’t Tuinmanshuis

Op 12 december 1820 hield notaris Antoni van Riemsdijk een boedelinventarisatie op den Huize Heemse, no. 56, te Heemse. Tot de vele onroerende goederen behoorde:
4. de Tuinmanswoning, hebbende eene keuken, kamer en deel, staande onder numero 0 op den zogenaamden Hulsebosch-kamp in het Bosch of de Plantage ten zuidwesten den Huize Heemse, gebouwd ten jaare 1809 (aktenr. 240, scan 16). 

Het tuinmanshuis werd in 1832 voor ’t eerst ‘op de kaart’ gezet. Echter, het werd niet met naam vermeld. We zien het huis in de kadastrale leggers onder sectie B-1168 op legger 101.

 

Fragment van eerste kadastrale minuutkaart, anno 1832.

 

Legger 101/493: huis en erf. Sectie B-1168. Over op:
Legger 769/85: Eigendom van Dirk Lammers, rentenier te ‘s-Gravenhage. Het vruchtgebruik behoorde aan jonkheer Jacob van Foreest van Heemse. In 1850 verkoop. Over op:
Legger 963/72: Eigendom van jonkvrouwe Theodora Sophia van Foreest van Heemse, echtgenote van Jan Arent baron van Ittersum. Over op:
Legger 1250/27: Eigendom van jonkvrouwe Theodora Sophia van Foreest van Heemse, echtgenote van Jan Arent baron van Ittersum.

In 1855 werd de havezate Heemse bij publiek geveild. Onderdeel van de veiling van de nagelaten bezittingen van jonkheer Jacob van Foreest van Heemse was het tuinmanshuis. In de veilingsakte lezen we:

Vierendertigste perceel: Een huis en erf, zijnde het tuinmanshuis, staande en gelegen te Heemse voormeld, groot negen roeden, zestig ellen, kadastraal bekend onder sectie B numero 1168. De premie van inzate van dit perceel is bepaald op twee gulden.

Het tuinmanshuis werd eigendom van meester Isaac Antoni van Royen, Commissaris des Konings in de provincie Groningen. Fijke Bloemendaal Wubbenhorst, steenbakker te Zwolle, had namens Van Roijen het hoogste bod uitgebracht.

Legger 489/126: Eigendom van Isaac Antoni van Roijen. In 1856 verkoop. Over op:
Legger 1433/103: Eigendom van mr. Isaac Anoni van Roijen, commissaris des konings te Groningen. In 1869 boedelscheiding. Over op:
Legger 2894/13: Eigendom van mr. Jan Hermannus van Royen, advocaat en notaris te Zwolle (en mede-eigenaar). In 1869 afbraak en vereniging van percelen. Over op:

 

Kadastrale hulpkaart, anno 1869.

 

Legger 2894/56: Nieuwe sectie B-4827. Bouwland.