Tapperij bij de Hardenberger klapbrug

Bij de aanvang van het kadaster, anno 1832, werd het perceel op de Marsch, waarop in 1847 de eerste bebouwing verrees, geregistreerd als broekgrond, eigendom van de marke Heemse & Collendoorn. Het kreeg het sectienummer B-501 op leggernr. 134.

Legger 134/2: Sectie B-501. Broekland, eigendom van de marke van Heemse en Collendoorn. In 1841 volgde splitsing. Over op:
Legger 134/14: Nieuwe sectie B-1606. Broekgrond. Eigendom van de marke van Heemse en Collendoorn. In 1846 verkoop. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1847 (sectie B-1909).

Legger 823/1: Nieuwe sectie B-1909. Huis en erf. Eigendom van koopman Berend Venebrugge en mede-eigenaren. In 1847 belastbaar. Over op:
Legger 823/2: Over op:
Legger 1176/1: Eigendom van kastelein Jan Harmen Venebrugge en echtgenote Geesjen Waterink. Zij zijn op 5 december 1844 getrouwd in Heemse.

Op 25 juli 1854 registreerde notaris Van der Muelen te stad Hardenberg een hypotheekakte op verzoek van kastelein Jan Harm Venebrugge en echtgenote Geesje Waterink te Heemse. Zij verklaarden daarin 1000 gulden schuldig te wezen aan de Commissaris van de Koning, mr. Isaac Antoni van Roijen te Groningen. Als onderpand voor het geleende geld en de daarover verschuldigde rente stelden ze hun huis en erf, staande en gelegen te Heemse, nabij de Klapbrug over de rivier de Vecht, sectie B-1909, ter grootte van vier roeden en veertig ellen.

Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, d.d. 26 februari 1858.

In maart 1858 volgde een openbare veiling door notaris Van der Muelen. Over op:
Legger 1602/1: Sectie B-1909. Huis en erf. Eigendom van Gerrit Jan Bruins, slijter in sterke dranken. Hij was op 23 april 1852 in Heemse getrouwd met molenaarsdochter Heintje Bouwhuis. Huisnr. A-1.

Kadastrale hulpkaart, anno 1866.
Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1869 (sectie B-1909).
Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, 21 juni 1880.

Notaris De Meyier begon op 30 juni 1880 met de eerste inzate van de openbare verkoop van het logement annex tapperij, staande en liggende te Heemse, sectie B-1909, op verzoek van Gerrit Jan Bruins, slijter in sterke dranken te Heemse. Het perceel werd ingezet door koopman Emanuel de Bruin te stad Hardenberg voor 1300 gulden, hetgeen verhoogd werd door Roelof Brink te Heemse met 300 gulden. Twee weken later bij de definitieve toewijzing werd het kavel bij afslag gemijnd voor 1670 gulden door koopman Arend de Jonge te Avereest, als lasthebber van winkelier en tapper Martinus Johannes de Bruijn te Hoogeveen (aktenrs. 285 en 292).

Fragment van kadastrale minuutkaart, anno 1880.

Legger 4089/1: Eigendom van Martinus Johannes de Bruijn, winkelier en tapper te Hoogeveen. In 1883 verkoop. Over op:
Legger 4350/1: Eigendom van landbouwer Hendrik van Lier en echtgenote Geesje van de Wetering. Zij waren op 25 januari 1871 getrouwd te Wilsum.

Fragment van artikel in Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, 10 mei 1884.

Notaris Hilbrand van Barneveld te Gramsbergen verleed op 26 mei 1884 een hypotheekakte op verzoek van kastelein Hendrik van Lier te Heemse. Deze verklaarde 1000 gulden te hebben geleend van en schuldig te zijn aan Gerrit Jan en Jan Hendrik Klinge, minderjarige kinderen van wijlen Jan Klinge en Gerritdina Timmer. Als onderpand voor de lening verbond hij zijn huis en erf te Heemse, sectie B-1909 (aktenr. 2540).

