AKTEN VAN HARDENBERGERS IN HET SCHULTENGERICHT VAN SCHOUTAMBT COEVORDEN 1626 – 1810

In vroegere tijden werd door een groot aantal Hardenbergers voor de Schulte van Coevorden geldleningen en transporten van huizen en grond gedaan. Dit vanwege grondbezit in het Schoutambt Coevorden. Ook bij het aanstellen van mombers oftewel voogden en het opmaken van huwelijkscontracten waren Hardenbergers betrokken. Het begrip "Hardenbergers" strekt zich hierbij uit over het gehele Schoutambt Hardenberg, waartoe ook Gramsbergen en Heemse gerekend moeten worden.

De Schultenboeken van het Schoutambt Coevorden beginnen in het jaar 1626 en zijn niet altijd even goed bij gehouden. Met name van de boeken van de periode 1657 tot 1700 is nagenoeg niets bewaard gebleven. In een bijeenkomst van de Drost en Geduputeerden in 1793 werd de verontrusting uitgesproken over de wanzorg van de schulten betreffende het protocolleren van zaken die bij het Gericht werden vastgelegd. De landschrijver ging daarom op inspectie uit en bevond, dat de prijs der slordigheid wegdroegen de schulten van Coevorden, Dalen, Eelde en Vries. Zij kregen een aanmaning dat zij binnen een bepaalde tijd de boeken op orde moesten hebben. De schulte van Vries die meende dat de zaak niet zo'n vaart zou lopen en de order niet opvolgde, werd geschorst (Resoluties Drost en Gedeputeerden van dd. 2 mei en 15 nov. 1793). Bovenstaande is tekenend voor de slechte zorg van de schulte van Schoutambt Coevorden.

De vrijwillige akten en de civiele akten werden te Coevorden in hetzelfde boek vermeld. De vrijwillige akten betreffen hetgeen wat tegenwoordig bij de notaris zou worden vastgelegd, dus transport van onroerend goed, testamenten, geldleningen en huwelijksvoorwaarden. De civiele akten behandelen die zaken die tegenwoordig voor het kantongericht zouden worden afgehandeld, zoals eigendomsgeschillen over onroerend goed en onenigheid over gekochte of verkochte goederen.

De pagina's van de Schultenboeken zijn vaak niet genummerd, daarom heb ik er voor gekozen om een plaatsbepaling aan te geven op de betreffende microfiche. Bijvoorbeeld microfiche 2, 4e rij, nr. 7: Het betreft microfiche 2 van het vermelde inventarisnummer. Elke microfiche heeft 6 rijen van 8 plaatjes. In dit geval is de akte te vinden op plaatje 7 van de 4e rij.

Ondanks grote zorgvuldigheid en een streven tot volledigheid zou het kunnen dat niet alle akten betreffende personen uit Hardenberg hier zijn vastgelegd. Het onderzoek heeft honderden uren geduurd waarbij om en nabij 200 microfiches met per fiche 48 pagina's zijn nagekeken. Sommige microfiches waren door slechte verfilming heel moelijk te lezen. Het oude schrift van voor 1700 kan hier en daar voor een onjuiste transcriptie van woorden gezorgd hebben. Ook het niet vermelden van de plaatsnamen van herkomst van de personen in kwestie die iets voor de schulte lieten vastleggen kwam veelvuldig voor, waardoor deze personen hieronder niet te vinden zullen zijn. Desondanks is hiermee een rijke bron van informatie ter beschikking gekomen.

Gezinus Grissen

Hardenberg, 28 augustus 2002.



akte 01

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 2

microfiche 1, 6e rij, nr. 2

Martis den 27 Mey 1628

Sijn alhier in den Gerichte gecompareertt Jan Hendricks ende Wessel Hendricks gebroeders, als geciteert sijnde van hare stieffmoeder Eelcke Hendrickx woenende tott Gramsbarghen ende datt weghen de goederen, soo aan Hendrick Wessels ende Eelcke voorschreven als eheluyden hebben gepossideertt ende Hendrick Wessels door dood de selvige op sijn voorschreven twee soonen voor de gerechte helfte heeft verarvett ende den andere helfte haer Eelcke competerende, welcke hare andeel de voorschreven kinderen tot noch onder haer gefanghen hebben ende noch sijn possiderende, ende de selvighe verseeckerde nevents alle opgehavene frugten te moogen erlanghen, hebben de voorschreven gebroederen voorgedraghen hoe datt die diaconen deser carcke eenigen penninghen sustineren an den vader ende stieffmoeder tot haer onderhoudinghe utgedeelt te hebben, de welcke sij ut de goederen weder bent vorderende, soo verclaren opgemelte comparanten datt sij haer stieffmoeder voorschreven haer quota ende andeel ten vollen willen laten volghen ende toecomen, mits ende alvorens datt de diaconen eerst sullen sijn gecontenteertt, gelijck haer dan sulckes oock rechtelijck wertt gelast voorschreven weduwe haer goederen onbeschiett volghen te laten soo heeft ende wanneer sij met de diaconen weghen haer quota sal sijn vereenicht ende het Gericht daervan blijck gedaen. Actum Coevorden voor ceurnoten Adryaen van Isselsteyn ende Leuwe van Vasten. Anno ende de ut supra.

                                                                                                                             Th. van Bemmel

                                                                                                                             Scholtes

 


akte 02

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 2

microfiche 1, 6e rij, nr. 3

Compareert in den Gerichte Albertt ter Haselhorst de jonge, seggende hoe datt hij utt cracht sekere testamentt de dato den 21e Marty 1622 bij sijn salige bestemoeder Fenna ten Haselhorst voor den richter Gerhaerdt van Aswede ende getuighen binnen Emlichem opgerichtt, van dier tijtt aen rustich ende vreedig hebben gepossideert seeckere hands ende gronden met alle zijne tehorighe landerijen, soo sijn opgemelte bestemoeder doenmaels bewoenet heeft, dan is nhue gebeurtt datt (hij buiten landes in heeren dienst sijnde) sijn vader Albert ten Haselhorst den Olden onder andere goederen, maer hem onderstaen heeft, den berch bij hett voorschreven huis staende aff te breken ende te vercopen aen eenen genaemtt Melchior ten Leemgraven, woenende in de Heerlickheytt van Coevorden ende alsoo den vader sulckx niet betaemtt, vermits hij clagher noch tegenswoordich in de possessie van het huis sij ende den berch daerbij behoorde verblijven te laten hebben, soo is het clager genootsaeckt sijn eygene goederen waer hij die weet te becoomen, weder an te metighen ende tot dien ende den coper voorschreven alhier doen citeren, versoeckende derhalve het Gericht gelieve de voorschreven Melchior ten Leemgraven bij rechte sententie te ordonneren, hem clagher den voorschreven berch weder te laten volghen, moghende sijn revengie off guarantt weder op de vercoper verhalen, alles met condemnatie van costen, hett Gerichtt den voorschreven testament gevisiteert, daerin bevonden datt de bestemoeder hem clager ut vrije hant de goederen datelicks overgetransporteert heeft, oock vertoontt (:mette erlanghen van Roeland Roodt:) datt hij de selve goederen ongeveer vier jaren bij het leven van de bestemoeder eygendomlick gepossideertt ende noch tegenswoordich possideert, de goederen verhuirende ende de huirpenninghen genietende is, oock verstaen der verclaringe van Melchior ten Leemgraven, als datt den vader van clager hem selffs al beswaert gevonden ende voorseide soon geweest heeft, vermits hij voor des soons actie hem gelooft heeft te guaranderen, verclaertt het Gericht dat gedaegde Melchior ten Leemgraven geholden sij (:gelijck hem dan oock opgelegt wertt:) den voorschreven berch, dewelcke clager af te leeveren off weder ter plaets te leeveren, daer hij de selve vandaen gehaelt heeft, ten ware dat hij met clager in de kuntschap conde accorderen ende hem den berch voor chelt affcopen, mits nochtans datt hij sijn schade ende guarantt op den voorschreven onwettelicken vercoper Albert ter Haselhorst an dede, off des selven goederen, sal moghen institueren ende verhalen, condemneren hem mede in de costen deses proches, tot Gerichtsmoderatie pronunciatum Coevorden coram me Scholtes, ceurnoten Adriaen van Isselstein ende Werner Hendricks des 4e Juny anno 1628.

                                                                                              Th. van Bemmel

                                                                                                             Scholtes

Melchior ten Leemgraven sechtt datt hij veel liever mach lijden ende consent draegt dat hij clager den berch tot sijnen huis volgens sententie voort antast, ende sijn wil daer mede doet voor dat hij hen weder ter gehaelder plaets solde brengen.

 


akte 03

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 34

microfiche 1, 2e rij, nr. 6

Roeloff Synck, van weghen Hoogher Overicheyt Scholtes tot Coevorden ende Schoonebeeck, doe cundt ende certificere in ende vermits desen openen besegelde brieve dat voor mij ende mijne coernoten hier nae benoempt, in den Gerichte erschenen ende gecompareert is, Jan Prengher woonachtig tot Loose (:mede caverende voor sijn vier gesusteren:) ende becande voor hem ende sijn huisvrouwe Albertyen, dat hij tot sijn ende sijne gesusteren behoeft hadden opgenomen ende ontfanghen, voor sekere tijt geleden, van Roeloff Clumper ende Swane sijn huisvrouwe woenende tot Holthoen, de somma ad één hondert daelder, ad dartich stuffers 't stuck, de selve penninghen, also tot 's gemene kinder vordel wederom gemployeert, alsoo dat Jan Prengher, voor hem ende sijn gesusteren in voriger qualiteyt, den gemelten Roeloff Clumper ende sijn huisvrouwe ende arffgenamen voor de voorschreven penninghen tot een speciael hipoteecqs ten onderpant stellet, seeckere gerechte dardendeel van een stucke landts, groot omtrent vier dachwarcken, genaemt Lipmans Maeth, onder d' Heerlickheyt Coevorden geleghen, het selvige landt, den voorschreven Clumper bij deese voor de intressen in 't gebruick overgenemen, omme also selve, off door anderen te gebruicken, off gebruicken te laten, soo ende als den voorschreven Clumper sal gelieven, met dese conditie, ende so langhe geduirende tot dat dese voorschreven penninghen wederom ten vollen opgebracht ende betaelt sijn, naer dat den eenen den anderen (:wien het aen beyden sijden gelieft:) de losse een halff jaer te voren sal hebben aengecondighet, voor welcke rustighe gebruick, alsmede voor den betalinghe ende hipotisatie, Jan Prengher de wachtingh ende waringh anneempt, ende allene daervoor in staet ende sijn persoon ende goederen verobligeertt. Alles oprecht, ende waren ceurnoten des Gerichts, Adriaen van Isselstein ende Jan Tallen. In warer oorconde ende bevesteniss deses, hebbe ick Scholtes deses onderteckent ende mijn Ambtszeghel wettelick an desen brieff ghehanghen op den 5e september anno 1629.

                                                                                              R. Synck

                                                                                              Scholtes

 


akte 04

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 78

microfiche 1, 3e rij, nr. 4

Op den 16e november anno 1629 compareerde in den Gerichte, Luichghen Jans woenende op Coenders te Holthoen ende Harmen Jans anders op het Holt genaemd, deeden cessie, transportt ende opaffdracht van alsodane arffenisse ende verstarvenisse, soo ende als hare door doode van haren salige suster Fije Jans de huisvrouwe van Marten Schaemhartt angenomen ende angestorven mach sijn, alles tott provijtt, schaede ende baaten, van den voorschreven haren swagher Martten Schaemhart voorschreven, de welcke hare quota ende andeel, so sij cunnen verdedighen, sal moghen anveeren, schulden ende lasten betalen, ende met de selve arffenisse doen ende laten so sijnen goeden wil wertt toedraghen, doende hiermede nu ende te euwighen dagen affstant, vertichenisse, met handen ende monden ende alle wijdere rechten, hier te gehorende ende gebruickelicke, vermenen oock niet dat haren andere gebroederen, haren swagher voor haer quota oock sullen eenigh molestatie an doenn, maer mede alles tot schade en baaten van haren swagher voorschreven overdraghen, ende willen hiermede van alle actien ende anspraecke, 't sij van Jurryen Lubberts als andersints, vrij ende ongemolesteert sijn ende blijven, alle het welcke Marten Schaemhartt angenomen ende geanexteert heeft. Aldus geschiet voor mij Scholtes ende ceurnoten Adraen van Isselstein ende Luichghen Jans, datum als boven.

                                                               Luegen Jaensen

                                                               Adr. van Isselstein                              R. Synck

                                                               1629 11                                                  Scholtes

                                                                       16

 


akte 05

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 130

microfiche 1, 5e rij, nr. 8

Op den 22 Juny anno 1630 compareerde in den gerichte Luitghen Dircks van den Hardenbarch, segghende hier datt hij op gisteren to Emlichem sij geweest om de getuichenisse van Weggenbackers 't homs, dan also de selve tott gheen eedt te doen wilde coomen, is de saecke so verre gebracht, datt hij toen de gerechte helffte angenomen heeft, van de dartich daler soo de kinderen van Harmen Luichghens van Luitghen Dirckx hebben alhier rechtelijck gevordertt te betalen, ende datt veerthien daghen nae Sint Jacob ancomstich, met welcke betalinghe de moeder van de voorschreven kinderen genaemt Griette Mullers is vredich geweest, also datt hij Luitghen Dircks me noch solde moeten betalen de andere helffte tot gelijcke vijfftien daler, waeromme hij alhier in 't Gericht heeft doen coomen Harmen Wysen, den oom ende medemomber van den voorschreven kinderen, hem deesen arrest voorgedraghen, ende verclaert alsoo geschiet te sijn, ende wijders versicht ut den proches ende gedane arrest ontledighet te werden, annemende ende gelovende de resterende helffte tott vijfftien daler an de voorschreven neeff off de mombaaren mede te voldoen op gelijcke tijtt, naementlijck op den huy dach naer Sint Jacob voorschreven, mits datt Harmen Wysen hem volgoedichet (ansiende hij Luitghens onschult, ende de grote schult van te meerseide Dircks, waerende Luitghen mij meesten ende costen geraeckt) te goede geeft tot de gedane costen, bij hem Luitghen angewendtt vijff Carolus guldens, alsoo dat hier mede den proches gecasseert ende den voorschreven Luitghen Dircks ut den arrest sij gerelaxeertt. Actum ut supra.

                                                                                                                                            R. Synck

                                                                                                                                            Scholtes

 


akte 06

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 188

microfiche 2, 3e rij, nr. 3

Den 13 January 1632, ceurnoten Evert Wilms ende Frans Stellinghwerff.

Roelof Wesselingh ende Melchior Leemgraven versaecken dat Hyndrick Jansen backer hen sal ter handen stellen ende laten toecomen, copia van sodane brieff van de grondt daerop hij is woenende.

Heindrick Jansen secht niet schuldich, noch geholden te sijn, alle menschen sijn brieven te toonen, is dese grondt lange van voor sijn tijt ende oock bij sijne tijt met rust ende vrede bewoent, sijnen grondt niet van claghers, maer van Roeloff Bilderbeeck g'erft, ende is ongeweert mit wil van den vercoper 14 jaren betimmert geweest, kennende also dese claghers niet, hebbende oock sijn brieven niet hier, maer inden dese claghers cunnen bewijsen, off vermenen dat Heindrick Jansen enige grondt heeft die haer toecomt, moghe sulck bewijs tonen ende hare actie nae manier van recht tegens hem institueeren sal alsdan sijn bescheit vroech genoch thonen, versaeckende hier mede te moghen volstaen.

Hett Gericht op alles geleth hebbende, namtlicke datt Heindrick Jansen ende sijne voorsaten, die grontt 14 jaren rustich ende vredich hebben gebruickt, verclaren dat claghers naer lantrecht Lib. 1, Tit. 14 rechtalt. 1, gehouen sijn, soo sij vermenen eenighe actie op den grontt te hebben, also sulckes nae manieren van recht in te stellen ende te vervolghen en geen oversulx voor alsnoch van haer versaeck vrijkennende ende absolveerden. Pronuncit vise.

 


akte 07

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 212

microfiche 2, 4e rij, nr. 7

Roeloff Synnck, wegen Hoger Overicheyt Schultus tot Coeverden ende Schoonebeecke, doe condt ende bekenne dat voor mij ende ceurnoten nabeschreven in den Gerichte gecompareert ende erschenen is Melchior ten Liemgraven met Anna zijn echte huysvrouw, de rato mede caverende voor haere rechte erffgenaemen, lijden ende bekanden in eenen steden, vrijen, vasten ende onwederoepelijcke erffcoop met goeden beraede ende vrijen wille vercofft te hebben, sulcx zij oock deeden ut crachte deses, erfflijck, eewichlijck ende immermeer aen Engbert Hendricks met Fenne zijn echte huysvrouw ende haere rechte erffgenaemen, de gerechte helfte van een vierdepart van Staats hoylandt, alsmede de gerechte helfte van zijn vierdepart in Busen hoylandt, te saemen gelegen onder den Clockenslach Coeverden, 't welck een wandelinge is dat alle jaaren omme goret, gelijck als Folckeren kinderen dat oock gebruycken, streckende op ende daall gelijck als aldaer al de andere landen liggen ende dat voor een somme van penningen, daervan hij bekande voldaen ende betaelt te zijn den lesten penninck metten eersten, derhalven hiermede transporterende ende overdraegende de selwige helften van de vierdeparten vooren benoempt, aen Engbert Hendricks, zijn echte huysvrouw ende haere rechte erffgenaemen, omme het selwige te mogen vercoopen, versetten ende huieren ende alieneren ende te laten daer het hem Engbert, zijn huysvrouw ende Hendricks zijn rechte erffgenaemen, tegenwoordich op Schoonebeecke wonachtich, alderbest believen sall, onbespiert van hem Melchior ten Liemgraven, zijn huysvrouw ofte haere rechte erffgenaemen ofte van imant ter werelt die daer op spreecken mochten met eenige rechten, het zij geestlijck ofte wereltlijck daer hij Melchior voor caveerde ende inne stonde, ende te allen tijden de noot vereyschende goede ende oprechte waarschap nae Landrechte belooffde te doen, ende dat onder verbantennisse van alle zijne goederen, roerende ende onroerende, gheene daervan utbescheyden, ende dit alles sonder arg ofte list. In waerer oorcunde ende meerder vestennisse, soo hebbe ick desen ten beede van Melchior ten Liemgraven desen neffens ceurnoten, als waeren Dr. Everardus Tijens ende Evert Welinge, met onse gewoontelijcke handen ondergeteeckent, ende ick als Schultus met mijn amptzegell bevesticht. Actum Coeverden den 4e Juny, olde stijll, anno één duysent ses hondert ende drie ende dartich ende was de principales deses in fransijn geschreven ende met een lanck uthangende zegell in groene wasse gedruct. [4 juni 1633]

ondergeteeckent

Ro. Synnck                                                                                                         Everharh. Tijens

Schultus                                                               Ro. Synck                                    Evert Welynck

                                                               Schultus

 


akte 08

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 289

microfiche 3, 3e rij, nr. 7

Roelef Sinck, wegen Hoger Overicheyt Schulten tot Coevorden und Schonebeecke, certificere mits desen dat alhier in den Gerichte gecompareert ende erschenen is Hendrick Ensinck, de welcke in persona tot Gramsberge geweest ende Hendrick Walraven angesecht dat hij binnen Coevorden op dato deses solde in de Gerichte compareren ende leverantie doen van twe dachwerck hoylandes bij het Coeversche Broeck gelegen, soo hij aen hem vercoft ende belooft hadden vergangen mey te leveren, waerop Hans Muller van Emblichem in spieringe gedaen ende Gerichtlicken verbot gevolget is, hebbende gemelte Ensinge dieswegen versocht de leverantie van dien, de wijle de cooppers aen Hendrick Walraven voor desen ten meesten waere betaelt, mede expres hem angesecht dat hij alle dien angande costen, schade ende intressen solde refinideren ende betalen, daerop Hindrick Walraven belofte hebbe gedaen op huyden dato deses alhier in de Gerichte te willen compareren ende clager schadeloos te holden.

Ende de wijle sulckx niet is geschiet, noch Hendrick Walraven in persona, noch yemant last hebbende is gecompareert, soo protesteert de voorschreven Hendrick Ensinck ten hoochsten van alle gemelte costen ende expensis, soo gerechtelick gedaen als namaels hier omme moghen geschieden.

Daer dit aldus geschiede ende Hindrick Ensinck hier van acte in forma versochte ware, neffens mij Schultus als ceurnoten Pieter Lambers Bannier ende Gerrit Benninck, de welcke desen nevens mij hebben onderteeckent. Actum Coevorden den 14e July anno 1634.

                                                                                                                             Pieter Bannier not. publ.

Gerrit Benninck

 


akte 09

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 2

microfiche 2, 2e rij, nr. 3

Roelof Synck, wegen hoger Overicheyt Schultes tot Coevorden ende Schoonebeecke, certificere mits desen openen besegelden brieve, dat voor mij ende ceurnoten onderbenoemt op dato deses in den gerichte gecompareert ende erschenen sijn Frans Joannis Stellingwerff ende Grietgen Pensing echteluyden, verclaerden ende bekenden voor haer ende hare erffgenamen in eenen steden en vasten erffcoop, erfflick ende immermeer duirende aen Melchior van Leemgraven ende Anne Egberts sijne huysvrouwe ende erffgenamen vercofft ende opgedragen te hebben, seeckere stucke saeylants, ongeveer anderhalff mudde gesaeys groot wesende de helffte van Cocks Camp, waervan d' ander helffte ten Vliechuys is toebehorich, gelegen ende streckende met het eene eynde aen Contresaegs Grafft, ende met den zijde aen 't Olde Diep nae het steenhuys toe, waeraen ten westen schiet het landt van Roelant Roots weduwe offte erffgenamen, ut welcke vercopers helffte daer kop gaet, een schepel garste tot den saecke Pastory ten Coevorden behorich, 't welcke copers tot haren laste beholden nemen,

alles voor eene somme van penningen die vercoperen bekenden van de coperen ter voller genoege wel ontfangen te hebben en betaelt te sijn, den de lesten penning metten eersten, bedanckte goeder en volcomen betalinge, aennemen ende belovende 't selvige stucke vercoffte ende bij coperen overgedragene landt voor haer en hare erffgenamen, de coperen te wachten, waaren en volcomen warschap te doen voor alle actien off prætensen, soo hierop offt tegens mochten (:'t sij geestlick off wereltlick:) voorcomen off gepretendeert werden. Alles sonder erch offt list. Daer dit aldus gefönden waren nevens mij Schultes opgemelt als gerichts ceurnoten Robert Nudsungh en Hendrick Everts. Ten waren oirconde, heb ick desen nevens vercoperen ende voornoembde ceurnoten ondergeteeckent, ende mijn segel tot meerder vestenisse (:ambtshalven:) onder desen gehangen. Actum Coevorden der sesten Mey anno 1635.

R. Synck

    Schultes

 


akte 10

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 397 en 398

microfiche 4, 4e rij, nr. 5

Roeloff Synck, wegen Hooger Overicheyt Schulten tot Coevorden und Schonebeecke, certificere mits desen openen bezegelden brieve, dat voor mij ende ceurnoten nabeschreven in eenen openen gerichte gecompareert ende erschenen sijn Jan Thomassen ende Swaentyen eheluyden, bekennende voor haer ende hare erffgenamen in eenen steden, vasten ende onwederroepelijcken coop vercofft ende utter handt affgestaen te hebben aen Jan Jansen van Gramsberge, Hendrikyen sijne huysvrouw, hare behuysing staende binnen Coevorden tusschen Hermen Nardinge ende Evert Poth op Pastoryengrondt. Alles voor eene somme van penningen die vercoperen bekenden van coperen voorschreven in goeden gangbaren gelde ter voller genoegen ontfangen te hebben ende voldaen te sijn, den lesten penninck metten eersten, bedanckende goeder ende volcomene betalinge. Doende hiervan vestychnisse en oplatinge met hande ende monde in besten forma gerechtlick vereyschende. Belovende ende aennemende voor haer ende derselver erffgenamen de gemelte behuysinge te wachten, waren ende volcomen warschap te doen voor allen ende een yeder, soo daer op off tegens solden comen te spreecken offte enige actie institueren. Mogende copers voorts mette voornoembde behuysinge doen ende laten, vercopen, veralieneren ende transporteren aen wien ende waer het den zelvige sal lusten ende believen, sonder inspieringe van iemant. Daer dit aldus gevonden waren nevens mij Schulten als gerechte ceurnoten Berent Bartelinck ende Gerrit Willemsen. Ten waren oorconde heb ick opgemelte Schulten desen met mijn ceurnoten ondergeteeckent ende tot meerder vestenisse mijnen zegel (:ambtshalven:) onder desen gehangen. Actum Coevorden den negenden Decembris anno 1635, stylo veteri.

Was ondergeteeckent

Ro. Synck                                                                                                            Berent Bartelinck

Schulten                                                                                                                             Gerrit Willems

Ro. Synck

Schulten

 


akte 11

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 3, folio 434 en 435

microfiche 4, 6e rij, nr. 7 en 8

Ick Roeloff Synnck, wegen Hooger Overicheyt Schulten tot Coevorden ende Schoonebeecke, doe kundt ende bekenne voor allen luyden met desen openen versegelden brieve, dat voor mij ende twee ceurnoten naebeschreven in den gerichte gecompareert ende erschenen zijn Hendrick Walraven tot Gramsbergen, mede de rato caverende voor Marichien Harmens anders Heyn zijn echte huysvrouw ende haer rechte erffgenaemen ende andere zijne consorten, Gerryt Hendricx nomine uxoris ende zijne rechte erffgenaemen, de rato mede caverende voor alle andere erffgenamen van zalige Roelof Janssen haeren overledenen neuv, als waeren Styntien Jeronimus, Aaltien Jeronimus ende Jannichien Jeronimus, geadsisteert met Hendricktien Harmens Boode op Leiden, Jacob Hendricks Vos Veerschipper op Rotterdam, ende Sioert Heyckes Backer, haere respective mannen ende voochden in desen, alles achtervolchde schriftelijcke versegelde volmacht van de Stadt Amsterdam de dato den 7e Aprilis anno een duysent ses hondert drie ende dartich in den Gerichte verthoont, als oock noch mede Mette ten Padthuys geadsisteert met haeren soone Jan ten Padthuys, mede de rato caverende voor Hendricktien ten Vliechuys, haere Metten suster, wiens part zij door coop te vooren aen haer hadde bekomen, lijden ende bekanden met rijpen beraede ende welvoorbedachten gemoede, in eenen steeden, vrijen, vasten ende onwederroepelijcke erffcoop, erfflijck, eeuwichlijck ende immermeer duierende vercoft te hebben aen Hendrick Hermens, Mary Geerts zijn huysvrouw ende haer erffgenaemen ende Geert ten Broecke, Trijne Roeloffs zijn huysvrouw ende haere rechte erffgenaemen, wonende in 't Laar, vier dachwerck hoylandts, gelegen onder den Clockenslach Coevorden, genaampt de Munnincks Maate, streckende met het eene eynde aen Wijerswolde ende met den anderen eynde aen de Stroom ende daeraen beyden zijden die van 't Padthuys naest aen gelegen, zijnde van 't Padthuys bekanden twe parten verkoft te hebben. Gerryt Hendricks voor hem selver ende als volmachtiger van de bovengeschreven andere vier parten, ende Hendrick Walraven met de zijnen thien gelijcke parten, en alles sesthien parten, ende dat voor den genoechsaeme somme van penningen, daervan zij bekanden ten volsten vernoecht ende betaelt te zijn, den lesten penninck metten eersten, ende belooffden daervoor inne te staen, wachten, waaren ende vrije waarschap te doen, ende hebben voorts daervan instaende gerichte oplaetinge ende vertychennisse gedaen met handt ende mondt als binnen Coevorden Stadtsrecht is, alles sonder arg ofte list. In waerer oorcunde ende meerder vestennisse hebbe ick Schultes voorschreven neffens mijn gerichte ceurnoten als waeren Jan Quants ende Jan Dircks, desen met onse gewoontelijcke handen ondergeteeckent ende amptshalven mijn segell hieraen gehangen. Actum Coevorden den 30e May, olden stijll, anno een duysent ses hondert ses ende dartich, ende was dese principalis in fransijn geschreven ende onderteeckent. [30 mei 1636]

Ro. Synnck                                                                                         Jan Quants

Schulten                                                                                                              Jan Dircks

Met een uthangende zegell gedruct in groenen wasse.

