Oosteinde 9 (verdwenen)

Bij de aanvang van het kadaster (anno 1832) werd dit perceel geregistreerd op legger 204 als sectie A-111 (huis en erf), eigendom van landbouwer Derk Zweers J.H.zn.

Fragment van oorspronkelijke minuutkaart, anno 1832 (Sectie A-111).

Legger 204/3: Sectie A-111. Huis en erf. Eigendom van landbouwer en slager Derk Zweers J.H.zn. en echtgenote Cornelia van Bruggen. Zij zijn op 21 augustus 1791 getrouwd te Hardenberg. In 1852 boedelscheiding. Over op:
Legger 244/2: Sectie A-111. Huis en erf. Eigendom van Jan Hendrik Zweers Dzn. en echtgenote Hendrikjen Bijleveld. Zij zijn op 7 september 1822 getrouwd te Stad Hardenberg. In 1862 verkoop. Over op:
Legger 515/1: Sectie A-111. Huis en erf. Eigendom van timmerman Zanderie Zweers en echtgenote Jennechien Goris. Zij zijn op 4 mei 1867 getrouwd te Stad Hardenberg. Sandrie Zweers overleed op 1 augustus 1871, waarna de eigendom verviel aan weduwe Jennechien Zweers-Goris. Huisnr. A-80. Jennigje hertrouwde op 29 juli 1874 te stad Hardenberg met metselaar Jannes Zweers.

Op 7 december 1875 verleed notaris J.G. Troost een hypotheekakte op verzoek van Jennigje Goris, weduwe van Zandrie Zweers en echtgenote van Jannes Zweers. Het betrof de bestendiging van een hypotheek ad 750 gulden ten gunste van Anna Charlotte van Barneveld-van Riemsdijk te Dedemsvaart. De hypothecaire obligatie was oorspronkelijk op 1 oktober 1824 verleden door notaris Antoni van Riemsdijk en opnieuw bekrachtigd door notaris Swam op 20 mei 1840. Het geld was in 1824 geleend van Gerrit Crull op den Belt of Nijberg, kerspel Uelsen. Inmiddels beliep de schuld 1000 gulden. Als onderpand voor lening en verschuldigde rente verbond het echtpaar Zweers hun onroerend goed in de std Hardenberg, waaronder het huis en erf op sectie A-111 (aktenr. 443).

Notaris Gerard de Meyier begon op 9 april 1879 met de inzate van de openbare verkoop van onroerende goederen van Jennigje Goris en echtgenoot Jannes Zweers. Hij deed dat in opdracht van Anna Charlotte van Barneveld-van Riemsdijk te Dedemsvaart. Op 7 december 1875 was ten gunste van haar een hypotheek herbevestigd op onroerende goederen van Zweers voor een lening van 1000 guldens. Het betrof een hypotheek die oorspronkelijk op 1 oktober 1824 voor notaris Antoni van Riemsdijk was verleden en op 20 mei 1840 voor notaris Willem Swam was herbevestigd, en oorspronkelijk was gevestigd ten laste van de voorouders en ouders van Jennegiens eerste echtgenoot Zandrie Zweers en ten behoeve van wijlen Gerrit Crull, gewoond hebbende op den Belt. Uit diens nalatenschap was de schuldvordering verkregen door Anna Charlotte van Barneveld-van Riemsdijk. Het echtpaar Zweers was in gebreke gebleven met het betalen van rente en het doen van aflossing. Het hoogste bod werd twee weken later uitgebracht door Harm van ’t Laar, maar hij deed dat in opdracht van schoenmaker Evert Jan Zweers. Voor 650 gulden werd hij de nieuwe eigenaar van het huis van Jannes en Jennigje Zweers (aktenrs. 97 en 100).

Op 23 oktober 1879 werd het pand nog bewoond door het echtpaar Zweers-Goris, want op die dag maakte notaris De Meyier ter plekke een boedelinventaris op (aktenr. 173).

In 1879 splitsing en gedeeltelijke vernieuwing. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart anno 1879 (Sectie A-1468).

Legger 1130/2: Nieuwe sectie A-1468. Huis en erf. Eigendom van schoenmaker Evert Jan Zweers en echtgenote Geertje Kedde. Zij zijn op 12 november 1868 getrouwd te Stad Hardenberg. Huisnr. A-71.

Op 12 mei 1880 verleed notaris G. de Meyier te Heemse een hypotheekakte op verzoek van schoenmaker Evert Jan Zweers. Hij verklaarde 700 gulden te hebben geleend van en schuldig te zijn aan landeigenaar Derk Zweers Bererendszoon en mej. Gerritdina Zweers te stad Hardenberg. Als onderpand voor de lening stelde hij zijn huis en erf met daarachter gelegen bouwland, staande en liggende op het Oosteinde, sectie A-1468 (aktenr. 269).

