Waaijman

Het vrijwillig rechterlijk archief van het Schoutambt Hardenberg bevat een akte, gedateerd 7 april 1770, betreffende de overdracht door Berend Gerhard Kramer, secretaris van de Stad Hardenberg, in kwaliteit als gevolmachtigde van Maurits Willem van Appell en zijn ehegemalin Adriana van den Appell geboren van der Merwede, luid een procuratie op 15 november 1768 voor de Amtsman bij de Koninklijke Pruissische Amtgerigt te Emden, van twee erven, het Waaijmans en het erve Wilpshaar. Het erve Waaijmans, bestaande uit het woonhuis, schuur, schaapschot, twee gaarden, twee stukjes groenland aan de dijk, ongeveer 20 mudden zaailand, het recht van whaardeel zijnde drie-vierendeel whaere, de onderhorige venen, zijnde geen vaste veenslagen, alles gelegen te Lutten. Het erve Waaijmans was thiendbaar aan de provincie. Dit alles was verkocht aan W.L. Turnbull, kapitein ten dienste van dit land, en zijn ehevrouw Johanna Margaretha Sprakell bij publieke verkoping op 4 augustus 1768.

Datzelfde archief bevat vervolgens een akte, gedateerd 18 maart 1771, betreffende een schuldbekentenis met hypotheekstelling door William Lodewijk Turnbull, kapitein ten dienste van dit land, voor zichzelf en als gevolmachtigde van zijn ehevrouw Johanna Margaretha Turnbull geboren Sprakell, aan P.T. Golts, burgemeester van de Stad Zwolle, voor een somma van 8000 Car. guldens. Als onderpand dienden de erven Wilpshaar en Waaijman met de onderhorige landerijen, venen en velden in de Marke Lutten, zoals deze op 4 augustus 1768 van de heer en mevrouw Appell waren aangekocht en op 7 april 1770 waren getransporteerd.

Dan volgt een decennium later deze overdrachtsakte, gedateerd 17 januari 1782:
Ik Jacob van Riemsdijk van wegens hoger overigheid verw. Scholtus van den Hardenbergh, Heemse en Gramsbergen, doe cond en certificere hiermede dat voor mij en keurnoten, die waren pr. J. van Riemsdijk en bmr. G. Sierink, in den gerigte gecompareerd en erschenen is Roelof Assen, woonagtig op het Geertmans te Lutten, zeggende op den 13 julij 1700 een en tachentigh bij executoriale distractie ten overstaan van dit edele gerigte coper te zijn geworden van het erve Waaijmans gelegen te Lutten, met de daartoe of bijgehorende getimmertens, houtgewassen, particuliere stuklanden, hooge en laage landerijen, velden en veenen, regten en geregtigheden; hebbende toebehoord aan den heer overste W.L. Turnbull en wijlen deszelvs ehevrouw J.M. Sprakel; en zulks voor eene somma van tweeduisend eenhonderd guldens en tien stuivers, de gulden ad twintig stuivers het stuk coopspenningen; dewelke ingevolge de conditien en voorwaarden der verkopinge door de voorn. coper na aftrek of kortinge van de door hem daaraan verdiende inzate en hoogelpenningen ter somma van sestien guldens aan mij verw. Scholtus zijn overgeteld en voldaan; verzoekende hij comparant derhalve van dit edele geregte ex officio, transport en overdragt. Welk verzoek alzo niet hebbende kunnen nog mogen verweigeren, diensvolgens ex officio door dezen edelen gerigte aan de voorn. kooper Roelof Assen met zijn huisvrouw Arendina Arendsen en derzelver erfgenamen, als na landregte, het voorseide erve Waaijmans, gelegen in de boerschap Lutten onder dit Schoutampt, met de daartoe of bij gehorende getimmertens, houtgewassen, particuliere stuklanden, hooge en laage landerijen, velden en veenen, met alle zodanig regt, lusten, lasten en bezwaren, en in alzodane nature en groote als hetzelve door den heer overste W.L. Turnbull en wijlen deszelvs ehevrouw is bezeten geweest, bij dezen word gecedeerd en overgedragen; alles ingevolge de conditien der gemelde executoriale verkopinge. In oirkonde der waarheid hebbe ik verw. Scholtus voornoemd deze ratione officii getekend en gezegeld. Actum Hardenbergh den 17 januarij 1700 twee en tachentigh.

Diezelfde dag registreerde de schout een obligatie of hypothecaire akte waarbij Roelof Assen en echtgenote Arendina Arendsen verklaarden van burgemeester Barend van Borne uit Hardenberg 2000 gulden te hebben geleend. Vanzelfsprekend stelden ze het erve Waaijmans tot onderpand.

Roelof Assen en Arendina Arends waren op 29 november 1772 te Hardenberg getrouwd. Hun oudste zoon, Asse, werd op 19 september 1775 gedoopt in de kerk te Hardenberg.

Op 23 september 1818 was notaris Antoni van Riemsdijk op het erve het Waaijmans, numero 6, in de buurtschap Lutten, op verzoek van Asse Waaijman aldaar en van diens echtgenote Aaltjen Jentingen. Ze waren op 27 oktober 1809 te Heemse getrouwd. Zij waren erfgenamen van hun oom en behuwd oom Asse Wolters die aldaar op 27 februari was overleden. Asse had drie dagen daarvoor nog zijn testament laten registreren door dezelfde notaris. Zij wilden de erfenis echter niet aanvaarden zonder eerst een boedelinventaris op te laten maken, ook met het oog op de vele legaten die nog aan andere familieleden waren toegezegd.  (aktenr. 165, scan 83).

In 1832 was ’t erve Waaijink of Waaijman in Lutten eigendom van landbouwer Asse Waaijman en echtgenote Aaltjen Jentingen. Het erf Waaijman was geregistreerd onder sectie A no. 572 op legger 390 van ’t oudste kadasterboek.

 

Fragment van oorspronkelijke minuutkaart, anno 1832.

 

Fragment van kadastrale minuutkaart, anno 1880.