                                                               Ro. Synnck

                                                               Schulten

 


akte 12

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 1

microfiche 2, 5e rij, nr. 7

Timon ten Broecke, wegens Hoogher Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schonebeecke, doe conde ende certificeere in ende vermits desen dat voor mij ende cournoten naebeschreven in den Gerichte gecompareert ende verscheenen Harmen Loickas van Gramsbergen met Anna sijn ehehuysfrou, lyden ende levende aldaer, voor haer ende haer gerechte erven, hoe dat sij oprecht ende deughdegelijcks wegens verschovene penningen schuldich waeren Egbert Hendricks, de somma 100 Caroli guldens tot 20 stuvers stuck, belovende deselve te verrenten tot de aflosse toe met ses gelijcke guldens jaerlijx op Sant Jan midsomer, waerbij d' eerste jaer interest sal verscheenen wesen op dach voorschreven Ao 1644, ende alsoo onverjaert continueren ende voort gaen tot soo lange de gemelte 100 guldens capitael wederom aen voorschreven Hendrick Egbers, Hermtien sijn huysfrou, ende renten vollen comen gerestitueert ende betaelt sullen sijn, stellende in cas en misbetalinge tot speciale hypoteeq, seeckere stuckien ofte aenpart hoylant in de Hofstede, Prengers deel geheeten, geleegen in de Heerlijckheyt ende onder de Clockenslach bij Covorden, om in cas ofte gebreecke bij betaelinge de gemelte capitale penningen neffens achterstendige renten, costen ende schadeloos daeruyt te mogen vorderen ende nemen, ende ingevalle de de gemelte capitale penningen ende intresse daeruyt niet mochten connen comen verhypotiteeq sij eheluyden insgelijcken generalijcken alle haer andere meubel ende inmeubel goederen, geen exempt, waer de oock mochten bevonden worden. Indien oock één van beyde partien de capitale penningen wilde weeromme opbrengen ofte aflosrecht hebben sal een half jaer te voren de loskundinge, rechtelijck daer bij geschreven. In oyrconde mijn Scholtes hant ende Seygel ende cournoten Jan Raterinck ende Jan Schipper Ao 1643 op Sant Jan. [= 24 juni]

Registreert den 5 9bris 1643.

Ten Broecke

 


akte 13

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 1

microfiche 3, 5e rij, nr. 6

Timon ten Broecke, wegens Hooger Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schoonebeecke, doe cont ende certificeere in ende vermits desen openen versegelden coopbrieve hoe dat voor mij en cournoten nabeschreven in den Gerichte gecompareert ende in eygene persoon verscheenen den Edele Hendrik Geerts Schelham met Machtelt sijn ehehuysfrou, seghte ende bekende aldaer voor haer ende haere erfgenamen dat sij met vrije wil wel voorbedachte moede ende rijpe beraede in eenen steden vasten ende onwederroepelijcken coop erfsgewichlijck ende immermeerdurende, voorts uyt de hant afstaende, hadden vercoft, cediert ende in eygendoem getransporteert, sulx doende bij desen aen Egbert Dwars tot Gramsbergen, Batte Warmers sijn huysfrou ende erfgenamen, seeckere aenpart hoylant, geleegen in de Hofstede soo groot ende kleyn als deselve aldaer geleegen is, waerentegen Reyner Hendrix borger binnen Covorden de gerechte helfte in 't gebruyck ende hem met sijn erfgenamen eygendoemelijck toebehoort, dit alles voor een genoeghsame somma van penningen, soo de vercoper bekende voor hem ende sijne erfgenamen ten vollen al ende wel ontfangen te hebben, bedanckende deswegen coper ende erven goeder satisfactie ende betalinge, doende deshalven voorts van gemelte vercofte ende angearfde part hoylants, afstant, vertychennisse, quytscheldinge ende overdracht met hant ende mont ende alle rechten alhier gebruyckelijcken, mede aennemende onder verbant sijner ende erfgenamen goederen hetselve lant te wachten, waren ende vollen comen waerschap te doen voor alle de soo geestelijck als wereltlijck tot eenigen tijden daerop mochten comen te spreecken ofte actie pretendeeren. In oyrconde der waerheyt hebbe ick Scholtes neffens cournoten J. Raterinck ende Rolof Welinck Hendrick Jansen desen onderschreven ende tot meerder vestenisse mijn aengeboren Segel hier onder gehangen den 6 May 1644.

                                                                                                             Registreert in fidem

                                                                                                                             den 1 July 1644

                                                                                                             T. ten Broecke

                                                                                                                             Scholtes

 


akte 14

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 1

microfiche 3, 5e rij, nr. 6

Gericht geseten den 9 July 1644.

Scholtes Timon ten Broecke, cournoten Jacob de Graef ende Harmen ten Kley.

Compareerde Jan Scipper, proponeert volgende redenen waerom hij Hendrick Schelhams pent [=onderpand] wegens sijne vercofte behuysinge, landen ende gronden gerechtelijck alhier heeft doen arresteeren, allereerst derhalven ten bijwesen van Warnar ten Broecke als sijnes kinders medemomber, eyschet wegen sijn onmondige dochterken soodaene hondert daelder als hem wegen sijn salige bestevaeders goederen, gelijck andere hebben genoten, alhier op desen bereets quastie overgevallen is, alles met schaden ende interessen, alle reeds daer der gedaen ende noch te doen.

Ten 2de eyschende de comparanten de hondert gulden soo in 't compromis vermaeckt sijn met die daerop verloopene interessen.

Ten 3de eyschet Jan Schipper betaelinge wegen boeckschulden hem deugdelijcks competeren volgens sijn boeck, soo van geleeverde schoenen als andere waeren.

Machtelt Schyrbeeck als frouwe van Hendrick Schelham versocht het arrest onder cautie moge worden ontslagen, stellende ten dien eynde tot borge Hendrick Reyners de judicio sisti, de borghtocht bij de Gerichte geaccordeert, worden partien geordineert hinc inde haer saecken vermits inne te stellen. Actum anno & de ut supra.

                                                                                                                                            T. ten Broecke

                                                                                                                                                 Scholtes

                                                                                                                                            Harmen ten Kley

                                                                                                                                            Jacob de Graef

 


akte 15

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 4, 4e rij, nr. 1

Gericht geseten, den 3 Marty 1645. Scholtes Timon ten Broecke, cournoten borgemeester Jan Onias ende Harmen Maurits.

In saecken quastiens, wegens een ondergestelde schorte, van Griete Geerts, frouwe Geerts Arents onder Hardenborgh, aen Berent Berents, seggende sij Griete de genoemde schorte alleen voor 2 guldens hebbende verbonden, paraet sijnde deselve te betaelen en met het geene en behoorlijcke interesse daerop in dese sijn vervallen. Seggende sij Griete deselve schorte aen equise gegeven te hebben van dewelcke sij bij betaelinge van genoemde 2 guldens met restitutie begeert. Seght hierop ende tegens Berent Berents dat hij wel met den eersten alleen 2 guldens op de schorte als onderpant heeft verschoten, maer naemaels bij stipulatie deselve mede ten onderpande is gestelt ende gebleven voor omtrent 5 – 10 seckere Caroli guldens soo hem van voormaels was van Griete competeerende, welcke geaddeerde somma mede crijgende, seght hij paraet te sijn de schorte te restitueeren.

Replicando bij desen seght Griete Geerts deselve van ruse weder te eyschen, dien sij so gegeven heeft, nootsweegen onder 2 guldens bij haer ontfangen, ende onbehoordlijcken door een derde intervenient, als sijnde Berent Berents, daer door te sullende sijn ende wesen becortet, belovende nochtans behoorlijcken ende billick genoemde of penningen van Berent Berents te betaelende, seggende onwaerachtich te sijn deselve schorte naemaels hebbende vooruit voor penningen aen Berent verpandet.

Bij duplica intercedeert Berent Berents sijn frouwe sulck te bedde te leggen, tot gesontheyt comende seght hij sij bewijsen sal, de schorte daervoor mede te sullen sijn verbonden.

De schorte bij accommodatie ende tusschen spreecken van den Gerichte onder betaelinge van 2 guldens herstelt sijnde, heeft Griete aengaende alle weecken 5 stuvers aen Berent Berents te betaelen, tot dat de penningen resterende sullen sijn betaelt, Actum waeronder Berent onder Gerichtelijcke hantastinge is tevreeden geweest. Costen half ende half. Actum Covorden den 3 Marty 1645.

Jan Onyas                                                            Hermen Maurits                                                 Ten Broecke

 


akte 16

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 4, 6e rij, nr. 1 en 2

Gericht geseten den 12 Juny 1645.

Judex Timon ten Broecke, cournoten Cornelis As ende Jacob Connel.

Alsoo huyden dato ondergeschreven Johan Schipper, waerder van Fennetien sijn dochter, neffens den edele Warnar ten Broecke vollencomen opdracht het ende Reyner Hendricks in qualite als richtelijck gekorene mombaeren van Fennetien voorschreven, hebben volgens gevoeghde ordre van haer Gestrenge den Heeren Drosten Boetzelaer, vollencomen opdracht ende overdracht gedaen van des kints voornoemt beste vaeder ende beste moeders sijde, alsmede wegen desselven ooms Jan Geerts Schelhams legaet ende derhalven desen goet, onder allen gerichtelijcke voorbeholdende seeckere actie nopende eenige voor desen in den Gerichte gemoveerde quastie bij Schipper voorschreven op ende tegens Jan saliger ende Hendrick Schelhams, ende mede volgens ordre van den Heer Drost opgemelt de dato den 11 Juny 1645, t' samen ten request geappostilleert, blijvende Hendrick Reyners voor desen als borge de judicio sisti voor de voornoemde quastie volgens acte de dato des 9 July 1644 alsnoch verobligeert, soo hebbe ick Scholtes ten versoeck van Schipper ende mombaren voornoemd als opdrachtsmannen, ende Hendrick Schelham als aen wien de opdracht geschiet ende tegens dewelcke de quastie ten principael is openblijvende, desen ter oyrconde te protocolle gevoeght, om te strecken naer behoren. Actum anno & de ut supra. Scholtes Timon ten Broecke, cournoten den edelen Cornelis van Asse ende Jacob Connel.

                                                                                                             Cornelis van As                   T. ten Broecke

                                                                                                             Jacob Connel                       Scholtes

Heer Scholtes ende aenwesende cournoten.

Alsoo Jan Schipper voorbeholden heft seeckere quastie voor desen in den Gerichte begonnen ende geventileert, alsmede de borge Hendrick Reyners de judicio sisti de dato des 9de July 1644, bij de opdracht in voorschreven acte aengetrocken, soo is op dato tegenwoordich Hendrick Schelham, versoeckt dat hij deselve moge instellen ende vervolgens binnen 14 daegen à dato desen, ten eynde quastien met te buige ende verdrietich moge worden getrocken, met versoeck bij op weygeringe van versteck.

Jan Schipper dede eyschen 4 weecken om sijne raedes naeder te doen ende,

Ten hoofte gunt Jan Schipper den tijt van 3 weecken, edoch sulcke erheffelijcke reden hebbende om 4 weecken te moeten hebben tot expeditie van saecken, sal sulx nae 3 weecken ofte eerder aen den Scholtes hebben aenteghen. Costen van desen half ende half. Actum anno & de ut supra.

                                                                                                             Cornelis van Assen

                                                                                                                                                            T. ten Broecke

                                                                                                                                                                Scholtes

                                                                                                             Jacob Connel

 


akte 17

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 4, 6e rij, nr. 2

Timon ten Broecke, wegen Hoogher Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schoonebeecke, doe cont ende certificeere in ende vermits dese openen versegelden brieven, hoe dat voor mij ende cournoten naebeschreven in eenen openen gehegeden Gerichte gecompareert ende erscheenen sijn Reyner Hendricks, mede instaende ende gerichtelijcken caverende voor Frans Monick Sargeant, Swaentien sijn echte huysfrou, voorts Robert Nutz, endt samptlijcke geswageren, de rato caverende als mannen ende mombaren voor haere respective huysfrouwen, samptelijcke susteren, alsmede Trientien Geerts weduwe Tobias Gerhardi, geassisteert met de eerweerde, welgeleerde Onias Boethy, prediger alhier ende in desen haeren mombaer, seghten ende becanden getsamender hant ende elck in 't besonder haer voor haer ende haere erfgenaemen, hoe dat sij vrijwillich, met  rijpen beraede ende wel voor bedachte moede, in eenen steden vasten onwederroepelijcken coop erflijck eeuwichlijck ende immermeerduyrende, voorts uyt der hant afstaende hadden vercoft, cediert ende in eygendoem getransporteert, sulx doende bij desen aen Hendrick Geerts Schelham, dessen huysfrou Machtelt Schyrbeeck ende haere naecomelinge, haer comparanten swager, swagerse, broeder ende verw volgende verwanten alle ende soodaene alinge naelaetenschap ende erffenisse, als haer door doode van saliger Gee Jan Geerts Schelham haerer respective van swager ende broeder eenichsins naegelaeten ende alinge door sijtval aengeërvet is, speciatum soo haere aengestorven aenpart ende deel huyses ende met deselven olde annexe solsteden gerechtichde plaetse, gelegen aen de marckt met sijne annexen ende g volle gerechticheden, sampt veen ende meentendeel, den coperen genoeghsaem bekent ende aen gewesen, voorts in effecte alle mobile ende immobile goederen van wat naem ende conditie de oock mochten sijn, geene exempt, soo ende als haer respective desselve te quota quo naegelaeten ende met doode van haer Jan Geerts voorschreven ontruympt waeren, ende dit alles voor een begenoeghsaeme somma van penningen, soo den vercoperen becanden voor haer ende haere erfgenaemen ten vollen al ende wel ontfangen te hebben, den laatsten penninck met de eersten, bedanckende deswegen den coper ende erfgenaemen goeder satisfactie ende betaelinge, beloovende voorts den gemelte, de gemelte gecofte erffenisse te wachten, te waeren ende vollencomen waerschap te doen tegens alle die soo geestelijck als wereltlijck daerop mochten comen spreecken ofte eeniche actie praetenteeren, doende ten dien eynde voort vertychenisse, quitscheldinge, cessie ende overdracht met hant ende mont ende allen rechten alhier gebruyckelijcken. Alles sonder arch ende list. In waerer oyrconde hebbe ick Scholtes neffens mijnes Gerichts cournoten Coert Prins ende Jan Luychies desen geteeckent, voorts tot meerder vastigheit mijn aengeboren segel amptshalven hier ondre gehangen, geschreven in den jaere onses Heeren 1645 den 12 Juny olde stijl.

                                                                                                                             Registratum in fidem

                                                                                                                             den 17 Juny 1645

                                                                                                                             T. ten Broecke

                                                                                                                                Scholtes

 


akte 18

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 4, 6e rij, nr. 3

Timon ten Broecke, wegen Hoogher Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schoonebeeck doe cont ende certificeere in ende vermits desen openen versegelden brieve, hoe dat voor mij ende twee mijnes gerichts cournoten naebeschreven in den Gerichte gecompareert ende erscheenen sijn Jan Geerts Schipper vae als vaeder van sijn dochterken Fenneken Jansen, bij wijlen Aeltien Geerts Schelham gegenereert, voorts den edele borgemeester Warnar ten Broecke ende Reyner Hendrix, seghten ende becanden aldaer de vaeder wegen hem ende sijn dochterken ende de mombaers wegen haere pupille, hoe dat sij al bij 't levent van wijlen Jan Geerts Schelham ende Hendrick Geerts, beyde gebroederen, ten deele waeren voldaen, edoch bekenden in ten laesten vollencomen in den Gerichte, hoe dat sij in aller manieren waeren in forma voorseit gecontenteert, voldaen ende betaelt bij Hendrick Geerts Schelham, boedelholder ende eygene besitter van alle ende soodaene naelaetenschap als Fenneken voorschreven beste vaeder ende beste moeder Geert Wispelwey ofte Schelham ende Fenne sijn ehehuysfrou aen haeren dochter wijlen Aeltien Geerts ofte dessen ten respeckt van haer aen dessen mede beschrevenen ende legitime erven naegelae met dode ontruympt ende naegelaeten hadde, 't sij soo wegen mobile als immobile goederen, actien, crediten, contracten ende compacten, soo bij maniere van rechte als compromissen voor desen tusschen comparanten ende de boedelbesitters geventileert, jae van wat naem het selve mochte wesen, (: sijnde alles voorbeholden seeckere quastie bij acte ten protocolle huyden dato geteeckent :) voorts bekenden comparanten sich oock te vreden te holden wegen de naegelaetenschap bij sijtsval van Fennekes voorschreven oom Jan Geerts door legaet aen hare gegeven, bedanckende derhalven goeder voldaet, doende ten dien eynde sij comparanten soo van bestevaeders, bestemoeders ende oom Jan Geerts goederen voor haer aenpart vollencomen vertygenisse, quytscheldinge, cessie, opdracht ende transport met hant ende mont aen Hendrick Geerts Schelham swager ende oom in 't hant ende mont ende allen verderen rechten alhier gebruyckelijcken om met gemelte opgedragen goet te mogen doen ende laeten als hem Hendrick gelieven ende men met eygen goet doen mach. Alles oprecht ende sonder arch ende list. In waerer oyrconde hebbe ick Scholtes neffens cournoten den edelen Cornelis van Assen ende Jacob Connel, desen met eygener hant verteeckent, voorts mijn aengeboren segel tot meerder vestenisse amptshalven hier ondre gehangen, geschreeven in den jaere duysent ende seshondert veertich vijvden 16 Juny, stilo veteri [16 juni 1645, oude stijl].

                                                                                                                             Registratum eodem

                                                                                                                                            T. ten Broecke

                                                                                                                                                              Scholtes

 


akte 19

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 4, 6e rij, nr. 3

Compareerde in den edele Gerichte meester Meynert Fox ende heeft sich gerichtelijcks innegestelt als borge voor soodaene hondert daelder capitael, als Hendrick Geerts Schelham aen de Diaconie dier Gemeynte alhier schuldich ende plichtich is, luyt obligatie daervan onder d' interesse van ses gelijcke daelders ten hondert gepasseert, in dato des 1 decembris 1634, met beloften, op aencomende den eersten decembris desen jaers te procureeren, dat genoemde hondert daelder met d' interesse van dien sullen prompte worden betaelt, ofte bij gebreecke van dien, neempt meester Meynert voorschreven de Diaconen in sulcken voegen te bejegenen, dat sij sich sullen holden gecontenteert ende genoeghsaem wegen de verborgelde hondert daelders verseeckert. Actum Covorden in judicio, Scholtes Timon ten Broecke, cournoten Evert ten Schyrle ende Jan van Bilderbeeck, den 16 Juny 1645.

                                                                                                                             T. ten Broecke

                                                                                                                                   Scholtes

 


akte 20

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 5, 2e rij, nr. 8

In saecke van Egbert Dwars op ende tegens Trijntien Geerts, contendeerende hij als impetrant tot de betaelinge van 10 guldens 9 stuvers; heercomende 6 guldens van deren wegens de wijncoop over erve Remmerick te Holthoen gevallen, 4 guldens van groefbier ende 9 stuvers van 3 canne bier bij haer selfs gehaelt, alles in voegen de Gerichtelijcke propositie de dato des 15 novembris 1645 ende bij interlocutoyr decreet aen den Scholtes tot naerder overlegginge gestelt.

Gelet derhalven op de saecken ende 't geene dien betreft kenne ende verclare dat Trijntien Geerts sal opleggen ende betaelen voor eerst de somma van 4 guldens grafgelt haer in reeds bij sententie van haer Gestrenge den Heeren Drossart Boetzelaer gevalideert, voorts de genoemde 3 canne bier alsmede 3 guldens van de wijncoops penningen over die aencopinge van Remmeringe erve geloopen, blijvende voor een gedeelte, naemelijck 3 guldens sijnde, d' helfte staen tot sijn naerdere openinge van de samen geholden mobilen op het erve Remmerinck sal hebben gedaen, daertoe sij binnen 6 weecken geholden sal sijn. Costen geloopen half ende half om reden. Actum Covorden in judicio, Scholtes Timon ten Broecke, cournoten Reyner Jansen ende Lienart Christoffels, den 1 February 1646.

                                                                                                                                            T. ten Broecke

                                                                                                                                            Scholtes

 


akte 21

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 5, 3e rij, nr. 2

Gericht geseten den 23 February 1646.

Scholtes Timon ten Broecke, cournoten Joh. Raterinck ende Reyner Jansen.

Compareerden de Edelen diaconen desen Gemeente op ende tegens Angnes Hendrix weduwe Meyndert Fox, contendeerden concludendo tot opbrenginge ende betaelinge van seeckere 100 daelder als haer man als borge ende constituant voor Hendrick Schelham te Holthiem bij 't overleveren van een obligatie staende op seeckere huys van Hendrick voorschreven vercoft, promte hadde aengenomen te procureeren betaelt te sullen worden op den 1 decembris verleden jaers 1645 met beloften ende borge in sijnen eygen persoon, om in cas van misbetaelinge selfs de diaconen te contenteeren ofte te verseeckeren luyt acte ten protocol de dato den 16 juny 1645, maeckende eysen van costen solvis.

Angnes Hendrix dede volgens vertoonde handt ende aldaer geëyste uytstal, versoecken den uytstal van 3 weecken.

't Welcke door consideratien de weduwe is vergunt. Actum anno op de ut supra.

                                                                              Joannes Ratrings                                T. ten Broecke

                                                                              Reyner Jansen                                   Scholtes

 


akte 22

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 5, 5e rij, nr. 8

Als soo voor desen gerichte Meynert Fox saliger sich gerichtelijck hadde ingelaeten als borge voor seeckere hondert daelder capitael als Hendrick Geerts Schelham ende Machtelt sijn ehehuisfrou aen die Diaconie deser gemeente schuldich ende onder verbant sijner goederen plichtich waren, ende daervan bij 't vercoopen van Hendrix goederen onder genoemde borghtoch geschiet den 16 Juny 1645 geregistreert, de versegelde brief was aengelevert, ende belooft ende vastelijck gestipuleert was dat op den 1 decembris 1645 gemelte hondert daelder promtelijck betaelt ende opgebracht solden worden, soo ist dat tegenswoordich, nae gedaene ende verscheyden minnelijcke interpellatien ende gerichtelijcke aenspraecken, op 't uytblijven van betaelinge bij die diaconen geschiet, tot voorcommge van costen, gecompareert ende erscheenen sijn Hendrick Schelham ende Machtelt Schyrbeeck eheluyden alsnoch ende hebben gerichtelijck aengenoomen ende belooft op aencomende Michaelis 1646 promtelijck die helfte, naemelijck 50 daelder, op te brengen ende met sijne achterstallige interesse te betaelen, ende die ander 50 daelder op soodaene termijn ofte conditien als aldan hinc inde sal worden goet gevonden ende bedetigen, ende alsoo hij Hendrick Schelham hier geen eygen goederen is hebbende, soo ist dat Hendrick Reyners borger alhier neffens Agnes Hendrickx weduwe Fox in eygenen persoon elck in solidum sich als borge hebben gestelt voor gemelte haere oom ende neef Hendrick Schelham, om in cas van misbetaelinge gemelte capitaele somma van hondert daelder cost ende schaedeloos van haer ende onder verbant haere goederen te mogen innen ende gevordert worden. Alles sonder arch ende list. In waere oyrconde hebbe ick Scholtes Timon ten Broecke neffens mijnes Gerichts cournoten Reyner Jansen ende Harmen ten Kley deser ter presentie van de borgen verteeckent ende ten protocol geregistreert. Actum in judicio den 14 May 1646.

                                                                                              Reyner  Jansen                                   T. ten Broecke

                                                                                              Harmen ten Kley                                Scholtes

 


akte 23

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 7, 4e rij, nr. 7

Timon ten Broecke wegens hoogher Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schoonebeecke, oyrconde ende certificeere in ende vermits desen openen versegelden brieve ten instrumente, hoe dat voor mij ende mijnes gericht cournoten nabeschreven in den edelen gerichte gecompareert ende erschenen sijn den edele Jan Geerts woonachtich te Noort Laeren, dragende cracht in saecke ende volmacht van Grietien Derckx sijne huysfrou, voorts van Hendrick Hendrix, Jan Mensens, Jan Hendrix, Otto Hendrix, Alof Hendrix ende haere respectieve frouwen, voorts oock van Jan Geerts te Assen ende Egbert Alberts ende haere respectieve frouwen, alsmede van Jantien Geerts sijne suster, sijnde noch jonghe dochter, in gevolge twee respectieve gerichtelijke volmachtsbrieven van de Scholtes ter haeren den 2 Juny 1648 afgegeven ende in forma vertoont, voorts is mede gecompareert Grietien Alberts vrouwe van Willem Jacobs geassisteert met Jan Geerts voorschreven, vertoonende volmacht van Jan Lippes ende Egbert Jansen op Harmen Martens gepasseert ende bij sieckte ende kranckelijcke ongelegentheden op comparanten voorschreven overgedragen alsnoc de dato den 2 Juny 1648, als noch is erschenen in eygenaer persoonen Rolof Rebbers volmacht ende instaende ende volgens eygen hant des 20 May 1648 geteickent bij quitance voor sijn swaeger Cornelis Fockens, alsmede noch sijn in eygenaer persoonen erscheenen Jan ende Warnar Luyties woonachtich te Holthoen, pro capite ende hooft voor hooft samentlijck ende elck om egaale quote erfgenaemen van salige Harmen op 't Holts, erfgenaemen inde naelaetenschap haere respectieve salige verstorven oom, seghten ende becanden aldaer voor haer selven ende mede in qualite voor haere constitantien ende frouwen cracht volmacht daer van in forma vertoont ende bovenaen getoogen, hoe dat sij met vrije wille ende welvoorbedachte raede, hadden vercoft gecediert ende overgedraegen, doende sulx cracht deses vast, immermeerduyrende ende onwederoepelijcken, aen Hindrick op 't Holt ende Derck op 't Holt, gebroederen, haere comparanten neeven, ende van eenen sijde mede erfgenaemen van de halve erfenisse van salige Harmen op 't Holt ende sijn salige frouwe Geese op 't Holt eheluyden naegelaeten, alle ende soodaene alinge erffenisse ende naelaetenschap, als haer actien sij mobel als immobile goederen, actien ende crediten, geene exempt ofte uytbesondert, als bij genoemde Harmen op 't Holt ende sijne frouwe Geese naegelaeten ende bij doodt ontruymigt sijn, in gevolge seeckere accoort den 4 Aprilis 1641 ten overstaen van goede mannen, gevonden ende genoeghsaem verteeckent ende nu tegenswoordich bij desen gerichtelijck ende goede bekent.