Fragment van aanvullende minuutkaart, anno 1881 (sectie A-1468).

In 1889 verkoop. Over op:
Legger 1316/2: Sectie A-1468. Huis en erf. Eigendom van godsdienstonderwijzer Johannes Fredriks en echtgenote Lambertha Blomberg. Zij zijn op 4 augustus 1888 getrouwd te Zwartsluis. Huisnr. A-71.

Trouwfoto van Johannes Fredriks en Lambertha Blomberg, anno 1888.

In 1888 werd Johannes Fredriks door de hervormde kerk benoemd tot godsdienstonderwijzer; een functie welke hij bijna een halve eeuw zou vervullen. Fredriks hield bijbellezingen op het platteland en liep er voor naar Bergentheim, Kloosterhaar, Radewijk, Baalder, Brucht en Ebbenbroek. Ook bezocht hij daar zijn zieke gemeenteleden en begeleidde hij hen op het sterfbed.

In 1889 herbouw. Over op:
Legger 1316/4: Sectie A-1468. Huis en erf. Huisnr. A-71. In 1890 herbouw. Over op:
Legger 1316/5: Nieuwe sectie A-1579. Huis en tuin. Huisnr. A-71. In 1896 bijbouw. Over op:
Legger 1316/6: In 1897 bijbouw. Over op:

Prentbriefkaart van ’t Oosteinde, ca. 1910. Rechts het in 1890 nieuw gebouwde huis van van de familie Fredriks en erachter staat de op vrijdag 2 januari 1903 plechtig ingewijde nieuwe synagoge.

Legger 1316/7: In 1920 redreskaart. Over op:

Prentbriefkaart van het Oosteinde anno 1923. Links is net een stuk van de gevel van het huis van de fam. Fredriks te zien.

Legger 1316/15: Nieuwe sectie A-2410. Huis en bouwland. In 1926 inwendig vertimmerd. Over op:

Het Gebouw voor Christelijke Belangen aan het Oosteinde, anno 1928. Links de woning van de familie Fredriks en daarnaast de synagoge.
Fragment van kadastrale minuutkaart, anno 1932 (sectie A-2410).
Godsdienstonderwijzer Johannes Fredriks (1856-1935).

Talrijk waren de functies die Fredriks nog vervulde naast zijn ambt als godsdienstonderwijzer. Zo was hij voorzitter van de Commissie tot wering van schoolverzuim, vanaf de oprichting in 1915 voorzitter van de woningbouwvereniging ‘Concordia’, secretaris-penningmeester van de Nationale Geheelonthoudersvereniging Hardenberg-Heemse, voorzitter van de jongelingsvereniging Nehemia, bestuurslid van de vereniging Het Groene Kruis en permanent feestleider op de jaarfeesten van de Jongelings- en Meisjesverenigingen. Fredriks werd in 1933 onderscheiden met de gouden eremedaille, verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau.

Rouwkaart bij het overlijden van Johannes Fredriks (1856-1935).
Het woonhuis van de familie Fredriks aan het Oosteinde, met geheel links de zijmuur van de synagoge.

Legger 1316/16: In 1950 boedelscheiding. Over op:
Legger 3233/1: Sectie A-2410. Huis en bouwland. Eigendom van de drie ongehuwde zussen: naaister Hermina Fredriks, Jeltje Fredriks en naaister Hendrika Lamberta Fredriks.

De krant De Vechtstreek van 6 mei 1960 meldde:
Mej. H. Fredriks ontving koninklijke onderscheiding. In vader’s voetspoor verder gewerkt. Het zal de Hardenbergers goed hebben gedaan dat H.M. de Koningin de verdiensten van mej. H. Fredriks als zondagsschoolonderwijzeres heeft willen onderscheiden met de toekenning van de zilveren medaille, verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau. Burgemeester De Goede heeft deze medaille met een hartelijk woord van gelukwens uitgereikt, waarbij ook ds. Visser woorden van hulde richtte tot de bejaarde zondagsschoolleidster, die nu reeds 55 jaar lang haar zegenrijk werk heeft mogen verrichten.

In 1964 verkoop en vereniging. Over op:
Legger 3233/2: Nieuwe sectie A-3751. Huis en bouwland. In 1965 kocht de gemeente Hardenberg de woning van de dames Fredriks. Deze liet het pand afbreken ten behoeve van de aansluiting van de Admiraal Helfrichstraat op het Oosteinde.