Archieven: juli 17, 2022

Toen, op 17 juli…

Bij Koninklijk Besluit van 17 juli 1829 werd gemeenteraadslid Gerhardus Johannes Otto Dorus Dikkers benoemd tot kerkvoogd bij de hervormde gemeente te Borne.

Het benoemingsbesluit is bewaard gebleven in het archief van het Huis Weleveld.

Gerhard Dikkers werd te Vriezenveen gedoopt op 1 december 1782 als zoon van Jan Hendrik Dikkers, paardenhandelaar, en diens tweede vrouw Fenneken Mollink. Hij huwde in juli 1806 te Weerselo met Johanna Hendrika Lamberts (1778-1845). Het echtpaar kreeg acht kinderen. Gerhardus overleed op 30 november 1852 te Borne.

Op 28 september 1801 werd Dikkers ingeschreven aan de universiteit van Utrecht als student in de rechten. Deze studie sloot hij op 23 november 1804 af met het doctoraat. Beëdiging tot advocaat volgde een maand later. De voorbereiding op zijn maatschappelijke carrière werd afgesloten met een rondreis door België.

In 1812 werd hij aangesteld als ontvanger der directe belastingen te Borne en Hengelo, een functie die hij van 1813 tot 1816 combineerde met het burgemeesterschap van Weerselo. Tussen 1816 en 1823 was hij ontvanger-particulier in het gehele arrondissement Almelo. Na 1823 wijdde Dikkers zich aan het beheer van zijn omvangrijke onroerend goed en de vervulling van vele functies in het openbaar bestuur.

Door vererving, verantwoord beheer maar evenzeer door handel in onroerend goed werd Dikkers een zeer vermogende grondbezitter. In 1814 kocht hij de havezate Diepenheim om deze in 1818 met forse winst weer te verkopen. In 1819 verwierf hij het uitgestrekte landgoed Weleveld te Borne en vanaf 1820 tot omstreeks 1848 was hij mede-eigenaar van de havezate Oosterveen te Junne. Het gezin Dikkers woonde in huize ‘De Bornsche Molen’ te Zenderen (Borne).

Ook in het openbaar bestuur heeft Dikkers zijn sporen verdiend. In juli 1820 werd hij als vertegenwoordiger van de landelijke stand lid van de Provinciale Staten van Overijssel, waarin hij zitting hield tot 1850. Vanaf 1825 tot zijn overlijden was hij gemeenteraadslid, tot 1851 tevens wethouder van Borne.

Dikkers behoorde onmiskenbaar tot de Overijsselse elite van de eerste helft van de negentiende eeuw. Het verloop van zijn carrière week niet af van die van de overige, overwegend adellijke grootgrondbezitters in de provincie. Dikkers heeft door zijn landbouwkundige activiteiten en zijn streven naar een verbeterde infrastructuur zeker bijgedragen aan de latere economische expansie van Twente.

(Bron: Overijsselse biografieën)


Toen, op 15 juli…

Onderstaande fraaie akte dateert van 15 juli 1665:

Op dato onderges(chreven) heeft Hans Reiners ende sijn huisvrouwe Jannneken Meijers an die hoogedelgeb(oren) gestr(enge) Carol Otto Schele toe die Vennebrugge etc. ende die erwerdige ende welgeleerde Fredericus Buitenhuis, praedicant tot Borne als overprovisore(n) der arme(n) toe Borne, ende Joann. Meilinck, advocat ende Wessel Gerritsen Smidt als onderprovisore(n), angeloveert ende angenomen t betaelen gelijck sijn eijgen schult die somma van achtentwintich goltguldens, ende thien gulden interesse salvo calculo, item alle gerigtscosten ende vacatie met haer termijn so g… van de die proceduire tegens die olden Hessels toe Sendere(n) op geloope(n) ende gedaan sijn ende noch tot volkommene betaalingen toe gedaen sullen … ende bij gebreck van datelijcke betaalinge tot die boevengesc(hreven) penninge sodaanich t’… sijn, ende heeft sich tot mee(r)der vers… voor dese boevengenoemde penningen die e(dele) Lubbert Hoeffmeijer toe Borne als borge ende principal schuldenaar ingelaeten, alles met renunciatie van exceptie(n) ende priviliegie(n) desen contrariërende, sonder arg ofte list tot getuignisse der waarheit heeft Hans Reiners ende Lubbert Hoeffmeijer desen act ondergeschr(even). Borne, den 15 july 1665. Lubbert Hoefmeijer.


Toen, op 9 juli…

Op deze prachtige oude prentbriefkaart zien we bakker Muizebelt met zijn hondenkar in de Stationsstraat te Borne. Op de achtergrond is de R.K. Sint Stephanuskerk te zien. Linksvoor een deel van het Spanjaardcomplex.

De foto op deze ansichtkaart is indertijd gemaakt door fotograaf Gerrit Hubers uit Hengelo. De kaart is op 9 juli 1901 verzonden door de de dertienjarige Antonie Lucas (Antoon) Rientjes aan zijn zus Johanna Maria Rientjes, p/a den heer Bernardus Hermannes Rientjes te Borne. Twee maanden later zou Johanna in het huwelijk stappen met Gerhardus Cleophas Knuif. De kaart werd door de vierde postbode bezorgd tijdens de tweede bestelling van die dag (vandaar het stempeltje met de code: B.4).


Toen, op 6 juli…

Op 6 juli 1923 werd ‘een kei van een kei’ opgegraven in Borne.

Volgens overlevering lag er tot circa 1850 op de markt in Borne een grote kei die hinderlijk werd voor het verkeer, waarom men besloot het gevaarte in de grond te laten zakken. Het jubileumscomité (rond de viering van het 25-jarig jubileum van koningin Wilhelmina) had besloten de steen weer op te delven. Na lang peilen werd hij teruggevonden en blootgelegd.

In september 1923 meldde ‘De Amsterdammer’:
“Borne. Men zal zich nog wel herinneren, dat voor eenigen tijd aan den Gemeenteraad werd verzocht om een dikken kei, welke voor meer dan zeventig jaren op het Marktplein stond en in den grond was geraakt, opnieuw op te graven. Met het oog op de jubileumfeesten willigde de Raad dit verzoek in en stelde een bedrag voor het opgraven beschikbaar. Toen men echter met groote moeite de „reuzenkei” aan het daglicht had gebracht, viel de grootte niet bijzonder mee. De feestelijke inwijding is dientengevolge achterwege gebleven. Thans is de kei aangekocht door de familie Meyling voor het luttele bedrag van f 10. De kei heeft een plaatsje gekregen voor het nieuwe huis van deze familie aan het Marktplein.