Gerrit Westerman, landbouwer, wonende te Anerveen, gemeente Gramsbergen, als in algeheele gemeenschap van goederen gehuwd met Aaltje Altena;
7. Jan Harm Reurink, landbouwer, wonende te Holtheme, gemeente Gramsbergen, handelende ten deze in zijne hoedanigheid van wettigen voogd over zijne minderjarige dochter Frederika Reurink, geboren uit zijn huwelijk met nu wijlen Geertruid Altena;
8. Evert Jan Dorgelo, landbouwer, wonende te Heemse, als in algeheele gemeenschap van goederen gehuwd met Geesje Altena, en
9. Lambert Jan Altena, molenaar, wonende te Lutten
Welke comparanten te kennen geven dat door hen bij akte op den 31 october 1883 voor mij notaris verleden een aanvang is gemaakt met de scheiding en verdeeling der huwelijksgemeenschap, bestaan hebbende tusschen de comparante Arendina Waaijman en wijlen haren echtgenoot Lambert Altena voornoemd, en der nalatenschap van laatstgenoemden welke boedelscheiding bevolen werd bij vonnis, gewezen door de arrondissementsrechtbank te Zwolle den 3 october 1883.

Onroerende goederen, door den erflater verkregen bij erfenis van wijlen zijne ouders Albert Altena en Geertruid Gerrits, en dus zijn bijzonder eigendom verbleven:
1. Een huisplaats met eenig bouwland en de ondergrond van een molen en daarbij gelegen erf, zijnde de opstal van den molen hieronder niet begrepen, als behorende aan derden, kadastraal bekend in sectie M nrs. 831, 832, 833 en 835, tezamen groot 59 aren, 20 centiaren, geschat op f. 150,-
2. Een huis en erf met bouwland, tuingrond en water, bekend sectie M nrs. 840 t/m 843, tezamen groot 85 aren en 80 centiaren, geschat op f. 750,-
Bij scheiding en deling verbleven aan comparant Lambert Jan Altena, de aan den erflater Lambert Altena voornoemd in privé behoort hebbende hiervoor onder het actief zijner bijzondere nalatenschap omschreven onder nommers 1 en 2, ter gezamenlijke waarde van f. 900,-

Legger 4304/10: Sectie M-843. Huis en erf. Eigendom van (kleinzoon) molenaar Lambert Jan Altena en echtgenote Geesjen Waaijman. Zij zijn op 17 november 1882 getrouwd te Heemse. Huisnr. P-128. In 1888 bijbouw en stichting. Over op:
Legger 4304/21: Sectie M-843. Huis, schuur en erf. Huisnr. P-128. In 1889 stichting. Over op:

Fragment van kadastrale minuutkaart, anno 1880.
Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1889 (sectie M-2226).
Legger 4304/23: Nieuwe sectie M-2226. Huis, schuur en erf. In 1894 verval vrijdom. Over op:
Legger 4304/35: In 1912 boedelscheiding. Over op:
Legger 7280/16: Eigendom van molenaar Roelof Altena en molenaar Hendrik Altena. In 1921 boedelscheiding. Over op:
 
Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1921 (sectie M-3040).
Legger 7600/9: Nieuwe sectie M-3040. Huis, schuur en bouwland. Eigendom van molenaar Roelof Altena (geb. 12-12-1884) en echtgenote Jantiena Harmina Raterink (geb. 31-01-1892). Zij zijn op 30 mei 1919 getrouwd in Dalen. In 1955 splitsing. Over op:
 
Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1955 (sectie M-3781).
Legger 7600/15: Nieuwe sectie M-3781. Twee huizen, schuur en tuin. In 1959 gedeeltelijke vernieuwing. Over op:
Legger 7600/18: Sectie M-3781. Huis, schuur en tuin. In 1971 opgenomen in de ruilverkaveling. Over op:
Legger 7600/20: Nieuwe sectie U-364. Huis en tuin. In december 1973 gesloopt. Over op:
Legger 7600/22: Sectie U-364. In 1982 boedelscheiding. Over op:
Legger 23143/3: Erf. Eigendom van R.J. Altena, weduwe van Z. Altena. 

Links, aan de overzijde van het kanaal, het pand van Altena.