Dit alles voor een genoeghsaeme somma van penningen als sij comparant bekenden voor haer ende in qualiteit voorschreven van ten vollen all ende wel ontfangen te hebben, den laesten penninck met den eersten, bedanckende gemelte Hendrick ende Derck op 't Holt ende haere frouwen ende erfgenaemen goeder voldaet ende betaelinge, met belofte gemelte vercofte erfgenaemen te willen wachten ende waeren voor ende tegens alle degeene soodane geestelijcke ofte weereltlijcken mochten opspreecken ofte eenige actie pretendeeren, ten dien eynde doende bij desen gerichtelijck ende in solemni forma cessie, vertychenisse, cessie ende overdracht, met hant ende mont naer rechten alhier gebruyckelijcken, renuntieerende allen exceptien desen enichsins contrarieerende, ende de cooperen haere respectieve neeven stellende in vollen rouwigen ende euwichduyrende possessie ende eygendoem, ende alsoo Jan ende Warnar Luyties noch een broeder hebben waeren buytens landes sonder te weten waer ende op wat plaets, genaemt Rolof Luyties, soo is dat gemelte Jan ende Warnar verclaert hebben voor haer broeder Rolof in te staen, deshalven sij neffens andere haer broeders quota ontfangen hebbende, mede hebben gedaen cessie ende overdracht in forma verhaelt voor haeren broeder. Stellen sonder arch ende list. In waeren oyrconde hebbe ick Scholtes neffens mijnes Gericht cournoten den edelen Jan Mauris ende Jan Pruyst borgermannen, alsmede comparanten voornoemt voor haer ende de haeren selfs, alsmede voor de geen sij cracht gene vertoonden volmachten caveeren ende respondeeren deesen verteeckent, ende tot meerdere vestenisse mij aengeboren Segel hieronder gehangen. Actum Covorden desen in den jaere onses eenigen salichmaeckers Jesu Christi duysentseshondertviertig negen acht, den twaelften Juny de Odolfi, stilo veteri. [12 juni 1648, oude stijl]

 


akte 24

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 2

microfiche 7, 4e rij, nr. 8

Timon ten Broecke wegens Hooger Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schoonebeeck doe cont ende certificeere in ende vermits desen dat voor mij ende mijnes gerichts cournoten naebeschreven gecompareert ende erscheenen is Anna Melckers weduwe van wijlen Egbert Jansen in de Meene, geassisteert met Melcker ten Leemgraven haer vaeder ende in desen geadmitteerde momber, lyde ende becande aldaer, voor haer ende haere erfgenaemen, hoe dat sij met rijpen beraede hadde vercoft, cediert ende in eygendoem getransporteert, aen Berent op de Lutteke Scheere, Aeltien sijn huysfrou ende haere erfgenaemen, soodaene middaghmaeten ende een waerdeel daghmat hoylant als voor desen haer salige man Egbert Jansen ende sij van den edele Jan Bilderbeeck, Niessien sijn huysfrou, neffens van Anna Bilderbeeck volgens transfixbrief gecoft hadde, gelegen in de Hofstede onder de Clockeslach Covorden, alles met conditien inde transfix bedongen, met den vrije voerwegen nae de Holte heenuyt. Dit alles voor een genougsaeme somma van penningen, soo vercoperse beleende, voor haer ende haeren erfgenaemen ten vollen al ende wel betaelt te sijn, de laetste penninck met de eerste, bedanckende deswegen den coper ende erfgenaemen goeder voldaet ende betaelinge, onder belofte gemelte vercofte hoylant te wachten, te waeren ende tot allen tijden daervan ende den waerschap te doen voor alle de soo geestelijcke als wereltlijcken ten ééngentijden.

                                                                                                                             Registreert den 20 Juny 1649

                                                                                                                             T. ten Broecke

 


akte 25

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 3

microfiche 10, 2e rij, nr. 5

Timon ten Broecke wegens Hooger Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schoonebeeck doe cont ende certificere in ende vermits desen openen versegelden obligatienbriev dat voor mij ende cournoten naebeschreven in den Gerichte gecompareert ende erschenen sijn Hermen Egberts, tegenswoordigh woonachtigh op 't Wagensvelt in 't gebiet van Heerlicheit van Covorden met Wibbe sijn echte huysfrou, segten ende bekenden aldaer, voor haer ende haeren erfgenaemen, hoe dat sij oprecht ende deugdelijcken schult schuldigh ende plichtigh wahren an Jan en de Warnar Luytgens, gebroederen woonachtigh tot Olthoen, respective swagers van voornoemde Hermen Egberts ende der sulker beyder erfgenaemen, den somma van twehondert Caroly guldens ad 20 stuvers Brabants 't stuck gerekent, hem tonende van goede gevende verschoten ende bij haer eheluyden te dancke ontfangene en de opgenomene penningen, voor dewelke twe hondert guldens capitaell bij eheluyden voorschreven in 't gebruyck doen, sullende op Mey 1650 aenvaerden Jan en Warnar Luytgens sodaene haere anpart hooylandt in Holter Landt gelegen ende met de Clumper tot Olthoen mandeligh hebbende en de comparanten eigendoemlijck toebehorende, gebruykende 't geseyde anpart hooylandt ende genietende jaerlijx het vrugtgebruyck ende gewas daervan ter tijd ende soo lange de gemelte twehondert guldens capitaell wederom opgebracht, voldaen ende betaelt sall sijn, belenende het gewas steeds in plaetse van interesse ofte recht ende soo wanneer den voornoemde eheluyden comparanten in desen de gemelte capitale somma wilden wederom afflossen, sall de opsegginge om vierdelen jaers te bevoren wettelijcks daervan worden gedaen, is mede expresselijcks bedongen dat het anpart, soo comparanten weder in het landt noch in 't gebruyk hoefde worden  verhypotiseert sall verblijven ende bij Jan ende Warnar voor haer overlijden aengecoftet moegen worden ende gebruyket ter tijd ende soo lange die penningen voorschreven ten vollen wederom opgebracht ende betaelt sijn. Aldus sonder list en wahren oyrconde hebbe ick Scholtes neffens cournoten Jan Ratring                                     ende comparant dese ondertekent, is tot meerder seckerheyt mijn angeborene segel hyronder verhangen. Actum in judicio anno 1650 den 1 May.

                                                                                                                             Registreert den 2 May 1650

                                                                                                                             T. ten Broecke

                                                                                                                             Scholtes

 


akte 26

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 3

microfiche 11, 4e rij, nr. 5

Judicium in casu arrest den 27 october 1651.

Scholtes Timon ten Broecke, cournoten Hendrik Evers ende Reyner Jansen.

Compareert en den edele Gerichte Dr. Johannes Pickhart, prediker, hebbende doen arresteeren Jan Luyties van Holthoen, ende bij dach van rechte voor den Gerichte doen brengen, proponeerde hoe dat de pastorie uyt het erve Coenders te Holthoen, daer den gearresteerde huyrman van is, jaerlijx competeeren 11 schepel roggen ende 16 schepel garsten ende tyn olde fleemschen, voren ende alsoo den huyrman daer toe geholden sijnde, niet is betaelende van de jaeren 1648, 1649 ende 1650 jaerlijx op Martinen verschijnende, als alleen 1648 22 guldens ende 1649 oock 22 guldens ende 1650 22 guldens, soo versoeckt sijn edele dat den gearresteerde bij den edele Gerichte geholden mogen worden om 't superplus van de drie jaeren te betaelen ende voorts de geëyste parcelen van 't jaer 1650 te cederen nae advenant van dat het coren geholden heet. Met eysen salvis.

Jr. Johan Godefryd van Ense ter Grote Scheer interveniëndo voor sijn meyer Jan Luykes dede ten eersten wel expres protesteeren van costen, ende seght primo dat de meyer aen den heer Pickhart niet schuldich is veel min sijn weledele selfs, want belangende de jaeren 1648, 1649 ende 1650 deselve bent betaelt, volgens quitancen in den Gerichte vertoont, voorts wat belangende bent de 11 schepel roggen, 16 schepel garsten ende de tyn olde [fleemsen uyt] sijn weledele, dat voor desen jaerlijx bent geredimeert, luyt attestatie van Dno. Onia Boethy, bij de vorige predigers met gemelte 22 guldens vermogens vertoonde quitancen ende nu oock in genoemde jaeren aen mijn heer Pickhart, van gericht des voorts dat gemelte fleemsen uyt het gemelte gevet, met sijn gaenden versoeckt deshalven dat sijn meyer van desen instantie ende arrest moge worden ontslagen.

De heer Pickhart dede eyschen copia van alles ende tijt van 3 weecken om naerder daerop te doen, mits dat de gearresteerde door desen aenhangigh moge worden gemaeckt, gelijck hij bij hanttastinge heeft aengenoomen.

't Gerichte gelettet op het hinc inde geproponeerde, staet den impetrant sijn eysche van uytstal ende copiën toe, vondende nu middels goet dat als dan de aenspraecke bij naeder renfortie claer moge worden gededuceert in scriptis, voorbeholdens den verweerder sijn sal value in gelijcken forma. Dispositie van costen à finem reserveerende. Actum ut supra.

                                                                                                             Reyner Jansen                   T. ten Broecke

                                                                                                             Hendrick Everts                        Scholtes

 


akte 27

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 3

microfiche 11, 4e rij, nr. 7

Gericht geseten den 17 November 1651.

Judex Timon ten Broecke, cournoten Hendrick Oleminck ende Jan ten Kley.

In saecken Dr. Johannis Pickhart, den 27 october 1651 bij arrest op Jan Luyties meyer van Coenders te Holthoen, geïntenteert interveniëndo Jr. Ens, destijds pro terminae dede den gedaen edele aenleggen, alsoo hij om de Lantdach te Nienhuys bij sijn hoogheyd Graef genaemt van Bentheym absent is, eyschen den tijt van 14 daegen om in conformite van 't gewijsde als dan te antwoorden. Accordatie ut supra.

                                                                                                                                                            T. ten Broecke

                                                                                                                                                            Scholtes 1651

 


akte 28

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 3

microfiche 11, 2e rij, nr. 7

Timon ten Broecke wegens Hooger Overheyt Scholtes tot Covorden ende Schonebeeck doe kont ende certificere in ende vermits desen versegelde coopbrieve, hoe dat voor mij ende mijnes Gerichts cournoten nabeschreven gecompareert ende erschenen is den edele Claes Bennick, geadsisteert met de edele Geerdt Oeninge en Reiner Derx Brumpe, sijne swagers ende kinder oomen, segte ende bekende aldaer hoe dat hij tot aflossinge van schulden ende swaricheiden ende vordeell van sijne staet hadde verkoft, gecediert ende in eigendoem getransporteert, gelijck hij erfelijck ende immerduirende dede bij dese an Anna Melchers weduwe van salige Egbert Jansen in de Meene ende dessen erfgenaemen, 2 dagmaet hooylandt, gelegen achter den Galgenbergh, streckende ten noordoosten an 't Schonebeker Diep, ende ten zuytwesten an Geert Bonemans landt daer daer Luicas Tonnissen Smidt ten zuydtoosten den helfte van heft, in wegen des vercopers vader Jan Benninck het geheele stucke luyt transfix voor desen van Geessien Iburge heft gekoft, dit alles voor een genoegsame summa van penningen so de vercoper bekende ten vollen all ende welbetaelt te sijn, den leste met den eerste penninck, bedanckende de copersche gedane voldaet ende satisfactie, belovende ende annemende gemelte vercofte twe dagmaet landt, soo groot als sij daer leggen, te wachten ende wahren tegens alle soo geestlijcke als wereltlijcke opsprake, doende ten dien einde vertychenisse, cessie ende overdragt met handt ende mondt nae rechten alhyr gebruyckelijck, renuncieren alle exceptien desen contrarieren ende doe copersche ende den haren stellende in rouwige possessie ende eigendoem, alles sonder argh ende list. In wahren oyrkonde hebbe ick scholtes neffens cournoten Jan Warmolts Scheerhoren ende Jan Franckema desen alsmede comparant vercoper ende swagers desen geteyckent ende tot vestenisse mijn aengeboren segell hyr onder deren hangen. Titulus Covorden anno salutie 1652 den 1 Juny stilo veteri.

Onderstondt

T. ten Broecke Scholtes, Jan Warmolts Scheerhoren, J. Franckema, Claes Benninck, Geert Uninge, Reiner Derx Brumpe. Met een uythangen segell.

 


akte 29

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 4

microfiche 13, 6e rij, nr. 3

In Nomine Domini Auspicor annum

& opera mea quaso benedicat misi

ut & vita Oursum latiorem Largieten.

Gericht geseten den 6 January 1654.

Judex Timon ten Broecke, cournoten borgemeester Jan Onias ende Jan Scheerman.

Compareerde in den edele Gerichte Jantien Hillebrants, weduwe van wijlen Hillebrant Tulmetey, seghte hoe dat sij nu wederom sal treeden ten tweeden houwelijck met Andries Zeverwijns ende also bij 't leeven van haer salige man twee kinderen bij hem heeft geprocreert, genaempt Jantien ende Hendrickien Tulmetey, ende nodich dat deselve volgens Lantrecht met bequame voormombaren ende voogden worden versien, soo heeft sij aen den edele Gerichte doen brengen Derck Clumper van Holthoen, haer salige mans susters man ende alsoo volle oom van de kinderen, om oppermomber te sijn over de pupillen ende alsoo hij niet ervaeren is in 't scrijven ende naerbloetvrienden van dien sijt niet ende sijn, soo heeft sij Jantien Hillebrants alsmede de bestemoeder Gese Tulmetey, neffens Derck Clumper vrientelijck versocht den edelen Waldrick Does, borgemeester ende provandijmeester, als naeste naebuyr van de pupillen, om hem Derck Clumper als momber van haer salige vaeders sijde te willen assisteeren ende behulpelijck te sijn. Voorts heeft sij Jantien ten overstaen van haer vaeder Hillebrant Kiers aen den edele Gerichte doen brengen van haere sijde Jan Tonnis, volle oom van de kinderen ende Hendrick Jansen meensman als olde oom om de vooghdie mede te aenvaerden, ende alsoo de voorschreeven mombaer en vooghden geen wettelijcke excuses hebben weten voor te wenden, soo is 't dat het Gerichte haer heeft doen bevestigen invoegen sij hebben belooft bij hanttastinge op haer hooghste conscientie  in eedes plaets, den pupillen personele op sicht te holden, ende goede inventarium van dessen goederen te willen maecken ofte bij goeden overslach dispositie te hervorderen waeraen der kinderen best sal worden sijn gesocht ende daerdoor d' affectioneerde vrientschap tusschen moeder ende kinderen sal connen worden erholden, aller naer haer beste vermogen ende oprecht geschiet op dach ende jaer als boven.

                                                                                                                                            Registrum in fidem

                                                                                                                                            T. ten Broecke

                                                                                                                                            Scholtes 1654

 


akte 30

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 4

microfiche 15, 1e rij, nr. 7

Timon ten Broecke wegens Hoger Overheit Scholtes tot Covorden ende Schonebeke oyrconde en certifieere met desen openen versegelden obligatienbrieve, hoe dat voor mijns cournoten nabeschreven in den edele Gerichte gecompareert ende eerschenen sijn Jan Tabbers met Mette sijn echte huysfrouw, segten ende bekenden aldaer voor haer ende haere erfgenaemen, hoe dat sij oprecht ende deugdelijck schult, schuldigh ende plichtigh wahren an den edele Roloff Clumper tot Olthoen ende dessen erfgenaemen den summa van hondert ende vijftigh dalers ad 30 stuyvers 't stuck gereckent, heare nemende van goede gevende verschotene ende bij haer comparanten te dancke ende vullen genoegen ontfangen ende opgenomene penningen, beloven daervan jaerlijx ende alle jaeren op Mey voor rente te betaelen seeven gelijcke dalers van dartigh stuyvers 't stuck, sullende het eerste jaer rente verschijnen op Meydagh anno 1656 ende alsoo onverjaert continueren ende voortgaen ter tijden soo lange den voorschreeven hondert ende vijftigh dalers capitael neffens renten wederom opgebracht, voldaen ende betaelt sullen sijn, stellende in cas van misbetalinge tot een speciael hypotheq ende onderpandt haere saetvehne van boeven tot beneeden gelegen techen Fredericx ende Aerent Hendrix haere vehnen ende voorts generalijcken also haere andere mobile en immobile goederen, met van allen uyt te ghaen, omme den voorschreeven capitale summa neffens verlopene renten cost ende schadeloos daeruyth te moegen vorderen en innen, oock is bedongen dat het capitaell alle jaeren nae 's opsegginge van een vierdelen jaers te voeren los sall sijn, alles sonder list in wahren oyrconde hebbe ick Scholtes opgemelt neffens cournoten A. Ratringh ende Cornelis van Asse alsmede comparanten dese onderteeckent ende tot meerder vestenisse mijn aengeboren segell hyronder gehangen. Actum Covorden in judicio anno salutie 1655 den 1ste May.

Onderstont, T. ten Broecke Scholtes, J. Ratringh, Cornelis van Asse, dit is I Jan Tabberts naegetrocken hantmerck, meede uyth last van sijn vrouwe geteyckent met een uythangende segell.

 


akte 31

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 4

microfiche 15, 4e rij, nr. 5 t/m 8

Memoriale notulen van

inventarizeeren van zalige Hillebrant Tulmetey's

staet ende goederen.

Naegelaetene kinderen Jantien ende Hendrickien, bij

Jantien Hillebrants geprocreert.

Immobile goederen

Huys en plaets,                                                   (in 't moer ende Voerluyden, stucken

Gerechticheyt, in't moer                                       (in de marsch no. 4 daer de Voerluy sijn,

deren,                                                                   (alsmede in 't Cleyne Staecken,

't Lant in ende benevens Geert Langens                (2 ackers in twee deelen op de Cleyne

Camp voor de Bentheymer poorte.                   (Loe bij de Voerluy,

                                                                              (in de Vijf Cruyzen no. 9

                                                                                                             in d' achter Holmaet.

Levendige have

2 peerden                (

4 coeien                 ( 100 daelder                    tusschen moeder ende voor de kinderen

ende inboedel                (                              nopende de helft haer goet.

Mobile goederen

100 guldens bij Hend Derck op 't Holt.

NB ende alsoo primo

Na Gese moy stervende sal haer halve goets opcomsten tot

proufijt van de opvoedinge der kinderen sijn tot haer jaeren

gecomende.

Hillebrants naelaetenschap

------------------------------------------------------------------

Timon ten Broecke, wegen Hoger Overheyt Scholtes tot Coevorden ende Schoonebeecke oyrconde ende certificeerd in ende vermits desen, hoe dat voor mij en coornoten naebeschreven gecompareert ende eerscheenen sijn Derck Clumper van Holthoen, geassisteert met de edelen Waldrick Does, proviantmeester als daertoe speciael versogt, voorts noch Roeloff Hillebrants ende Hendrick Jansen meensman, gecoorne momboyren ende voogden van Jantien ende Hendrickjen Tulmentey, geprocreert bij wijlen Hillebrant Tulmetey ende Jantien Hillebrants, hertrout aen Andries Zeverwijns, alles vermogens acte van momboyrstellinge de dato des sesten January 1654 ten protocoll gearresteert, sechten ende bekenden, hoe dat sij nae rijpen overslach ten overstaen van den heer Scholtes nae recht ende Landrecht volgens haer beste wetenschap ter goeder trouwe hadden gemaeckt overslach van staet ende inventarisatien, genomen nopende haere pupillen goederen ende van de dependentien dien anhorich, soo ten respect van de bestemoeder Gese Tulmetey, de moeder Jantien Hillebrants, alsmede van Derck Clumper, getrout aen Marrichjen Tulmetey, in voegen als volget. Ten eersten dan bevonden dat de immobile goederen, bestaende in volgende parzelen, een huys staende op sijn eygendoemlijcke gront in de Zallantsche strate, ten oosten van Jan Scheermans huys ende plaets, gerechticheit daertoe behorende, bestaende in volgende stucken bij de laetste marckscheydinge daertoe te deyle gevallen, een stuck landes in 't moer, in twee gedeelten leggende, genaempt der Voerluyden stucken, twee stucken in de Marsch, soo in de cleyne als grote stucken met de Voerluyden te deyle gevallen, alsmede twee ackers ofte de toeslagen bij de Voerluyden op de Cleyne Loo toegevallen, alsmede de veene stucken bij de Vijff Cruyzen ende agter de Holwart in de Voerluyden panden, noch een zaetveen op ende nedergaende tusschen Willem Scheepers veen ten oosten ende Jan Scheerhoorns veen ten westen leggende, met seeckere gooren daer vooraen leggende ende een streeckjen groenlandes aen de Cruysstruycken gelegen, soo groot ende cleyn als deselve daer bevonden worden, noch een meentendeel, in 't seste pant, naest Grietjen Panders meentendeel, alsmede het landt in ende benevens Geert Langens Gasthuys Camp, voor de Benthemer Poorte gelegen, welcke parcelen all verdeelt sijnde nae erffval, soo is 't dat de bestemoeder Gese Tulmetey, noch sijnde in levende, daervan competeert de rechte helft van alle genoemde stucken ende Derck Clumper getrout aen Margjen Tulmetey een rechte vierde part ende Jantien Hillebrants met haer twee voorverhaelde kinderen, bij wijlen Hillebrant Tulmetey geprocreert, de resterende vierde part, van welcke parzelen de voorstanders voorschreven genomen staet ende overslach van huyren ende opcomsten ende oock rijpelijcken overwogen, dat de moeder Jantien Hillebrants de gemelte twee kinderen van haer competentie niet conde onderholden, soo is 't dat met vrienden ende voorstanders raadt, veraccordeert ende overeengecomen is, dat de stieffvader Andries Zeverwijns ende Jantien Hillebrants de genoemde parzelen in goeden gebruick ende huyre sullen beholden, acht ander éénvolgende jaren op Mey 1656 beginnende, mits dat Andries en sijn vrouwe Jantien annemen gemelte kinderen in zack en dack, kost ende clederen, in 't leren ter schole ende andersints naebuyrlijck ende sonder opspraeck te onderholden ende te laten institueeren, betaelende bovendien vijftig Caroli guldens tot 20 stuffers 't stuck aen de bestemoeder Gese Tulmetey ende Derck Clumper wegen haer anpart der gedeelten, soo uyt tot alimentatie veraccordeert ende onder anderen mede is 't vast ende goet gevonden dat indien de bestemoeder Gese Tulmetey mogte comen te overlijden, dat als dan gemelte stiefvader ende moeder de opcomsten van haer deel aen haer vervallen mede tot alimentatie sullen hebben te profiteren. Blivende in alle gevalle haeren capitael tot haer jaren voor haer onvercortet. Vorders hebben gemelte vrienden ende voorstanders staet ende overslach gemaeckt van goederen tusschen de moeder Jantien ende de gemelte pupillen mandelich, belangende bewegende haven ende inboedel soo Hillebrant Tulmetey zalige met sijn vrouwe Jantien besaten ende deselve geëstimeert op hondert daelder tot 30 stuffers, waervan de kinderen vijftig daelders wegen haer zalige vader hebben te genieten ende als ijseren goet (:ut dicitur:) ter haeren proufijt vooruyt sullen hebben te genieten, onder verbantenisse personeel ende reël nae rechten, ende de stieffvader ende moeder deselve eygendoemlijck sal erholden, gelijck dan oock de gemelte pupillen tot haer jaren comende, sullen hebben te genieten de halfscheyt van 't geene Jantiens vader Hillebrand Kiers onbetaelt wegen sijn dochters bruytschat oft arff afcopinge heeft uyt ende mede belooft, en alsoo tot achterstendige lasten van de gescheydene gerechtigheyt, noch swaricheyden ende schulden tot duslange uytstaen, soo is 't dat wettelijcken overeengecomen is, dat daertegens sullen worden gecompeteert ende gereeckentt, soodaene hondert Caroli guldens als Derck op 't Holtt van bovenschreven erffgenamen ende vrienden op rente heeft, die daertegens quota pro quota sullen worden geholden. Welcke articulen alles sij momboyren, vrienden ende bijwesende voor den gerichte verclaerden te sijn de beste overslach ende staet soo ende als sij deselve ter goeder trouwe ende volgens gewieten hebben connen maecken, ten fine alle vrientschap ende eendracht mach onder vrienden werden erholden, buyten vercortinge van eemant. Alles sonder archwaen en listen. In waerer oyrconde hebbe ick Scholtes neffens coornoten Johannes Ratringh ende Jacob Winshemius wegens 't Gerichte, voorts momboyren, stiefvader ende moeder desen verteeckent ende tot vestenisse mijn angebooren zegel ad spatium van twee éénsluydende doen setten. Actum Coevorden anno salutie duysent seshondert vijf ende vijftig, den 21 december stilo veteri. [21 december 1655]

(:Onderstont:)

T. ten Broecke Scholtes, Joan Ratringh, Jacob Winshemius ende vorders verteeckent als boven verhaelt.

 


akte 32

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 4, deel 4

microfiche 16, 1e rij, nr. 6

Timon ten Broecke, wegen Hoger Overheit Scholtes tot Coevorden ende Schoonebeecke, oyrconde ende certificere in ende vermits desen versegelden brieve,  hoe dat voor mij ende coornoten nabeschreven gecompareert ende eerschenen sijn de erffgenamen van wijlen Wilm Molt, naemlijk Gerrit Molt, Harmen ende Eeverwijn Molt, Hindrik ten Cley ende Jan Pruyst weduwe, gebroeders ende swagers, segten ende bekenden voor haer ende haere erffgenamen, hoe dat sij met vrije wille, rijpen berade, stedevast ende arflijcken hadden vercoft, gecedeert ende in eygendoem getransporteert, doende sulx craft desen aen den edelen Jan Luytjes, Geertjen sijn echte huysvrouw, alsmede aen sijn broeder Warnaer Luytjes ende haere respecktive erffgenamen, seeckere gedeelten van hoylant gelegen in Clenkenvlier in één stuck, daeraen ten oosten de Drosten Cruysmaet ende ten westen Pastorienmaet naest daeraen sloetten, groot sijnde het geheele stuck 4 dagmaet 368 roeden, daerinne de commys van 't Hoff voor ¼ deel ende 1/6 deel een part heeft ende Hindrick van der Lippe ende de comparerende erffgenamen, gelijcke gedeelten als de commys ende rester Harmen Hindrix, alles soo ende als de eygenaeren het mandedich lange gebruckt hebben, voor welcke haere gedeelten sijnde half soo groot als de commys lant, de erffgenamen bekenden van de coperen te völlen voldaen ende betaelt te sijn, bedanckende goeder voldaet ende betaelinge, belovende elck in solidum het vercofte perzeell hoylants te wachten ende te waren tegen alle geestlijcke ende weereltlijcke opspraeck, doende ten dien eynde in den Gerichte aen de cooperen quitinge van gelt, vertynge van lant, cessie ende overdracht nae rechten gebruckelijck, renuntiërende alle exceptien ende de coperen stellende in rouwige possessie ende eygendoem, alles sonder arg ende list. In warer oyrconde hebbe ick Scholtes neffens coornoten den edele manhafte Reynder Derckx Brumpe ondermajoor ende Berent Jansen alsmede comparanten desen verteeckent ende tot vestenisse mijn aengebooren zegel hieronder doen. Actum Coevorden anno salutie in Christi duysent seshondert vijftich sesse den 2 juny stilo veteri. [2juni 1656]

 


akte 33

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 1, folio 191

microfiche 2, 6e rij, nr.1

Copia

Ick Ger. Schellinger der Rechten Doctor weegens hooger ovrigheyt Scholts tot Coevorden en Schoonebeek doet kont en certificere met deesen verseegelde obligatie voor mij en twie naer benoemde coornooten in den Edele Gerichte erscheenen te sijn de Eerbare Geesyn Leefers weduwe wijlen Derck Meijerinck van Annevelt geassisteert sijnde met haer soone Henr. Geerts als haeren hier toe spetiaelijck vercooren mombaer seghte en bekende voor haer ende haere erffgenaemen dat sij oprecht en deughdelijck schuldigh geworden is, aen de Eerbare Geertjen Laeven weduwe wijlen de salige borgemeester Gerryt Wildrix een somma ad twie hondert Car. guldens provederende wegens opgenomene en te dancke genotene penningen beloovende deselve te verrenten jaarlijck en alle jaar met vijff diergelijcken guldens van ieder hondert waervan het eerste jaar verschienen en promtelijck sal betaelt werden op den 4 January des jaars seeventien hondert en een en soo vervolglijck alle jaar tot de aflosse toe welcke opsaege een iegelijck den anderen een virendeel jaar van te vooren sal moogen en moeten doen stellende tot dien eynde tot onderpant alle haer comparants persoon en goederen en in spetie een saetveen inde Coeversche Saetveenen geleegen an de eene sijde door Jan Weleman en an de andre kant door Jan Albert Haselhorst beswettet renuncierende bovendien van alle exceptien soo hieruyt souden moogen off konnen ontstaen off bedacht worden en in sonderheyt voor het Senatus Consultus Vellejanums, nae dat haer het selve waer voor gehouden, in oirconde der waerheyt is deese door mijn Schults en coornooten geteekent en tot meerder vestenisse met mijn seegel bekrachget. Actum Coevorden den 6 January 1700.

