Collendoorn

Geschiedenis van de openbare lagere scholen in de buurtschap Collendoorn

Overijsselsche Courant, d.d. 25 september 1821:
“Publieke aanbesteeding. Op vrijdag den 28 september 1821, des voordemiddags om 11 uren, ten huize van den kastelein J. Odink Dz. op den Rustenbergh te Heemse, van een nieuw schoolgebouw in de buurtschap Collendoorn, gemeente het Schoutambt Hardenbergh, ingevolge bestek en tekening aldaar voorliggende. Zulks de verder begeerd wordende informatiën te bekomen bij den schout der gemeente A. van Riemsdijk te Hardenbergh”.

School gebouwd in 1821/1822. Afmetingen: lengte 7.26 el, breedte 5.15 en hoogte 3.10.

’s Winters was de school te klein door het grote getal kinderen ‘van de Dedemsvaart komende’.

Op 5 oktober 1859 stelde de gemeenteraad van Ambt Hardenberg 12 gulden beschikbaar voor ‘de inwijding of ingebruikstelling van het nieuwe schoolgebouw te Collendoorn’.

School stond in 1859 op perceel B-3774.

Op 4 november 1859 besloot de gemeenteraad tot openbare verkoop van ‘het oude schoollokaal te Collendoorn’. Tijdens de veiling werd het gekocht door Jan Harm Welleweerd en Gerrit Jan Odink, beiden landbouwers aldaar, voor 88 gulden. De oude school werd in 1860 afgebroken.

In deze buurtschap had de school naast onderwijs ook een functie voor de omgeving met betrekking tot het drinkwater. De mensen schepten het water vaak uit de sloten. Dat was natuurlijk niet zo gezond. De school in Collendoorn had wel een pomp, maar er kwam smerig water uit. Het stonk zo erg dat de meester een flesje water opstuurde naar de inspecteur ter controle. De gemeente werd gevraagd om een put te graven. De kosten daarvan – 40 gulden – vond de burgemeester te duur. Water uit de Vecht halen kon ook niet, want het was wel een half uur lopen met een volle emmer. Uiteindelijk besloot de gemeenteraad dat er een filter in de pomp moest komen. Het filter hield de ergste viezigheid tegen, maar echt gezond was het water natuurlijk niet.
 
In 1880 liet de gemeente het meestershuis bouwen, na een verzoek daartoe van hoofdonderwijzer Uunk.
 

Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant, d.d. 3 september 1934:
“Vervoer schoolkinderen. Van de 20 leerlingen, die de met ingang van 1 september opgeheven openbare School te Collendoorn telde, zullen 15 overgaan naar de openbare school te stad Hardenberg. Met het oog op den vrij grooten afstand en de drukke wegen zullen zij dagelijks per wagen vervoerd worden, dank zij den financieelen steun van voorstanders van het openbaar onderwijs. Een autobus is veranderd in een gewonen wagen, door een paard getrokken. Hierdoor is veilig vervoer van de kinderen verzekerd”.

‘De Vechtstreek’, d.d. 8 september 1934:
“De drie openbare scholen te Bergentheim, Collendoorn en Sibculo zijn ingaande 1 september opgeheven. Het gemeentebestuur, vertegenwoordigd door den loco-burgemeester den heer Oostenbrink en den gemeentesecretaris den heer Resink heeft den 31 augustus de beide eerste scholen bezocht; en officieel gesloten. De heer Oostenbrink dankte de hoofden dier scholen, de heren Brouwer en Graatsma, voor wat zij gedaan hebben in ’t belang van het onderwijs in genoemde buurtschappen”.

Na sluiting van de school moesten de kinderen uit Collendoorn naar school in Hardenberg of in Lutten.