Een kleine anderhalf jaar later, op 24 september 1885, verleed dezelfde notaris andermaal een hypotheekakte op verzoek van kastelein Hendrik van Lier. Deze keer verklaarde hij 1600 gulden te hebben geleend van en verschuldigd te zijn aan Klaas Wildeboer, landbouwer te Avereest. Als onderpand voor het geleende bedrag en de daarover verschuldigde rente stelde hij zijn huis en erf te Heemse, sectie B-1909, groot 4 aren en 40 centiaren (aktenr. 2772).

Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, 8 juni 1888.
Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, 20 juli 1888.

In 1888 verkoop. Over op:
Legger 4813/1: Eigendom van Harm Hanzes Knol, vervener en winkelier te Beerzerveld, en van mede-eigenaar Gerhardus Frijling, kastelein te Heemse. In 1898 bijbouw. Over op:

Kadastrale hulpkaart, anno 1898.

Legger 4813/2: In 1902 bijbouw.

Kadastrale hulpkaart, anno 1902.

Het Salland’s Volksblad van 11 april 1903 bevat deze advertentie:
Notaris F. Stuart te Heemse zal ten verzoeke van Gerhs. Frijling op dinsdag 21 april ’s avonds om 7 uur in na te melden koffiehuis doen inzetten en op dinsdag 28 april terzelfder ure finaal verkoopen: het koffiehuis waarin vergunning met eenigen grond daarbij, tezamen groot ongeveer 5 aren, staande op een zeer gunstigen stand aan de Hardenbergerbrug over de Vecht bij Stad Hardenberg, thans nog bij den verkooper in gebruik.

Legger 4813/3: In 1905 verkoop. Over op:
Legger 6447/1: Sectie B-1909. Huis, schuur en erf. Eigendom van Egbert Jan Boers, winkelier te Heemse. In 1907 verkoop deel van perceel aan de Staat der Nederlanden. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1907 (sectie B-6384).
Prentbriefkaart van de Vechtbrug, met links de tapperij van Boers, ca. 1908.

Legger 6468/2: Sectie B-6384. Huis, schuur en erf. Eigendom van logementhouder, winkelier en landbouwer Egbert Jan Boers aan de Brink te Heemse.

Prentbriefkaart van de Vechtbrug. Het langgerekte pand aan de overzijde van de Vecht was ’t café van E.J. Boers .

Het Salland’s Volksblad van 29 augustus 1926 bevat deze advertenties:
Hardenberg. Blijkens advertentie in dit no. hoopt de heer A.H. Geerts zich eerstdaags hier te vestigen als zadelmaker. Hij zal zijn zaak uitoefenen in het perceel van den heer E.J. Boers aan de brug. Niet alleen repareert hij de paardetuigen vakkundig, doch hij verkoopt ook nieuwe. Tevens heeft hij een handel in touw.

H.H. Landbouwers en Paardehouders. Ondergeteekende maakt aan het geachte publiek van Hardenberg en Gramsbergen en omstreken bekend, dat hij zich met den 7en september a.s. hoopt te vestigen als zadelmaker ten huize van E.J. Boers op den Brink te Heemse (ook alle Marktdagen op de markt aanwezig, staande naast de varkensmarkt, met een reuzenpartij paardetuigen en touwwerk). A. H. Geerts.

In 1927 herbouw. Over op:
Legger 6468/7: Sectie B-6384. Huis, schuur en erf. In 1935 verkoop. Over op:
Legger 10332/2: Eigendom van rijksambtenaar Frederik Bruins te Glanerbrug en van Everdina Klaziena Albertha Bruins te Heemse (ieder de helft). In 1940 verkoop. Over op:
Legger 6092/273: Eigendom van de Staat der Nederlanden. In 1940 sloping. Over op:
Legger 6092/280: Sectie B-6384. Erf.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.