Ger. Schellinger Schultus

E. Buysen en J. Con. Werndly

dit is X Geesyn Leeferts met

eygener hand getrocken marck

Hendrick Geerts als momber

 


akte 34

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 2, folio 31v en 32

microfiche 6, 5e rij, nr. 3

Ick Albert Stuirman wegens Hoger Overheid Scholtus van Coevorden en Schoonebeek doe cond en certificeere in ende vermits desen versegelde coop en transportbrieve, dat voor mij en Gerigts ceurnoten naebenoemt, sijn gecompareert ende erschenen Gerrit Maurissen en Anna Beunincks eheluiden sijnde de vrouw in desen geadsisteert met haar eheman als momber, segten en bekenden voor haar selfs ende haaren erffgenaemen, dat sij in een vasten en onwederroepelijcken erfkoop hadden verkoft gecedeert en in eigendom overgedraegen sulks doende alsnog bij desen aen Gerrit Jansen van Gramsbergen en Annigjen Bartelincks eheluiden ende haare erffgenaemen, haar comparanten Hoff gelegen buyten Coevorden op de Loo, ten oosten aen het Diep, ten westen aen d'Hoff van Elisabeth Jansen weduwe van wijlen Jan Berents van der Scheer, ten zuyden aen de gemeensweg en cingel van wijlen d'Heer Overste Linderroth en ten noorden aan de verkopers voornoemt, wordende mede door verkoperen de bovengemelte Hoff verkoft vrij van eenige lasten ofte beswaer en ook vrij van grondschattinge, en dat sulks voor een welbetaalde somma van penningen, bedanckende de cooperen voor goede voldaat en betaelinge, stellende deselve bij desen in de rustige possessie en eigendom belovende ook de verkofte Hoff te willen wagten en waeren voor d'evictie en alle op ofte aenspraecke als erffkoopsregt is, is mede geaccordeert dat de verkoper Gerrit Maurissen gemeldt Hoff voor d'halfscheid twee jaeren sal mogen gebruicken, te weeten in de jaeren 1712 en 1713 en anders niet meer. Sonder arg ofte list in oirkonde der waerheid heb ick Scholtus voorschreven ende ceurnoten als waeren d'Edele Hans J. Gröpke en Geert Klumper desen nevens comparanten geteickent en met mijn Zegel Amptshalven bekragtiget. Actum Coevorden den 10 Augustus 1711.

Onderstond

A. Stuirman

    Scholtus                                                                                          Gerrit Maurissen

                                                                                                             Anne Bonyck

Hans Jurgen Gröpke

Geert Klumper

 


akte 35

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 2, folio 33v, 34 en 34v

microfiche 6, 5e rij, nr. 5 en 6

Ick Albert Stuirman wegens Hoger Overheid Scholtus van Coevorden en Schoonebeek doe cond en certificeere in ende vermits desen versegelde coop en transportbrieve, dat voor mij en Gerigts ceurnoten naebenoemt, is gecompareert ende erschenen Jantjen Brummers weduwe van wijlen de secretaris Reinder Bartelinck, sijnde in dese geadsisteert met Hans Jurgen Gröpke haar verkorene en bij den Edele Gerigte toegelaeten momber segte en bekende voor haar selfs ende haare erffgenaemen dat sij in een vasten en onwederroepelijcken erfkoop hadden verkoft gecedeert en in eigendom overgedraegen, sulks doende alsnog bij desen aen Gerrit Roelofs Beekman tot Holthoen en Angenis Lucas eheluiden ende haare erffgenaemen drie dagwerken hooglandts gelegen onder de jurisdictie van Coevorden in Holterland, wandelende met de Pranger te Loosen en Aeltjen Bartelincks weduwe van wijlen Derck ten Holte, alles met sijn lusten en lasten regt en geregtigheden soo daar altoos toe hebben gehoort, zijnde egter gemelte drie dagwerken hooylandts vrij van alle uitgaande renten exempt Heerenschattingen, dewelke ter laste van de aenkoper sijn, en sulks voor een welbetaalde somma van penningen, welke verkopersche verklaarde haar ten vollen te zijn voldaan en betaalt van Geert Roelofs Beekman en desselfs huisvrouwe voornoemt, deswegen deselve voor goede voldaat en betaelinge de de bedanken, stellende haar in de rustige possessie en eigendom, belovende de verkofte drie dagwerken hooylandts te willen wagten en waeren voor d'evictie en alle op ofte aenspraecke als erffkoopsregt is. Sonder arg ofte list in oirkonde der waerheid heb ick Scholtus voorschreven ende ceurnoten als waeren W. Alsen en Henderick Luchtenaer nevens comparantinne en haar assistent desen geteickent en met mijn Zegel Amptshalve bekragtiget. Actum Coevorden den 23 November 1711.

Onderstond

A. Stuirman

    Scholtus                                                                                                          Jantjen Brummers

W. Alsen                                                                                                            Hans Jurgen Gröpke

Henrick Luchtenaer

 


akte 36

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 11, deel 1, folio 60 en 61v

microfiche 2, 2e rij, nr. 7

Actum in Judicio tot Coevorden den 19 April 1712

Righter A. Stuirman

ceurnoten Engbert Bartelinck en Lucas Scheerman

Compareerde in den Edelen Gerighte Hendrickjen Nijmans, laast weduwe van wijlen Roelof Westerman, in dezen geadsisteert met Geert Scheerman, versoekende dat over haar onmundige kinderen met naamen Annigjen en Derck Westerman, bij wijlen Roelof Westerman in echte verweckt, tot mombaeren mogten worden gestelt ende geauthoriseert Henderick Gerritsen Westerman woonende op het Pickveld en Evert Hendericks van Ane, welke personen bij den Edelen Gerigte tot mombaren zijn gestelt ende geauthoriseert, zoo hebben voornoemde persoonen bij handtastinge in eedes plaatse belooft gemelte mombaerschap met alle getrouwigheid te zullen en willen bedienen.

A. Stuirman

1712  Scholtus

Engebert

Bertelynxsen

Lucas Jannesen Scheerman

 


akte 37

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 11, deel 1, folio 71v en 72

microfiche 2, 4e rij, nr. 2

Ick Albert Stuirman wegens Hoger Overheid Scholtus van Coevorden en Schoonebeek doe cond en certificeere bij dezen, dat ten overstaan van mij Scholtus en Gerigts ceurnoten hier naabenoemt zijn gecompareert ende erschenen Henderick Berents van de Kalle en Henderickjen Nijmans, laast weduwe van wijlen Roelof Westerman, mitsgaders Henderick Gerritsen Westerman en Evert Hendericks van Ane als mombaeren van de twee kinderen van Henderickjen Nijmans met naamen Annigjen en Derck Westerman, bij wijlen Roelof Westerman in echte geprocreert, nevens wederzijdts onderteikende naaste vrunden, verklaarden zij comparanten, dat er op heeden dato ondergeschreven een houwelijk is ingegaan en gesloten tussen Henderick Berents van de Kalle voorschreven als bruidegom ter eenre en d'eerbare Henderickjen Nijmans weduwe van wijlen Roelof Westerman als bruid ter andere zijde, in vougen en manieren hiernaa beschreven, dat naamentlijk de bruidegom Henderick Berents van de Kalle de twee voorkinderen met naamen Annigjen en Derck Roelofs Westerman van tegenswoordige bruid Henderickjen Nijmans heeft aangenomen gelijk als zelve alsnog bij dezen is aannemende voor zijn eigen echte kinderen niet anders als of dezelve van zijnen lijve waaren voort gekomen om zoowel in zijne naatelaetene goederen te zullen erven als de kinderen zoo hem uit deze houwelijk met voorschreven zijne bruid zouden mogen worden gebooren. Aldus gesloten en gedediget als boven is gemelt. In waarheidts oirkonde zijn hiervan twee alleensluidende geschreven en door mij Scholtus en ceurnoten als waaren Egbert Buysen en H.J. Gröpke dezen nevens comparanten onderteikent en tot meerder vestenisse heb mijn Amps Zegel hier op doen drukken. Actum Coevorden den 22 April 1712.

                                                                              Onderstont

Hynderick Berents                                                                                                A. Stuirman

Henderickje Nijman                                                                                       1712    Scholtus

Dit H is Berent Kistemaker

als vader van de bruidegoms                                                                                        E. Buysen  H.J. Gröpke

eigen getrokken hantmarck.

                sic testor

                A. Stuirman

                    Scholtus

Gerrit Luicks

Dit ­­? zijn Henderick Gerrits

Westerman en

Evert +| Hendericks van Ane

daar eigen getrokken hant-

marcken.                sic testor

                                A. Stuirman

                                   Scholtus

 


akte 38

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 2, folio 57v en 58

microfiche 7, 2e rij, nr. 5

Ick Albert Stuirman wegens Hoger Overheid Scholtus van Coevorden en Schoonebeek, doe kond en certificeere bij dezen, dat voor mij Scholtus en Gerigts ceurnoten naabenoemt zijn gecompareert ende erschenen Albert Pranger, Gerrit Harms Pranger en Evertjen Alberts eheluiden, zijnde de vrouw in dezen geadsisteert met haar eheman als momber, zoo bekenden comparanten voor haar zelfs ende haare ervgenaamen aan Annigjen ten Hool weduwe van wijlen Albert Bosch ende haare ervgenamen van verstreckte en ten genoegen ontfangene penningen opregtelijk en deugdelijk schuldig te weesen een capitaale somma van vijfhondert Caroli guldens ad twintig stuivers het stuck, en beloven hetzelve te verrenten ofte tot interesse vijf Overijsselsche mudden rogge ad vier schepelen het mudde, jaarlijks te geven, zijnde alzoo van jeder hondert Caroli gulden alle jaar een mudde rogge, waarvan het eerste jaar rente of voornoemde rogge sal komen te verschijnen op martius 1714, voorts jaarlijks ende alle jaar tot d'effective aflossinge toe, welke sal mogen en moeten geschieden, wanneer de losse een half jaar voor de verschijnsdag van d'eene of andere zijde sal wesen aangekondiget, voor welk capitaal en alle te verlopene rente of rogge van hetzelve gelijk ook mede voor alle aan te wendene kosten in cas van onverhoopte misbetalinge comparanten speciaalijke verbinden en verhypothiseeren bij ende mits dezen haare vijf en een half dagwerken hooylandts gelegen onder de jurisdictie van Coevorden in Holterland. Voorts hebben debiteuren voor voornoemde capitaal renten en kosten verbonden, gelijk deselve verbinden bij dezen haare persoonen en alle haare andere hebbende en toekomende goederen geene van allen exempt. Zonder arg ofte list in oirkonde der waarheid heb ik Scholtus voorschreven ende ceurnoten als waaren d'Edele Jan  Beuninck en Frerick Evers nevens de debiteuren bovengenoemt desen geteikent en met mijn Zegel Amptshalve bekragtiget. Actum Coevorden den 23 Juny 1714.

Onderstond

A. Stuirman

    Scholtus                                                                                                          Albert Prenger

J. Beuningh                                                                                                        Gerrit Harmsen Prenger

Freryk Evers                                                                                                       Evertjen Albers Pranger

[De kantlijn vermeldt]

Coevorden den 16 Juny 1735

Rigter A. Stuirman

keurnoten G. Wildrik en Daniel Wossum

Erschenen Annegien ten Hool weduwe wijlen Albert Bos, sijnde in desen geassisteert met Burgemeester J. Beerling, welke verklaarde dat tegenstaande capitaal aan haar door Gerryt Harms Pranger met de intressen was voldaan, soo word dezen hier mede gerojeert en geannuleert. In kennis van waarheid heb ik Scholtus en ceurnoten nevens comparanten desen geteikent op dato voorschreeven.

A. Stuirman

    Scholtus

G. Wildrick

D. Wossum

Anna ten Hool

J. Beerlingh

 


akte 39

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 2, folio 208 en 208v

microfiche 10, 3e rij, nr. 3 en 4

Ik Albert Stuirman wegens Hoger Overheid Scholtus van Coevorden en Schoonebeek doe kond en certificeere mits dezen verzegelden koop en transportbriev dat voor mij en Gerigts ceurnoten naabenoemt in den Edele Gerigte sijn gecompareert en erschenen d'Hoogwelgeboren Heer Marcelis van Richgart, Heer van Gramsbergen en Collonel te paard en deszelfs gemalinne Vrouw Maria de Montergues tutore marito, voorts geseide Heer Richgart in qualiteit als volmagtiger van deszelfs suster vrouw Sophia Elisabet van Richgart douariere van wijlen der Heer Overste Tomas d'Areskine luid acte van procuratie voor de WelEdelen HoogAchtbaare Heeren van de Magistraat der Stad Deventer op den 14 marty 1715 gepasseert, waarbij sijn HoogWelgeborene speciaal is gemagtigt om goederen te mogen verkopen, beyde uit hoofde van retour ervgenamen van vaders zijde van wijlen d'HoogWelgeboren Vrouw Aletta Anna van Haeften gewesen Vrouw van Gramsbergen etc. Zoo bekenden d'HoogWelgeboren comparanten voor haar zelfs en hij Heere van Gramsbergen in qualiteit als volmagtiger van sijn suster d'HoogWelgeboren Vrouw Sophia Elisabet van Richgart voornoemt, dat sij voor haar zelfs en in voornoemde qualiteit en voor haar ervgenamen bij openbaare uitmijninge of op veilinge ten overstaan van den Edele Gerigte binnen Coevorden op den 10 July 1720 hadden verkoft gecedeert en overgedragen zulks doende al nog bij dezen aan d'HoogWelgeboren Heer Bernhard Adolf Bentinck Major en Heer van Wolda en Vrouw Aleida Maria Theresea van Twickel en haar ervgenamen agt dagwerken hooylandts zoo groot en klein als dezelve mandelig met de vier dagwerken van de koper Roelof Witsenborg genaamt het Groote Heinegoor in haar bepalinge onder d'Heerlijkheid van Coevorden sijn gelegen, wijders hebben d'HoogWelgeboren comparanten aan d'HoogWelgeboren Heer van Wolda en sijn HoogWelgeboren Vrouw en ervgenamen verkoft en gecedeert zulks doende mits dezen twaelf dagwerken hooylandts genaamt het Nije Land, mede in sijn bekende bepalinge gelegen onder d'Heerlijkheid van Coevorden, zijnde het Groote Heinegoor tot dato dezes vrij van Heerenschattingen; maar van het Nieuwe Land worden de schattingen betaalt en sullen blijven ten laste der aankoperen en ook zoo naderen Heerenschattingen op het Groote Heinegoor door Lands Overheid wierden gesteld zullen ook komen ten laste van d'HoogWelgeboren aankoperen, alles ingevolge de voorwaarden der verkopinge met haar regt en geregtigheid raat en onraat daartoe of aanhorende met de lasten van dien, zulks en voor een welbetaalde somma van penningen en ten genougen bij d'HoogWelgeboren comparanten ontfangen, weshalven zij ook d'aankoperen in de rustige possessie en eigendom stellen onder belofte, dat sij comparanten voorschreven agt en twaelf dagwerken hooylandts zullen wagten en waaren voor d'evictie en alle op af aanspraak gelijk ervkoopregt is. Zonder arg ofte list in oorkonde der waarheid heb ick Scholtus voorschreven en ceurnoten als waaren de Borgemeester J. Beerlingh en Beerent van der Scheer nevens de HoogWelgeboren comparanten dezen geteikent en met mijn Zegel amptshalve bekragtiget. Actum Coevorden den 31 May 1721.

Was geteikent

M. v. Richgart                                                                                                    A. Stuirman

M. v. Richgart geboren                                                                                   Scholtus

de Montargues                                                                                                  J. Beerlingh

                                                                                                                             B. van der Scheer

[Door Marcelis van Richgart en echtgenote zijn nog een viertal transacties gedaan die te vinden zijn in Inventarisnummer 9, deel 2, folio 209, 219, 220 en 221 oftewel microfiche 10, 3e rij, nr. 4, 6, 7 en 8]

 


akte 40

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 3, folio 128 en 128v

microfiche 16, 3e rij, nr. 3 en 4

Ik Albert Stuirman wegens Hoger Overheyd Scholtus van Coevorden en Schonebeek doe cond en certificere mits desen, dat voor mij Scholtus en keurnoten na benoemt in den Edele Gerigte sijn gecompareert en erschenen de Edele Lucas Lefferts van Ringe en Jantjen Huberts egteluyden, sijnde de vrouw in desen geadsisteert met haar eheman als momber, soo bekenden comparanten voor haar selfs en haar erffgenamen dat sij hadden verkoft gecedeert en in eygendom overgedragen gelijk sij al nog doen bij desen aan Geertien Harmsen van het Anerveene weduwe van wijlen Arent Arents en haar erffgenamen haar saatveen met sijn op en nedergang, boven en ondergronden als mede den vrijen in hen uytvaart met het huys, het welke vooraan opgemelde saatveen staande te samen gelegen onder de Heerlijkheyd van Coevorden tusschen de zaatveenen van de weduwe wijlen Jan Eeck op de Steensteuge en de weduwe van Henderik Lamberts, sijnde gemelde saatveen en huys vrij van alle uytgaande opliggende renten ofte beswaar exempt Heerenschattingen en nabuirlijke lasten dewelke daar op mogten staan off namaals door Hoger Overheyd worden gestelt, deselve sullen blijven ten laste der aankopersche, sulks voor een wel betaalde somma van penningen en ten genoegen bij comparanten ontfangen, vorders stellen transportanten voorschreven aankopersche in de vredige possessie en eygendom en beloven voornoemde zaatveen en huys daarop staande te willen wagten en waren voor de evictie en alle op off aanspraak volgens erffkoopsregt. Sonder arg ofte list in kennisse van waarheyd heb ik Scholtus voorschreven en keurnoten als waren Jan Bennink Wispelwey en J. Post nevens comparanten desen geteikent en met mijn Segel amptshalven bekragtiget. Gedaan den 11 May 1729.

Onderstond

dat dit is het eigen                                                                     A. Stuirman

getrokken hand-                                                                                    Scholtus

marck X van Lucas

Lefers van Ringe,                                                                              Jan Benck Wispelwey

certificere ik onderge-                                                                              Jurjen Post

teikende Scholtus mits

desen.

A. Stuirman

    Scholtus

Jantjen Hubbets

Dezen is naa gedaane collatie met de principaale accorderende bevonden.

A. Stuirman

    Scholtus

 


akte 41

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 3, folio 129 en 129v

microfiche 16, 3e rij, nr. 4 en 5

Ik Albert Stuirman wegens Hoger Overheyd Scholtus van Coevorden en Schonebeek doe cond en certificere mits desen, dat voor mij Scholtus en keurnoten nabenoemt in den Edele Gerigte is gecompareert en erschenen Geertjen Harmsen weduwe van wijlen Arent Arens, sijnde in desen geadsisteert met Jan Peters haar verkoren en geadmitteerden momber, soo bekende comparantinne voor haar selfs ende haare erffgenamen an de Edele Harmannus l'Empereur en Judit Bartelink egteluyden en haare erffgenamen van verstrekte en ten genoegen ontfangene penningen opregt en deugdelijk schuldig te wesen een capitale somma van vier hondert Caroli gulden den gulden tot twintig stuyvers, belovende deselve te verrenten met vijff gelijke guldens van het hondert jaarlijks ende alle jaar tot de effective afflosse toe welke sal mogen en moeten geschieden, wanneer de losse een virendeel jaars van de een off andere sijde voor de verschijnsdag was wesen aangekondiget, sullende het eerste jaar rente komen te verschijnen op den 1 May 1730, voor welk capitaal en alle te verlopene renten van hetselve als ook mede voor alle aan te wendene kosten in cas van onverhoopte misbetalinge debitrice geadsisteert als voren speciael heeft verbonden en verhypothiseert gelijk sij al nog doet bij desen haar saadveene met het huys daarop staande te samen gelegen onder de Heerlijkheyd van Coevorden tusschen de zaadvenen van de weduwe wijlen Jan Eek op de Steenteuge en de weduwe van Henderik Lamberts, voorts heeft debitrice voor bovengemelde capitaal renten en kosten verbonden haar persoon en alle haare andere hebbende en toekomende mobile en immobile goederen geenen van allen exempt. Sonder arg ofte list in kennisse van waarheyd heb ik Scholtus en keurnoten als waren Jan Bennink Wispelwey en J. Post desen nevens comparantinne met haar momber onderteikent, en tot meerder vestenisse met mijn Segel amptshalven bekragtiget. Gedaan Coevorden den 11 May 1729.

Onderstond

Gertien Hermensen                                                                          A. Stuirman

Jan Peters                                                                                               Scholtus               

                                                                                                             Jan Benck Wispelwey

                                                                                                             Jurjen Post

Deren is naa gedaane collatie met de principale accorderende bevonden.

A. Stuirman

    Scholtus

 


akte 42

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 6

microfiche 2, 3e rij, nr. 3

Actum  in Judicio tot Coevorden den 27 October 1729

Righter A. Stuirman

Keurnoten d'ontfanger R. Wildrik en J. Post

Erschenen Derk Statius Schutstal van Gramsbergen doende seggen dat van dit somer aan de Joode Isak Jacob in de Coevorsche mars verkoft heeft drie koebeesten als twee voor een en veertig Caroli gulden en eene voor agtyn gulden monterende te samen de somma van negen en vijftig Caroli gulden, dat daar opgemelde Joode twee van sijn gekofte koeien uit de mars heeft gehaalt en aan comparant op nakenninge betaald dertig Caroli gulden, zoo dat nog schuldig blijft 29 Caroli gulden, evenmits gemelde Joode Isak Jacob verweigerd het d'ander beest, het welke al nog in de mars gaat na sig te nemen ende negen en twintig gulden restante kooppenningen te betaalen, zo doet en versoukt comparant in optima juris forma pandinge aan degene de goederen en effectere van hem Isak Jacob om daaran kost en schadeloos meergemelde 29 Caroli gulden te verhalen met versouk dat dire pandinge aan de Joode Isak Jacob debite et in tempore moge worden geinsinueerd en daar van gerelateerd met mondelinge inthimatie daar bij om deselve binnen den tijd van 14 dagen met geld of met regte af te doen als na regte, verklaarende comparant vorders in deze zaake tot zijn bediende aan te stellen d'advocaat Schild onder de belofte van ratihabitie en indemnisatie.

NB Deze regtdag is op een rekeninge geschreven.

Decreet

De pandinge met derselven insinuatie in vougen als boven versogt word geaccordeerd.

A. Stuirman

Scholtus R. Wildrik

Jurrien Post

Op het extract dezes was geschreven

Deren is door mijn ondergeteikende gerigtsdienaar M. Schalenbergh geinsinueerd aan d'huisvrouw van de Jood Isak Jacob bij absentie van haar man. Gedaan Coevorden den 28 October 1729.

Onderstond

M. Schalenbergh

Gerigtsdienaar

[Dit rechtsgeding bevat meerdere stukken over het verloop van het proces, deze zijn te vinden in Inventarisnummer 6 op microfiche 2, 3e rij, nr. 4, 5, 6, 7 en 8 / 4e rij, nr. 1, 2, 3, 4 en 5 / 5e rij, nr. 3 en in Inventarisnummer 7 op microfiche 1, 6e rij, nr. 3, 4, 5, 6, 7 en 8]

 


akte 43

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 6

microfiche 2, 4e rij, nr. 4 en 5

Actum in Judicio te Coevorden den 5 January 1730

Righter A. Stuirman

keurnoten oudontfanger R. Wildrik en J. Post

Erschenen Hendrik Egberts nomine uxoris Geesjen Alberts van Gramsbergen, voordragende dat wijlen Henderik Wispelwey laast getrouwt is geweest met comparans sijn vrouwe suster wijlen Fennegien Alberts, dat voornoemde Henderik Wispelwey en Fennegien Alberts eheluyden deser werelt overleden sijnde sonder egte geboorte na te laten, sij comparant van de gedaagde Jan Bennink Wispelwey cum suis in der minne, en ook Gerigtelijk geeyst heeft copie van sodane houwelijkse voorwaarden als voorschreven Henderik Wispelwey en Fennegien Alberts souden hebben gemaakt om naa examinatie van dien, daar inne vorder te doen, als sijnen goeden rade soude gedragen, dat de gedaagde heeft konnen goed vinden te verweygeren de copie offschoon gerigtelijk versogt te extraderen onder voorgeven dat sij onder malkanderen een contract hadden gemaakt van deilinge en accoord. Blijkt acte off relaas van de Gerigtsdienaar J. Schalenberg van den 28 november 1729 ten desen annex, vermits na in Regte bekent is, dat broeders en susters de naaste erffgenamen sijn van haare overledene broeder ofte suster, indien deselve geen kinderen ofte ouders heeft nagelaten gelijk in hoc nostero casse, ten waare bij houwelijkse voorwaarden testament off andere dipositie anders mogten sijn geordonneert; gelijk sulks, des nodig sijnde nader kan worden gededuceert,

soo spreekt de saak immers van selven dat de gedaagde cum suis volstrekt gehouden is an comparant te moeten overgeven een copie van de gemaakte houwelijkse voorwaarde, ofte andere wettige dispositien, soo desselfs vrouwen overleden suster Fennegien Alberts en haar man wijlen Henderik Wispelwey hebben gemaakt, als sijnde communia instrumenta voornoemt besonderlijk mede angaande, gelijk in cas van vordere verweigeringe, nader sal werden bewesen.

Edog geconsidereert de gedaagde uyt dien hoofde geen copie van de gemaakte houwelijks voorwaarden verweigert te geven, neen, maar ter oorsake, sij onder malkanderen een contract hadden gemaakt van deilinge en accoord, soo vermeint comparant evenwel dat casu quo, als egter met, de gedaagde na regte verpligt waren geweest, de versogte copie te moeten uytgeven, te meer de comparant forte firme ontkent ooit off ooit daarover, ofte over die erffenisse van sijn vrouwen suster een contract ofte accoord met de gedaagde te hebben gemaakt, het welke ook nimmer meer an sijde van de gedaagde sal konnen bewesen worden.

Om welke allen den comparant proevie contendeert.

Ten fine de gedaagde gehouden werde verklaart om an comparant te moeten overgeven een authenticque copie van de houwelijkse voorwaarden van wijlen Henderik Wispelwey ende Fennegien Alberts sijn huysvrouwe gemaakt cum expensis,

ofte dat bij manquement van dien de gedaagde cum suis gehouden werden verklaart ende gecondemneert, om an den comparant namens als voren te moeten overgeven een pertinent deugdelijke en so nodig met eede gesterckten staat en inventaris van alle de goederen bij wijlen Henderik Wispelwey en sijn huysvrou Fennegien Alberts nagelaten, en vervolgens met hem te treden tot scheydinge deilinge van dien voor sijn quota en competerende portie, daar toe concluderende met herhaalden eysch van costen, automni alio meliori modo salvis etc.

Erschenen Johan Bennink Wispelwey, dewelke versoekt, dat dese saake tot nader conferentie mag blijven steken en neemt aan de kosten hier over gevallen te betalen.

Decreet

Ingevolge eygen versoek van de gedaagde Jan Bennink Wispelwey, dat dese sake mogte blijven steken, soo word de gedaagde gecondemneerd in de kosten hier over gevallen.

