Docters of Grimmerink

In het vrijwillig rechterlijk archief van het Schoutambt Hardenberg wordt deze hypotheekakte bewaard, gedateerd 27 oktober 1790:
Ik G.J. Crull, van wegens hoger overheid verw. Scholtus van den Hardenberg, Heemse en Gramsbergen, doe cond en certificere dat voor mij en keurnoten, die waren de weleerw. heer Nijhoff en burgemr. G. Hofsink, persoonlijk in den Gerichte gecompareerd is, de weduwe Lutgertien Grimling, woonachtig in den Velde, geadsisteerd met Hendrik Grimling, dewelke verklaarde wegens opgenomen en ter leen verstrekte penningen oprecht en deugdelijk schuldig te zijn aan de weledele heren gebroeders G. Mazier en J.H. Mazier te Zwolle, eene capitale summa van tweduizend carolyguldens, zegge f. 2000,-. Aannemende en belovende zij comparante om gemelde summa ’s jaarlijks en alle jaren, tot de effective aflosse en restitutie der penningen toe te zullen verrenten met drie en een halve gelijke guldens van ieder honderd, doch den intrest binnen drie maanden na den verschijndag betalende, dan maar met drie procento; zullende het eerste jaar intresse hiervan verschijnen op den 1 november 1791, en zo vervolgens tot de aflosse toe continueren, en opdat welgemelde heren renthefferen voor hun uitgedaan capitaal en de daarop verlopene renten de vereiste zekerheid mogen hebben, zo verklaarde haar broeder Hindrik Grimling, zig bij dezen ten fine van securiteit voor opgem. capitaal met de daarop verlopene rente, als borge en principaal debiteur, in solidum in te laten en te verbinden, stellende daarvoor (als naar rechten) zijn persoon en goederen, gene uitgezonderd. Verder verklaarde zij comparante onder renuntiatie van alle exceptien dezen enigzins contrariĆ«rende daarvoor, boven een generaal verband van haar persoon en goederen, gene uitgezonderd, tot een speciaal hypoteek en onderpand te verbinden en te stellen haar comparante eigendomlijk erve Grimling geten, gelegen ten Velde onder dit Schoutambt, zo en in diervoegen als het door haar comparante bezeten, en thans gebruikt word, met alle deszelfs landerijen bij, en onder het erve behorende, om in cas van onverhoopte misbetalinge van dit bovengemelde capitaal met de verschenen intressen daaraan ten allen tijde kost en schadeloos te verhalen. Des ten oirkonde hebbe ik verw. Scholtus voorn., deze benevens de comparanten getekend en gezegeld, en alzo zij comparanten geen zegels en hadden, zo heb deze op haar verzoek met mijn klein zegel mede gezegeld. Actum Hardenbergh, den 27 october 1700 negentig.

Lutgert Grimmerink was in 1747 getrouwd met Claas Claasen. Beiden waren afkomstig uit Den Velde. Haar man was tussen 1782 en 1790 overleden. Zoon Hendrik Grimmerink was op 17 maart 1763 gedoopt in de kerk te Gramsbergen. Hij trouwde op 29 mei 1795 te Hardenberg met Geertjen Luggers uit Heemse. Een maand ervoor, op 30 april, lieten ze hun huwelijkse voorwaarden vastleggen door schout J.G. Pruim. Daarin was o.a. bepaald dat meteen na de voltrekking van het huwelijk de volledige nalatenschap (boedel en goederen) van de bruidegoms ouders Klaas Grimmerink en Lutgertjen Hendriks zou overgaan op het bruidspaar.

Op 30 november 1795 werden Hendrik Klaasz. Grimmerink en echtgenote Geertjen Luggers bij testament benoemd tot universele erfgenamen van hun oom Hendrik Hendriksz. Grimmerink.

In 1832 was het huis en erf eigendom van landbouwer Hendrik Grimmerink. Nog datzelfde jaar overleed hij op 7 september, zijn echtgenote Geertje Luggers nalatend. We vinden het erf in 1832 gesitueerd in de zgn. ‘Veldinger en Holthemer Marsch’ in sectie D no. 334 op legger nr. 140. Het is nu geadresseerd aan de Rondweg 6. 

 

Fragment van oorspronkelijke minuutkaart, anno 1832.

 

Op 28 april 1836 verscheen notaris Swam uit Gramsbergen op verzoek van Lucas Grimmerink op ’t erve Grimmerink. Op die dag werd een boedelinventarisatie gehouden (aktenr. 679, scan 61).

140/1: Sectie D-334. Huis en erf. Door successie over op:
509/1: Eigendom van weduwe Geertje Grimmerink-Luggers. Later werd zoon Lucas Grimmerink eigenaar. Hij was op 26 oktober 1827 in Gramsbergen getrouwd met Gerritdina Nijman. Met haar kreeg hij drie kinderen. Gerritdina overleed op 25 april 1835, waarna Lucas op 14 mei 1836 hertrouwde met Gerritdina Bosch uit Lutten. Uit het tweede huwelijk werden acht kinderen geboren. In 1850 successie. Over op:
2053/2: Eigendom van Gerrit Jan Grimmerink en Berendina Haandrikman. Zij waren op 25 juni 1869 getrouwd te Gramsbergen. Huis, schuur en erf. Huisnr. F-8. In 1915 herbouw en bijbouw. Over op:
2053/59: Eigendom van Lucas Grimmerink en Christina Willemina Eshuis. Zij waren op 27 maart 1903 getrouwd te Gramsbergen. Mede-eigenaar was Gerrit Jan Grimmerink junior. Hij trouwde op 7 september 1928  te Gramsbergen met Gebbigje Kampherbeek uit Radewijk. In 1916 herbouw en sloop. Over op:

 

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1916.

 

2053/60: Nieuwe sectie D-2983. In 1929 verbouw. Over op:
2053/63: Huis, schuur en weiland. In 1932 afstand, redres en vereniging. Over op:

 

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1932.

 

2053/66: Nieuwe sectie D-3176. Huis, schuur, bouw- en weiland. In 1938 vereniging van artikelen. Over op:
4869/20: Eigendom van weduwe Christina Willemina Grimmerink-Eshuis en consorten. In 1956 boedelscheiding. Over op:
5596/19: Eigendom van Gerrit Jan Grimmerink en Gebbigje Kampherbeek (zie register van overschrijving hypotheken, deel 1020, nr. 57). In 1958 stichting. Over op:
5596/29: In 1976 schenking. Over op:
6809/19: Eigendom van Gerrit Jan Grimmerink (geb. 04-03-1904) (zie register van overschrijving hypotheken, deel 2584, nr. 21), landbouwer te Den Velde, F-22. In 1976 verkoop. Over op:
6810/19: Eigendom van Lucas Grimmerink (geb. 20-11-1929) (zie register van overschrijving hypotheken, deel 2584, nr. 91). In 1980 opgenomen in de ruilverkaveling. Over op:
7628/2: Eigendom van Lucas Grimmerink. Sectie M-588. Boerderij, schuur, erf en weiland. Rondweg 6.

 

 

Onderstaande foto toont de oude, inmiddels afgebroken, boerderij van ’t Docters (later Grimmerink).

 

Meer informatie is nog te vinden op de website van Gerrit Willem Grimmerink.