Onderstond

A. Stuirman

Scholtus

R. Wilderik

Jurjen Post

 


akte 44

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 3, folio 163 en 163v

microfiche 17, 1e rij, nr. 6 en 7

Ik Albert Stuirman wegens Hoger Overheid Scholtus van Coevorden en Schoonebeek, doe kond en certificere mits dezen verzegelden koop en transportbriev, dat voor mij Scholtus en keurnoten nabenoemd in den Edele Gerigte zijn gecompareert en erschenen d'Edele Harmannus Wessels en Henderika ter Poorten egteluiden, zijnde de vrouw in dezen geadsisteert met haar eheman als momber, de welke bekenden voor haar selfs ende haar ervgenamen, dat sij aan Jan Hendriks Marienbergh en Geertruid Boerink egteluiden en ook aan Hendrik Jansen Beene en Margareta Gerrits egteluiden en haare ervgenamen woonagtig te Gramsbergen hadden verkoft gecedeerd en in eigendom overgedragen gelijk sij al nog doen bij desen, haar drie koeweiden mandelig met Marigjen Bartelink wed. van Hendrik van de Scheer en d'ervgenamen van wijlen Michiel Bartlink in een stukke gelegen onder de Heerlijkheid van Coevorden in de Marsch tusschen het mandelige stukke weideland van de Scholtus A. Stuirman en d'ervgenamen van wijlen Wibbe van de Scheer beginnende van de dwarssloot en agteraan de dwarsweg tegens Eecks camp na de Kleine Vegte, zulks voor een welbetaalde somma van penningen en ten genougen bij verkoperen ontfangen, vorders met haar regt en geregtigheid raat en onraat, dog vrij van alle uitgaande, opliggende renten ofte beswaar exempt Heeren[schattingen] die zullen blijven ten laste der aankoperen, hebbende comparanten belooft gelijk deselve beloven bij dezen gesegte verkofte en getransporteerde drie koeweiden te willen wagten en waaren voor d'evictie en alle op of aanspraak volgens ervkoopsregt. Zonder arg ofte list, in kennisse van waarheid heb ik Scholtus en keurnoten als waaren Hendr. van Hesselen en Minno van Grinsveld nevens comparanten dezen geteikend en tot meerder vestenisse met mijn segel amptshalve bekragtiget. Gedaan Coevorden den 26 May 1730.

Onderstond

                                                                                                             A. Stuirman

Harmannus Wessels                                                                                  Scholtus

H. ter Poorten genaemt                                                               Hendrik van Hesselen

Wessels                                                                                                              Minno van Grinsveld

 


akte 45

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 7, deel 1

microfiche 5, 2e rij, nr. 8 en 3e rij, nr. 1

Extract Prothocollair

Coevorden den 16 September 1734

Rigter A. Stuirman

keurnoten G. Alberthoma contrarolleur en Jan Bruna

Erschenen Egbert Habers tot Ane namens sijn huysvrou Gese Timens, laatst weduwe van Henderik Habers, seggende dat wijlen Claas Timens op 't Vlieghuys an comparant qq volgens conventie en accoord van den 30 january 1722 eygenhandig geteikent gehouden was te betalen wegens verstrekte penningen, geleent coorn, en een verkofte en geleverde koe 70 guldens en sulks op May 1723 waar omtrent ongeagt iterative minnelijke anmaningen so an den selven als an Timen Timens als oudste soon en boedelbesitter gedaan, alnog geen voldoeninge is gevolgt, so is comparant in sijn voorschreven qualiteyt volstrekt genootsaakt middelen regtens te gebruyken, versoekende en doende dieshalven in optima juris forma pandinge an de gerede goederen en effecten van voorschreven Claas Timens off nu van desselfs voorschreven soon Timen Clasen om daar an gelibbelleerde 70 gulden cum interesse à tempore more saltem judicialis interpellationis cost en schadeloos te verhalen, met verder versoek dat dese pandinge an Timen Clasen in sijn voorschreven qualiteyt moge worden geinsinueert en daar van gerelateert met mondelinge inthimatie, om dese pandinge binnen 14 dagen met gelt off regte aff te doen als na regte stellende comparant de advocaat Schild tot sijn bediende in dese sake.

Decreet

De pandinge in voegen als boven versogt met insinuatie per extractum word geaccordeert.

Onderstond

A. Stuirman

    Scholtis

G. Alberthoma

J. Bruna

Bovenstaande handinge in voegen versogt is, door mij ondergeschreven geauthoriseerde gerigtsdienaar Matijs Schalenberg per extractum geinsinueert an Timen Vlighuys, op het Vlieghuys den 21 September 1734.

M. Schalenbergh

geauthoriseerde gerigtsdienaar

NB Op een rekeninge angeschreven. Dese regtdag betaalt den 13 September 1736.

 


akte 46

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 7

microfiche 5, 5e rij, nr. 4 en 5

Extract Prothocollair

Coevorden den 30 September 1734

Rigter A. Stuirman

keurnoten G. Alberthoma contrarolleur en Jan Swalve chirurgijn

Erschenen de advocaat Schild als bediende van Egbert Habers te Ane nomine uxoris versoekende en doende als nu in optima juris forma opbadinge en aneygeninge an de gerede goederen en effecten van wijlen Claas Timens op 't Vlieghuys om daar an te verhalen 70 Caroli guldens cum interesse en costen, so en in dier voegen als bij acte van pandinge van den 16 September jongst breder is geexpresseert, quo relatio, met versoek dat desen an Timen Claasen als oudste soon en boedelbesitter moge werden geinsinueert en daar van gerelateert als na regte.

Decreet

De opbadinge en aneygeninge in voegen als boven, versogt met der selver insinuatie per extractum word geaccordeert.

Onderstond

A. Stuirman

    Scholtus

G. Alberthoma

Jan Swalve

De opbadinge en aneygeninge is door mij ondergeteykende gerigts dienaar J. Schalenberg per extractum geinsinueert op het Vlieghuys an Timen ten Vlieghuys, dewelke gaff reden van antwoord dat Egbert Habers an hem drie weken uytstel hadde gegeven. Gedaan op het Vlieghuys den 4 October 1734.

J. Schalenbergh

gerigtsdienaar

NB Dese is op een rekeninge geschreven. Dese regtdag den 13 September 1736 voldaan.

 


akte 47

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 11, deel 2, folio 135

microfiche 8, 1e rij, nr. 1

Ick Roelof Haasken wegens Hoger Overheyd Scholtus van Coevorden en Schonebeek certificere mits dese dat voor mij en keurnoten nabenoemd in den Edelen Gerigte gecompareert en erschenen Jan Eekenkarst uit 't Laar voor hem selfs en als vader en voogt sijner ses minderjarige kinderen, dewelke ingevolge bekomene authorisatie van sijn Hoog Edelgeboren Gestrenge den Heere Professor den Baron van Heiden in dato den 6 Juny 1753, bekende voor hem en sijne erfgenamen an Jan Haanrikman van Holthoene en erfgenamen, dat hadden vercoft, gecedeerd, getransporteert en in eygendom overdragen, sulks doende mits desen, twee koeweiden gelegen in de Coeverse Marst, sijnde geswettet en gelegen naast de domeinen ten oosten en Staverens erffgenamen ten westen tussschen beyde dijken, mandelig met Jacob Louwen en verdere consorten, welke twee koeweiden door wijlen de oud borgemeester Harm Mauritius te voren sijn angekogt van Geertien Leenders weduwe wijlen Arent Cock, en dat voor een genoegsame somma van penningen en ten genoegen bij verkoper ontfangen, bedankende de ancoper voor goede voldoeninge en betalinge, stellende de selvige bij desen in de rustige possessie en eygendom, en belooft voornoemde twee koeweyden te willen wagten en waren voor de evictie en alle op of ansprake volgens erfcoopsregt, sijnde vrij van alle uitgaande opliggende renten of beswaar, exempt Herenschattingen en nabuirlijke lasten, welke sullen blijven ten laste der ancoperen. Sonder arg ofte list in kennisse der waarheyd heb ik Scholtus en keurnoten, als waren Lucas Holthuis en Hendricus Stijl, nevens verkoperen en transportanten geteykent en tot meerder vestenisse heb desen met mijn Zegel amptshalven bekragtiget. Coevorden den 12 September 1753.

                                                                                                             R. Haasken

                                                                                                                  Scholtus

Jan Ekenkarst                                                                                     Hendr. Stijl

                                                                                                             L. Holthuis

 


akte 48

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 4, folio 580/28

microfiche 22, 3e rij, nr. 1

Ick Roelof Haasken wegens Hoger Overigheyd Scholtus van Coevorden en Schonebeek, doe cond en certificere mits desen dat voor mij en twee gerigskeurnoten nabenoemd in den Edelen Gerigte gecompareert en erschenen, Roelof Koenders van het Anerveen en Geesien Knoop eheluiden, sijnde de vrouw in dese geadsisteerd met haar eheman als momber, soo bekenden comparanten voor haar en hare erfgenamen an Gerrit van Tarel van Coevorden en Catharina van Engen eheluiden en erfgenamen in eenen steden, vasten en onwederroepelijken erfcoop te hebben vercofd, gecedeert, getransporteerd en in vollen eygendom overgedragen, haar zaatveen met sijn op en nedergang, gelegen tusschen de saatveenen van Geert Wilmink en Gerrit Witsenborg, sijnde de saatveen door vercoperen angeërft aan de gemeensman Harmen Zwiese en sulks voor een genoegsame somma van penningen en ten genoegen bij de vercopers en transportanten in desen ontfangen, bedankende de ancoperen voor goede voldoeninge en betalinge,verders met sijn regt en geregtigheyd, raat en onraad, dog vrij van alle uitgaande, opliggende renten of beswaren exempt Heerenschattingen en nabuirlijke lasten, dewelke mede tot laste der ancoperen sullen sijn en verblijven, vorders stellen de vercopers de ancoperen daarvan bij desen in de rustige possessie en eygendom, en beloven het vercofte saatveen te willen wagten en wharen voor de evictie en alle op of ansprake wegens erfcoopregt. Sonder arg ofte list in kennisse der waarheyd heb ik Scholtus en ceurnoten als waren de burgemeester H.J. Werndly en Harmen Deurink nevens comparanten geteikent en tot meerder vestenisse heb desen met mijn Segel amptshalven bekragtiged. Actum Coevorden den 4den November 1767.

                                                                              Onderstont

Roelof Koonders                                                                                                              R. Haasken

Geesyn Knoops                                                                                                                     Scholtus

                                                                              Collatie accorderende                       H.J. Werndly

                                                                              R. Haasken                                                H. Deurink

                                                                                   Scholtus

 


akte 49

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 4, folio 591/45

microfiche 22, 4e rij, nr. 3

Ick Roelof Haasken wegens Hoger Overigheyd Scholtus over Coevorden en Schonebeek, doe cond en certificere mits desen dat voor mij en twee gerigskeurnoten nabenoemd in den Edelen Gerigte gecompareerd en erschenen, Swaentien Wilms weduwe wijlen Derk Wilms, alhier ter stede woonagtig, sijnde in desen geadsisteert met de heer Wildrik Wildriks haren gekoren en bij den Edelen Gerigte geadmitteerden momber. Soo bekende comparante voor haar en hare erfgenamen dat sij op den 9 Mey 1768 publycq door den Edelen Gerigte an Egbert Baarslag van den Hardenbergh heeft vercoft en erfgenamen haar schuite met der selver toebehoren soo als deselvige bij de vercopinge sijn bevonden, en sulx voor een somma van 133 Caroli guldens, welke penningen door den ancoper aan de heer Wildrik Wildriks sijn voldaan, en het welk haar transportante voor betalinge is verstrekt, weshalven sij comparante, als nu bij desen doet cessie, transport en overdragt van voornoemde schuite met sijn toebehoren an Egbert Baarslag van den Hardenberg, bedankende denselvige voor goede voldoeninge en betalinge, stelt deselvige in de rustige possessie en eygendom, belovende dese voornoemde schuite met sijn toebehoren te willen wagten en wharen voor de evictie en allerley op of ansprake als na regte. In oorconde der waarheyd soo heb ik Scholtus en keurnoten Klaas van Tarel en Albertus Nevels nevens vercoperse en geadsisteerde momber getekent en tot meerder vestenisse heb desen met mijn Zegel ampthalven bekragtiged. Coevorden den 117 July 1768.

                                                                                                                                            R. Haasken

Swaentien Willems                                                                                                    Scholtus

W. Wildrik                                                                                                                         A. Nevels

                                                                              Collatie accorderende                       Klaas van Tarel

                                                                              R. Haasken

                                                                                   Scholtus

 


akte 50

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 4, folio 690/242

microfiche 24, 5e rij, nr. 6

Ick Roelof Haasken wegens Hoger Overigheyd Scholtus over Coevorden en Schonebeek, die cond en certificere mits desen dat voor mij en keurnoten nabenoemd in den Edelen Gerigte gecompareerd en erschenen sijn Hendrik van Tarel van Gramsbergen en Maria van der Horst eheluiden, sijnde in desen geadsisteerd met haar eheman als momber, soo bekende comparanten voor haar en hare erfgenamen, dat sij vrij uit den hand an Tonnis van Tarel te Coevorden en derselven erfgenamen hadden vercoft, gecedeert, getransporteert en in vollen eygendom overgedragen twee en een halve koeweyde in de Coevorse Marst bij Meyers huis an de weg, met de erfgenamen van Harmen op het Holt in een stuk begrepen, beider bij overdragt van den 29 Mey 1715 geëxpresseert, quo relatio en sulks voor een genoegsame somma van penningen ten genoegen bij vercoperen en transportanten ontfangen, bedankende den ancoper voor goede voldoeninge en betalinge, stellende den ancoper van desen in de rustige possessie en eygendom, sijnde vrij van alle uitgaande en opliggende renten of beswaar exempd Heerenschattingen en nabuirlijke lasten, de welke mede tot laste van den ancoper sullen sijn en verblijven, belovende verders de vercopers en transportanten dese voornoemde twee en een halve koeweyde in de Coevorse Marst te willen wagten en wharen voor de evictie en alle op of ansprake volgens erfkoopregt. Sonder arg of list in kennisse der waarheyd heb ik Scholtus en keurnoten Roelof ten Vlieghuis en Arent Mering nevens vercoperen en transportanten getekend en tot meerder vestenisse heb desen met mijn Zegel amptshalven bekragtiged. Actum Coevorden den 8 July 1772.

                                                                              /:Was getekend:/

Dit merke + heeft Hendrik                                                                                               R. Haasken

van Tarel in mijn presentie                                                                                                  Scholtus

getogen, certificere                                                             Collatie accorderende

                                R. Haasken                                                R. Haasken

                                     Scholtus                                                    Scholtus

Maria van Horst                                                                                                Arent Meijrink

                                                                                                                             R. ten Vlieghuis

 


akte 51

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 4, folio 799/267

microfiche 25, 1e rij, nr. 3

Ick Roelof Haasken wegens Hoger Overigheyd Scholtus van Coevorden en Schonebeek cum annex, doe cond en certificere mits desen versegelden coop en transportbrief dat voor mij en twee gerigtskeurnoten nabenoemd in den Edelen Gerigte gecompareert en erschenen is Eva Marck weduwe van Jan Hobers van den Hardenberg voor haar selfs en als boedelhouderse wijlen haar eheman voornoemd, sijnde ad hunc actum geadsisteerd met Hendrik van Engen, haren verkoren en bij den Gerigte geadmitteerden momber, de welke bekende voor haar en hare erfgenamen dat sij in eenen steden, vasten en onwederroepelijken erfcoop an Albert Melenberg en erfgenamen te Anen hadde vercoft, gecedeerd, getransporteerd en in vollen eygendom overgedragen, cragt deses, ongeveer een half dagwerk hooyland, of wel haar geregte agste portie genaamd de Quabben Mate uit het Erve Hobers, gelegen onder de jurisdictie van Coevorden, aan het sogenaamde Verbruide Land, an de Coevorse Vegt, an het Heyne Gooren, en sulks voor een somma van vijftig Caroli guldens, welke penningen de transportante bekende ten genoegen ontfangen te hebben tot aflossinge van boedelschulden, bedankende derhalven den ancoper voor goede voldoeninge en betalinge, stellende den ancoper daarvan in de rustige possessie en eygendom, sijnde vrij van alle uitgaande opliggende renten of beswaar, exempt Heerenschattingen en nabuirlijke lasten, de welke mede tot laste van den ancoper sullen sijn en verblijven. Sonder arg ofte list in kennisse der waerheyd heb ik Scholtus en keurnoten Jan Luftink en Beerent Tinge nevens comparante en geadsisteerde momber getekent, en tot meerdere vestenisse met mijn Zegel amptshalven bekragtiged. Actum Coevorden den 3 October 1777.

                                                                              (:Was getekend:)

                                                                                                                                            R. Haasken

Eva Marck weduwe Hobers                                                                                      Scholtus

Hendrik van Engen                                                                                                  J. Luftink

                                                                                                                                            Beerent Tynge

 


akte 52

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 7, deel 11

microfiche 60, 4e rij, nr. 8 en 5e rij, nr. 1 t/m 4

Coevorden den 25 Maart 1779

Richter R. Haasken

Keurnoten H. Kosters en Jan Lufting

Erschenen Procureur Ms. Baerselman, als bediende Procureur en gevolmagtigde van de Hooggeboren Gestrenge Heer C.L. Grave van Rechteren, Heere van Collendoorn, etc., etc. Als merkenrigter van Rheze, luid volmagt gepasseert voor den Edelen Scholtengerigte in den Hardenberg in dato den 21 November 1776, welke men hier nevens vertoond om na gerichtene visie, of der gerequireerde copia van deselve weer terug genomen te worden voordragende, hoe in gevolg Merktenresolutie van den 22 September 1767 de orige waerden, of die geen genoegsame waare hadden, in Rheeze op brinksittersgeld sijn gesteld, bij welke Resolutie dan verstaan is, dat van het plaatsje van Hendrik Timmerman destijdes bewoond wordende door eene Egbert Derks alias Egbert Kazebaard, 's jaarlijks en alle jaer soude betaald worden een gulden waervan het eerste jaer verschenen is op 1mo Mey 1768 en soo vervolgens als te sien uit die Merktenresolutie; waervan men een extract hierbij overlegt sub A.

Welk plaatsje dan al seder enige jaeren voordat gementioneerde resolutie genomen is, en wel tot 1mo Mey 1772 is bewoond geworden door geseide Egbert Derks alias, Kasebaerd, die daarvan dan is schuldig geworden te betalen een somma ad vijf guldens welke verschenen sijn 1mo Mey 1768-1769-1770-1771 en 1mo Mey 1772 gelijk men sulx in cas van onvermoedelijke contestatie, bij pour suite der saak wel zal weten daar te doen.

Dat men selfs van tersijden gehoord heeft, dat Egbert Derks, die gementioneerde vijf guldens, sijn gewesen landheer Hendrik Timmerman te Reeze van zijn verschuldigde huir of pagt penningen heeft afgetrokken, met belofte om dezelve aan den Heere Markten Rigter te betalen met versekering daerbij dat geseide Timmerman daer nooit voor soude aengesproken worden, dog van welke betaling niets geworden zij. Zoodat des comparants Hoge Principaal, die penningen in der minne, niet heeft kunnen optineren, niet tegenstaande men alle instantien heeft aengewend. Waerom men genoodsaakt is geworden om denselven Egbert Derks alias Kasebaerd tegens heden te doen citeren, ten einde om daerover te sien dienen van eisch rite sub. B.

In fidutie dan van deselve eisch, bij provisie ten genoegen rechtens te hebben geadstrueerd, concludeerd den comparant qqa omnimelioni modo.

Dat de geciteerde bij sententie van desen wel Edele Gerigte sal worden gecondemnieerd om de gelibelleerde penningen ter somma van vijf guldens promptelijk te moeten opleggen en betalen cum expensis onder reserve dan noch om in cas des comparants Hooge Principaal qqa in desen door onvermogenheid, van de geciteerde sulx niet mogt kunnen optineren, als dan daarover soodanige actie te institueren, tegens den genen, en so en in dier voegen als na regte sal behoren ofte wesen.

Hiertegens gecompareert Egbert Derksen alias Kasebaart, en heeft desen eisch cum expensis angenomen te betalen, passerende bij desen vrijwillig verweer van regte en dus voor den eysch sijne goederen executabel stelt.

R. Haasken

    Scholtus

J. Luftink

H. Kosters

--------------------------------------------------------------------

A                                            Extract uit 't boek der Markten Resolutien van Rheese

Op huiden den 22 September 1767 zijn de Heeren erfgenamen en goedsheeren van Rheese, na voorgaande wettige convocatie te huisen van de Heer secretaris Kramer in den Hardenberg vergadert geweest, in 't generaal om te delibereren en te concluderen, hetgene men ten gemeene Markten voordele sou vermeinen te behoren, en wel specialijk, hetgene bij de afgegane kerkensprake was gespecificeert en uitgedrukt.

(:Post quadum alia:)

(:Clausula consernens:)

Hierop hebben de Heeren erfgenamen en goedsheren, ingevolge het advys van den Heer Marktenrigter, waertoe dezelve den 24ste Meert dezes jaers 1767 versogt was, de ongewaardenden op Brinkzittersgeld gesteld, en dat wel in deser voegen.

Hermen Hulsebos jaerlijks op                                                                          7-10-:

Jan Hermsen jaerlijks op                                                                                          1-:-:

Egberts Derks jaerlijks op                                                                           1-:-:

Evert Derks jaerlijks op                                                                                          1-:-:

Joost Kragt als hij vhee mogt houden jaerlijks op                                           1-:-:

Jacomina Willems als zij vhee mogt, en vermogend jaerlijks op                1-:-:

Derks Egbers alias Kamp Derk jaarlijks op                                            1-:-:

Hendrik Koers en Hermen Welink die wel enigsints, dog met genoeg

gewaerd sijnde ieder jaarlijks op 15 Hollandsche gulden                   1-10-:

Bedragende tegenswoordig zoolang Joost Kragt en Jacomina Willems

niet geven de somma van                                                                                         13-:-:

Zullen de overstaande sittelgeld verschenen zijn voor de eerste maal op 1mo Mey 1768 en jaarlijks aen de Heer Marktenrigter betaald worden: dewelke versogt word om een bijsonder boek aen te leggen voor Rekeninge van de Markte, om daar in bij speciale posten van deze, en andere Markte inkomsten aentekeninge te houden en wel specialijk de namen van bovenstaande Brinksitters daer in aen te tekenen hoeveele een ieder van deselve jaerlijks aen de Merkte moet betalen: wordde tegelijk bij desen vastgesteld en verstaan, om voortaan geen nieuwe Brinksitters in de Rheeze Markte te admitteren.

(:Post quadam alia:)

(:Clausula corsernens:)

Aldus gedaan op tijd en plaats voornoemd met onse handteikeningen bekragtigt, om te kunnen strekken ten fine en effecte als behoort.

Onderstond

J.R. Raesfelt                                          P.T. Golts                                      W. Stolte

dat dit X het eigenhandig

getrokken merk is van Hendrik

Timmerman, getuige ik

ondergetekende

(:Was get:)

W. Stolte

Accordeert met voorschreven Resolutie.

C.L. Graef v. Rechteren

als Markenrigter

------------------------------------------------------------------

B                                             Memorie voor de Gerigtsdienaer van Coeverden

Om na geoptineert consent van den Heere Scholtus ten instantie van de Hooggeboren Gestrengen Heere Grave van Rechteren, Heere van Collendoorn, etc, etc, in qualiteit als MerktenRigter van Rheeze; zig te vervoegen bij Egbert Derks wonende op de Loo, en den selven te citeren tegens aenstaande donderdag den 25 deser maand bij klimmen der sonne voor desen Edele Scholten Gerichte, ten einde omme aldaar te zien eyschen alsodanig Brinksittersgeld als de geciteerde aen de Merkte van Rheese nog van 't Plaatsje Timmermans te Rheese verschuldigt is.

Men versoekt hiervan Landcedelijk Exploeit en relaas voor gebeur. Actum Coeverden den 23 Maart 1779.

Ms. Baerselman proqq

Geexploteert in absentie van Egbert Derks an desselfs huisvrou. Actum op de Loo den 24 Meert 1779.

F.H. Reynhart

gerigtsdienaar

 


akte 53

Schultengerecht Coevorden - Civiele rechtspraak

Inventarisnummer 7, deel 13

microfiche 70, 1e rij, nr. 5

Coevorden den 5 May 1781

Richter R. Haasken

Keurnoten Cornelis Peen en Jan Pott

Compareerde in den Edele Gerichte Beerent en Roelof Meylink van Holtheme, voordragende dat hier in qualiteit als erfgenamen van wijlen Engbert Meylink nog competeert van Lambert de Groot in 't Laar en Helena Schutte, eheluiden, een capitale somma van vijf hondert Caroli guldens cragt versegelinge van den 24 July 1775 buiten de reets verlopene interessen en alsoo dit capitaal cum interesse debite et cum forma an de bepandede is opgelegt, om op den verschijndag op te brengen en te betalen consterende met de acte van opsegginge in dato den den 20 January 1781. Dog vermits de bepandede na iterative minnelijke instantien alsnog in gebreke blijft de gelibelleerde somma te betalen, soo versoekt in dese pandeyser in optima juris forma anpandinge van een stukke hooyland groot 4 dagwerken in 't Reynders, de soo genaamde Nieuwe Toeslag, onder dese Jurisdictie gelegen, onder verband van persoonen en goederen en voor dit capitaal en interessen verhypothiseerd ten eynde voornoemde capitaal en interesse a mora daar an cost en schadeloos te verhaalen, met versoek an desen Edelen Gerigte, dat van dese anpandinge per extractum loco whete an bepandede insinuatie en denuntiatie moge worden gedaan met overgave van een debbett soo als na landregte en nadere reglementen word gerequireerd, sulx stellende ad decretum cum expensis.

Decretum

R. Haasken

    Scholtus

C. Peen

Jan Pott

 


akte 54

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 9, deel 4, folio 955/405 en 956/406

microfiche 26, 4e rij, nr. 6

Ick Roelof Haasken wegens Hoger Overigheyd Scholtus over Coevorden en Schonebeek, doe cond en certificere mits desen, dat voor mij en twee Gerigtskeurnoten nabenoemd in den Edelen Gerigte gecompareerd en erschenen sijn, Hendrik Schuldink van Aane en Jannechien Munnekemeijer eheluiden tutore marito, dewelke bekenden voor haar en hare erfgenamen an Lubbert Stoeten van Rhese en Willemina Marsink eheluiden en erfgenamen te hebben vercoft, gecedeert, getransporteert en in vollen eygendom overgedragen, sulks doende cragt deses 1mo twee dagwerken hooyland in het Heyne Goor bij de Kleyne Vegte en 2do een negende anpart en vier dagwerken hooyland in de Lage Kwabben Mate, alles onder desen jurisdictie gelegen, en sulks voor een genoegsame somma van penningen en ten genoegen bij de vercopers en transportanten ontfangen, bedankende de ancopers voor goede voldoeninge en betalinge. Stellende de ancopers daarvan bij desen in den rustige possessie en eygendom, sijnde voornoemde landerijen vrij van alle uitgaande opliggende renten of beswaar, exempt Heerenschattingen en nabuirlijke lasten, dewelke mede tot laste der ancopers sal sijn en verblijven soo en dier vougen als de vercopers het hebben gepossedeert, belovende verders dese vercofte landerijen te willen wagten en wharen voor de evictie en alle op of ansprake volgens erfcoopsregt. Sonder arg ofte list en kennisse der waarheyd heb ik Scholtus en keurnoten J.H. Eppink en J.G. Darmois desen nevens transportanten getekent en tot meerder vestenisse met mijn Zegel amptshalven bekragtiget in Coevorden den 6 February 1786.

                                                                              /:Was getekend en gezien:/

                                                                                                                                            R. Haasken

                                                                                                                                                 Scholtus

Hendrik Schuldink                                                                                                            J.H. Eppink

Jennegien Munkemeiier                                                                                                      J.G. Darmois

                                                                              Collatie accorderende

                                                                              R. Haasken

                                                                                   Scholtus

 


akte 55

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 11, deel 2, folio 437 en 438

microfiche 11, 2e rij, nr. 4

Coeverden den 9 April 1790

Rigter R. Haasken

Keurnoten J.G. Darmois en Hendrik Coops

Compareerde in den Edelen Gerigte Albert Egberts van de Loo, weduwenaar wijlen Jantjen Brakels, verzoekende dat over zijn minderjarige dogtertjen Vennegien Alberts, bij wijlen desselfs ehevrouw in egte verwekt tot mombaren mogten worden gesteld en geauthoriseert, Jan Brakels en Jan Jonker, welke perzoonen dan bij den Edelen Gerigte zijn gesteld en geauthoriseert, en hebben voornoemde mombaren bij handtastinge in Edes plaatse belooft voornoemde mombarschap in alle getrouwigheid te zullen bedienen en waarnemen. Actum uit supra.

                                                                                                                                            R. Haasken

                                                                                                                                                 Scholtus

                                                                                                                                            J.G. Darmois

                                                                                                                                            H. Coops

Zijnde vervolgens in den Edelen Gerigte gecompareert, Albert Egberts van de Loo als bruidegom ter eenere en de eerbare jongedogter Jantjen Hendriks van het Aanderveen als bruid ter andere zijde, zijnde bruidegom en bruid, in deezen geadsisteert met de naaste aanweezende presente bloedvrienden en mombaren, verklaarende zij conthoraalen, dat tusschen voorschreeven bruidegom en bruid een wettelijk huwelijk was gedediget en geslooten, op volgende maniere.

Voor eerst, zullen bruidegom en bruid haar in den egt begeeven, na kerkelijke ordonnantien.

Ten tweeden, heeft de vader aan zijn minderjarige dogtertjen Vennegien Alberts, bij wijlen Jantjen Brakels in egte verwekt, voor moeders goed vooruit beweezen, alle des moeders lijfstoebehooren hoe genaamt, met zeeven Caroli guldens aan contante penningen, dewelke de pupbille zal kunnen genieten als mondig is of komt te trouwen.

Ten derden, zoo belooft de bruid tot stuur des huwelijks in en aan des bruidegoms huys te brengen, alle haare goederen zoo hebbende als nog verkrijgende, geene uitgezondert.

Ten vierden, zoo heeft de bruid met goedvinden van vrienden en mombaren het voorkind Vennegien Alberts aangenomen en voor haar eigen egte kind niet anders als of hetzelvige van haren lijve ware voortgekomen, om zoowel in alle haar na te laatene goederen te zullen erven, als dat kind of kinderen zoo uit deezen huwelijk staan gebooren te worden, in voegen dat tusschen de voor en nakinderen zal zijn een éénkindschap, één zuster en één broederschap, dat ofschoon nogthans uit dit huwelijk geen kind of kinderen worden geboren.

Evenwel deeze éénkindschap in zijn volle kragt en waarde zal verblijven, voor welke vooruit beweezene goederen bruidegom en bruid speciaal verbinden alle haare goederen, geene excempt. Aldus gedediget en gesloten, in oirkonde der waarheid hebbe ik Scholtus en keurnoten als waren J.G. Darmois en Hendrik Coops, deezen neevens bruidegom en bruid, de aanweezende naaste bloedvrienden en mombaren geteekent binnen Coevorden den 9 April 1790.

                                                                              (:Was getekent:)

                                                                                              R. Haasken

                                                                                                 Scholtus

                                                                                              J.G. Darmois

                                                                                              H. Coops

Albert Egberts

Dit merk X heeft de bruid in mijn presentie getogen,

zulks certificeere bij deezen                R. Haasken

                                                                  Scholtus

Jan Brakel

Deeze X X beide handmerken hebben Jan Jonker

en Egbert Derks in mijn presentie getogen,

zulks certificeere                  R. Haasken                                Collatie accorderende

                                                   Scholtus                                R. Haasken

Hendrik Lotterman                                                                Scholtus

 


akte 56

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 13, deel 1, folio 14

microfiche 1, 2e rij, nr. 2

Ik B. Slingenberg, scholtus over de Stad en Heerlijkheid van Coevorden, doe kondt en certificeere door dezen verstokte en verzegelden brieve, dat persoonlijk voor mij en twee keurnooten nabenoemd gecompareerd en erschenen is Teunis Alferink te Coevorden, meede caveerende voor deszelver huisvrouw en erfgenaamen, dewelke bij deezen verklaarde en bekende oprecht en deugdelijk schuldig te zijn en op rente genomen te hebben, van Hindrik Boschman woonachtig op Holthoon en derzelver erfgenamen, een capitale somma van driehonderd Caroly guldens, zegge ƒ 300:-:-, alsmeede van Beerent van Bruggen, Hindrik Wenk, Johannis Carsten en Jan Beerent Lubbers in qualiteit als kerkvoogden van de roomsche gemeente te Coevorden, van de kerkengelderen de zomma van eenhonderd Caroly guldens, zegge ƒ 100:-:-, welke zomma van vierhonderd Caroly guldens hij bij deezen aanneemd te verrenten met 4 procent of zestien guldens in het jaar, waarvan het eerste jaar rente zal koomen te verschijnen primo Mey 1700 zevenennegentig, en zo vervolgens tot de aflosse toe, welke alle jaaren ten wederzijde zal vrij staan en kunnen en moeten geschieden wanneer de opzegginge van de crediteuren of van den debiteur na Landrechte een vierendeel jaars voor de verschijndag zal zijn gedaan. Zullende ook dit capitaal zo verre aan ider der bijzondere crediteuren toebehoord moeten worden opgebragt wanneer dezelve een vierendeel jaars voor de verschijndag opzaage na Landrechte doet, welke vrijheid den debiteur meede behoud.

Voor welk capitaal en diens renten den debiteur bij deezen verbind en verhypothiseerd alle zijne hebbende of te verkrijgene goederen, hoe genaamd of waar geleegen, geenen uitgezonderd, en in specie een zaadveene geleegen in de Coevordsche Zaadveenen, tusschen dat van Jan Boom en Warsse Scholten, ten einde om daaruit in val van onverhoopte misbetaalinge capitaal en renten kost en schadeloos voor alle Gerichten en Rechtbanken te kunnen vorderen en verhalen, onder renuntiatie van alle exceptien, hoe genaamd.

Tot vestenisse deezen heeft de comparant en debiteur Teunis Alferink hiervan den stok gelegt na Landrechte,  aan de crediteuren opgemeld, welke stok ook alzo wederom door Hindrik Boschman, en Berent van Brugge als administratieve kerkvoogd is opgenomen, voor mij scholtus en keurnooten die waaren de burgers Hindrik Rikkers en Albert van Eerde, stemgeregtigden te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie heb ik scholtus dezen met mijn zegel ambtsweegen gezegeld en nevens keurnooten en debiteur getekend.

Actum Coevorden den 3 Mey 1796. Het tweede jaar der Bataafsche vrijheid.

                                                                              (:was getekend:)

Tonnies Alferink                                                                                                              B. Slingenberg

                                                                                                                                                  Scholtus

Collatie accorderende den 3 Meij 1796                                                                          H. Rikkers

                B. Slingenberg                                                                                                        A. van Eerde

                      Scholtus

 


akte 57

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 56

microfiche 1, 4e rij, nr. 6

Op heeden dato ondergeschreeven heeft Jan Brakels als hoofdmomber en Gerrit Brakels beiden woonagtig te Coevorden, en Roelof Lotterman woonagtig op het Leemgraven, en Harm Lotterman woonagtig op den Haandrik, de drie laastgenoemden als meede mombaren, over de onmondige kinderen van Berent Brakels bij wijlen Aaltien Lotterman in egten verwekt, genaamt Gerrit, Hindrekien, Gerrit Jan, Hindrik en Jacob, den Eed na Landrechte gepresteerd.

Des mijne vertekeninge. Coevorden den 21 Mey 1796.

                                                                                              /:was getekend:/

                                                                                              B. Slingenberg

                                                                                                  Scholtus

                                                               Collatie accorderende

                                                               B. Slingenberg

                                                                   Scholtus

[Op dezelfde datum worden de huwelijksvoorwaarden opgemaakt van Berent Brakels, weduwenaar van Aaltien Lotterman, ter eenre en Harmina Alberts jongedogter geboortig van Geest ter andere zijde]

 


akte 58

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 126 t/m 129

microfiche 2, 2e rij, nr. 4 en 5

H. Slingenberg, geauthoriseerde Scholtus van Coevorden en diens Jurisdictie certeficeere bij deezen, dat voor mij en twee keurnoten nabenoemd, in den Gerigte gecompareerd en verschenen zijn, Geert Bouwmeester woonagtig op de Ballast als bruidegom ter eenre zijde, geadsisteerd met desselfs zwager Hindrik Timmerman woonagtig tot Ane, getrouwt aan desselfes zuster Harmpien Bouwmeester, en meede daarvoor caveerende, benevens G. Baarling als daartoe meede verzogte getuige, benevens Fennegien Bouwmeester desselfs oudste zuster, geadsisteerd met G. Wildrik, en Jenneke Bouwmeester weduwe Pieter Wilms, geadsisteerd met J. Slingenberg als hare hiertoe gekorene en geadmitteerde mombaren, en Harmpien Hindriks dogter van Hindrik Wilms op den Anholt bij het Wijerswold als bruid ter andere zijde, geadsisteerd met Jan Willemsen en haar beide broeders Wilm Hendriks van den Anholt en Geert Hendriks in de Berge onder Emmelenkamp woonagtig, mede caveerende voor derzelver huisvrouwen, verklarende dat er een wettig huwelijk was beraamt, gededigt en gesloten op maniere als volgt.

Ten eersten zullen bruidegom en bruid na kerkelijk gebruik in den huwelijken staat moeten worden bevestigd, en zullen in het ouderlijke huis van de bruidegom introuwen.

Ten tweede zal de bruid alle haar reeds hebbende of nog te verkrijgene goederen, hetzij door erffenisse als anderzints tot steun des huwelijks moeten aan en inbrengen.

Ten derden zal de bruidegom aan zijne drie gezusters uit de ouderlijke boedel moeten uitkeeren, aan de oudste Fennegien Bouwmeester een bekwaam bedde, twee beddelakens, twee kussens met derzelver slopen, en een peul, benevens vijf en twintig guldens aan geld, dog zoo dezelve ongehuwd komt te overlijden, zullen deeze goederen, zoo verre dan nog voorhanden zijn, wederom vervallen en vererven aan het ouderlijk huis en zo zij ongehuwd door ziekte of andersints genoodzaakt mogte worden, haar intrek bij anderen te neemen, in het ouderlijke huis tot aan haar herstel toe moeten worden aan en ingenoomen, mits dan het haare daartoe meede aanwendende en aan derzelver beide andere zusters, Harmpien Bouwmeester getrouwt aan Hindrik Timmerman te Ane, en Jenneke Bouwmeester weduwe van Pieter Wilms, ider dertig guldens eens.

Ten vierden zoo de bruidegom voor de bruid mogt komen te versterven zonder kinderen na te laten, zal dezelve in het ouderlijk huis moogen introuwen dog de bruid eerst zonder kinderen overlijdende, zullen haar ingebragte goederen in 't huis verblijven.

In oirconde der waarheid heb ik geauthoriseerde Scholtus en keurnoten die waaren Antoni Willemsen en Harm Berends, stemgeregtigde burgers te Coevorden, dezen nevens bruidegom en bruid en wederzijds getuigen en verder bovengemelde vrienden en adsistenten deezen ondertekend, en heb ik Scholtus deezen met mijn Zegel Ambtsweegen bekragtigd. Actum Coevorden den 16 April 1798, 't 4e jaar der Bataafsche vrijheid.

                                                                              /:was getekend:/

                                                                                                                                            H. Slingenberg

Geert Bouwmeester                                                                                                     geauthoriseerde Scholtus

Hindrik Timmerman                                                                                                         H. Berents

G. Baarling                                                                                                                         Antony Willemsen

Dit hand X merk heeft

Fennegien Bouwmeester in mijn

presentie getogen, zulks verklare

H. Slingenberg, geauthoriseerde Scholtus.

G. Wildrik als momber.

Dit hand X merk heeft Jenneke

Bouwmeester wed. Pieter Wilms

eigenhandig getogen, zulks

certeficeere H. Slingenberg, geauthoriseerde Scholtus.

J. Slingenberg als momber.

Dit hand X merk heeft Harmpien Wilms

in mijn presentie getogen, zulks certeficeere H. Slingenberg, geauthoriseerde

Scholtus.

J. Willemsen als adsistent.

Wilm Hindriks

                                                                              Collatie accorderende

                                                                              H. Slingenberg

                                                                              geauthoriseerde Scholtus

 


akte 59

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 13, deel 1, folio 196 en 197

microfiche 3, 1e rij, nr. 5

H. Slingenberg geauthoriseerde scholtus over de Stad en Jurisdictie van Coevorden, doe cond en certeficeere bij deezen verstokte en verzegelde transportbrief, dat persoonlijk voor mij en twee stemgeregtigde keurnoten onder benoemd, in den Gerigte gecompareerd en verscheenen zijn, Hendrikje Heidentrijk geadsisteerd met den burger Alb. Assen als haaren in deezen gekooren en geadmitteerden momber, benevens Hendrik Hazelaar, Teunis Geerds, Berent Heidentrijk en Wilm Elders, de vier laastgenoemden als hoofd en meede mombaaren over de minderjaarige kinderen van wijlen Jan Geerds, bij gemelde Hendrikje Heidentrijk in egte verwekt, welke comparanten /:de laastgenoemden of de mombaaren op speciaale authorisatie van de daaden uitmaakende der Etstoel of het Hoff van Justitie in het voormaalig gewest Drenthe van dato den 5 July 1797:/ bij deezen verklaarden te cedeeren, transporteeren, en in vollen erffelijken eygendom over te draagen, aan den burger Hindrik Bosman woonagtig te Holthoon, twee akkers zaayland geleegen op de Middel Loo onder Coevorden, groot ider vier schepel zaayland, leggende ten oosten aan de akker van Heino Sluiter, en ten westen aan die van de weduwe H. van Eerde, met alle derzelven recht en gerechtigheid, lusten en lasten, schattingen en zwarigheeden, zonder iets voor ofte nadeeligs te reserveeren, of zo en in diervoegen als het zelve door comparanten is bezeten, en op den 19 July 1797 publyk ten overstaan van het Gerigte van Coevorden is verkogt.

En dewijl comparanten q.q. verklaarden de beloofde kooppenningen alle en ten vollen te hebben ontfangen, en dus daarvoor voldaan en betaald te zijn, zo passeerden zij comparanten deezen voor volle quitantie, met belofte q.q. om het verkogte te zullen wagten en waaren voor alle evictie op ende aanspraake als na rechten.

Tot vestenisse deezes hebben de comparanten q.q. hier van den stok gelegt na Landrechte aan den aankoper voornoemd, die dezelve ook alzoo wederom heeft opgenoomen, voor ons scholtus en keurnoten die waaren de burgers Kars van Tarel en Harm Berends woonagtig te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie hebbe ik geauthoriseerde scholtus deezen gezegeld en nevens keurnoten ondertekend.

Actum Coevorden den 2 Mey 1798. Het 4de jaar der Bataafsche vrijheid.

                                                                              /:was getekend:/

                                                                                                                             H. Slingenberg

                                                                                                                             geauthoriseerde scholtus

                                                                                                                             Kars van Tarel

                                                                                                                             Harm Berends

                                                                              Geregistreerd den 2 Mey 1798

                                                                                              H. Slingenberg

                                                                                              geauthoriseerde scholtus

 


akte 60

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 13, deel 1, folio 184 en 185

microfiche 2, 6e rij, nr. 7

H. Slingenberg, geauthoriseerde scholtus van Coevorden en diens Jurisdictie, certeficeere bij deezen verstokte en verzegelde obligatiebrief, dat voor mij en twee stemgeregtigde keurnoten hierna benoemd, in den Gerigte gecompareerd en erscheenen is, Hendrik Melenberg woonagtig in 't Engeland onder 't boerschap Ane geleegen, meede caveerende voor zijn huisvrouw Janna Melenberg en erfgenaamen, welke bekende dat in contante en aan hem toegetelden gelden, had ontfangen anders opregt en deugdelijk schuldig te weezen aan de burger Jan de Groot alhier, en erfgenaamen, de somma van tweehonderd Caroly guldens, zegge ƒ 200-"-", welke bij deezen aanneemt om te verrenten met drie der gelijke guldens en tien stuivers van ider honderd jaarlijks, zullende dit capitaal ten wederzijden losbaar zijn, en moeten worden opgebragt wanneer de opsegginge van de eene of andere zijde drie maanden voor de verschijndag, waarvan de eerste zal zijn heeden over een jaar, wel en behoorlijk zal zijn geschied, verbindende en verhipothiseerende hiervoor zijn persoon en goederen, en wel in specie twee dagwerken hooyland, geleegen in het Holterland onder de Jurisdictie van Coevorden, om in val van onverhoopte misbetaalinge gemelde capitaal en renten daaruit vrij kost en schadeloos te kunnen verhaalen, met renuntiatie van alle exceptien, hoe genaamd.

Tot vestenisse deezes heeft de comparant voornoemd hiervan de stok gelegt na Landrechte, deze ook door de crediteur Jan de Groot weederom is op en aangenoomen, voor ons scholtus en keurnoten die waaren de burgers J. Smit en H. Berends.

In waarheids oirconde is desen door mij geauthoriseerde scholtus en keurnoten benevens den debiteur getekend en heb ik scholtus deezen met mijn zegel ambtshalven bekragtigd. Actum Coevorden den 3 Mey 1798. Het 4de jaar der Bataafsche vrijheid.

                                                                              (:was getekend:)

Henderyk Melberg                                                                                              H. Slingenberg

                                                                                                                                            geauthoriseerde scholtus

                                                                                                                                            J. Smit

                                                                                                                                            H. Berends

                                                                              Geregistreerd den 3 Mey 1798

                                                                                              H. Slingenberg

                                                                                              geauthoriseerd scholtus

 


akte 61

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 173 t/m 176

microfiche 2, 5e rij, nr. 3, 4 en 5

Op heeden de dato ondergeschreven hebben Egbert Janzen als hooftmomber en Arend Helmes van Agtelaar, Albert Meijerink en Gerrit Meijerink alhier als meede mombaaren, over het minderjaarige zoontje van Hillegien Meijerink weduwe wijlen Harm Schonekamp, bij denzelven Harm Schonekamp in egte verwekt, genaamt Harm Schonekamp, thans oud in 't sesde jaar, den Eed na Landregte voor mij Scholtus gedaan.

Actum Coevorden den 1 September 1798.

                                                                              /:was getekend:/

                                                                                                                                            H. Slingenberg

                                                                                                                                            geauthoriseerde Scholtus

                                                                              Geregistreerd op dato

                                                                              H. Slingenberg

Op heeden de dato hier onder gemeld is er een wettig huwelijk ingegaan, gededigd en geslooten tusschen Lodewijk Laub als bruidegom ter eenre, en Hillegien Meijerink weduwe wijlen Harm Schonekamp als bruid ter andere zijde, ten overstaan van twee ten weederzijden hiertoe verzogte getuigen en dedingsluiden ingegaan, gededigt en geslooten op volgende conditien.

1mo Bruydegom en bruid zullen na kerkelijk gebruik in den huwelijken staat worden bevestigd.

2do Is overeengekoomen dat de weederzijdsche goederen, welke zij zullen koomen brengen, bestaande in eenige geringe huismeubelen onder hun in gemeenschap zullen worden bezeeten.

3tio Heeft de bruidegom Lodewijk Laub het onmondig zoontje van de bruid, genaamd Harm Schonekamp, bij deezen aangenoomen als zijn egte kind evenals of hetzelve van hem als egte vader was gebooren, zullende dit zoontje, en de kinderen die nog uit dit huwelijk mogten gebooren worden, tot hunne ouderlijke goederen en nalaatenschap even na en in gelijken graad worden gesteld, dus als éénkindschap worden aangemerkt, dog zal dit gemelde zoontje Jan Schonekamp, wiens overleeden vaders klederen thans niet meer voor handen zijn, van zijn vaderlijke nalatenschap vooruit genieten een paar zilveren gespen.

Aldus deezen door bruidegom en bruid benevens derzelve adsistend en daarbij verzogte getuigen, die waaren Egbert Janzen van Agtelaar en Arend Helmes benevens Albert en Gerrit Meijerink alhier getekend.

In waarheids oirconde heb ik geauthoriseerde Scholtus en keurnooten, die waaren Gerrit Woltersom en Hindrik Pijpers deezen meede ondertekend, en tot meerdere vestenisse van dien, heb ik deezen met mijn Zegel Amptsweegen gecorroboreerd. Actum Coevorden den 1 September 1798, 't 4e jaar van de Bataafsche vrijheid.

                                                                              /:was getekend:/

Egbert Jansen                                                                                                                   H. Slingenberg

Arend Helms                                                                                                                     geauthoriseerde Scholtus

Dit hand X merk                                                                                                                G. Woltersom

heeft Albert Meijerink                                                                                                             H. Pijpers

in mijn presentie getoogen,

zulks certeficeere                 /:getekend:/

                                               H. Slingenberg

                                               geauthoriseerde Scholtus

J. Meijerink

L. Laub

Dit hand X merk heeft Hille-

gien Meijerink in mijn presentie

getogen, zulks certeficeere                /:getekend:/

                                                               H. Slingenberg

                                                               geauthoriseerde Scholtus

Dit hand X merk heeft Jannes

Meijerink als adsistend in

mijn presentie getoogen, zulks

verklare                  /:getekend:/

                                H. Slingenberg

                                geauthoriseerde Scholtus                  Geregistreerd op dato

                                                                                              H. Slingenberg, geauthoriseerd Scholtus

 


akte 62

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 13, deel 1, folio 122 en 123

microfiche 3, 3e rij, nr. 2

H. Slingenberg, geauthoriseerde scholtus der Stad Coevorden en diens Jurisdictie, certeficeere bij deesen, dat voor mij en twee stemgeregtigde keurnoten hier onder benoemd, in den Gerigte gecompareerd of verscheenen zijn, Dominus J. Havinga te Bellingeweer, nomina uxor Judith Tideman, benevens M. Tideman weduwe wijlen de predikant E. van Eerde, de laaste geadsisteerd met G. Wildrik, te zaamen erfgenaamen wijlen haar moeder G. l'Empereur weduwe Tideman, welke bij deesen verklaarden te cedeeren, transporteeren en in vollen erffelijken eygendom over te draagen aan den burger Harm Assen van Holthoone, een weide in de Coevorsche Mars, zoo groot en klein als dezelve daar geleegen is, met alle derzelver recht en gerechtigheid, lusten en lasten, schattingen en zwarigheeden, zonder iets voor of nadeeligs te reserveeren, of zo en in diervoegen als dezelve door wijlen des comparanten moeder is bezeeten, en door hun op den 9 October 1797, publyk ten overstaan van 't Gerigte alhier is verkogt, en wijl comparanten verklaarden de beloofde kooppenningen alle en ten vollen ontfangen te hebben, en daar voor voldaan en betaald te zijn, zoo passeerden zij comparanten deesen voor volle quitantie, met belofte om het gemelde verkogte te zullen wagten en waaren voor de evictie op of aanspraake als na regten.

Tot vestenisse deezes hebben de comparanten en transportanten hiervan den stok gelegt na Landregte, aan den aankoper voornoemd, die dezelve ook alzoo weederom heeft op en aangenoomen, voor ons scholtus en stemgeregtigde keurnoten die waaren de burgers H. Rikkers en G. Woltersom.

In waarheids oirconde hebben wij deesen scholtus en genoemde keurnooten deesen geteekend, en heb ik scholtus deezen met mijn amptszegel gecorroboreert.

Actum Coevorden den 9 November 1798.

                                                                              /:was getekend:/

                                                                                                                             H. Slingenberg

                                                                                                                             geauthoriseerde scholtus

                Geregistreerd den 12 November                                                            H. Rikkers

                H. Slingenberg                          1798                                                       G. Woltersom

                geauthoriseerde

                scholtus

 


akte 63

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 13, deel 1, folio 132 en 133

microfiche 3, 3e rij, nr. 7

H. Slingenberg, geauthoriseerde scholtus der Stad Coevorden en diens Jurisdictie, certeficeere bij deesen, dat voor mij en twee stemgeregtigde keurnoten hier onder benoemd, in den Gerigte gecompareerd en verscheenen zijn, Dominus J. Havinga, nomina uxor Judith Tideman, benevens M. Tideman weduwe wijlen de predikant E. van Eerde, geadsisteerd met G. Wildrik, te zaamen erfgenaamen wijlen haar moeder G. l'Empereur weduwe Tideman, welke bij deesen verklaarden te cedeeren, transporteeren en in vollen erfelijken eygendom over te draagen aan den burger Gerrit van Hulst van Gramsbergen, een weide in de Coevorsche Mars, zoo groot en klein als dezelve daar geleegen is, met alle derzelver recht en gerechtigheid, lusten en lasten, schattingen en zwarigheeden, zonder iets voor of nadeeligs te reserveeren, of zo en in diervoegen als dezelve door wijlen des comparanten moeder is bezeeten, en door hun op den 9 October 1797, publyk ten overstaan van 't Gerigte alhier is verkogt, en wijl comparanten verklaarden de beloofde kooppenningen alle en ten vollen te hebben ontfangen, en dus daar voldaan en betaald te zijn, zoo passeerden zij comparanten deezen voor volle quitantie, met belofte om het gemelde verkogte te zullen wagten en waaren voor de evictie op of aanspraake als na regten.

Tot vestenisse deezes hebben de comparanten en transportanten hiervan den stok gelegt na Landregte, aan den aankoper voornoemd, die denzelven ook alzoo weederom door H. Koops als zijn gelaste heeft op en aangenoomen, voor ons scholtus en stemgeregtigde keurnoten die waaren de burgers H. Rikkers en G. Woltersom.

In waarheids oirconde hebben wij scholtus en genoemde keurnooten deesen geteekend, en heb ik scholtus deezen met mijn amptszegel gecorroboreert.

Actum Coevorden den 9 November 1798.

                                                                              /:was getekend:/

                                                                                                                             H. Slingenberg

                                                                                                                             geauthoriseerde scholtus

                Geregistreerd den 12 November                                                            H. Rikkers

                H. Slingenberg                          1798                                                       G. Woltersom

                geauthoriseerde

                scholtus

 


akte 64

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 13, deel 1, folio 171

microfiche 3, 6e rij, nr. 2

R. Slingenberg, geauthoriseerde scholtus der Stad Coevorden en diens Jurisdictie, certeficeere bij deesen, dat voor mij en twee stemgeregtigde keurnooten hier onder benoemd, in den Gerigte gecompareerd en verscheenen is Gerrit Prenger van Loosen, meede caveerende voor deszelven huisvrouw in echte, dewelke bekende en verklaarde meede kragt deezes te cedeeren, transporteeren en in vollen erffelijken eygendom over te dragen, aan Jan Gebben in 't Laar derselven huisvrouw in echte, twee dagwerk hooyland in 't Laar Holterland onder de Jurisdictie van Coevorden, jaarlijks wandelende met twaalf dagwerken van H. Wispelwey en consorten, dog vrij van vreedinge na de Marszijde, met alle denzelven recht en gedienstigheid, lusten en lasten, schattingen en zwarigheeden, zonder iets voor ofte nadeeligs te reserveeren, of zo en in diervoegen als hetzelve door comparanten is bezeeten geweest, en op den 21 January 1799, is verkogt.

En dewijl comparant verklaarde en beloofde kooppenningen alle en ten vollen ontfangen te hebben, en dus daarvoor voldaan en betaald te zijn, zoo passeerden hij comparant deezen voor volle quitantie, met belofte om het gemelde verkogte te zullen wagten en waaren voor alle evictie op ende aanspraak als na regten.

Tot vestenisse deezes heeft de comparant en transportant hiervan den stok gelegt na Landregte, aan den aankoper voornoemt, die dezelve ook alzoo weederom heeft op en aangenoomen, voor ons scholtus en keurnooten, die waaren de burgers Hindrik Beerents en Antony Willemsen woonagtig te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie heb ik geauthoriseerde scholtus en genoemde keurnoten deezen geteekend en heb ik scholtus deezen met mijn amptszegel bekragtigt. Actum Coevorden den 21 January 1799.

                                                                              /:was getekend:/

                                                                                                                             R. Slingenberg

                                                                                                                             geauthoriseerde scholtus

                Geregistreerd den 29 January 1799

                H. Slingenberg                                                                                        H. Berens

                geauthoriseerde scholtus                                                                 A. Willemsen

 


akte 65

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 378, 379 en 380

microfiche 4, 6e rij, nr. 2 en 3

Inventaris van de goederen en boedel van Harmina Tangenberg, weduwe wijlen Johannes Hoyting te Coevorden, en dezelver voorzoontje Harm Hoyting te Coevorden, voor de eene helft aan haar en voor de andere helft aan het gemelde voorzoontje in eigendom behorende.

Voordelige staat vaste goederen

Een capitaal ten laste van de weduwe Jan Hulter te Aane, groot duizend gulden.

Een capitaal ten laste van de koster H. Hoyting te Coevorden, groot tweeduizend en vijfhonderd gulden, zijnde dit de gelden welke aan de overledene Johannes Hoyting bij het ingaan van het tweede huwelijk van H. Hoyting voor moeders goederen zijn vooruit bewezen.

Een capitaal ten laste van H. Hoyting groot tweehonderd gulden, strekkende dit capitaal ingevolge accoord voor het bedde met zijn toebehoren en de uitzettinge welke bij het ingaan van het tweede huwelijk van H. Hoyting alsmede aan wijlen Johannes Hoyting waren vooruit bewezen.

Voords een capitaal, groot eenhonderd gulden, alsmede ten laste van H. Hoyting, door inventarisante in dezen boedel ingebragt.

Alsmede nog een capitaal, groot vijfhonderd gulden, insgelijks ten laste van H. Hoyting, door inventarisante en wijlen haren man van Engbert Meyling van Holtheeme aangeërft, en in den boedel van H. Hoyting gebragt.

Tilbaren

Een kabinet

Zes stoelen

Twe bedden met toebehoren

Een stel van vier stuk

Nadelige staat

Van de koster H. Hoyting debet wegens gedane betalingen in de onderscheidene heffingen, de somma van eenhonderd en vierennegentig gulden en tien stuivers.

Aldus dezen door Harmina Tangenberg weduwe J. Hoyting onder de gewone inventariële clausulen door mij ondergetekende Scholtus doe inventariseren.

Actum Coevorden den 8 April 1801

                                                                              /:getekend:/

                                                                              B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

                                                               Collatie accorderende den 8 April 1801

                                                               B. Slingenberg

                                                                   Scholtus

 


akte 66

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 381

microfiche 4, 6e rij, nr. 3

Op heden dato ondergeschreven hebben Harmen Hoyting te Coevorden als hoofdmombaar, en Jan Hindrik ter Poorten mede te Coevorden en Roelof Meylink uit de Meene en Jan Tangenberg te Gramsberge als medemombaar, over het minderjarige zoontje van Harmina Tangenberg weduwe van wijlen Johannes Hoyting, met name Harm, thans in het 6de jaar oud, den Landrechtelijken eed voor mij gepresteerd.

Actum Coevorden den 8 April 1801.

                                                                              /:getekend:/

                                                                              B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

                                                                              Collatie accorderende den 8 April

                                                                              1801 B. Slingenberg

 


akte 67

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 382 t/m 385

microfiche 4, 6e rij, nr. 4 en 5

Op heden dato ondergeschreven is bij het ingaan van het tweede huwelijk van Harmina Tangenberg, weduwe wijlen Johannes Hoyting te Coevorden, met Jan Bos Marrienberg te Gramsberge, tusschen die toekomende echtgenoten te eenre, en Harmen Hoyting te Coevorden als beëdigde hoofdmombaar, beneffens Jan Hindrik ter Poorten mede te Coevorden, en Roelof Meyling uit de Meene en Jan Tangenberg te Gramsberge, als beëdigde medemombaren over het minderjarige kind van Harmina Tangenberg weduwe J. Hoyting, genaamd Harm, thans oud in het 6e jaar ter andere zijde, ten overstaan van mij ondergeschrevene Scholtus, nadat voorzeide mombaren wel exactelijk hadden hadden overwogen, de staat der goederen en middelen van haare pupille en toekomende conthoralen, een contract van éénkindschap, éénzusterschap en éénbroederschap opgericht in zulker voegen, dat voorgenoemde pupille en het kind of de kinderen welke uit het voorschrevene huwelijk van Harmina Tangenberg en Jan Bos Marrienberg mogten worden geboren, in alle erfenissen en versterf, in de op en neergaande, zowel als in de zijdelinie even na en sibbe zullen zijn en allezints geconsidereerd worden, alsof dezelve van één vader en moeder geboren waren, zullende dog volkomen het voormelde voorkind Harm Hoyting voor vaders goederen vrij uit dezen boedel genieten een capitale somma van twaalfhonderd Caroly guldens, benevens nog daarenboven tweehonderd guldens voor een uitzettinge, hetwelk bij meerderjarigheid of huwelijk aan meergenoemde pupille zal worden uitgekeerd, dog zal het inkomen van deze vooruitbewesene gelden door de pupille kunnen worden genoten zo ras hij de ouderdom van twintig jaren zal hebben bereikt, en zal het voorzeide vooruitbewesene capitaal bij den hoofdmomber H. Hoyting verblijven tegen betaling van drie procent intresse in het jaar, te weten van de twaalfhonderd gulden, zullende van de overige tweehonderd gulden geen rente worden gegeven.

Voords nemen de aanstaande egtgenoten aan om het voorkind behoorlijk naar staatsgelegendheid op te voeden en te laten onderwijzen en leren schrijven en wat verder tot een ordentelijke kostwinninge word vereist.

En opdat dit contract moge standgrijpen zal hiervan bij het Gerechtshof der Bataafsche Republiek in het Departement van den Ouden IJssel de nadere approbatie en confirmatie worden verzogt.

Bij het oprichten en beleyen dezes zijn hieraan en over geweest van des bruidegomszijde Jan Marrienberg en Johannes Weertman, en van des bruidszijden Berend Meyling en Berend Jan Rozeman, nevens bruidegom en bruid en de beëdigde hoofd en medemombaren over des bruids voorkind, welke allen dezen nevens mij Scholtus hebben getekend, en tot meerdere corroboratie hebbe ik Scholtus dezen Ambtswegen gezegeld.

Actum Coevorden den 8 April 1801.

                                                                              /:getekend:/

J.B. Merjenburgh                                                                                                              B. Slingenberg

H. Tangenberg                                                                                                                       Scholtus

J. Merjenburgh                                                                                                                 H. Hoyting

J. Weertman                                                                                                                      J.H. ter Poorten

B. Meylink                                                                                                                         R. Meylink

B.J. Rozeman                                                                                                                     Jan Tangenberg

                                                               Collatie accorderende den 8 April 1801

                                                                              B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

 


akte 68

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 15, folio 430 t/m 433

microfiche 5, 3e rij, nr. 4 en 5

Certificeere, dat Warsse Arends van het Laar als hoofdmombaar en Lodewijk Laup te Coevorden, Albert Meijrink van het Klooster onder Coevorden en Derk Arends uit het Laar als medemombaren over het minderjarige kind van Gerrit Meijrink, bij wijlen zijn overledene huisvrouw Aaltjen Arends in echte verwekt, Jannes Meijrink genaamd, thans in het 4e jaar oud, den eed volgens Landrechte voor mij hebben afgelegd.

Actum Coevorden den 23 April 1802.

                                                                              /:getekend:/

                                                                                                                             B. Slingenberg

                                                                                                                                 Scholtus

                                                                              Collatie accorderende

                                                                              B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

Op heden dato ondergeschreven is bij het ingaan van het tweede huwelijk van Gerrit Meijrink met Grietjen van der Hulst, tusschen die toekomende egtgenoten ten eenre, en Warsse Arends van het Laar als beëdigde [hoofdmombaar en Lodewijk Laup, Albert Meijrink en Derk Arends als beëdigde] medemombaren over het minderjarige kind van Gerrit Meijerink, bij wijlen zijn overledene huisvrouw Aaltjen Arends in echte verwekt, genaamd Jannes Meijrink, thans oud vier jaren, ter andere zijden, ten overstaan van mij ondergetekende Scholtus, nadat voornoemde mombaren wel exactelijk hadden hadden overwogen, de staat der goederen en middelen van haare pupille en toekomende conthoralen, een contract van éénkindschap, éénbroeder en éénzusterschap opgerigt in zulker voegen, dat voorschreven pupille en het kind of de kinderen welke uit het voornoemde huwelijk van Gerrit Meijrink en Grietje van der Hulst mogten worden geboren, in alle erfenissen en versterf, in de op en neergaande, zowel als in de zijdelinie even na en sibbe zullen zijn en allezints geconsidereerd worden, alsof dezelve van één vader en moeder geboren waren; Ook nemen de aanstaande egtgenoten aan het voornoemde voorkind behoorlijk naar staatsgelegendheid op te voeden en te laten onderwijzen in lezen, schrijven enzovoort.

En opdat dit contract moge standgrijpen, dat hiervan de vereischte approbatie worden verzogt.

Bij het oprigten en beleyen dezes zijn hieraan en over geweest van des bruidegomszijde Wolter Hazelaar en Albert Koolhof, en van des bruidszijde Hindrik van der Hulst en G. Tangenberg, nevens de beëdigde hoofd en medemombaren over des bruidegoms voorkind, welke alle dezen nevens mij Scholtus, bruidegom en bruid hebben getekend, en tot meerdere corroboratie hebbe ik Scholtus dezen Ambtswegen gezegeld.

Actum Coevorden den 23 April 1802.

                                                                              /:getekend:/

Gerrit Meirink                                                                                                                    B. Slingenberg

Grietien van der Hulst                                                                                                         Scholtus

W. Hazelaar

A. Koolhof

Hyndryck van der Hulst

G. Tangenberg

Warse Arends

Lodewijk Laup

Dit X handmerk heeft Al-

bert Meijrink in mijn pre-

sentie getogen zulks certi-

ceere                /:getekend:/

                B. Slingenberg

                     Scholtus

Dit hand X merk heeft Derk

Arends in mijn presentie ge-

togen zulks verklare /:getekend:/                                          Collatie accorderende

                                    B. Slingenberg                     B. Slingenberg

                                         Scholtus                                                    Scholtus

 


akte 69

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 25, deel 1, folio 29 en 30

microfiche 1, 3e rij, nr. 2 en 3

B. Slingenberg, Scholtus van Coevorden en Schonebeek, doe kond en certificeere door dezen verstokte en gezegelde transportbrief, dat persoonlijk voor mij en twee keurnoten onderbenoemd is gecompareerd en de verschenen, den burger Hindrik van Ulzen, wonende te Coevorden, in qualiteit als gevolmagtigde van zijn broeder Jan Hindrik van Ulzen te Alkmaar, kragt procuratie van dato 2 April l.l. voor de notaris H. Vonk aldaar gepasseerd, en eene nadere verklaring deswegen van wethouderen der Stad Alkmaar van diezelfde datum, afgegeven, gezien en van waarden erkend, dewelke verklaarde te cederen, transporteren, en in vollen en erfelijken eigendom over te dragen, zulks doende kragt dezes, aan Hindrik Belt te Holthoon onder het Scholtambt Hardenberg en derzelver erfgenamen, een koeweide in de Coevorsche Marsch, met alle zijn lusten en lasten, rechten en geregtigheid, schattingen en zwarigheden, zo die daarop thans leggen, ofte naar dezen daarop mogten gelegd worden, sonder iets voor ofte nadeligs te reserveeren.

En dewijl comparant q.q. verklaarde de beloofde kooppenningen alle en ten volle te hebben ontvangen, en die daarvoor voldaan en betaald te zijn, zo passeerden comparant dezen voor vollen quitantie, met belofte om verkogte te zullen wagten en waren, voor alle evictie op en de aansprake als naar rechten.

Tot vestenisse dezes heeft comparant en transportant q.q. hiervan den stok gelegd naar Landrechte aan den aankoper voormeld, die dezelve ook alzo wederom heeft op en aangenomen voor ons Scholtus en keurnoten die waren de burgers Hindrik Berends en Jan Nevels, stemgeregtigden te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie hebbe ik Scholtus dezen Ambtswegen gezegeld, en nevens de keurnoten en comparant getekend.

Actum Coevorden den 25 April 1803.

                                                                              /:getekend:/

H. van Ulzen                                                                                                       B. Slingenberg

                                                                                                                                 Scholtus

                                                                                                                             H. Berens

                                                                                                                             J. Nevels

                                                               Collatie accorderende den 25 April

                                                               1803.                B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

 


akte 70

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 25, deel 1, folio 31 en 32

microfiche 1, 3e rij, nr. 3 en 4

B. Slingenberg, Scholtus van Coevorden en Schonebeek, doe kond en certificeere door dezen verstokte en gezegelde transportbrief, dat voor mij en twe stemgerechtigde keurnoten ondergenoemd, persoonlijk in het gerichte gecompareerd ende verschenen is, Hendrik Strojans op de Haare onder het Scholtambt Hardenberg wonagtig, mede caverende voor zijne huisvrouw Aaltje Koenders, erfgenamen van wijlen Jan van de Haar, dewelke verklaarde bij dezen te cedeeren, transporteren en in vollen en erfelijken eigendom over te dragen aan Gerrit Brakels te Coevorden, dezelver huisvrouw en erfgenamen, een half huis en grond, staande en gelegen te Coevorden aan de Agterstraat, die in de Sint Janstraat uitkomt, leggende met de halve behuizinge van Jan Meijer onder een dak, naast de schuure van de heer J. Lambers en agter tegen het hofje van Lodewijk Bekker, behorende de putte mandelig met J. Lambers en Jan Meijer, welke laatste het recht heeft om na deze put te mogen gaan, voords met alle derzelver lusten en lasten, rechten, gerechtigheid, schattingen en zwarigheden welke hierop leggen, ofte naar dezen hierop mogten gelegt worden, zo en in voegen wijlen Jan van de Haar deze goederen heeft verkogt.

En dewijl comparant verklaarde de beloofde kooppenningen alle en ten vollen te hebben ontvangen en dus daarvoor voldaan en betaald te zijn, zo passeerde comparant dezen voor volle quitantie met belofte om het verkogte te zullen wagten en waren, voor alle evictie op ende aansprake als naar rechten, als zijnde deze goederen vrij van alle opliggende renten en bezwaar, exempt Heerenschattingen en gewoone nabuurlasten, welke ten laste van den aankoper zijn en verblijven.

Tot vestenisse dezes heeft comparant en transportant hiervan den stok gelegd naar Landrechte van Drenthe, aan den aankoper voornoemd, die dezelve ook alzo wederom heeft op en aangenomen voor ons Scholtus en keurnoten die waren de burgers Harm van Tarel en Geert van Tarel te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie hebbe ik Scholtus dezen ambtswegen gezegeld en nevens de keurnoten en comparant getekend.

Actum Coevorden den 27 April 1803.

                                                                              /:getekend:/

Dit hand X merk                                                                                                 B. Slingenberg

heeft Hendrik Stro-                                                                                          Scholtus

jans in mijn pre-                                                                                                 H. van Tarel

sentie getogen,                                                                                                  G. van Tarel

zulks verklaren

B. Slingenberg

     Scholtus

                                                               Geregistreerd den 28 April 1803

                                                                              B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

 


akte 71

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 25, deel 1, folio 33 en 34

microfiche 1, 3e rij, nr. 4 en 5

B. Slingenberg, Scholtus van Coevorden en Schonebeek, doe kond en certificeere door dezen verstokte en gezegelde transportbrief, dat voor mij en twee stemgerechtigde keurnoten ondergenoemd, persoonlijk in het gerichte gecompareerd ende verschenen is, den burger Heino Sluiters te Coevorden, mede caverende voor zijne huisvrouw, dewelke bij dezen bekende en verklaarde te cederen, transporteren, en in vollen en erfelijken eigendom over te dragen, aan Harmen Blaugeerts, wonagtig op de Scheer onder den Hardenberg, en derzelver erfgenamen, een akker zaayland, gelegen op de Middelloo onder Coevorden en groot ongeveer vier schepel gezaay, dog zo groot en klein dezelve daar gelegen is, leggende agter Geers huis aan de kamp van de aankoper, met alle derzelver lusten en lasten, recht en gerechtigheid, schattingen en zwarigheden, zo gewone als buitengewone, zonder iets voor ofte nadeligs te reserveren, of zo en in der voegen verkoper deze akker in eigendom heeft bezeten en op den 10 January l.l. publyk door het gerichte heeft doen verkopen.

En dewijl comparant verklaarde de beloofde kooppenningen alle en ten vollen te hebben ontvangen, en dus daarvoor voldaan en betaald te zijn, zo passeerde comparant dezen voor vollen quitantie, met belofte om het verkogte te zullen wagten en waren voor alle evictie, op ende aansprake als naar rechten.

Tot vestenisse dezes heeft comparant en transportant hiervan den stok gelegd naar Landrechte aan den aankoper voornoemd, die dezelve ook alzo wederom heeft op en aangenomen voor ons Scholtus en keurnoten die waren de burgers Hindk. Berends en H. Kosters te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie hebbe ik Scholtus dezen ambtswegen gezegeld en nevens de keurnoten en den comparant getekend.

Actum Coevorden den 3 Mey 1803.

                                                                              /:getekend:/

H. Sluiters                                                                                                                          B. Slingenberg

                                                                                                                                                 Scholtus

                                                                                                                                            H. Kosters

                                                                                                                                            H. Berens

                                                               Geregistreerd den 3 Mey 1803

                                                                              B. Slingenberg

                                                                                   Scholtus

 


akte 72

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 25, deel 1, folio 72 en 73

microfiche 1, 5e rij, nr. 8

B. Slingenberg, Scholtus van Coevorden en Schonebeek certificeere door dezen, dat voor mij en twee keurnoten ondergenoemd persoonlijk is gecompareerd ende verschenen, H. van Ulzen als gevolmagtigde van H. Verstraten chirurgijn majoor bij het 3de Battaljon Jagers nomine uxor Henderika Elisabeth Schulze, Mr. J. de Blecourt in qualiteit als gevolmagtigde van Johan Gabriel Schultze /:kragt acten van procuratie van den 28 en 12 Meert 1803 in den gerichte gelezen en van waarden erkend:/ en laastgenoemde nevens mij Scholtus administrateur over de goederen van H. Schultze, en alzo tezamen erfgenamen of representanten van wijlen de major H.F. Schultze, verklarende, /:de administrateuren kragt approbatie en authorisatie van presidenten, beiden in den Etstoel van Drenthe van den 10 juny l.l.:/ te cederen, transporteren en in vollen erfelijken eigendom over te dragen, zulks doende kragt dezes aan Jan Richtering van Gramsberge en derzelver erfgenamen, een koeweide in de Coevorsche Mars, met alle derzelver lusten en lasten, recht en gerechtigheid, schattingen en zwarigheden, zo gewone als buitengewone, zonder iets voor ofte nadeligs te reserveren, en dus zo en in dier voegen als transportanten q.d. deze weide hebben bezeten en op den 28 february l.l. hebben doen verkopen.

En dewijl comparanten q.d. verklaarden de beloofde kooppenningen alle en ten vollen te hebben ontvangen en dus daarvoor voldaan en betaald te zijn, zo passeerden comparanten dezen voor volle quitantie, met belofte om het verkogte te zullen wagten en waren voor alle evictie op ende aansprake als naar rechten.

Tot vestenisse dezes hebben comparanten q.d. hiervan de stok gelegd naar Landrechte aan den aankoper voornoemd, welke ook alzo wederom door derzelven is opgenomen, voor ons Scholtus en keurnoten die waren de burgers H. Kosters en Jan Nevels te Coevorden.

En tot meerdere corroboratie hebbe ik Scholtus deze ambtswegen gezegeld en nevens de keurnoten en transportanten getekend.

Actum Coevorden den 21 Juny 1803.

                                                                              /:getekend:/

J. de Blecourt                                                                                                                    B. Slingenberg

H. van Ulzen                                                                                                                      Scholtus en q.q.

                                                                                                                                            H. Kosters

                                                                                                                                            J. Nevels

                                               Collatie accorderende den 21 Juny 1803

                                                               B. Slingenberg

                                                                   Scholtus

 


akte 73

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 32, deel 2, folio 215 en 216

microfiche 7, 2e rij, nr. 6

Op heden dato ondergeschreven is bij het ingaan van het derde huwelijk van Gerrit Meijring met Evertien Jansen, tusschen de toekomende echtgenoten ter eenre, en Warsse Arends van het Laar als beëdigde hoofdmombaar benevens Lodewijk Laup, Albert Meiring en Derk Arends als beëdigde medemombaren over het minderjarige kind van Gerrit Meijring bij wijlen zijne eerste huisvrouw Aaltien Arends in egte verwekt, genaamd Jannes Meiring, thans oud in het 12e jaar, ter andere zijde, ten overstaan van mij ondergetekende Schultes, nadat voorschreven mombaren wel exactelijk hadden overwogen de staat der goederen en middelen van haare pupillen en toekomende conthoralen, een kontrakt van een éénkindschap, éénbroeder en éénzusterschap opgerigt in zulker voegen, dat voorschreven pupille en het kind of de kinderen welke uit het voornoemde huwelijk van Gerrit Meiring en Evertien Jansen mogten worden geboren, in alle erfenissen en versterf, in de op en nedergaande, zowel als in de zijdlinie even na en sibbe zullen zijn en allezints geconsidereerd worden alsof dezelve van één vader en moeder geboren waren, zullende niettemin het voorschrevene voorkind van moeders goed vrij vooruit den boedel genieten, als meerderjarig is of komt te trouwen, de somma van tien gulden.

Voords nemen de aanstaande egtgenoten aan om het voornoemde voorkind behoorlijk en na staatsgelegendheid op te voeden en te laten onderwijzen in lezen, schrijven en wat verder zal worden vereischt.

In waarheids oorkonde en tot vestenisse dezes is dezen door bruidegom en bruid, door twee goeden vrienden of dedingslieden van weerzijden, alsmede door de beëdigde hoofd en medemombaren over des bruidegoms voorkind, nevens mij Schultes getekend.

Koevorden den 7 van Grasmaand [april] 1809.

/:getekend:/

G. Meirink                                                                                                                          B. Slingenberg

Dit hand + merk heeft de                                                                                                     Schultes

bruid Evertien Jansen

in mijn presentie getrok-                                                                                                 W. Arends

ken, zulks getuige                                                                                                             L. Laup

                B. Slingenberg

                      Schultes                                                                                                              Dit merk X heeft Albert

                                                                                                                                            Meiring in mijn pre-

H. van Ringe                                                                                                                     sentie getrokken, zulks

W. Weggeman                                                                                                                  getuige

G. Walkotten                                                                                                                                     B. Slingenberg

R. Reynders E.z.                                                                                                                                     Schultes

                                                                                                                                            Dit merk X heeft Derk

                                                                                                                                            Arends in mijn pre-

                                                                                                                                            sentie getrokken,

                                                                                                                                            zulks getuige

Geregistreerd den 7 van Grasmaand                                                                               B. Slingenberg

1809                        B. Slingenberg                                                                                                             Schultes

                                     Schultes

 


akte 74

Schultengerecht Coevorden - Vrijwillige rechtspraak

Inventarisnummer 32, deel 2, folio 229 t/m 234

microfiche 7, 3e rij, nr. 5 t/m 8

Op heden dato ondergeschreven is bij het ingaan van het tweede huwelijk van Harm Rozeboom, wonende op de Loo, onder Koevorden, met Fennegien Bouwmeester, wonende op de Scheer, tusschen de toekomende echtgenoten ter eenre, en Gerrit van Beerse in huwelijk hebbende Jantien Meiring, Wilm Meiring en Wilm Habers kavererende voor de abzente Grietien Meiring, te zamen voorkinderen van des bruidegoms overledene huisvrouw Gezien Jansen in haar vorige huwelijk bij Lambert Meiring in egte verwekt, benevens J.G. Scheerman, Gerrit van Beerse, Jan Gommer en Jan Roelofs als beëdigde hoofd en medemombaren over de minderjarige kinderen van Harm Rozeboom bij deszelfs overleden huisvrouw Gesien Jansen in egte verwekt, met name Lambert oud 18 jaren, Hillegien oud 16 jaren, en Gerrit oud 14 jaren, ter andere zijde, ten overstaan van mij ondergeschrevene Schultes, nadat voorseide mombaren en contractanten nauwkeurig hadden overwogen de staat der goederen en middelen van de pupillen, van de voorkinderen en van de aanstaande egtgenoten, gemaakt en opgerigt een kontrakt van een éénkindschap, éénzuster en éénbroederschap in zulker voegen, dat voorschreven pupillen en verdere meerderjarige voorkinderen, alsmede de kinderen welke uit het aanstaande huwelijk van Harm Roseboom met Fennnegien Bouwmeester mogten worden geboren, in alle erfenissen en versterf, in de op en nedergaande, zowel als in de zijdlinie even na en sibbe zullen zijn en allezints geconsidereerd worden alsof dezelve van één vader en moeder geboren waren, terwijl ten aanzien van het bewijs, het geen de voorkinderen voor vaders en moeders goederen competeerd, bovendien is gecondioneerd;

Dat de drie meerderjarige voorkinderen, met name Grietien, Jantien en Wilm Meiring ten eersten uit den boedel zullen genieten den zodanige acht gulden als aan haar bij het ingaan van het huwelijk van Harm Roseboom met Gesien Jansen voor vaders goederen is beloofd.

Dat de drie meerderjarige voorkinderen voorgenoemd voor moeders goederen vrij uit den boedel zullen genieten ieder veertig gulden, te betalen in twee termijnen, half in dit jaar en half in het volgende jaar, terwijl Wilm Meiring nog bovendien zal genieten tien gulden voor de meerdere diensten door hem aan den boedel bewezen.

Dat de drie minderjarige voorkinderen mede voor moeders goederen vrij uit den boedel zullen genieten, als meerderjarig zijn ofte eerder als komen te trouwen, ieder veertig gulden.

Dat deze vooruitbewezene gelden van het eene voorkind op het ander zullen vererven en versterven zolange er een voorkind in leven is.

Dat de ongehuwde voorkinderen, zolang zij in dien staat verblijven, het regt hebben om bij ziekte of lighaamsgebrek wederom in het ouderlijke huis hunnen intrek zullen mogen nemen en aldaar, naar omstandigheden van het nodige andere, mede naar hun vermogen ten beste aan het huis werkende.

Dat de aanstaande egtgenoten de minderjarigen behoorlijk zullen moeten opvoeden en laten onderwijzen in lezen, schrijven en wat verder zal worden vereischt.

Voords hebben de aanstaande egtgenoten, met toestemming der komparanten, elkander aangenomen en besproken de lijftugt ofte het vrugtgebruik van alle des eerstverstervendes na te latene goederen, exempt de legitieme portie de kinderen naar regten competerende, welke vrij en onbezwaard verblijfd, ten einde dezelve zijnen of haren leeftijd naar lijftugtsregt te behouden en te bezitten, mits dat na dode van de langstlevende de goederen aan de aanstaande egtgenoten zullen vererven en versterven op de voor en nakinderen of deszelver descendenten aldan in leven.

Bij het oprigten en beleyen dezer zijn hieraan en over geweest de beëdigde hoofd en medemombaren over des bruidegoms voorkinderen, benevens Gerrit van Beerse, Jantien en Wilm Meiring, Wilm Habers namens Grietien Meiring, benevens twee vrienden of dedingslieden van weerzijden, als van des bruidegomszijde Egbert Meiring en Berend Cock, en van der bruidszijde Wilm Pieters en Albert Pieters, welke allen dezen nevens mij Schultes, bruidegom en bruid hebben getekend.

Koevorden den 15 van Zomermaand [juni] 1809.

/:getekend:/

Harm Rozeboom                                                                                                               B. Slingenberg

                                                                                                                                            Schultes

Dit hand L merk heeft

Fennegien Bouwmeester,                                                                                                    Dit hand X merk heeft

welke verklaarde niet te                                                                                                  Jantien Meiring

kunnen schrijven, in mijn                                                                                                  in mijn presentie

presentie getrokken                                                                                                            getrokken

                B. Slingenberg                                                                                                                       B. Slingenberg

                      Schultes                                                                                                                                    Schultes

J.G. Scheerman                                                                                                                  W. Habers

G. van Beerse                                                                                                                    Willem Meirink

                                                                                                                                            E. Meirink

Dit X merk heeft Jan                                                                                                       B. Cock

Gommer in mijn pre-                                                                                                      Willem Pieters

sentie getrokken                                                                                                               Albert Pieters

                B. Slingenberg

                      Schultes

Jan Roelofs

Coll. accord. den 15 van Zomer-

maand 1809 B. Slingenberg

            Schultes

 


INDEX
 
Alberts Albert, 1628, akte 02
Alberts Egbert, 1648, akte 23
Alberts Evertjen, 1714, akte 38
Alberts Fennigjen, 1730, akte 43
Alberts Fennigjen, 1790, akte 55
Alberts Geesjen, 1730, akte 43
Alberts Grietjen, 1648, akte 23
Alberts Harmina, 1796, akte 57
Alferink Teunis, 1796, akte 56
Anholt Harmpjen, 1798, akte 58
Anholt Hendrik, 1798, akte 58
Anholt Willem, 1798, akte 58
Arends Aaltjen, 1802, akte 68
Arends Aaltjen, 1809, akte 73
Arends Arend, 1729, akte 40
Arends Arend, 1729, akte 41
Arends Derk, 1802, akte 68
Arends Derk, 1809, akte 73
Arends Geert, 1645, akte 15
Arends Warse, 1802, akte 68
Arends Warse, 1809, akte 73
Areskine d' Thomas, 1721, akte 39
Assen Albert, 1798, akte 59
Assen Harm, 1798, akte 62
Baarlink G., 1798, akte 58
Baarslag Egbert, 1768, akte 49
Bartelink Aaltjen, 1711, akte 35
Bartelink Annigjen, 1711, akte 34
Bartelink Judith, 1729, akte 41
Bartelink Marrigjen, 1730, akte 44
Bartelink Michiel, 1730, akte 44
Bartelink Reinder, 1711, akte 35
Beekman Gerrit, 1711, akte 35
Beenen Jansen Hendrik, 1730, akte 44
Beerlink J. burgemeester, 1714, akte 38
Beerse van Gerrit, 1809,akte 74
Bekker Lodewijk, 1803, akte 70
Beld Hendrik, 1803, akte 69
Bennink Jan, 1652, akte 28
Bennink Jan, 1730, akte 43
Bennink Klaas, 1652, akte 28
Bentinck Bernhard Adolf, 1721, akte 39
Berends Berend, 1645, akte 15
Berends Hendrik, 1712, akte 37
Berends Jan, 1711, akte 34
Beunink Anna, 1711, akte 34
Bilderbeek Anna, 1649, akte 24
Bilderbeek Jan, 1649, akte 24
Bilderbeek Niesjen, 1649, akte 24
Bilderbeek Roelof, 1632, akte 06
Blauwgeerts Harm, 1803, akte 71
Blécourt de J., 1803, akte 72
Boerink Geertruid, 1730, akte 44
Boethy Onias, 1645, akte 17
Boethy Onias, 1651, akte 26
Boetzelaer drost, 1645, akte 16
Boetzelaer drost, 1646, akte 20
Boneman Geert, 1652, akte 28
Bonink Anna, 1711, akte 34
Boom Jan, 1796, akte 56
Bosch Albert, 1714, akte 38
Boschman Hendrik, 1796, akte 56
Boschman Hendrik, 1798, akte 59
Bouwmeester Fennigjen, 1798, akte 58
Bouwmeester Fennigjen, 1809,akte 74
Bouwmeester Geert, 1798, akte 58
Bouwmeester Harmpjen, 1798, akte 58
Bouwmeester Jennigjen, 1798, akte 58
Brakels Berend, 1796, akte 57
Brakels Gerrit Jan, 1796, akte 57
Brakels Gerrit, 1796, akte 57
Brakels Gerrit, 1796, akte 57
Brakels Gerrit, 1803, akte 70
Brakels Hendrik, 1796, akte 57
Brakels Hendrikjen, 1796, akte 57
Brakels Jacob, 1796, akte 57
Brakels Jan, 1790, akte 55
Brakels Jan, 1796, akte 57
Brakels Jantjen, 1790, akte 55
Broecke ten Geert, 1636, akte 11
Broecke ten Warnar, 1644, akte 14
Broecke ten Warnar, 1645, akte 18
Bruggen van Berend, 1796, akte 56
Brummer Jantjen, 1711, akte 35
Brumpe Reiner, 1652, akte 28
Cock Arend, 1753, akte 47
Cock Berend, 1809,akte 74
Cock, 1635, akte 09
d'Areskine Thomas, 1721, akte 39
Derks Egbert, 1779, akte 52
Derks Evert, 1779, akte 52
Derks Grietjen, 1648, akte 23
Derks Reiner, 1652, akte 28
Dirks Luitjen, 1630, akte 05
Does Waldrik, 1654, akte 29
Does Waldrik, 1655, akte 31
Dwars Egbert, 1644, akte 13
Dwars Egbert, 1646, akte 20
Eek Jan, 1729, akte 40
Eek Jan, 1729, akte 41
Eek, 1730, akte 44
Eerde van E. predikant, 1798, akte 62
Eerde van E. predikant, 1798, akte 63
Eerde van H., 1798, akte 59
Egberts Albert, 1790, akte 55
Egberts Anna, 1635, akte 09
Egberts Harmen, 1650, akte 25
Egberts Hendrik, 1643, akte 12
Egberts Hendrik, 1730, akte 43
Egberts Hermtjen, 1643, akte 12
Ekenhorst Jan, 1753, akte 47
Ekenkarst Jan, 1753, akte 47
Elders Willem, 1798, akte 59
Empereur l' G., 1798, akte 62
Empereur l' G., 1798, akte 63
Empereur l' Harmannus, 1729, akte 41
Engen van Catharina, 1767, akte 48
Engen van Hendrik, 1777, akte 51
Ense van Johan Godefried, 1651, akte 26
Ense van Johan Godefried, 1651, akte 27
Ensink Hendrik, 1634, akte 08
Fokkens Cornelis, 1648, akte 23
Folkers, 1633, akte 07
Fox Meindert, 1645, akte 19
Fox Meindert, 1646, akte 21
Fox Meindert, 1646, akte 22
Frederiks, 1655, akte 30
Gebben Jan, 1799, akte 64
Geerts Aaltjen, 1645, akte 18
Geerts Grietjen, 1645, akte 15
Geerts Hendrik, 1644, akte 13
Geerts Hendrik, 1645, akte 17
Geerts Hendrik, 1645, akte 18
Geerts Hendrik, 1645, akte 19
Geerts Hendrik, 1646, akte 22
Geerts Hendrik, 1700, akte 33
Geerts Jan, 1645, akte 16
Geerts Jan, 1645, akte 17
Geerts Jan, 1645, akte 18
Geerts Jan, 1648, akte 23
Geerts Jan, 1798, akte 59
Geerts Jantjen, 1648, akte 23
Geerts Mary, 1636, akte 11
Geerts Teunis, 1798, akte 59
Geerts Trijntjen, 1645, akte 17
Geerts Trijntjen, 1646, akte 20
Geerts, 1803, akte 71
Gerhardi Tobias, 1645, akte 17
Gerrits Hendrik, 1712, akte 36
Gerrits Hendrik, 1712, akte 37
Gerrits Margaretha, 1730, akte 44
Gommer Jan, 1809,akte 74
Groot de Jan, 1798, akte 60
Groot de Lambert, 1781, akte 53
Gröpke Hans Jurgen, 1711, akte 35
Haaften van Aletta Anna, 1721, akte 39
Haandrik, 1796, akte 57
Haandrikman Jan, 1753, akte 47
Haar van de Jan, 1803, akte 70
Habers Egbert, 1734, akte 45
Habers Egbert, 1734, akte 46
Habers Hendrik, 1734, akte 45
Habers Willem, 1809,akte 74
Harms Geertjen, 1729, akte 40
Harms Geertjen, 1729, akte 41
Harms Gerrit, 1714, akte 38
Harms Hendrik, 1636, akte 11
Harms Hendrik, 1636, akte 11
Harms Jan, 1779, akte 52
Harms Marrigjen, 1636, akte 11
Havinga J. predikant, 1798, akte 62
Havinga J. predikant, 1798, akte 63
Hazelaar Hendrik, 1798, akte 59
Hazelaar Wolter, 1802, akte 68
Hazelhorst Albert, 1628, akte 02
Hazelhorst Fenna, 1628, akte 02
Hazelhorst Jan Albert, 1700, akte 33
Heiden van baron, 1753, akte 47
Heidentrijk Berend, 1798, akte 59
Heidentrijk Hendrikjen, 1798, akte 59
Heikes Sjoert, 1636, akte 11
Hein Marrigjen, 1636, akte 11
Heinen, 1777, akte 51
Heinen, 1786, akte 54
Helmes Arend, 1798, akte 61
Hendriks Agnes, 1646, akte 21
Hendriks Agnes, 1646, akte 22
Hendriks Alof, 1648, akte 23
Hendriks Arend, 1655, akte 30
Hendriks Eelke, 1628, akte 01
Hendriks Egbert, 1643, akte 12
Hendriks Engbert, 1633, akte 07
Hendriks Evert, 1712, akte 36
Hendriks Evert, 1712, akte 37
Hendriks Fennigjen, 1633, akte 07
Hendriks Geert, 1798, akte 58
Hendriks Gerrit, 1636, akte 11
Hendriks Harmen, 1656, akte 32
Hendriks Harmpjen, 1798, akte 58
Hendriks Hendrik, 1648, akte 23
Hendriks Jacob, 1636, akte 11
Hendriks Jan, 1628, akte 01
Hendriks Jan, 1648, akte 23
Hendriks Jantjen, 1790, akte 55
Hendriks Otto, 1648, akte 23
Hendriks Reiner, 1644, akte 13
Hendriks Reiner, 1645, akte 16
Hendriks Reiner, 1645, akte 17
Hendriks Reiner, 1645, akte 18
Hendriks Wessel, 1628, akte 01
Hendriks Willem, 1798, akte 58
Hillebrands Jantjen, 1654, akte 29
Hillebrands Jantjen, 1655, akte 31
Hillebrands Roelof, 1655, akte 31
Hobers Jan, 1777, akte 51
Holt op 't Derk, 1648, akte 23
Holt op 't Derk, 1655, akte 31
Holt op 't Derk, 1655, akte 31
Holt op 't Derk, 1711, akte 35
Holt op 't Geesjen, 1648, akte 23
Holt op 't Harmen, 1629, akte 04
Holt op 't Harmen, 1648, akte 23
Holt op 't Harmen, 1772, akte 50
Holt op 't Hendrik, 1648, akte 23
Holt 't,1650, akte 25
Hool van Annigjen, 1714, akte 38
Horst van der Maria, 1772, akte 50
Hoyting Harm, 1801, akte 65
Hoyting Harm, 1801, akte 66
Hoyting Harm, 1801, akte 67
Hoyting Johannes, 1801, akte 65
Hoyting Johannes, 1801, akte 66
Hoyting Johannes, 1801, akte 67
Huberts Jantjen, 1729, akte 40
Hulsebos Harmen, 1779, akte 52
Hulst van der Grietjen, 1802, akte 68
Hulst van der Hendrik, 1802, akte 68
Hulst van Gerrit, 1798, akte 63
Hulter Jan, 1801, akte 65
Iburg Geesjen, 1652, akte 28
Jacobs Isaak, 1729, akte 42
Jacobs Willem, 1648, akte 23
Jansen Egbert, 1648, akte 23
Jansen Egbert, 1649, akte 24
Jansen Egbert, 1652, akte 28
Jansen Egbert, 1798, akte 61
Jansen Elizabeth, 1711, akte 34
Jansen Evertjen, 1809, akte 73
Jansen Fennigjen, 1645, akte 18
Jansen Fije, 1629, akte 04
Jansen Gerrit, 1711, akte 34
Jansen Harmen, 1629, akte 04
Jansen Hendrik, 1632, akte 06
Jansen Hendrik, 1654, akte 29
Jansen Hendrik, 1655, akte 31
Jansen Hendrikjen, 1635, akte 10
Jansen Jan, 1635, akte 10
Jansen Luigjen, 1629, akte 04
Jansen Roelof, 1636, akte 11
Jeronimus Aaltjen, 1636, akte 11
Jeronimus Jannigjen, 1636, akte 11
Jeronimus Stientjen, 1636, akte 11
Jonker Jan, 1790, akte 55
Kamp Derk, 1779, akte 52
Karsten Johannes, 1796, akte 56
Kasebaard Egbert, 1779, akte 52
Kiers Hillebrand, 1654, akte 29
Kiers Jantjen, 1654, akte 29
Kistemaker Berend, 1712, akte 37
Kistemaker Hendrik, 1712, akte 37
Klasen Timen, 1734, akte 45
Klasen Timen, 1734, akte 46
Klei ten Hendrik, 1656, akte 32
Kleine Scheere op de Aaltjen, 1649, akte 24
Kleine Scheere op de Berend, 1649, akte 24
Klumper Derk, 1654, akte 29
Klumper Derk, 1655, akte 31
Klumper Roelof, 1629, akte 03
Klumper Roelof, 1655, akte 30
Klumper Zwaantjen, 1629, akte 03
Klumper, 1650, akte 25
Knoop Geesjen, 1767, akte 48
Koenders Aaltjen, 1803, akte 70
Koenders Roelof, 1767, akte 48
Koenders, 1629, akte 04
Koenders, 1651, akte 26
Koenders, 1651, akte 27
Koers Hendrik, 1779, akte 52
Koolhof Albert, 1802, akte 68
Koops H., 1798, akte 63
Kracht Joost, 1779, akte 52
Lambers J., 1803, akte 70
Lamberts Hendrik, 1729, akte 40
Lamberts Hendrik, 1729, akte 40
Lamberts Hendrik, 1729, akte 41
Langens Geert, 1655, akte 31
Langens Geert, 1655, akte 31
Laup Lodewijk, 1798, akte 61
Laup Lodewijk, 1802, akte 68
Laup Lodewijk, 1809, akte 73
Laven Geertjen, 1700, akte 33
Leemgraven Anna, 1633, akte 07
Leemgraven Anna, 1649, akte 24
Leemgraven Melchior, 1628, akte 02
Leemgraven Melchior, 1632, akte 06
Leemgraven Melchior, 1633, akte 07
Leemgraven Melchior, 1635, akte 09
Leemgraven Melkert, 1649, akte 24
Leenders Geertjen, 1753, akte 47
Leferts Geesjen, 1700, akte 33
Leferts Lucas, 1729, akte 40
l'Empereur G., 1798, akte 62
l'Empereur G., 1798, akte 63
l'Empereur Harmannus, 1729, akte 41
Linderroth overste, 1711, akte 34
Lipman, 1629, akte 03
Lippe van der Harmen, 1656, akte 32
Lippes Jan, 1648, akte 23
Lotterman Aaltjen, 1796, akte 57
Lotterman Harm, 1796, akte 57
Lotterman Hendrik, 1790, akte 55
Louwen Jacob, 1753, akte 47
Lubbers Jan Berend, 1796, akte 56
Lubberts Jurriën, 1629, akte 04
Lucassen Angenis, 1711, akte 35
Lucassen Gerrit, 1712, akte 37
Luitjens Geertjen, 1656, akte 32
Luitjens Harmen, 1630, akte 05
Luitjens Jan, 1648, akte 23
Luitjens Jan, 1650, akte 25
Luitjens Jan, 1651, akte 26
Luitjens Jan, 1651, akte 27
Luitjens Jan, 1656, akte 32
Luitjens Roelof, 1648, akte 23
Luitjens Warnar, 1648, akte 23
Luitjens Warnar, 1650, akte 25
Luitjens Warnar, 1656, akte 32
Lukas Anna, 1643, akte 12
Lukas Harmen, 1643, akte 12
Marck Eva, 1777, akte 51
Marrienberg Hendriks Jan, 1730, akte 44
Marrienberg Jan Bos, 1801, akte 67
Marsink Willemina, 1786, akte 54
Martens Harmen, 1648, akte 23
Mauritius Harm, 1753, akte 47
Mauritsen Gerrit, 1711, akte 34
Meijer Jan, 1803, akte 70
Meijer, 1772, akte 50
Meijerink Albert, 1798, akte 61
Meijerink Albert, 1802, akte 68
Meijerink Albert, 1802, akte 68
Meijerink Albert, 1809, akte 73
Meijerink Derk, 1700, akte 33
Meijerink Egbert, 1809,akte 74
Meijerink Gerrit, 1798, akte 61
Meijerink Gerrit, 1802, akte 68
Meijerink Gerrit, 1809, akte 73
Meijerink Grietjen, 1809,akte 74
Meijerink Hilligjen, 1798, akte 61
Meijerink Jannes, 1798, akte 61
Meijerink Jannes, 1802, akte 68
Meijerink Jannes, 1809, akte 73
Meijerink Jantjen, 1809,akte 74
Meijerink Lambert, 1809,akte 74
Meijerink Willem, 1809,akte 74
Melchers Anna, 1652, akte 28
Melenberg Albert, 1777, akte 51
Melenberg Hendrik, 1798, akte 60
Melenberg Janna, 1798, akte 60
Melkers Anna, 1649, akte 24
Mensen Jan, 1648, akte 23
Meylink Berend, 1781, akte 53
Meylink Berend, 1801, akte 67
Meylink Egbert, 1781, akte 53
Meylink Engbert, 1801, akte 65
Meylink Roelof, 1781, akte 53
Meylink Roelof, 1801, akte 66
Meylink Roelof, 1801, akte 67
Molt Everwijn, 1656, akte 32
Molt Gerrit, 1656, akte 32
Molt Harmen, 1656, akte 32
Molt Willem, 1656, akte 32
Montergues de Maria, 1721, akte 39
Muller Grietjen, 1630, akte 05
Muller Hans, 1634, akte 08
Munnekemeijer Jannigjen, 1786, akte 54
Narding Harmen, 1635, akte 10
Nijman Hendrikjen, 1712, akte 36
Nijman Hendrikjen, 1712, akte 37
Nutz Robert, 1645, akte 17
Padhuis Hendrikjen, 1636, akte 11
Padhuis Jan, 1636, akte 11
Padhuis Metjen, 1636, akte 11
Panders Grietjen, 1655, akte 31
Pensing Grietjen, 1635, akte 09
Peters Jan, 1729, akte 41
Pickhart Johannes, 1651, akte 26
Pickhart Johannes, 1651, akte 27
Pieters Albert, 1809,akte 74
Pieters Willem, 1809,akte 74
Poorten ter Hendrika, 1730, akte 44
Poorten ter Jan Hendrik, 1801, akte 66
Poorten ter Jan Hendrik, 1801, akte 67
Poth Evert, 1635, akte 10
Prenger Albert, 1714, akte 38
Prenger Albertjen, 1629, akte 03
Prenger Gerrit, 1714, akte 38
Prenger Gerrit, 1799, akte 64
Prenger Jan, 1629, akte 03
Prenger, 1643, akte 12
Prenger, 1711, akte 35
Pruist Jan, 1656, akte 32
Rebbers Roelof, 1648, akte 23
Rechteren van C.L. graaf, 1779, akte 52
Reiners Hendrik, 1644, akte 14
Reiners Hendrik, 1645, akte 16
Reiners Hendrik, 1646, akte 22
Remmerink, 1646, akte 20
Reynders, 1781, akte 53
Richgart van Marcelis, 1721, akte 39
Richgart van Sophia Elizabeth, 1721, akte 39
Richterink Jan, 1803, akte 72
Ringe van Lucas, 1729, akte 40
Roelofs Gerrit, 1711, akte 35
Roelofs Jan, 1809,akte 74
Roelofs Trijntjen, 1636, akte 11
Roodt Roeland, 1628, akte 02
Roodt Roeland, 1635, akte 09
Rozeboom Gerrit, 1809,akte 74
Rozeboom Harm, 1809,akte 74
Rozeboom Hilligjen, 1809,akte 74
Rozeboom Lambert, 1809,akte 74
Rozeman Berend Jan, 1801, akte 67
Schaemhart Marten, 1629, akte 04
Scheer de, 1809,akte 74
Scheer van de Hendrik, 1730, akte 44
Scheer van de Jan, 1711, akte 34
Scheer van de Wibbigjen, 1730, akte 44
Scheere Kleine op de Aaltjen, 1649, akte 24
Scheere Kleine op de Berend, 1649, akte 24
Scheerhoorn Jan, 1655, akte 31
Scheerman Geert, 1712, akte 36
Scheerman J.G., 1809,akte 74
Scheerman Jan, 1655, akte 31
Schelham Aaltjen, 1645, akte 18
Schelham Fennigjen, 1645, akte 18
Schelham Geert, 1645, akte 18
Schelham Geerts Hendrik, 1644, akte 13
Schelham Hendrik, 1644, akte 14
Schelham Hendrik, 1645, akte 16
Schelham Hendrik, 1645, akte 17
Schelham Hendrik, 1645, akte 18
Schelham Hendrik, 1645, akte 19
Schelham Hendrik, 1646, akte 21
Schelham Hendrik, 1646, akte 22
Schelham Jan, 1645, akte 16
Schelham Jan, 1645, akte 17
Schelham Jan, 1645, akte 18
Schelham Machtelt, 1644, akte 13
Schepers Willem, 1655, akte 31
Schierbeek  Machtelt, 1645, akte 17
Schierbeek Machtelt, 1644, akte 14
Schierbeek Machtelt, 1646, akte 22
Schipper Fennigjen, 1645, akte 16
Schipper Jan, 1644, akte 14
Schipper Jan, 1645, akte 16
Schipper Jan, 1645, akte 18
Schipper Johan, 1645, akte 16
Scholten Warse, 1796, akte 56
Schonekamp Harm, 1798, akte 61
Schonekamp Jan, 1798, akte 61
Schuldink Hendrik, 1786, akte 54
Schultze H., 1803, akte 72
Schultze H.F., 1803, akte 72
Schultze Hendrika Elizabeth, 1803, akte 72
Schultze Johan Gabriel, 1803, akte 72
Schutstal Derk Statius, 1729, akte 42
Schutte Helena, 1781, akte 53
Sergeant Frans Monick, 1645, akte 17
Sergeant Zwaantjen, 1645, akte 17
Slingenberg J., 1798, akte 58
Sluiter Heino, 1798, akte 59
Sluiter Heino, 1803, akte 71
Smid Lucas, 1652, akte 28
Staveren, 1753, akte 47
Steenteugel Jan, 1729, akte 41
Steenteugel, 1729, akte 40
Stellingwerf Frans Johannes, 1635, akte 09
Stoeten Lubbert, 1786, akte 54
Strojans Hendrik, 1803, akte 70
Stuirman A. scholtus, 1730, akte 44
Tabbers Jan, 1655, akte 30
Tabbers Metjen, 1655, akte 30
Tangenberg G., 1802, akte 68
Tangenberg Harmina, 1801, akte 65
Tangenberg Harmina, 1801, akte 66
Tangenberg Harmina, 1801, akte 67
Tangenberg Harmina, 1801, akte 67
Tangenberg Jan, 1801, akte 66
Tangenberg Jan, 1801, akte 67
Tarel van Gerrit, 1767, akte 48
Tarel van Hendrik, 1772, akte 50
Tarel van Teunis, 1772, akte 50
Teunissen Jan, 1654, akte 29
Teunnissen Lucas, 1652, akte 28
Thomassen Jan, 1635, akte 10
Thomassen Zwaantjen, 1635, akte 10
Tideman G., 1798, akte 62
Tideman G., 1798, akte 63
Tideman Judith, 1798, akte 62
Tideman Judith, 1798, akte 63
Tideman M., 1798, akte 62
Tideman M., 1798, akte 63
Timens Geesjen, 1734, akte 45
Timens Klaas, 1734, akte 45
Timens Klaas, 1734, akte 46
Timens Timen, 1734, akte 45
Timmerman Hendrik, 1779, akte 52
Timmerman Hendrik, 1798, akte 58
Tulmentey Geesjen, 1654, akte 29
Tulmentey Geesjen, 1655, akte 31
Tulmentey Hendrikjen, 1654, akte 29
Tulmentey Hendrikjen, 1655, akte 31
Tulmentey Hillebrand, 1654, akte 29
Tulmentey Hillebrand, 1655, akte 31
Tulmentey Jantjen, 1654, akte 29
Tulmentey Jantjen, 1655, akte 31
Tulmentey Marrigjen, 1655, akte 31
Twickel van Aleida Maria Theresea, 1721, akte 39
Ulzen van H., 1803, akte 72
Ulzen van Hendrik, 1803, akte 69
Ulzen van Jan Hendrik, 1803, akte 69
Uninge Geert, 1652, akte 28
Verstraten H., 1803, akte 72
Vlieghuis Klaas, 1734, akte 45
Vlieghuis Klaas, 1734, akte 46
Vlieghuis Timen, 1734, akte 45
Vlieghuis Timen, 1734, akte 46
Vlieghuis, 1635, akte 09
Vos Hendriks Jacob, 1636, akte 11
Wagenveld Harmen, 1650, akte 25
Wagenveld Wibbigjen, 1650, akte 25
Walraven Hendrik, 1634, akte 08
Walraven Hendrik, 1636, akte 11
Warmers Batte, 1644, akte 13
Weertman Johannes, 1801, akte 67
Weggenbakker, 1630, akte 05
Weleman Jan, 1700, akte 33
Welink Harmen, 1779, akte 52
Wenk Hendrik, 1796, akte 56
Wesselink Roelof, 1632, akte 06
Wessels Harmannus, 1730, akte 44
Wessels Hendrik, 1628, akte 01
Westerman Annigjen, 1712, akte 36
Westerman Annigjen, 1712, akte 37
Westerman Derk, 1712, akte 36
Westerman Derk, 1712, akte 37
Westerman Hendr2017-02-22 0:29r /> Westerman Roelof, 1712, akte 36
Westerman Roelof, 1712, akte 37
Wildriks G., 1798, akte 58
Wildriks G., 1798, akte 62
Wildriks G., 1798, akte 63
Wildriks Gerrit, 1700, akte 33
Wildriks Wildrik, 1768, akte 49
Willems Derk, 1768, akte 49
Willems Hendrik, 1798, akte 58
Willems Jacomina, 1779, akte 52
Willems Jan, 1798, akte 58 2017-02-22 0:29 1768, akte 49
Wilmink Geert, 1767, akte 48
Wispelwey Geert, 1645, akte 18
Wispelwey Hendrik, 1730, akte 43
Wispelwey Jan Bennink, 1730, akte 43
Witsenborg Gerrit, 1767, akte 48
Witsenborg Roelof, 1721, akte 39
Wolda, 1721, akte 39
Wysen Harmen, 1630, akte 05
Zeverwijns Andries, 1654, akte 29
Zeverwijns Andries, 1655, akte 31
Zwiese Harmen, 1767, akte 48